Moord en doodslag in muziekland

Op 1 december verschijnt ‘Amor Fati’, de eerste soloplaat van Bertrand Cantat, ex-frontman van de Franse band Noir Désir en sinds 2003 vooral bekend als ‘die zanger die zijn vriendin doodsloeg’. Toen Les Inrockuptibles hem afgelopen oktober op de cover plaatste, leverde dat zoveel negatieve reacties op dat het Franse weekblad zich genoodzaakt zag om excuses aan te bieden voor hun ‘inschattingsfoutje’. Maar Cantat is niet de enige artiest met een beladen strafblad: de muziekgeschiedenis zit vol met dergelijke sujetten.

'U dacht dat hiphop het meest moord zuchtige genre was? Think again''

Op 27 juli 2003 ontstaat op een hotelkamer in Litouwen een hevige ruzie tussen Cantat en zijn vriendin, de actrice Marie Trintignant, over een sms’je van haar ex-man. Cantat is een zware drinker en schiet in een jaloerse razernij. Een paar uur later wordt Trintignant in een coma naar het ziekenhuis gebracht, waar ze op 1 augustus overlijdt. Cantat wordt ook opgenomen, met een overdosis alcohol en kalmeringspillen in zijn lijf. Tijdens zijn rechtszaak wordt gezegd dat Cantat haar negentien keer op haar hoofd sloeg, waardoor ze een hersenletsel opliep. Zelf beweert hij dat hij haar vier ‘tikken’ gegeven heeft, waarna ze haar hoofd tegen de radiator stootte en hij haar in bed stopte.

In maart 2004 krijgt Cantat acht jaar cel voor ‘onvrijwillige doodslag’. De voorbeeldige gevangene komt al op 16 oktober 2007 voorwaardelijk op vrije voeten – ondanks een smeekbede van de ouders van Trintignant aan het adres van president Nicolas Sarkozy. In 2010 komt Cantat weer in opspraak als zijn ex-vrouw Krisztina Rády zelfmoord pleegt. Hij was opnieuw bij haar ingetrokken en was in haar huis op het moment dat ze zichzelf ophing. Rády’s ouders verklaren in Paris Match dat Cantat haar mentaal en fysiek mishandelde: ze vreesde voor haar leven.

In 2013 noemt Cantat het in Les Inrockuptibles schandalig dat hij nog steeds bekendstaat als ‘symbool voor vrouwenmishandeling’. De vader van Trintignant reageert dat Cantats grootste probleem is ‘dat hij geen zelfmoord pleegt’.


Sid & Nancy

Een vergelijkbaar verhaal is dat van Spade Cooley, een populaire muzikant en acteur in de jaren 40 en 50. Als hij zijn vrouw verdenkt van overspel met acteur Roy Rogers, bonkt hij voor de ogen van hun 14-jarige dochter haar hoofd op de grond en duwt hij een brandende sigaret uit op haar lichaam, om te zien of ze nog leeft. Nadien verklaart hij dat ze ‘gevallen is in de douche’, maar hij wordt in 1961 veroordeeld tot levenslang. Na amper negen jaar wordt hij voorwaardelijk vrijgelaten.

Ook Sam McBride van hardcorepunkband Fang hoeft niet onder te doen. In de jaren 80 dealde hij op grote schaal lsd en werd hij zelfs gezocht door Interpol. Maar hij raakte verslaafd aan heroïne en liet de zaken slabakken. Dus besloot z’n vriendin Dixie Lee Carney in 1989 om samen met z’n beste klant stiekem de business over te nemen. McBride krijgt er lucht van, gaat met een shot smack en een fles whiskey achter de kiezen verhaal halen bij Carney en betrapt het overspelige koppel. Zijn rivaal neemt de benen en de dealende zanger wurgt Carney in hun slaapkamer. Hij krijgt elf jaar. De reputatie van Fang leed er niet onder: ‘The Money Will Roll Right In’ (1983) werd gecoverd door Mudhoney, Butthole Surfers, Metallica én Nirvana, en Kurt Cobain zette hun debuut ‘Landshark’ op nummer 6 in zijn lijstje van favoriete platen.

De beruchtste crime passionnel is die van ex-Sex Pistols-bassist Sid Vicious, die eind 1978 gearresteerd wordt voor de moord op z’n vriendin Nancy Spungen. Er wordt beweerd dat het koppel een zelfmoordpact sloot, maar dat hij zo high was van de heroïne dat hij vergat om ook zichzelf van kant te maken. Sid Vicious sterft aan een overdosis voor het tot een rechtszaak komt, maar steeds meer getuigen wijzen richting hun dealer, ene Rockets Redglare, die overlijdt in 2001. Nancy zou hem betrapt hebben toen hij probeerde geld te stelen uit hun hotelkamer, waarop hij haar neerstak. En Sid was op dat moment zo ver heen dat hij niet goed begreep wat er gebeurde, en zelfs niet wist of hij nu schuldig was of niet.


Helter Skelter

Het vroegste geval van een muzikant met doodslag op het geweten moeten we zoeken onder de eerste bluesmannen. Leadbelly wordt in 1915 opgepakt met een wapen en veroordeeld tot een chain gang. Hij ontsnapt, maar wordt in 1918 terug geklist nadat hij een familielid heeft vermoord tijdens een ruzie om een vrouw. Na zeven jaar krijgt hij gratie van de gouverneur, een fan, nadat hij een liedje voor hem heeft geschreven. In 1930 steekt hij een blanke man neer tijdens een ruzie en vliegt hij opnieuw achter de tralies. Tot etnomuzikoloog Alan Lomax hem na vier jaar helpt om opnieuw vrij te komen.

Gitarist Bobby Beausoleil, die in een vroege bezetting van de psychedelische rockband Love zat, vermoordt op 27 juli 1969 – samen met sekteleider Charles Manson – zijn huisgenoot Gary Hinman. De aanleiding is een ordinaire misgelopen drugsdeal. Beausoleil laat zich domweg arresteren terwijl hij ligt te slapen in de defecte auto van Hinman: hij krijgt levenslang en zit ondertussen zo’n 47 jaar in de cel. In de gevangenis componeert hij eind jaren 70 de soundtrack van ‘Lucifer Rising’, de ultieme cultfilm van Kenneth Anger.

De onlangs overleden Man-son wordt ook vaak een gefrustreerde muzikant genoemd – volgens een populaire legende zou hij zelfs auditie gedaan hebben voor The Monkees, een populair prefabpopgroepje dat in de jaren 60 een hoop hits scoorde. Wanneer Manson bij Dennis Wilson van The Beach Boys logeert, stelt die hem voor aan producer Terry Melcher, de zoon van actrice Doris Day. Niet lang daarna stuurt hij zijn discipelen uit om Melcher te vermoorden, maar die blijkt z’n huis te hebben verhuurd aan Roman Polanski en diens hoogzwangere vrouw, Sharon Tate. Tate en vier vrienden worden afgeslacht. ’s Anderendaags vermoordt de sekte de zakenman Leno LaBianca en zijn vrouw, en schrijven ze met hun bloed ‘Helter Skelter’ op de muren, de titel van een Beatles-song die eigenlijk gaat over een glijbaan maar in het hoofd van Manson een voorbode is van de apocalyps. Het plan was om de schuld voor de moorden in de schoenen van de Black Panthers te schuiven, en zo een rassenoorlog te ontketenen.


De man van Mars

U dacht dat hiphop het meest moordzuchtige genre was? Dat valt goed mee. Snoop Dogg wordt in 1993 beschuldigd van moord, maar hij en z’n bodyguard (die de schoten afvuurde) worden vrijgesproken als blijkt dat het slachtoffer een stalker is. Een eervolle vermelding krijgt gangstarapper Filthy Phil, die in de jaren 90 tijdens een controle een politieman doodschiet. Terwijl hij wordt gezocht, maakt hij de cassette ‘The Manhunt’ (1992), met daarop een sample uit de aflevering van televisieprogramma ‘America’s Most Wanted’ die aan hem gewijd is. Daarna verdwijnt hij spoorloos.

Sommige muzikanten jagen per ongeluk iemand de dood in. De immer zatte Keith Moon, drummer van The Who, rijdt z’n eigen lijfwacht omver als hij belaagd wordt na een ruzie in een pub. Vince Neil van Mötley Crüe doodt z’n beste vriend, de drummer van Hanoi Rocks, in een auto-ongeluk omdat hij ladderzat achter het stuur zit. En een dronken Wilson Pickett rijdt in 1993 een voetganger dood en moet een jaar brommen.

Dan zijn er nog de ontoerekeningsvatbaren. Bij de geniale producer Joe Meek, bekend van ‘Telstar’ van The Tornados, slaan in 1966 de stoppen door nadat hij maandenlang is gechanteerd vanwege zijn seksuele geaardheid – homoseksualiteit is dan nog illegaal in het Verenigd Koninkijk. Ten einde raad schiet hij eerst zijn hospita dood en daarna zichzelf. Sessiedrummer Jim Gordon, die werkte met de The Everly Brothers en The Beach Boys en meeschreef aan ‘Layla’ van Eric Clapton, wordt begin jaren 70 schizofreen en hoort stemmen. In 1983 brengt hij, Norman Bates-gewijs, z’n moeder om. Gordon zit nog steeds in een psychiatrische inrichting. Producer Phil Spector, die in 2009 veroordeeld werd voor de moord op actrice Lana Clarkson, beriep zich niet op ontoerekeningsvatbaarheid – ook al had hij zichzelf in een interview kort voor Clarksons dood nog ‘redelijk waanzinnig’ genoemd. Z’n advocaten wierpen als verdediging op dat hij een buitenaards wezen is, en niet op de hoogte van onze aardse wetten en gebruiken. Take that, Jef Vermassen!

‘Amor Fati’ van Bertrand Cantat komt uit op 1 december bij Universal Music.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234