Méér dan een verheerlijking van de auto, is 'Le Mans '66' een eerbetoon aan een vervlogen tijdperk

De 24 uur van Le Mans! De bocht van Mulsanne, de bocht van Tertre Rouge, de rechte weg van Hunaudieres: voor de raceliefhebbers én voor de fans van de avonturen van Michel Vaillant klinken die namen even poëtisch als een versregel van de Franse dichter Rimbaud.

Op het legendarische circuit van Le Mans (‘Het is er ruw, oneffen, er staat geen omheining en de helft van de race rij je in het donker’) werd in 1966 een iconische strijd uitgevochten tussen twee machtige autofabrikanten. In de ene pitlane: het onoverwinnelijk gewaande raceteam van Enzo Ferrari. In de andere pits: de piloten en de techniekers van Ford, die nauwelijks ervaring hadden in het internationale racecircuit maar er desalniettemin alles aan deden om Ferrari van zijn troon te stoten (Henry Ford junior: ‘We gaan een raceauto bouwen en die spaghettivreter 30 meter diep begraven onder de eindmeet van Le Mans!’). Zalig detail: in die tijd dienden de coureurs vlak voor het begin van de race in startcirkels te gaan staan, om bij het startschot zo snel mogelijk naar hun bolides aan de overkant van de baan te sprinten. We zouden het Lewis Hamilton graag eens zien doen!

In de Verenigde Staten werd ‘Le Mans '66’ uitgebracht onder de titel ‘Ford v Ferrari’, maar eigenlijk was ‘Ford v Ken Miles’ een nog betere titel geweest. Naast de renbaan voltrok zich immers een ander drama: terwijl autoconstructeur Carroll Shelby en de excentrieke Britse coureur Ken Miles (er valt te genieten van het samenspel tussen Matt Damon en Christian Bale) hun uiterste best deden om voor Ford een zo snel en zo licht mogelijke racewagen te bouwen, gooiden de immer in stijve kostuums gestoken bestuursleden van de Ford Motor Company, die Miles beschouwden als een ongeleid projectiel en liever een meer kneedbare coureur achter het stuur van de Ford GT40 zagen zitten, voortdurend stokken in de wielen.

En zo laat ‘Le Mans ‘66’ zich ook bekijken als een hommage aan de bouwers, de dromers en de creatievelingen in deze wereld; de noeste werkers die voortdurend de hete adem van de managers, de CEO’s en de marketeers in hun nek voelen. De perikelen achter de schermen zijn boeiend om te volgen, maar ‘Le Mans ‘66’ is op z’n opwindendst wanneer de motoren mogen loeien. Van het prachtige Michel Vaillant-album ‘Nr. 13 Aan De Start’ hebben wij onthouden dat de 24 uur van Le Mans echt een magisch evenement kan zijn, en regisseur James Mangold (‘Walk the Line’, ‘Logan’) weet die magie bijwijlen mooi op te roepen.

Ken die in zijn eentje over de verlaten renbaan stapt in het licht van de volle maan: prachtig. De bolides die zich een weg door de nacht boren terwijl de slagregen van de carrosserie afketst: indrukwekkend. De ingehouden angst bij de duizenden toeschouwers wanneer de speaker omroept dat twee auto’s tegen elkaar zijn gebotst, gevolgd door een shot van een zwarte rookpluim die boven de volgepakte tribunes en boven de jaren 60-lichtreclames uitstijgt: mooi gedaan.

Ecologische hardliners zullen zich natuurlijk misnoegd afvragen waarom Ford en Ferrari geen groene deelauto gebruikten in plaats van die vervuilende stalen monsters, maar die mensen missen het punt. Veel meer dan een verheerlijking van de auto, vormt ‘Le Mans ‘66’ immers een nostalgisch eerbetoon aan een vervlogen tijdperk: het tijdperk van de Ford GT40, jazeker, maar ook het era van Sophia Loren en Monica Vitti, van de Aston Martin van James Bond, en van de vintage jaren 60-zonnebrillen. Aangezien er met nostalgie helemaal niks mis is, hebben wij dan ook genoten van ‘Le Mans ‘66’. En ondergetekende heeft niet eens een rijbewijs!

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234