'My Generation': de wilde jaren van Michael Caine. 'Wat de jaren 60 om zeep heeft geholpen, zijn de drugs'

Tweevoudig Oscarwinnaar Michael Caine, de man met 127 films op zijn cv, vindt de tijd rijp om terug te blikken. In zijn documentairefilm ‘My Generation’ neemt hij u mee op zijn reis door het Londen van de jaren 60, het decennium waarin hij een wereldster werd.

- Hoe kwam u op het idee om ‘My Generation’ te draaien?

Michael Caine «Tijdens een diner met Simon Fuller (brein achter de Spice Girls en het ‘Idool’-format, red.), een vriend van me, bleven we het maar over de jaren 60 hebben. Hij is te jong om die bewust meegemaakt te kunnen hebben, dus hij bleef me er maar over uitvragen. Op een avond zei hij me: ‘Laten we er een documentaire over maken. Jij vertelt de verhalen, en ik zoek er de muziek bij.’ Het heeft ons een paar jaar gekost, maar we hebben het klaargespeeld. Ik heb een bijzonder goed geheugen, dus we hadden nog massa’s materiaal over. Die gieten we nu in een zesdelige tv-serie.»

- U hebt een rist sterren geïnterviewd, maar die komen niet in beeld. Waarom?

Caine «We hebben het geprobeerd in de montage, maar ze leidden de aandacht af van de beelden uit de sixties. Je zat de hele tijd te denken: ‘O, die is nu kaal.’ Of: ‘Is ze niet erg dik geworden?’ Dus hoor je alleen de stemmen van Paul McCartney, Roger Daltrey, Twiggy, Joan Collins en alle anderen. In de tv-serie zul je hen wel te zien krijgen.»

- ‘Als je je de jaren 60 kunt herinneren, was je er niet bij,’ luidt het gezegde.

Caine «In de sixties waren we vooral drinkers. Wat dat decennium naar het einde toe compleet om zeep heeft geholpen, zijn de drugs. Mensen die cocaïne snoven, begonnen onzin te verkopen, uren aan een stuk. Zaten ze aan ander spul, dan hingen ze maar wat rond en kwam er niet meer uit dan: ‘Wow, man.’ Ofwel zat je tussen mensen die zo snel praatten dat je ze niet kon volgen, ofwel tussen mensen die niets zeiden.»

- Klopt het dat u ooit marihuana hebt gerookt?

Caine «Inderdaad, en toen heb ik vijf uur aan een stuk gelachen. Ik kreeg er bijna een hernia van. Ik moet voordien nogal gespannen geweest zijn (grijnst). Toen ik die fuif aan Grosvenor Square om één uur ’s nachts verliet, stond ik op de hoek van de straat te gieren van het lachen. Geen enkele taxichauffeur wilde me meenemen. Ik moest het hele eind naar mijn flat in Notting Hill te voet afleggen, en toen ik eindelijk thuis was geraakt, heb ik gezworen nooit meer drugs te gebruiken. Daar heb ik me ook aan gehouden. Ik ben niet rabiaat tégen drugs, ik heb zelfs een zekere sympathie voor mensen die wel slikken of roken, omdat ze zichzelf in een situatie manoeuvreren die ik hen niet benijd. De meeste drugs zijn verschrikkelijk – al schijnt marihuana wel interessant te zijn voor medische doeleinden.»

- Nochtans had u in de jaren 60 de hele tijd een sigaret tussen de lippen.

Caine «Ik heb onnoemelijk veel gerookt, maar Tony Curtis heeft mijn leven gered. Ik stond op een fuif te kettingroken naast de open haard, toen een hand plots van achter me mijn pakje sigaretten uit mijn jaszak plukte en in het vuur gooide. Ik draaide me om en daar stond Tony. We hadden elkaar nooit eerder ontmoet, maar hij zei: ‘Ik heb je al een tijdje in de gaten, Michael, en als je zo doorgaat, zul je snel het loodje leggen.’ Dus ben ik ermee gestopt. Ik ben later wel sigaren beginnen te roken, maar dat heb ik meteen opgegeven toen ik Hurricane Higgins, destijds een bekende snookerspeler, op tv zag. Ik kende hem vrij goed, en ik zag meteen dat hij stervende was. Hij droeg een electrolarynx, zo’n elektronisch spreekapparaat. Ik heb mijn sigaar in de asbak uitgeduwd en sindsdien heb ik nooit meer gerookt.»

- In de archieffragmenten lijkt u soms een gevoelige man op jaren.

Caine «Ik was toen een serieuze acteur, hoor. Ik heb negen jaar op de planken gestaan en heb hard aan de weg getimmerd om hoofdrollen in films te pakken te krijgen. Ik moest om halfzeven uit bed om een hele dag te acteren, dus uitgaan, dansen en vrijen schoot er vaak bij in. Maar tussen twee films door haalde ik mijn schade wel in.»

- In ‘My Generation’ komen evenveel vrouwen als mannen aan bod. Stond u daarop?

Caine «Absoluut. Ik ben een keiharde feminist. Een interviewer heeft mijn vrouw ooit gevraagd: ‘Wat trok u aan in Michael?’ En zij antwoordde: ‘De manier waarop hij met zijn moeder omging.’ Ik heb van het begin af een grenzeloos respect voor vrouwen gehad. Ik wist niet dat ik een feminist was tot ze het feminisme uitvonden.»

- Eén van de belangrijkste thema’s in ‘My Generation’ is de sociale omwenteling.

Caine «De samenleving is toen grondig veranderd. Ik werd geboren ten tijde van de Grote Depressie, en daarna bombardeerden de Duitsers Londen. Ik werd geëvacueerd naar het platteland en verbleef daar zes jaar, tot ik een telegram kreeg waarin stond dat mijn vader was overleden. Dat was geen prettige start van mijn leven. Zes jaar na het einde van WO II zat ik zelf in het leger – eerst maakte ik deel uit van de bezettingsmacht in Berlijn, daarna moest ik meedoen in de Koreaanse Oorlog en tegen de Chinezen vechten. Toen ik terug thuiskwam, kon je Londen in twee woorden samenvatten: smog en rantsoenbonnen. En toen liet Chroesjtsjov weten dat de Sovjets atoombommen hadden, waarmee ze ons binnen de vier minuten konden vernietigen. Dus dachten we: ‘Veel ellendiger kan het niet meer worden. We hebben nog vier minuten te leven, laten we lol trappen.’ En of we lol gehad hebben!»

- Je zou kunnen zeggen dat de arbeidersklasse de mainstreamcultuur heeft overgenomen.

Caine «Ja, langzaam maar zeker. Radio Caroline ging in 1964 de ether in, en toen pas wilde ook de BBC popmuziek draaien. Koffiebars organiseerden liveoptredens, onder meer van The Beatles. Uit Parijs kwam het fenomeen van de discotheken overgewaaid. Toen ik voor het eerst naar de Ad Lib-club ging, die gerund werd door mijn vriend Johnny Gold, stonden alle Beatles en alle Rolling Stones daar te dansen. De popcultuur explodeerde, er kwam geen eind aan, en overal baanden arbeiderskinderen zich een weg. David Bailey en Terry O’Neill werden bijna even bekend als de sterren die ze fotografeerden. Ik deelde een flat met Vidal Sassoon, die gratis mijn haar knipte. Ook Terence Stamp woonde bij ons. Het leek wel alsof iedereen die ik kende beroemd werd.»


Geluksamulet

- U hebt een Oscar gewonnen voor uw rol in ‘Hannah and Her Sisters’. Wat denkt u van de beschuldigingen aan het adres van Woody Allen?

Caine «Ik ben geschokt. Ik ben één van de gezichten van National Society for the Prevention of Cruelty to Children en heb dus wel mijn mening over pedofilie. Ik kan het maar niet begrijpen, omdat ik Woody mocht en een heerlijke tijd met hem heb beleefd. Ik heb hem zelfs aan Mia Farrow voorgesteld. Ik heb er geen spijt van dat ik met hem heb samengewerkt, want destijds wist ik nergens van af. Maar ik zou het niet meer opnieuw doen, nee.»

- Vorig jaar was u te zien in een andere Oscarwinnende prent, ‘Dunkirk’ van Christopher Nolan.

Caine «Ik had er maar een piepkleine cameo in, hoor. Maar Christopher en ik hebben samen zes erg succesvolle films gedraaid. Ik ben zijn geluksamulet. Of is hij de mijne? Afijn, hij wilde me erbij in ‘Dunkirk’, maar er was geen enkele rol voor een man van mijn leeftijd. Dus heb ik maar de radiostem van de aanvoerder van een eskadron Spitfires ingesproken. Ik heb gisteren nog eens de opbrengst van ‘Dunkirk’ opgezocht: een half miljard euro. De amulet heeft zijn werk weer gedaan (lacht).»

- U lijkt harder te werken dan ooit tevoren.

Caine «Tja, door ‘The Best Exotic Marigold Hotel’, dat meer dan 100 miljoen euro heeft opgebracht, hebben de filmmakers ontdekt dat ook senioren nog naar de cinema gaan (lacht). En daar doe ik mijn voordeel mee. Vorig jaar heb ik in ‘Going in Style’ gespeeld, samen met Morgan Freeman en Alan Arkin, nog twee tachtigers. En ik ben net klaar met ‘Night in Hatton Garden’, over de oudste overvallers in de geschiedenis. Het publiek wordt samen met mij ouder.»

- Waren de jaren 60 het beste decennium uit uw leven?

Caine «Toen wel, ja. Maar sindsdien is mijn leven er jaar na jaar op verbeterd. Nu beleef ik niet het meeste plezier aan films, geld of vrouwen – ik ben al 45 jaar gelukkig getrouwd met de prachtigste vrouw die ik ken – maar wel aan mijn kleinkinderen. Ik ben dol op hen.»

- Hoe hebt u uw 85ste verjaardag gevierd?

Caine «Mijn vrouw heeft iets speciaals voor me georganiseerd, maar dat ga ik niet aan jouw neus hangen (lacht). Ik wil je wel iets vertellen over mijn 80ste verjaardag. Die heb ik in Las Vegas gevierd met Quincy Jones. We noemen onszelf de sterrentweeling. Hij heeft de muziek voor ‘The Italian Job’ gecomponeerd en toen we elkaar op de set ontmoetten, ontdekten we dat we niet alleen allebei op 14 maart 1933 geboren zijn, maar ook op exact hetzelfde tijdstip. Wat ik zo leuk aan Quincy vind, is dat hij altijd en overal te laat komt. Onlangs nodigde hij me uit voor de lunch en hij was een uur te laat. In zijn eigen huis (lacht).»

- Zult u ooit nog met pensioen gaan?

Caine «De filmbusiness beslist wanneer je met pensioen mag. Ik heb net trouwens een aanbieding geweigerd. Maar als ik een script krijg dat me echt interesseert, dan doe ik het. Ik heb meer dan genoeg omhanden. Ik ben nu bezig met de tv-serie van ‘My Generation’ en ik ben een boek aan het schrijven. Ik heb er ooit één over acteren gepubliceerd en die heeft het heel behoorlijk gedaan, dus nu pen ik er één over beroemd zijn. Het staat vol grappige verhalen en ik strooi als gek met namen. Zoals je al wel gemerkt zult hebben.»

© The Guardian / Vertaling en bewerking: Lieven Germonprez





‘My Generation’ is nu te zien in de bioscoop.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234