Na de rellen: de noodkreet van de Brusselse politie. '90 procent van wat wij doen, heeft geen enkele zin'

Donald Trump moet zich vorige week een breuk hebben gelachen toen hij beelden zag van zijn favoriete hellhole. Honderden heethoofden mochten in hartje Brussel twee uur lang ongestoord auto’s vernielen, winkels plunderen en onschuldige bewoners terroriseren, terwijl de politie liet betijen. Vijf dagen later was het opnieuw prijs. De frustratie bij het korps is groot. ‘De politie in Brussel – Pol Bru – wordt niet toevallig Pol Brol genoemd.’

'Ik heb al honderden criminelen opgepakt, maar het gros van hen wordt meteen vrijgelaten. 90 procent van wat wij doen, heeft geen enkele zin'

Zaterdagavond, een halfuur na het beslissende WK-kwalificatieduel tussen Ivoorkust en Marokko. Een patrouille van de Brusselse politiezone Zuid hoort dat het fout loopt aan de Beurs. Ze schakelen over op het kanaal van Brussel Hoofdstad en horen berichten over een paar honderd Marokkaanse relschoppers die via de Lemonnierlaan afzakken naar het station Brussel-Zuid. Ze reppen zich erheen om steun te verlenen. Intussen horen ze hoe de meute een meubelzaak probeert te overvallen. Tot hun ongeloof beveelt het commando de politietroepen in de Lemonnierlaan om ‘tactisch terug te trekken’.

Een paar minuten later komt het bericht dat de meubelzaak wordt geplunderd en dat de omstaanders die dat proberen te verhinderen, worden belaagd. De politie staat op dat moment een paar honderd meter verderop, maar de strategie blijft: terugtrekken. Ook wanneer de dispatching meldt dat een nachtwinkel wordt overvallen en dat de relschoppers in een andere zaak zijn doorgedrongen tot de bovenverdieping, waar ze de bewoners bedreigen en beroven. De nachtwinkeluitbater krijgt een pak slaag. Hij belt de hulpdiensten en vraagt een ambulance. De ambulanciers vragen ondersteuning van de politie en toestemming om uit te rukken. Maar de bevelhebber in het commandocentrum van de politie beslist: ‘Die man moet zelf naar het ziekenhuis gaan, we hebben er nu geen volk voor.’

De agenten van de zone Zuid kunnen het niet geloven. Hun woede groeit, hun handen jeuken. In de buurt van het Zuidstation zien ze hoe een groepje vandalen, dat is afgezakt vanuit het centrum, probeert in te breken in een seksshop. Een patrouille in burger aarzelt niet. Ze verrast de groep compleet en er wordt raak geslagen. Arrestaties verrichten ze niet. Ze weten dat het parket de daders diezelfde avond nog zal laten gaan.

Na twee uur is ‘het feest’ voorbij en heeft de politie van de zone Hoofdstad de zaak onder controle. De Lemonnierlaan lijkt op een oorlogsgebied, de agenten zijn totaal gedesillusioneerd.

GRIET* (politieagente Brussel Hoofdstad) «Het stadsbestuur en de politiebazen hebben die match zwaar onderschat. Ze hadden dit moeten weten: er leven zoveel Marokkanen in Brussel. Men heeft in allerijl volk moeten optrommelen.

»Op het terrein waren de instructies duidelijk: we móchten niet tussenkomen. Die strategie wordt al jaren gevolgd bij manifestaties: niet provoceren, je zo weinig mogelijk laten zien. Maar ze werkt niet. Iedereen is gedegouteerd. De officieren durven geen enkel risico te nemen. Ze hebben geen ervaring met ordehandhaving. Ze moeten een peloton leiden in een stratenoorlog en doen het in hun broek.

'Geld voor schadevergoedingen hebben ze niet, in de gevangenis krijg je ze niet. We kunnen ze enkel een pak slaag geven'

»Enkele jaren geleden was ik erbij toen zwarte jongeren ons aanvielen in de Matongéwijk. We kregen het bevel om te blijven staan, terwijl de stenen ons om het hoofd vlogen. Ik verzeker je: dan kookt je bloed. Ik ben niet bij de politie gegaan om me te laten bekogelen en passief toe te kijken hoe opgehitste jongeren de stad slopen.»

LUCKAS VANDER TAELEN (journalist, ex-schepen in Vorst) «Gelukkig zijn er geen doden gevallen. Daardoor komen de politieke verantwoordelijken nog goed weg. De burgemeester woonde in Parijs een rugbymatch bij en had voor die avond niet eens een vervanger aangeduid. De officier van wacht zat thuis. Eén peloton, dat normaal die avond moest werken, werd doorgeschoven naar de volgende dag omdat er een betoging tegen het beleid van Theo Francken gepland stond. Dat zegt alles over de gigantische onderschatting.»

VINCENT HOUSSIN (politievakbond VSOA) «Ik weet nochtans héél zeker dat de burgemeester was gewaarschuwd. Maar de aanwezige politie was onvoorbereid, onderbemand en moest improviseren. Daarom begrijp ik dat de officieren niet de held wilden uithangen. Dan waren er misschien doden gevallen.»

DENNIS* (agent in Brussel Zuid) «Onzin. Als je klaarstaat met een peloton van 40 man, met waterkanon en steun van hondenteams, moet je erin gaan. Zeker als er winkels worden geplunderd en onschuldige burgers worden aangevallen. Dan zijn er geen excuses.

»In de omliggende buurten stonden er nog genoeg arrestatieploegen paraat. In onze buurt werden snel twintig agenten in burger opgetrommeld: ze stonden klaar op minder dan 200 meter van de plaats des onheils. Toch heeft de zone Hoofdstad die bijstand nooit gevraagd. Laat arrestatieploegen in burger de relschoppers in de flank aanvallen en ze slaan meteen op de vlucht. Dan waren er tenminste aanhoudingen geweest. Dat burgemeester Close achteraf nog applaudisseert voor het feit dat de politie heeft toegekeken hoe de stad kort en klein werd geslagen, is absurd.»

VANDER TAELEN «Als het in New York brandt, mobiliseren ze daar heel snel het beschikbare volk. Dat loopt gesmeerd, omdat er maar één politiezone is, met één baas. In Brussel blijven we het doen met zes zones en negentien gemeenten. En blijkbaar is de mentaliteit: ‘We lossen het zelf wel op.’ Dat is onhoudbaar. We móéten naar één politiezone. Alle tegenargumenten zijn op.»


Kapotte schilden

De beelden van plunderende jongeren en wijkende agenten deden denken aan de vakbondsbetoging van 6 november 2014. Toenmalig burgemeester Yvan Mayeur bepaalde toen de strategie, in samenspraak met korpschef Guido Van Wymersch: de politie mocht zich onder geen enkel beding laten zien, de vakbonden zouden stewards inzetten om alles in goede banen te leiden. Het liep snel uit de hand. Vuilnisbakken en winkelruiten sneuvelden, een politiehelikopter werd met een seinpistool beschoten, maar de instructie bleef: contact vermijden, niet provoceren.

Toen de betogers aan het Zuidstation op een politiemacht botsten, die hen de doorgang naar het MR-hoofdkwartier moest beletten, brak de hel los. Drie kwartier lang smeekten de wijkende agenten om versterking. Eindbalans: 120 gekwetste agenten, vijf beschadigde woningen en meer dan zeventig beschadigde wagens, waarvan elf volledig uitgebrand.

Bij een protestactie achteraf aan het Brusselse stadhuis, gooiden honderden boze agenten hun kapotte schilden op de grond. Ze overhandigden een open brief waarin ze hun ongenoegen uitten over de passieve aanpak en het gebrek aan steun. Politievakbond Sypol diende een strafklacht in tegen Mayeur en Van Wymersch. De ontstemde minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon kondigde toen, net als deze keer, een onderzoek aan.

JEAN-MARIE HOTTAT (algemeen secretaris Sypol) «Men heeft er totaal geen lessen uit getrokken. Onze klacht is in de doofpot verdwenen.

»De Brusselse politietop blijft, in samenspraak met de politiek, een defensief beleid voeren. Als je niet eens optreedt als ze auto’s in brand steken, winkels plunderen, burgers aanvallen, ... laat je de mensen in de steek. Tweeëntwintig gekwetste agenten en amper één arrestatie: hoe is dat mogelijk? Welk beeld creëren we zo over de hoofdstad van Europa? Als men die tactiek volgende zomer tijdens het WK ook volgt, zal dat de stad een pak geld kosten. Reken maar dat veel jongeren nu al uitkijken naar elke match van Marokko.»

VIC* (agent in Brussel Noord) «De politieke lijn bij manifestaties is duidelijk: zolang het om materiële vernielingen gaat, moeten we laten begaan. Dat regelen de verzekeringen achteraf wel, is de redenering. Toen er onlangs een manifestatie vanuit de allochtone gemeenschap langs ons commissariaat zou passeren, overwoog men om de politielogo’s te verwijderen. Die konden provocerend werken. Dat is de mentaliteit.»

VANDER TAELEN «Jongeren die aan het ontsporen zijn, krijgen in Brussel voortdurend foute signalen. Je zou die 300 relschoppers gemakkelijk kunnen oppakken en een paar maanden in voorarrest plaatsen. Dan laat je tenminste duidelijk merken dat je er niet mee lacht.

»Begin november bracht een honderdtal allochtone jongeren een trein tot stilstand tussen Ottignies en Bosvoorde. Ze trokken voortdurend aan de noodrem en terroriseerden treinbegeleiders en passagiers. Vrouwen met kinderen werden bedreigd en de treinstellen werden vernield. De politie kon niets anders doen dan de passagiers in veiligheid brengen. Er werd niemand aangehouden. Hetzelfde verhaal nadat jongeren uit Anderlecht in de herfstvakantie enkele bussen van De Lijn hadden aangevallen met stenen, flessen en een luchtdrukpistool: geen arrestaties. De zware vechtpartij tussen allochtone jongeren en Roma-zigeuners, waarbij metalen staven werden gebruikt: geen arrestaties. Als je daar geen gevolg aan geeft, voelen de daders zich onaantastbaar en gaan ze steeds verder. Maar de burgemeester van Anderlecht Eric Tomas (PS) relativeerde die feiten.»

'Zolang het om materiële schade gaat, moeten we laten begaan. Dat regelen de verzekeringen achteraf wel, is de redenering.' (Foto: de vakbondsbetoging van 2014)' Agent Vic


Linkse magistrates

De malaise bij de Brusselse politie is groot, de onvrede zit diep. In de rangen heerst een algemeen gevoel van moedeloosheid, omdat justitie te laks omgaat met daders.

DENNIS «Zelfs al hadden we er bij die rellen vijftig opgepakt: de dag erna zouden ze allemaal zijn vrijgelaten. De samenwerking tussen politie en parket is nog nooit zo slecht geweest. We botsen voortdurend op jonge, linkse magistrates die ons allemaal racisten vinden.

»Onlangs werd er een gestolen Golf geseind, met nummerplaat. Hij was gebruikt voor een gewapende overval. Een dag later zag één van onze ploegen die wagen en zette de achtervolging in. Die Golf reed telkens hetzelfde rondje door de wijk, luid toeterend, om vrienden op te trommelen. Die bekogelden onze ploeg met stenen. Na een tijd maakte de chauffeur van de Golf een foutje. Hij stapte uit en begon te lopen. Twee collega’s gingen achter hem aan, de derde bleef bij de auto. Zeven minuten heeft hij daar gestaan voor er versterking kwam, terwijl de stenen om zijn hoofd vlogen. Eén belager gooide zelfs een uitgebroken stoeptegel naar hem. Gelukkig raakte hij niet gewond. We kenden de dader en gingen hem de volgende ochtend arresteren op zijn werk. Hij verzette zich heftig, we moesten pepperspray gebruiken. Toch beval het parket zijn onmiddellijke vrijlating, want hij had een job. Voor ons is dat frustrerend, maar je helpt die gast er ook niet mee. Hij wordt als een held onthaald in de wijk. Als hij over twee jaar moet voorkomen, heeft hij nog twintig feiten meer op zijn palmares.»

VIC «Sinds de Salduz-wet van 2016 heeft elke verdachte recht op bijstand van een advocaat bij het verhoor. Om het gerecht te ontlasten, worden de meeste verdachten naar huis gestuurd en krijgen ze een oproepingsbrief om zich met hun advocaat te melden voor verhoor. Velen geven daar geen gehoor aan. Je moet ze opnieuw oppakken, waarna ze soms opnieuw naar huis mogen. Zo blijf je bezig.»

DENNIS «Herinnert u zich nog de spectaculaire diamantroof op de luchthaven van Zaventem? Eén van de daders is alweer vrij. We hielden hem onlangs aan met een vuurwapen in zijn auto. De parketmagistraat vond er niets beter op dan in zijn voorwaarden bij te schrijven dat hij geen wapen mag dragen. Daarna kon hij beschikken. Ongelofelijk, toch?

»Twee jaar geleden hielden we een gast van 22 jaar aan, gekend voor meer dan 50 feiten. Hij was vrij onder voorwaarden. We controleerden hem en vonden zakjes met softdrugs: een schending van zijn voorwaarden. Het parket liet hem vrij. Diezelfde nacht dook hij op voor onze combi: wéér een schending, want hij mocht na 10 uur ’s avonds niet buiten komen. We arresteerden hem opnieuw. Reactie van het parket: ‘Dit is pestgedrag.’ Twee dagen later pakten we hem nog eens, wéér met drugs. Daarop dreigde de parketmagistrate om óns ter beschikking te stellen van het parket. Tja, dan stopt het, hè. Wat voor zin heeft het dan nog? Ik heb de voorbije jaren honderden criminelen opgepakt, maar ik geloof niet dat er tien bij zijn die meer dan enkele dagen in de gevangenis hebben gezeten. 90 procent van wat wij doen, heeft geen enkele zin.»

VIC «Als je je werk doet, krijg je miserie: met je bazen, het parket, het Comité P…»

GRIET «Niemand wil nog bijtekenen, we zijn het allemaal kotsbeu. Als we vroeger de vraag kregen om op zaterdag te werken, stelden we ons kandidaat. Dat was financieel interessant. Nu heeft niemand nog zin in extra uren. Het gaat niet meer, er verandert toch niks. We werken in een klimaat van totale straffeloosheid. In Antwerpen is de politie veel beter uitgerust. Er wordt geïnvesteerd in personeel en materiaal. Hier wordt er alleen maar gehakt in de budgetten. De politie in Brussel – Pol Bru – wordt niet toevallig Pol Brol genoemd.»

HOTTAT «Mensen moeten zich naar hun werk slepen. Ze voelen geen steun: niet van justitie, niet van de politiek en niet van hun oversten. Er is al eeuwen een chronisch tekort aan manschappen in Brussel: honderd man in zone West, 120 in de zone Zuid en 300 in Brussel Hoofdstad. Het personeel wordt uitgeperst. Ze moeten voortdurend opdraven, krijgen geen overuren uitbetaald en kunnen hun recupdagen onvoldoende opnemen. Zelfs de meest gemotiveerde gasten worden het beu en vragen hun overplaatsing aan. Die tekorten moet je opvullen met jonge rekruten. Maar die zijn na een paar maanden ook uitgekeken op de Brusselse beerput.»

'Dat burgemeester Close achteraf nog applaudisseert voor het feit dat de politie heeft toegekeken hoe de stad kort en klein werd ­geslagen, is absurd.' Agent Dennis


Screenings

VIC «Je mag van jonge rekruten niet te veel verwachten. Ik geef les op de politieschool en ik verzeker u: in het begin is dat kanonnenvlees. Men verkiest seksuologes en psychologes van 1 meter 50 boven gasten die in het leger hebben gezeten. Men wil een peace & love-politie die bemiddelt en sust, in plaats van hard op te treden. Dat kan sympathiek zijn in een plattelandsdorp, maar in het Brusselse wespennest werkt dat niet. Wat heb je eraan dat je het wetboek vanbuiten kent, als je door tien gasten wordt aangevallen? De rekruten vragen zélf om meer geweldbeheersing, dat kan hun leven redden. Maar daar is bitter weinig aandacht voor. Het gevolg is dat ze tactisch en fysiek niet klaar zijn voor de straat. Na een paar maanden zijn ze totaal gedegouteerd door de harde realiteit.»

GRIET «Ik ben voor gemengde patrouilles: man-vrouw. Een vrouw slaagt er door te praten vaak in om geweld te vermijden. Maar soms lukt dat niet en dan moet je je mannetje kunnen staan. Sommige gasten verstaan maar één taal. Geld hebben ze niet, waardoor ze geen schadevergoedingen betalen, en in de gevangenis krijg je ze ook niet. Er zit dus niks anders op dan hun af en toe een pak slaag te geven.»

VIC «Door het personeelsgebrek in Brussel legt men de lat bij nieuwe aanwervingen steeds lager, zeker voor allochtone flikken. Dat men meer kleur bij de politie wil, is begrijpelijk. Ik heb veel goede allochtone collega’s, maar ik ken er ook die voordien gekend waren voor drugsfeiten, overvallen en slagen en verwondingen.»

GRIET «Iemand uit de selectiecommissie vertelde me dat ze grote vragen heeft bij wat ze daar moet laten passeren. Een collega vond dat ze het niet kon maken om slechts één op de zes kandidaten te laten slagen. Ik vraag me af waarom niet, als die andere vijf niet geschikt zijn? De lat ligt te laag. We halen criminelen binnen.»

DENNIS «Een Marokkaanse collega, F.M., zat bij ons aan het onthaal. Op vakantie in Italië werd ze samen met haar vriend opgepakt, met drie kilo cocaïne en heroïne in haar auto. Ze vloog daar even in de cel, maar daarna mocht ze meteen weer aan de slag, zonder één dag schorsing. Ze had aan internationale drugssmokkel gedaan! Toch kreeg ze nog altijd toegang tot alle databanken. Gelukkig heeft ze wat later zelf ontslag genomen.»

VIC «Begin september heeft men bij ons een collega opgepakt, wegens het lekken van vertrouwelijke informatie over een terreurdossier. Die agent stond in contact met Yassine Atar, de broer van Oussama Atar (die wordt beschouwd als de spil van de aanslagen in Brussel, red.). Iedereen wist al langer dat hij niet zuiver was. Een jaar eerder deden we een inval om een drugsbende op te rollen. Er waren weken observatie aan voorafgegaan. Net voor we de deur wilden inbeuken, deed de verdachte open. ‘Kom binnen, heren.’ We vonden niks. Hij was getipt. We analyseerden de camerabeelden uit de buurt: twee keer raden wie daar de avond voordien passeerde. Toch heeft men nooit tegen hem opgetreden.»

DENNIS «We hadden in onze zone een Marokkaanse collega, K.R. Niemand vertrouwde hem. Hij deed tests om hoofdinspecteur te kunnen worden. De zone gaf hem een positief advies, om van hem af te raken. Hij had nog een aantal onafgewerkte pv’s laten liggen. Op een dag belde het parket naar het commissariaat, omdat het die pv’s wou hebben. De vrouwelijke commissaris belde hem met het bevel om dat zo snel mogelijk in orde te brengen. Even later kwam hij het commissariaat binnengestormd en probeerde hij haar te wurgen. Ze moesten hem van haar af sleuren. Je zou toch denken dat die man op staande voet ontslagen wordt? Nee, hoor. De toenmalige korpschef trok zijn toegangsbadge in. Dat is alles. Die man is nu elders hoofdinspecteur! Hij leidt er een groep agenten die gebedsruimtes heeft geëist op het commissariaat en weigert om vrouwen de hand te schudden of hun instructies op te volgen.»

*De drie agenten die in dit artikel getuigen, kregen een schuilnaam.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle verhalen van de Humo rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234