null Beeld

Naema Tahir: 'Een wereld van ideeën'

Toen mij ruim een half jaar geleden werd gevraagd of ik columnist wilde worden voor Humo, heb ik, na er een nachtje over geslapen te hebben, volmondig ja gezegd. Wat was het dat me zo aantrekkelijk leek aan dat Vlaamse aanbod? Wat is het toch überhaupt, dat zo aantrekkelijk is aan columns schrijven?

Al vijftien jaar schrijf ik columns. Ik herinner me nog heel goed dat in juni 2002 mijn eerste pennenvrucht werd gepubliceerd in NRC Handelsblad, destijds Nederlands beste krant. De dag dat mijn column verscheen, stevende ik met kloppend hart naar de krantenkiosk om een exemplaar van die bijzondere krant te scoren. Wat zeg ik, twee exemplaren! Ik was ervan overtuigd dat de winkelier dat opvallend zou vinden en na mijn vertrek gauw een NRC zou openslaan en zou constateren: ‘Warempel, dat was mevrouw Tahir die in mijn winkel was.’ Hij zou dan uiteraard de krant als een kleinood bewaren.

Ik schaam me een beetje om het toe te geven, maar ik dacht echt dat, als iemand die dag naar me keek, hij dat deed met bewondering in zijn blik. Ik verbeeldde me werkelijk dat iedereen de column wel gelezen zou hebben. En ook nog eens diep ontzag had voor alle wijsheid die erin tentoon werd gespreid.

Ik liep nogal demonstratief met mijn twee kranten naar huis, iedereen als het ware aanduidend: ‘Kijk, mensen, in deze krant sta ik.’ Een beetje zoals Mr. Bean die een vliegtuig binnenstapt met een kaartje eerste klas in zijn hand, dat hij triomfantelijk aan iedereen laat zien.

Ik verkeerde – u begrijpt het al – in een roes van hoogmoed. Het ging zover dat ik fantaseerde dat die krant over één of twee decennia bij Christie’s geveild zou worden, omdat mijn column erin stond.

Als in de dagen erna mensen mij wilden spreken over mijn column – familie en vrienden vooral die ik vooraf had ingelicht – voelde ik mijn ijdelheid gestreeld. Het was als een scène uit Dickens’ ‘Great Expectations’: wanneer Pip teruggaat naar zijn ouderlijk huis, wil een familielid steeds maar weer zijn hand schudden in opperste bewondering voor het feit dat Pip het ‘gemaakt’ heeft.

Het ebt weg, die puberale gevoelens. Bij de tweede column is het al minder. Bij de twintigste zijn ze bijna verdwenen. En nu? Eerlijk gezegd vergeet ik soms gewoon om er een krant of tijdschrift op na te slaan. Ik ben niet blasé geworden, hoor. Zo is het leven gewoon. Het tigste verre land dat je bezoekt, herinner je je ook een stuk minder goed dan het allereerste.

Maar als roem en eer allemaal wat minder belangrijk zijn geworden, of zelfs tamelijk onbelangrijk, dan is de vraag: waar doe je het voor? Waarom steeds maar weer in de pen klimmen en worstelen met woorden? Geld? Na aftrek van de belastingen blijft er een grijpstuiver over. Daar hoef je het dus niet voor te doen.

Nee, wat mij het meest motiveert, is het besef dat de wereld uiteindelijk niet draait om materie en macht, maar om ideeën. Als ik met de ideeën in mijn columns de samenleving een ietsepietsje beter kan maken, dan heb ik een tevreden gevoel. Dus, toen Humo mij destijds vroeg om columns te schrijven, vroegen ze in wezen of ik dat tevreden gevoel wilde uitbreiden tot in Vlaanderen. Mijn antwoord: ja.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234