Michael Stipe (R.E.M.): 'Ik kan eindelijk ongegeneerd mensen aanstaren op de metro, dus nee, ik ga niet opnieuw optreden'

25 jaar geleden bevond R.E.M. zich op de top van haar populariteit. Het voormalige cultgroepje uit Athens, Georgia, had met ‘Out of Time’ (’91) en ‘Automatic for the People’ (’92) twee million sellers afgeleverd – ‘Losing My Religion’ en ‘Man on the Moon’ werden in die dagen al eens door stofzuigende huismoeders meegefloten – en stelde zichzelf de logische vraag: ‘Wat nu?’

'Vroeger waren de mensen bezorgd om mij omdat ik zo mager was en een groot hoofd had. Maar nu ben ik nog altijd mager, en mijn hoofd is nog even groot ''

Het antwoord was ‘Monster’, een luide, vuile, ongegeneerd geile plaat waarop geen mandoline te bespeuren viel. ‘‘Monster’ was de plaat waarmee R.E.M. zichzelf bewust saboteerde,’ zegt frontman Michael Stipe ter gelegenheid van de onlangs uitgebrachte special edition. ‘Een beetje zoals Nirvana een jaar eerder had gedaan met ‘In Utero’.’

We horen het u hardop denken: hoe zou het, acht jaar na het verscheiden van R.E.M., eigenlijk zijn met Michael Stipe? Het korte antwoord: goed. Op een zucht van z’n 60ste woont Stipe met zijn vijftien jaar jongere partner Thomas Dozol in New York, waar hij zich creatief onledig houdt met fotografie, beeldhouwkunst en – jawel – muziek. In oktober bracht hij de eerste solosingle van zijn vier decennia omspannende carrière uit: ‘Your Capricious Soul’, een staaltje huis-, tuin- en keukenvlijt dat niet meteen een blijvende indruk weet na te laten, maar luidens de maker wel een voorbode is van meer. Om niet te zeggen: véél meer.

Michael Stipe «Het voelt geweldig om op mijn leeftijd nog aan een heel nieuw avontuur te beginnen. Voor het eerst in m’n leven componeer ik in m’n eentje mijn eigen nummers, op synthesizer en keyboard. Ik vermaak me daar zo goed mee dat ik vast van plan ben om dat te blijven doen. Je mag in de nabije toekomst een hele rist nieuwe songs verwachten.»

'Voor het eerst in m'n leven componeer ik in m'n eentje mijn eigen nummers, en dat wil ik blijven doen. Je mag in de nabije toekomst een hele rist nieuwe songs verwachten.'

– Gaat u uw nieuwe nummers ook live brengen?

Stipe «Nee, ik heb geen zin meer om op te treden. Laat mij maar rustig thuis wat schrijven en opnemen. Eigenlijk had ik dat al veel eerder willen doen, maar op één of andere manier moest ik eerst wat afstand van mijn eigen stem nemen om opnieuw te kunnen zingen. Dat viel uiteindelijk goed mee, ook al was het alweer zeven jaar geleden.»

– Al de opbrengsten van ‘Your Capricious Soul’ gaan naar Extinction Rebellion, de internationale groep klimaatactivisten.

Stipe «Ik ben lid van Extinction Rebellion: ik steun hun zaak, en ik ben erg te spreken over hun optimistische en niet-gewelddadige acties. Onlangs in Londen wandelde ik over Trafalgar Square tijdens de klimaatprotesten: ik werd ontzettend blij van de optimistische sfeer die er hing.»

– Als u me toestaat om hier een bruggetje te slaan naar ‘Monster’: de eerste single van die plaat, ‘What’s the Frequency, Kenneth?’, ging over een man van middelbare leeftijd die vruchteloos probeert cool gevonden te worden door de kids. U bent nu ouder dan die man: hoe voelt u zich wanneer u zich tussen al die jongeren beweegt?

Stipe «Bejaard (lacht). Ik wéét dat ik stilaan oud aan het worden ben, en ik maak mezelf niet wijs dat ik begrijp wat het is om anno 2019 14, 22 of 32 te zijn: dat is het verschil tussen mij en die stakker uit ‘Kenneth’. Al heb ik wel een klein legertje aan petekinderen die me bij de les houden, en heb ik de nieuwsgierigheid van mijn moeder geërfd: ik blijf geïnteresseerd in allerhande nieuwe ontwikkelingen.»

– ‘What’s the Frequency, Kenneth?’ is een rauwe, robuuste, dwarse brok gitaargeweld, die meteen duidelijk maakte dat jullie met ‘Monster’ een andere weg waren ingeslagen.

Stipe «Een groot deel van ons publiek hoopte op ‘Automatic for the People: Part Two’, en uit commercieel oogpunt was dat ongetwijfeld ook de beste zet geweest. Maar wijzelf hadden daar absoluut geen zin in, omdat we van mening waren dat je jezelf als kunstenaar zo nu en dan moet durven heruit te vinden. Daarbij hadden we het plan opgevat om voor het eerst in vijf jaar nog eens op wereldtournee te gaan. De twee albums die we in de tussentijd gemaakt hadden, waren immens populair, maar ze stonden vol met trage en halftrage nummers. Wat we nodig hadden, was een plaat met luid en ruig werk, om live gas mee te kunnen geven. Ter inspiratie keken we met één oog naar de interessante groepjes van die tijd – Blur, Pulp, The Blue Aeroplanes – en met het andere naar de glamrock waar we alle vier mee waren opgegroeid, en als tiener gek op waren: New York Dolls, MC5, T. Rex, Slade. En hoe heet die Schotse band ook weer met hun korte broeken en hun sjaals? Een beetje zoals Slade, maar dan sillier?»

– Bay City Rollers?

Stipe «Ja! Iets als ‘I Took Your Name’ zit daar niet zo heel erg ver van af.»

– ‘Monster’ is niet alleen een sexy, maar ook een uitgesproken seksuele plaat. ‘Anybody can get laid,’ zingt u in ‘Tongue’, en in ‘King of Comedy’ klinkt het: ‘I’m straight, I’m queer, I’m bi.’ Seksuele fluïditeit een kwarteeuw voordat het populair werd!

Stipe «Ja, op die nagel ben ik inmiddels al héél lang aan het kloppen (lacht). Mijn seksualiteit, die niet in een klassiek vakje past, had ik tot dan toe altijd als een privékwestie beschouwd, omdat ik het gevoel had dat ik als publiek persoon al zo veel van mezelf liet zien. Maar op een bepaald moment bereikte ik het punt waarop dat belachelijk begon te worden, en besliste ik om ermee naar buiten te komen. Ik heb daar veel positieve, maar zeker ook veel negatieve reacties op gekregen. Mind you, in de populaire cultuur had je toen enkel k.d. lang en Boy George qua andersgeaarde artiesten. Ja, David Bowie had wat gespeeld met biseksualiteit, maar hij was daar later op teruggekomen. En Elton is altijd Elton geweest. Maar dat was het dan wel.»

– In de pers werd er in die dagen behoorlijk wat gespeculeerd over uw gezondheidstoestand: het heette dat u aids had.

Stipe «Dat geroddel heb ik altijd als buitengewoon vervelend ervaren. Mensen waren ook oprecht bezorgd om mij, omdat ik zo mager was en een groot hoofd had. Maar nu ben ik nog altijd mager, en heb ik nog altijd een groot hoofd (lacht). Het feit dat ik na ‘Out of Time’ al mijn hoofdhaar had afgeschoren, heeft volgens mij ook tot die geruchten bijgedragen. Maar mijn haar was nu eenmaal aan het uitdunnen, en voor een popster is dat gewoon geen goeie look.»

– Op ‘Monster’ staat maar één nummer dat net zo goed op ‘Out of Time’ of ‘Automatic for the People’ had gekund: het mooie ‘Strange Currencies’. De rest van de plaat staat zodanig ver af van ‘Everybody Hurts’ dat jullie er veel fans mee wegjoegen die pas in de jaren 90 aan boord waren gesprongen.

Stipe «Er zijn in de loop der jaren wel vaker fans van ons weggelopen, met name door toedoen van ‘Stand’ (uit ‘Green’, red.) en van ‘Shiny Happy People’ (uit ‘Out of Time’, red.). Veel mensen stoorden zich aan die nummers omdat ze zo over the top waren – ikzelf heb ze altijd gewoon grappig gevonden. Destijds nam ik die kritiek heel persoonlijk op, omdat ze me het gevoel gaf dat mijn houdbaarheidsdatum was verstreken. Maar met ‘Monster’ was dat minder het geval. Zoals ik al zei: we hadden onszelf bewust gesaboteerd. Dan moet je ook niet lopen klagen wanneer niet iedereen even enthousiast is.»

– Tussen de release van ‘Automatic for the People’ en die van ‘Monster’ stierven twee van uw beste vrienden: Kurt Cobain, met wie u het plan had opgevat om samen een plaat te maken, en River Phoenix. Is ‘Monster’ bijgevolg R.E.M.’s donkerste werk geworden?

Stipe «Nee, ik heb niet het idee dat ‘Monster’ donkerder is dan eender welke andere van onze platen. Ik ben sowieso best een donker persoon, en er heeft ook altijd veel donkerte gezeten in onze teksten. Maar het is absoluut waar dat zowel de dood van River als die van Kurt buitengewoon zwaar aankwamen.

»River stierf vlak voordat we aan ‘Monster’ zouden beginnen: voor mij was dat zo’n ongelooflijke klap dat ik vijf maanden lang niet in staat was om iets te schrijven. Heel de band kende River, en we hielden allemaal van hem, maar voor mij in het bijzonder was hij als een jongere broer. Het was het zwaarste verlies dat ik tot dan toe in mijn leven had moeten verwerken. En Kurt… Toen hij overleed, waren we al ver gevorderd met de opnames. Het was voor heel de band een traumatische ervaring, temeer omdat Kurt en Courtney (Love, red.) sinds een tijdje buren waren van Peter (Buck, R.E.M.-gitarist, red.) die een huis in Seattle had gekocht: op die manier waren we allemaal vrienden geworden. Om Kurts dood enigszins te proberen verwerken, heb ik ‘Let Me In’ geschreven.»

‘I had a mind to try and stop you / Let me in’.

Stipe (knikt) «In de tekst beeld ik me in dat ik Kurt opbel en hem uit de gemoedstoestand probeer te praten waar hij op het einde van zijn leven in zat. ‘Hou vol,’ zeg ik hem, ‘je komt hier wel doorheen.’ Zonder pedant te willen overkomen: ik denk dat ik begrijp hoe Kurt zich gevoeld moet hebben na ‘Nevermind’. Stel dat wij van ‘Murmur’ (R.E.M.’s debuutplaat, red.) 30 miljoen exemplaren hadden verkocht, we zouden het ook niet lang hebben volgehouden.

»Wanneer ik nu naar ‘Let Me In’ luister, hoor ik de wanhoop van iemand die zichzelf van het leven berooft, en hoor ik ook hoe hulpeloos ik mezelf destijds voelde. Ik herinner me nog hoe kwaad ik ook op Kurt was dat hij een einde aan zijn leven had gemaakt. Al was het maar vanwege al die geweldige muziek waar de wereld verstoken van zou blijven. Ik wéét hoe de volgende plaat van Nirvana geklonken zou hebben; dat het een ronduit geweldige plaat zou zijn geworden.»


Snuivende geldwolven

– Naast de emotioneel beladen opnameperiode liep ook de ‘Monster’-tournee niet bepaald van een leien dakje: bassist Mike Mills kreeg af te rekenen met een darmtumor, drummer Bill Berry met een hersenaneurysma. En ook uzelf kampte met een medisch probleempje.

Stipe «Ik had een hernia opgelopen tijdens het zingen van een hoge noot: heel dwaas natuurlijk, maar wel behoorlijk vervelend. Maar in het geval van Mike en vooral Bill (die in elkaar zakte tijdens een optreden in Zwitserland, red.) was het écht ernstig. Ik denk niet dat ik overdrijf als ik zeg dat hij toen op een haar na dood is geweest. Tegenover de pers minimaliseerden we de ernst van de situatie, maar in werkelijkheid zaten we constant op onze nagels te bijten: ‘Zal hij het halen?’ Dat waren angstige momenten, maar al bij al was het toch een succesvolle en plezierige tournee. Ook al omdat Sonic Youth en Radiohead in ons voorprogramma speelden – Thom Yorke is sindsdien een goeie vriend. Ik herinner me dat we een dagje vrij hadden in Kansas, en dat Kim (Gordon) en Thurston (Moore) me zeiden: ‘We hebben met William Burroughs afgesproken. Heb je zin om mee te gaan?’ Dat werd één van de meest gedenkwaardige dagen uit mijn hele leven – William Burroughs is altijd een held geweest.»

'Thom Yorke en ik inspireren elkaar: ik denk dat ik een tijdlang zijn mentor ben geweest, en buiten R.E.M. is hij de enige muzikant die ik altijd zal raadplegen wanneer ik creatief advies wil.'

– Klopt het gerucht dat de tekstregel ‘I’m not here, this isn’t happening’ uit Radioheads ‘How To Disappear Completely’ een advies is dat u ooit aan Thom Yorke gaf?

Stipe «Klopt, ja. Ik denk, in alle bescheidenheid, dat ik een tijdlang Thoms mentor ben geweest – we schelen ook acht jaar. Naast Mike en Peter is hij de enige muzikant die ik altijd zal raadplegen wanneer ik creatief advies wil. En dat is wederzijds: Thom en ik inspireren elkaar.»

– Thom Yorke koos onlangs voor jullie ‘Talk About the Passion’ toen hem naar de plaat werd gevraagd die hij mee zou nemen naar een onbewoond eiland. Welke Radiohead-song zou u kiezen?

Stipe «Er zijn er verschillende. Grappig wel dat je die vraag stelt, want toevallig heb ik onlangs het plan opgevat om er eentje te coveren: ‘Pyramid Song’. (Denkt na) Nee, laat me dat even herformuleren, want Thom weet nog van niks: mocht ik ooit een nummer van Radiohead coveren, dan zou het ‘Pyramid Song’ zijn.»

– De opvolger van ‘Monster’, ‘New Adventures in Hi-Fi’, werd naar verluidt grotendeels al tijdens de ‘Monster’-tournee geschreven.

Stipe «Ja, maar niet door mij – het waren Mike, Peter en Bill die er hun vrije momentjes mee vulden. Ik ben nooit zo goed geweest in multitasking: op de ‘Monster’-tournee slaagde ik er hoegenaamd niet in om songs te schrijven, boeken te lezen of iets anders te bekijken dan ‘Friends’. Als mijn geheugen me niet bedriegt, heb ik op die tournee álle afleveringen van ‘Friends’ bekeken, omdat onze goeie vriendin Courteney Cox erin meespeelde – ooit was ze de receptioniste van onze booking agent en kookte ze vegetarische maaltijden voor me wanneer ik in New York was.»

– Staan er nummers op ‘New Adventures’ die geïnspireerd zijn door ‘Friends’?

Stipe «Nee (lachje). Maar ik zal je eens iets vertellen: de makers van ‘Friends’ zijn eerst bij ons komen aankloppen om het themanummer te schrijven. We hebben dat geweigerd, waarna ze op een andere band (The Rembrandts, red.) zijn afgestapt met de vraag: ‘Kunnen jullie een R.E.M.-achtig nummer schrijven?’ Goeie song hoor, daar niet van.»

– Afsluitend: bent u het met me eens dat ‘Monster’ een breekpunt was in jullie carrière? Sindsdien hebben jullie nooit meer de unaniem lovende recensies van jullie eerste periode gekend, en ging het ook met de verkoopcijfers op en neer. Zeker sinds Bill Berry de groep verliet, in 1997.

Stipe «Na ‘Monster’ moesten we harder vechten om onze positie in de muziekwereld te handhaven. En ik geef toe dat dat soms moeilijk was. Wat ons veel parten heeft gespeeld, waren de artikels over het contract dat we in 1996 hadden gesloten met Warner Brothers. Een journalist van de LA Times had geschreven dat daar 80 miljoen dollar mee was gemoeid, maar dat bedrag was volkomen uit de lucht gegrepen. Achteraf gaf hij toe dat hij simpelweg 10 miljoen dollar had opgeteld bij het vetste platencontract tot dan toe, dat van Janet Jackson, maar het cijfer bleef niettemin hangen. Vanaf toen werden we gezien als cocaïne-snuivende geldwolven met privéjets – wat we to-táál niet waren.»

– Jullie split in 2011 kreeg niet de aandacht die een groep met jullie status misschien wel verdiend had.

Stipe «Misschien. Maar ik ben blij dat onze split gegaan is zoals ze is gegaan, in uitstekende onderlinge verstandhouding. En ze kwam op het juiste moment.»

– Hoe groot is de kans dat R.E.M. ooit weer samenkomt?

Stipe «Die kans is onbestaand. Weet je, ik word hoe langer hoe minder herkend, en dat geeft me de gelegenheid om op de metro ongegeneerd naar mensen te kijken. In deze fase van mijn leven wil ik dat graag zo houden.»

© The Sunday Times

Vertaling en bewerking: Noud Jansen



‘Monster (25th Anniversary Edition)’ van R.E.M. is uit bij Concord Records.

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle verhalen van de Humo rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234