Met Vincent Kompany naar Congo

De Bulgaren zullen woensdag van goeden huize moeten komen willen ze Vincent Kompany even hard laten zweten als hij vorige week in Kinshasa heeft gedaan. Veertig graden in de schaduw, tropisch vochtig maar stoffig als de Sahara: het is op zich al een aanslag op de zintuigen.

Maar de hoofdstad van Congo - een sloppenwijk met zeven miljoen inwoners - prikkelt graag nog wat meer: één manisch gewriemel van mensen, auto's, bussen en camions is het, een flipperkast met duizenden balletjes die voortdurend alle kanten op knallen, op een soundtrack van claxons, hyperkinetische politiefluitjes en het kadoenk van kapotte schokbrekers in een wegdek vol kraters. Verbrand rubber, uitlaatgassen en rioolwalmen; betonblokkengrijs, vergaan blauw, en bruin van roest: zo geurt en kleurt een grootstad in de derde wereld als de tand des tijds, armoede en corruptie er jarenlang vrij spel hebben gekregen. De acteurs in dit klank- en lichtspel dragen zelden nieuwe kleren, eten meestal maar één keer per dag, en zijn alleen maar in de weer met overleven. Vincent Kompany kijkt ernaar, ogenschijnlijk onbewogen, en zegt: 'Hier kan iets moois bloeien.'

Van die ene zin wil hij andere mensen overtuigen tijdens zijn missie in Congo. De speciale gezant van SOS Kinderdorpen vind je op die drie dagen tijd in een sloppenwijk, op een ministerie, in een school, op een bouwwerf, aan tafel met een ambassadrice, in een hotel tussen zakenmannen en welzijnswerkers. Hij luistert, hij toetst ideeën, hij lobbyt, hij houdt niet op.

Enkele quotes van Vincent Kompany


«Mocht ik het niet met hart en ziel doen, dan zat ik hier niet - het is al mijn vijfde keer in drie jaar tijd. Ik neem er nu zelfs een risico voor: als die aswolk weer van richting verandert, dreig ik de geboorte van mijn kind te missen, of een afspraak met de Rode Duivels. Congo is voor mij iets heel persoonlijks. Ik hou van dit land.»

«Ik heb een hekel aan onrecht. In dit land groeien miljoenen kinderen op die de kans niet krijgen om van hun leven iets te maken. Ik vind dat een misdaad. Ik ben zelf met een achterstand aan het leven begonnen - ook in België start niet iedereen op gelijke voet - maar ik had op zijn minst een paar ontsnappingsmogelijkheden. Die zijn hier niet. Wie in een wijk als Kimbanseke geboren wordt, zal er wellicht ook sterven: even arm, even ongeletterd, even uitzichtloos. Sociale vooruitgang bestáát gewoon niet voor die mensen.»

«Weet je wat ons in de voorbije WK-kwalificatie de das heeft omgedaan? Dat we sommige tegenstanders onderschat hebben. Ik weet nog dat iedereen blij was dat we tegen Bosnië mochten - ik ook, dat geef ik eerlijk toe. Waar we het haalden weet ik niet: Bosnië heeft spelers die even goed zijn als wij, én ze hebben meestal nog een paar jaar ervaring extra. Er bestaan geen kleine ploegen meer.»

«Als ik me niet vergis, zijn er vóór mij al miljarden mannen uitstekende vaders geworden. Dat loopt dus wel los. Ik hoop alleen dat ik het even goed doe als mijn vader en moeder hebben gedaan. Nu ik dat zo zeg: dat is eigenlijk wel vreselijk ambitieus. Misschien wel het meest ambitieuze van alles wat ik wil verwezenlijken.»

Het volledige artikel leest u in Humo 3637 van dinsdag 18 mei 2010.

nbsp;

SOS Kinderdorpen, www.sos-kinderdorpen.be, rekeningnummer: 310-0403455-21

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234