De Israëlische premier Benjamin Netanyahu zit in het nauw nu er een coalitie buiten hem om wordt gevormd. Beeld REUTERS
De Israëlische premier Benjamin Netanyahu zit in het nauw nu er een coalitie buiten hem om wordt gevormd.Beeld REUTERS

de nalatenschap vannetanyahu

Netanyahu zaaide verdeeldheid en plukt nu de wrange vruchten

Voor het eerst in twaalf jaar koerst Israël af op een coalitie zonder Benjamin Netanyahu. Wat is zijn nalatenschap? Of is hij nog niet uitgespeeld?

Het is vlak na de begrafenis van de Israëlische oud-premier Shimon Peres; een staatsbegrafenis, met alle egards. De Amerikaanse president Barak Obama en oud-president Bill Clinton zijn er, alsook de Franse president François Hollande, de Britse kroonprins Charles, premier Mark Rutte en zelfs de Palestijnse leider Mahmoud Abbas, op speciaal verzoek van de familie van Peres.

Als de Amerikanen weer per vliegtuig zijn vertrokken, krijgt Netanyahu een telefoontje vanuit Air Force One ‘van een zeer hoge Amerikaanse functionaris’ – naar verluidt de minister van buitenlandse zaken, John Kerry. ‘Meneer de premier, als u net zo’n begrafenis wilt als Peres, moet u bereid zijn tot compromissen’, klinkt de boodschap. Waarop Netanyahu naar eigen zeggen antwoordt: ‘Ik maak me niet druk om mijn eigen begrafenis. Ik maak me zorgen dat mijn land ten grave wordt gedragen.’

Dit verhaal vertelt Benjamin (‘Bibi’) Netanyahu graag bij verkiezings- of partijbijeenkomsten. Het bevat alle elementen die hij zich kan wensen: de onbaatzuchtige sterke leider die alleen maar aan zijn eigen land denkt en niet zwicht voor druk van buiten, ook niet van de Amerikanen.

Netanyahu vertelt wel vaker zulke – niet te verifiëren – anekdotes waar zijn aanhang van smult. Dan is hij zelfverzekerd. Afgelopen zondag was dat anders. Toen verscheen die andere Bibi, de premier zoals de Israëliërs hem kennen als hij onder druk staat, uithalend naar alles en iedereen, die waarschuwt dat zonder hem aan het roer Israël gedoemd is. De toon, de uithalen naar zijn opponenten (‘oplichters’, ‘een gevaar voor de natie’, ‘de fraude van de eeuw’) waren het duidelijkste teken dat Netanyahu vreest dat zijn carrière als premier van Israël ten einde loopt. Dat de bodem van zijn trukendoos in zicht is.

Spoileralert: het is te vroeg om hem af te schrijven. Hij is nog niet uitgespeeld.

Een zo groot mogelijk gebied met zo min mogelijk Arabieren

Ooit gevraagd hoe hij herinnerd wil worden, zei hij: als verdediger van Israël en bevrijder van de (‘socialistische’, red.) economie. Hij vergelijkt zichzelf graag met de stichter van de staat, David Ben-Gurion: ‘Ook Ben-Gurion koesterde geen illusies’.

De Israëlische historicus Tom Segev definieerde het ietsje anders: geen van beiden geloofde dat het Israëlisch-Palestijnse conflict oplosbaar is. Het kan hooguit ‘gemanaged’ worden. Beiden kozen, aldus Segev, voor dezelfde strategie: maximum gebied met een minimum aantal Arabieren. Dat was de grondslag voor Ben-Gurions besluit in de oorlog van 1948 Palestijnen te verdrijven; destijds overigens ‘netjes’ uitgevoerd door de latere ‘vredespremier’ Yitzhak Rabin. Het was ook de beweegreden voor de Israëlische terugtrekking uit Gaza, waarmee Ariel Sharon beoogde een wig te drijven tussen de Palestijnen uit Gaza en die van de Westoever, en zo de Westoever verder te koloniseren. En dit ligt ten grondslag aan Netanyahu’s beleid: een verdere kruipende kolonisatie van de Westoever en ont-Arabisering van Oost-Jeruzalem. Maar geen formele inlijving van de Westelijke Jordaanoever bij Israël. De gevolgen daarvan zouden, ook internationaal, niet te overzien zijn en als een boemerang kunnen terugkomen.

Eens in de zoveel jaar laait de strijd op

De Israëlische bevolking is altijd verdeeld geweest tussen degenen die menen dat Israël een historisch recht heeft op een ‘Bijbels Groot-Israël’ van de Middellandse Zee tot de Jordaan enerzijds en, anderzijds, degenen die benadrukken dat het moreel onjuist en praktisch onmogelijk is om te blijven heersen over een ander volk. Zij pleiten voor een tweestatenoplossing. Dat was ook de gedachte achter de Oslo-akkoorden van 1993: een poging het land te verdelen. Of dat ooit had kunnen lukken? Het is zelfs de vraag of Yitzhak Rabin het doorgezet zou hebben als hij niet vermoord was.

Benjamin Netanyahu is erin geslaagd die Oslo-akkoorden te ondermijnen en te begraven. Onder zijn leiderschap heeft het zoeken naar een oplossing plaats gemaakt voor de overtuiging dat de status quo – voorlopig – het hoogst haalbare is, en daar hoort zelfs het om de zoveel jaren het oplaaien van de strijd bij. Maar die status quo is een bedrieglijk begrip. Toen Netanyahu voor het eerst aan de macht kwam in 1996 woonden er 140.000 kolonisten op de Westoever. Dat aantal is inmiddels meer dan verdrievoudigd, met nog eens ruim 220.000 in wat Israël wijken van Jeruzalem noemt, maar die feitelijk in het gebied liggen dat Israël in 1967 bezette. De Joodse bevolking op de Westoever neemt 5 tot 6 procent sneller toe dan die in Israël, daarbij aangemoedigd door de overheid met subsidies en goedkope woningen, inclusief de aanleg van snelle wegen naar de nederzettingen.

Het politieke landschap, de heuvels van de Westelijke Jordaanoever –Judea en Samaria in de terminologie van de kolonisten – zijn onder en door Netanyahu fysiek veranderd met de bouw van talloze nederzettingen temidden van de Palestijnse bevolking. Probeer dan nog maar eens een logische kaart voor een Palestijnse staat te tekenen.

Voor Israëliërs is de Westoever een andere planeet

In het Israëlische publieke debat speelt de Palestijnse kwestie steeds minder een rol. Bij de laatste verkiezingen vormde die zelfs helemaal geen thema. Voor velen is de Westoever – wat daar gebeurt in de Palestijnse dorpen en steden, de bezetting, de sluipende kolonisatie – een andere planeet. De dagelijkse zorgen staan in het teken van andere zaken, zoals zelf het hoofd boven water houden en de stijgende woningprijzen. De jongeren, en de niet meer zo jongeren, kennen niets anders dan een Israël dat heerst over de Westoever. Ze zijn ermee geboren en opgegroeid.

Naftali Bennett en Yair Lapid zijn van plan om de komende vier jaar het premierschap te delen. Beeld AP
Naftali Bennett en Yair Lapid zijn van plan om de komende vier jaar het premierschap te delen.Beeld AP

Dat is Netanyahu’s nalatenschap als ‘beschermer van Israël’. Zelf zal hij daar ook zijn ferme houding jegens Iran en het sluiten van akkoorden met enkele Arabische landen bij rekenen, een teken dat ook die zich de facto hebben neergelegd bij de bestaande situatie.

Het komt allemaal samen binnen zijn vlaggenschip, de nieuwe wet die Israël als een ‘natiestaat van de Joden’ bestempelt. Joodse bewoners hebben er als enige het recht op ‘nationale zelfbeschikking’. Volgens die wet is een ‘verenigd Jeruzalem’ de hoofdstad, en is voor Israël het stichten van Joodse nederzettingen van nationaal belang. Deze wet veranderde de Arabische inwoners van Israël in één klap in tweederangsburgers. Een ‘historisch moment in de geschiedenis van het zionisme en de staat Israël’, aldus Netanyahu.

Armere kiezer draagt Netanyahu op handen

Zijn rol als ‘bevrijder van de (‘socialistische’) economie’ levert een gemengd beeld op. Macro-economisch zien de cijfers er goed uit en kan Netanyahu bogen op een land vol start-ups en skylines met moderne woontorens. Maar intern is de kloof tussen arm en rijk toegenomen. Zijn neoliberalisme botste keer op keer met de door de Arbeiderspartij opgerichte machtige instituten, zoals woningcorporaties en de monopolies van de water- en energiebedrijven, maar ook met zijn eigen nationale doelen: de omvangrijke overheidssubsidies aan de kolonisten en aan zijn ultra-orthodoxe politieke bondgenoten, wier achterban veelal steunt op uitkeringen. Zijn geslaagde vaccinatieprogramma had hij nooit kunnen uitvoeren zonder die ‘socialistische’ erfenis van sterke ziekenfondsen.

Ook Israël kent die economische paradox: Netanyahu predikt marktwerking, maar zijn achterban bestaat voornamelijk uit de (lagere) middenklasse, voor wie een sociaal vangnet van levensbelang is. De krant Haaretz merkte deze week op dat de nieuwe coalitie van links en rechts die Bibi weg wil hebben geen politiek logica heeft, maar wel een socio-economische: ze vertegenwoordigt de economisch sterkere kiezer, terwijl de armere kiezer Netanyahu op handen blijft dragen.

Netanyahu’s vrees is dat zijn politieke ‘verdiensten’ (nalatenschap?) binnenkort overschaduwd worden door de rechtszaken waarin hij verwikkeld is, dat hij veroordeeld wordt wegens fraude en corruptie. Hij zou niet de eerste zijn. Zijn voorganger, premier Ehud Olmert, moest zestien maanden de bak in wegens corruptie. Premier Rabin trad ooit af omdat zijn vrouw een verboden bankrekening in Amerika had.

Het verschil: zij traden af. Netanyahu weigert het veld te ruimen en neemt daarbij de rechterlijke macht, de politie, de media, zijn politieke rivalen en bondgenoten onder vuur. Een leider van links verdedigde deze week het aangaan van de verbintenis met rechts, alleen maar om Bibi weg te krijgen, als een laatste poging de democratie te redden. Netanyahu zou zelfs niet vies zijn van een putsch.

De-allesbehalve-Bibi-coalitie

De ironie wil dat Netanyahu zelf die coalitie tegen hem heeft geschapen. Het is haast een Shakespeareaans drama of in nog klassiekere termen een ‘Ook gij Brutus’. De laatste twee verkiezingen gingen alleen nog maar over de vraag: wie is voor en wie is tegen Bibi? Telkens eindigend in een patstelling.

Het is niet eens de Arbeiderspartij, inmiddels een schim van zichzelf – want ook Israël is de laatste decennia gestaag naar rechts geschoven – maar het zijn drie van zijn slippendragers die het vak bij hem hebben geleerd, die nu mede het voortouw hebben genomen in de raarste coalitie denkbaar: ‘de-allesbehalve-Bibi-coalitie’, al heet die officieel ‘de coalitie van verandering’. Te vaak heeft Bibi hen geschoffeerd en bedrogen.

Verder dan een verdeling van ministersposten zijn ze niet gekomen en ook die kan nog elk moment ontploffen. Als premier dient zich de voormalig kolonistenleider, reserve-officier en hightechmiljonair Naftali Bennett aan, die ergens nog een Groningse betovergrootvader heeft. Zijn politieke carrière begon hij als stafchef van Netanyahu, tot hij het aan de stok kreeg met diens vrouw, Sara, die Bibi’s benoemingen controleert. Bennett zou zijn aanvaringen met haar later kenschetsen als een cursus terreurbestrijding. Uiteindelijk ging Bennet ‘freelancen’ ter rechterzijde om nu aan het hoofd te staan van Yamina, wat zoveel betekent als ‘Naar Rechts’.

De tweede makker van weleer is Avigdor Lieberman, die zijn eerste politieke ervaring opdeed als campagnevoerder voor Netanyahu, met wie hij stad en land afreisde. De uit Moldavië afkomstige kolonist en Poetin-fan richtte tien jaar later zijn eigen partij op die vooral bedoeld was om de stem van de Russische immigrant te trekken. De nummer drie in de rij der Brutussen is Gideon Sa’ar, Bibi’s voormalige kabinetssecretaris, ooit gezien als een mogelijke opvolger van Netanyahu. Ook Sa’ar is een eigen partij begonnen waarmee hij zijn vroegere baas vanuit rechts bestrijdt.

Een nieuwe coalitie waarbij de wolf bij het lam ligt

En dan is er die andere kant van dit bonte gezelschap dat de nieuwe coalitie moet vormen: de centrumpartij van een voormalig talkshow-host, een oud-generaal, de Arbeiderspartij en het linkse Meretz. Zoals Zehava Galon van Meretz het Bijbels verwoordde: in Israëls nieuwe coalitie heeft de wolf zich bij het lam neergelegd.

Maar de grootste verrassing, en een unicum in Israëls politieke geschiedenis, is de steun voor deze coalitie van een klein Palestijns islamistisch(!) partijtje. ‘Terroristen’, zeggen ze in kringen rond Netanyahu, maar tot voor kort kon je die benaming voor de nieuwe partner ook horen in de kringen rond de beoogde nieuwe premier.

Netanyahu is nog niet uitgespeeld, al was het alleen maar omdat de houdbaarheid van deze coalitie geschat wordt op 0 tot 150 dagen – in het najaar breken altijd ruzies uit over de begroting. Er zijn zelfs nog twaalf dagen tot de vertrouwensstemming in het parlement. Slechts één deelnemer hoeft er de brui aan te geven, of door Netanyahu te worden verleid op te stappen, en weg coalitie.

Als deze bizarre ploeg die eerste horde weet te nemen, moet Netanyahu vrezen dat binnen zijn eigen partij stemmen gaan klinken dat het misschien beter is als hij opstapt, zodat de Likud weer aan de regering kan deelnemen. Dan kan die alles-behalve-Bibi-coalitie worden verruild voor de meest rechtse regering die Israël ooit gekend heeft, zonder Netanyahu. Maar ook dat is dan zijn nalatenschap.

(Trouw)

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234