null Beeld

Nick Cave (Koninklijk Circus 9 & 10 mei)

Het mag duidelijk zijn: onze favoriete vleermuis is een workaholic. Amper is de wereldtournee van de Bad Seeds afgelopen, en heeft hij alweer een nieuwe soundtrack af en een boek/kotszakje klaar (‘The Sickbag Song’ - een bijwijlen hilarisch verslag van zijn Amerikaanse tournee) én, geen grap, een zelf ontworpen skateboard, of Nick Cave gaat weer de hort op, dit keer solo, al bleek dat heel relatief.

Vergelijk dat werkschema met andere rockers van zijn generatie, die om de vijf eeuwen touren en waarvan je je afvraagt: ‘Wat doen die toch de hele dag?’ Bij Cave vraag je je af: ‘Waar haalt hij in godsnaam de tijd, met vier kinderen en een prachtige vrouw?’

Twee van z’n 20.000 days on earth spendeerde Nick het voorbije weekend in Brussel. De twee sets liepen groendeels parallel: ‘Weeping Song’, ‘Water’s Edge’, ‘Brompton Oratory’ (‘A reasonably unhappy song’), ‘Mermaids’, ‘Jubilee Street’, ‘Nobody’s Baby Now’, ‘From Her to Eternity’ (briljant), ‘West Country Girl’, ‘Into My Arms’, ‘The Mercy Seat’ (solo op piano, ook al stonden vier Bad Seeds paraat), ‘Higgs Boson Blues’ (indrukwekkend - beide avonden mochten vrouwen zijn hart aanraken:‘Can you feel the heartbeat? No? Me neither’).

En beide avonden waren er een paar zelden geoute songs, zoals ‘Breathless’ en ‘Stranger than Kindness’ (‘Eh…does anyone have the chords? The shame! Well, let’s wing it, shall we?’).

Wat daarbij nu meer dan ooit opviel, is hoe inventief en economisch de Bad Seeds zijn: die ene ‘ting’ op een tubular bell máákt ‘Red Right Hand’.

Nick was goedgemutst (dat is hij wel meer, en altijd al geweest, maar tegenwoordig ook in het openbaar – zijn spervuur van grapjes doofde voor eens en altijd de cliché’s van betweters die blijven volhouden wat een doemdenkerige, nijdige, gevaarlijke, cynicus hij is) en de sfeer was bijwijlen zo jolig dat we leken beland in sketches van ‘Little Britain’ of ‘The Fast Show’.

Zaterdag ergerde hij zich terecht aan de zoveelste smartphone en maakte hij een grapje over de selfie stick van een fan (het bleek diens wandelstok).

Zondag waren er verwijzingen naar Miley Cyrus, laconieke opdrachten (‘The Ship Song’ was ‘For you. Whoever you are’), nog laconiekere bindteksten (‘Deze song (‘Black Hair’) gaat over een poging om iemand terug te brengen door één woord vaak te herhalen.) ‘Lukte het?,wilde iemand uit het publiek weten. ‘No’.) - het kon niet op.

Tot twee vrouwen op de eerste rij wier lichaamstaal tweeënenhalf uur lang ‘Neem mij!’ uitstraalde, monkelde Nick ‘There’s room enough for both of you’.

Op de tal van ‘I love you’s!’ die uit de zaal weerklonken, had hij altijd wel een gevat antwoord (variërend van ‘Fuck you!’ tot ‘I love you too, man, you’re growing on me’). Hij droeg ‘Love Letter’ zelfs op aan iemand (een man!) die tot drie keer toe ‘I love you, Nick!’ brulde.

’t Is frapperend hoe Nick – van nature een wat onhandige slungel met een grillige lichaamstaal – op het podium moeiteloos cool lijkt, zelfs al speelt hij slordig op een kinderlijke xylofoon (‘A dangerous instrument,’ grapte hij zaterdag). En het was bepaald indrukwekkend hoe al die hilariteit nooit het drama en de intensiteit van het concert aanvrat. Ook dat was grotendeels te danken aan de concentratie en toewijding van de Bad Seeds, die geen krimp gaven, zelfs niet toen een paar vrouwen ‘I love you!!!’ begonnen te kelen naar de geniale hobbit Warren Ellis (Nick, kurkdroog: ‘Now you know what it’s like, Warren’).

Tijdens een uitgesponnen (maar geen seconde te lang) ‘Tupelo’ klom Nick langzaam, als een oprukkend virus, tot op de achtste rij van de parterre, wat bij meer dan een vrouw verrukte opvliegertjes opwekte (‘Hij komt, hij komt!!!’ hoorde ik iemand op de rij voor me gillen).

Als een tilt geslagen, schuimbekkende Bible Belt-predikant wenkte en berispte hij z’n volgelingen. Vooral zondag speelde Nick vaak rattenvanger van Hamelen, een éénmansvulkaan die nu eens links, dan weer rechts de tribune op klauterde om daar middels handoplegging nog meer volk te ronselen voor zijn kleine fijne sekte. Ook op het eind, tijdens een wondermooi ‘Push the Sky Away’, maakte hij van de tribune een preekstoel en leek hij te testen hoe ver hij het kon drijven, in een even hypnotisch als silly ballet met een mannelijke fan op de zesde rij. Tussendoor mochten – wie had dat ooit gedacht – twintig (20!) man op het podium om daar duivelsdansjes naar keuze te vertolken.

Nick maakte er ook geen geheim van dat hij z’n songteksten vaak aflas – onthou maar ‘ns vijfhonderd songs - de fiches en partituren zwierde hij na afloop telkens laconiek weg, met een air van ‘Zo da’s ook weer rimpelloos gelukt’.

Zondag waren de bissen een tikkeltje een anticlimax, omdat het concert al zo geweldig was en omdat hij niet speelde wat veel mensen wilde horen (Nick, reagerend op een uit de zaal gebruld verzoek: ‘Well, we could play that, but it’s very slow, very long, and very depressing’). Maar da’s muggenziften.

Want vijf elegante, charismatische en waardige heren in kostuum en van middelbare leeftijd bewezen in het Koninklijk Circus twee keer tweeënhalf uur lang dat rock-’n-roll meer kan zijn dan poseren in zwart leer, stunts of vetes forceren die op de sociale media aandacht moeten genereren, te veel drinken en drugs consumeren, en platgewalste cliché’s ophoesten.

‘People Ain’t No Good’, naar het schijnt. Deze vijf alleszins wel. ’t Was een masterclass voor jongere muzikanten, door een man die een genre op zich is. Zelfs al hadden tickets (Nick Cave mét groep in een kleine zaal, da’s uniek en sympathiek, want Vorst zou ook uitverkocht zijn geweest, en dan had hij meer verdiend) 500 euro gekost, dan nog had je waar voor je geld gekregen.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234