Op bezoek bij Alia Ghanem, de moeder van Osama bin Laden: 'We waren in alle staten: waarom wilde hij weggooien wat hij al had bereikt in het leven?'

Zeventien jaar na de aanslagen van 11 september 2001 wil Alia Ghanem nog altijd geen kwaad woord horen over haar zoon en stichter van Al Qaeda Osama bin Laden: ‘Hij was een gehoorzame jongen, tot anderen hem begonnen te brainwashen.’ Een onthutsende ontmoeting.

'Ik was in shock toen ik hoorde wat er in New York was gebeurd. We wisten meteen dat hij er de hand in had gehad, en we waren diep beschaamd'

In een hoek van de kamer zit een vrouw van een eind in de 80 afwachtend op een sofa. Ze draagt een kleurige jurk met gedetailleerde motiefjes. Haar rode hoofddoek wordt weerspiegeld in een vitrinekast, waarin een kader met de foto van haar zoon tussen familiejuwelen en sieraden is geplaatst. De hele kamer hangt vol foto’s van de glimlachende, bebaarde man in militair pak. Alia Ghanem is de moeder van Osama bin Laden. Naast haar zitten twee van haar zonen, Ahmad en Hassan, en Mohammed al-Attas, haar tweede echtgenoot, die haar drie zonen mee heeft grootgebracht. De mannen zijn gekleed in smetteloze witte gewaden. Iedereen in de familie heeft zijn eigen verhaal over de man die in één adem wordt vernoemd met de opkomst van het wereldwijde terrorisme. Maar vandaag draait alles om háár versie over het leven van haar oudste zoon, die op één of andere manier de weg is kwijtgeraakt.

Alia Ghanem «Ik heb een heel moeilijk leven gehad omdat hij zo ver van mij verwijderd was. Mohammed heeft Osama opgevoed vanaf zijn derde levensjaar. Hij is een goede man, en hij was goed voor Osama.»

De familie is bijeengekomen in de villa in Jeddah, de stad in Saudi-Arabië waar de Bin Ladens al generaties lang wonen. De straat is een aaneenschakeling van imposante optrekjes: dit is de betere wijk van Jeddah. De Bin Ladens zijn de bekendste inwoners, en één van de rijkste families van het land. Hun bouwimperium heeft mee het moderne Saudi-Arabië vormgegeven, en de clanleden bekleden sleutelposities in het establishment. De thuisbasis weerspiegelt hun fortuin: een brede trap in het midden leidt naar de talrijke zalen en kamers.

Jarenlang heeft Alia Ghanem geweigerd over Osama te praten, net als de rest van de familie. Maar de machtsverhoudingen op het Arabische schiereiland beginnen te verschuiven, op aansturen van de ambitieuze kroonprins Mohammed bin Salman (32). Hij heeft ons toegestaan om de familie te spreken – hun doen en laten wordt nauwlettend in de gaten gehouden door de overheid. Osama’s erfenis is een smet op het blazoen van het koninkrijk en van de Bin Ladens, maar als de familie haar verhaal kan vertellen, kan ze aantonen dat de verantwoordelijke voor de aanslagen van 11 september 2001 een oucast was, lijkt de redenering.

Critici van het regime hebben altijd volgehouden dat Osama bin Laden steun heeft gekregen van de Saudi-Arabische regering, en families van de slachtoffers van 9/11 hebben geprobeerd juridische stappen tegen het koninkrijk te ondernemen. Vijftien van de negentien kapers waren Saudi’s.

Aanvankelijk was de familie Bin Laden erg op haar hoede: ze wist niet of een gesprek oude wonden zou openrijten, dan wel helend zou werken. Na meerdere dagen discussiëren bleken ze bereid om te praten. We mochten hen ontmoeten op een hete dag in juni, in het bijzijn van een vertegenwoordiger van de regering, maar die zou op geen enkel moment het gesprek proberen te beïnvloeden.

Alia Ghanem zit tussen Osama’s twee halfbroers, en haalt herinneringen op aan haar oudste zoon.

'Osama studeerde economie aan de Koning Abdulaziz-­universiteit in Jeddah, maar daar radicaliseerde hij ook. Hij werd op slag een andere man.'

Ghanem «Osama was een verlegen jongen die het erg goed deed op school. Als twintiger werd hij erg vroom. Hij studeerde economie aan de Koning Abdulaziz-universiteit in Jeddah, maar daar radicaliseerde hij ook. Hij werd op slag een andere man.»

Aan de universiteit ontmoette Osama bin Laden Abdullah Azzam, een lid van de Moslimbroederschap die later uit Saudi-Arabië is verbannen en die zijn geestelijke adviseur werd.

Ghanem «Osama was een erg lieve en gehoorzame jongen, tot sommigen hem begonnen te brainwashen. Ik zei hem keer op keer dat hij uit hun buurt moest blijven, maar hij wilde me nooit zeggen waar hij mee bezig was, omdat hij zoveel van me hield.»

In de vroege jaren 80 reisde Osama bin Laden naar Afghanistan, waar hij samen met de taliban tegen de Russische bezetter vocht.

Hassan al-Attas «Iedereen die hem ontmoette, had respect voor hem. We waren erg trots op hem, en zelfs de regering behandelde hem met alle egards. En toen werd hij een islamitische strijder.»

Er valt een lange, ongemakkelijke stilte. Hassan zoekt woorden om uit te leggen hoe een vrome moslim in een bloeddorstige jihadi kon veranderen.

Al-Attas «Ik was trots op mijn oudste broer, omdat ik veel van hem heb geleerd. Maar op wat hij daarna heeft gedaan, kan ik moeilijk trots zijn. Hij werd een superster op wereldschaal, maar het was allemaal voor niets.»

Alia Ghanem luistert aandachtig, en raakt opgewonden wanneer het gesprek opnieuw richting schooltijd gaat.

Ghanem «Osama was erg flink en vlijtig. Hij hield van studeren. Maar hij gaf al zijn geld uit in Afghanistan – hij ging er zakendoen, zei hij. Het kwam geen moment in mij op dat hij ginder zou gaan vechten. Toen we erachter kwamen dat hij een jihadi was geworden, waren we in alle staten. Waarom wilde hij weggooien wat hij al had bereikt in het leven?»

De familie zegt dat ze Osama het laatst heeft gezien in Afghanistan in 1999, toen ze hem twee keer hebben opgezocht in zijn kamp in de buurt van Kandahar.

Ghanem «Hij was erg blij om ons te zien en leidde ons overal rond. Hij liet een dier slachten en we richtten een feestmaal aan, waarop hij iedereen had uitgenodigd.»

Voor ze met Osama’s vader trouwde, was Alia Ghanem opgegroeid in de Syrische kuststad Latakia.

Ghanem «De Syrische keuken is veel beter dan de Saudische, net als het weer aan de Middellandse Zee. De zomer is er niet zo verstikkend warm als hier in Jeddah.»

Ghanem verhuisde naar Saudi-Arabië in de jaren 50, en Osama werd in 1957 geboren in Riyad. Drie jaar later scheidde ze van zijn vader en hertrouwde ze met Mohammed al-Attas, die werkte voor het nog jonge imperium van de Bin Ladens. Osama’s vader zou in totaal 54 kinderen verwekken bij minstens elf vrouwen.

Wanneer Alia Ghanem even de kamer verlaat, zetten de halfbroers het gesprek voort.

'Ahmad al-Attas, de halfbroer van Osama bin Laden: 'Onze moeder weigert Osama's rol in de aanslagen van 9/11 te erkennen. Ze wil hem niets verwijten.''

Ahmad al-Attas «De aanslagen dateren van zeventien jaar geleden, maar ze weigert Osama’s rol daarin te erkennen. Ze hield zoveel van hem en wil hem niets verwijten. Het is allemaal de schuld van zijn omgeving. Ze wil alleen zijn goede kant herinneren, ze heeft hem nooit echt als jihadi gekend.

»Ik was in shock toen ik hoorde wat er in New York was gebeurd. We wisten meteen dat hij er de hand in had gehad, en we waren diep beschaamd. We voelden dat we de verschrikkelijke gevolgen zouden moeten dragen. Onze familieleden in Syrië, Libanon, Egypte en Europa kwamen allemaal terug naar Saudi-Arabië. We werden allemaal ondervraagd door de autoriteiten en mochten het land niet verlaten.»


De erfenis van Osama

Osama bin Laden ging naar school in Jeddah in de jaren 70. De Iraanse Revolutie had nog niet plaatsgevonden, die tot doel had de sjiitische variant van de islam te exporteren naar de overwegend soennitische Arabische wereld. Maar na de regimewissel in Teheran in 1979 legden de Saudische heersers hun bevolking een strenge interpretatie van de soennitische islam op, in een pact met conservatieve geestelijken. Die variant wordt op het Arabische schiereiland al beleden sinds de 18de eeuw, het tijdperk van de geestelijke Mohammed ibn Abdul Wahhab. In 1744 sloot Wahhab een pact met de lokale heerser, Mohammed bin Saud: zijn familie zou zich met de staatszaken bezighouden, terwijl de geestelijken zouden waken over het nationale karakter van het land.

Het koninkrijk Saudi-Arabië zoals we dat vandaag kennen, werd gesticht in 1932. De geestelijke en de wereldlijke macht houden elkaar in evenwicht, en het resultaat is een ultraconservatieve samenleving waarin mannen en vrouwen gescheiden leven en niet dezelfde rechten hebben, en waar andere religies niet geduld worden.

Volgens velen heeft die alliantie rechtstreeks tot de opkomst van het wereldwijde terrorisme geleid. De visie van Al Qaeda en IS op de wereld is zwaar beïnvloed door de Saudi-Arabische versie van de islam. De Saudische geestelijken worden ervan beschuldigd het jihadisme, de heilige oorlog, in de jaren 90 aangemoedigd te hebben, met Osama bin Laden als sleutelfiguur.

Er waait een voorzichtige nieuwe wind door Saudi-Arabië. Kroonprins Mohammed bin Salman is voorstander van een meer gematigde vorm van de islam, die voor hem essentieel is om het voortbestaan van het koninkrijk te garanderen. Veel jonge Arabieren zijn misnoegd: ze hebben amper individuele vrijheden, een sociaal leven of toegang tot entertainment. De nieuwe machthebbers vrezen dat zo’n rigide samenleving de extremisten in de kaart speelt, die de frustraties alleen maar hoeven aan te wakkeren.

Langzaam sijpelen hervormingen door in de Saudische maatschappij: sinds juni mogen vrouwen auto’s besturen, het logge overheidsapparaat wordt afgeslankt, er zijn cinema’s geopend en de wijdverbreide corruptie in de privésector en de overheidsinstellingen wordt harder aangepakt. De regering zegt dat ze ook de geldkraan heeft dichtgedraaid voor religieuze instellingen in het buitenland, die vier decennia lang zwaar zijn gesubsidieerd. Maar politieke vrijheden zijn onbespreekbaar: elke vorm van oppositie wordt in de kiem gesmoord. De erfenis van Osama bin Laden blijft één van de neteligste kwesties in het koninkrijk. Dat beseft ook prins Turki al-Faisal, die 24 jaar lang de Saudische inlichtingendienst heeft geleid, van 1977 tot 1 september 2001.

Turki al-Faisal «Er zijn twee Osama bin Ladens: die van vóór het einde van de Russische bezetting van Afghanistan, en die van erna. In een eerste fase was hij een idealist, geen krijger. Hij heeft zelf eens toegegeven dat hij is flauwgevallen tijdens een Russische aanval op zijn groep. Toen hij weer bij bewustzijn kwam, was de aanval afgeslagen.»

Osama bin Laden is naar Afghanistan gereisd met medeweten van de Saudische overheid, die gekant was tegen de Russische bezetting. Samen met de Verenigde Staten leverden de Saudi’s wapens aan de opstandelingen. Osama had een deel van het familiefortuin meegenomen, waarmee hij in Afghanistan invloed verwierf.

Al-Faisal «Toen hij terugkeerde naar Jeddah, was hij een andere man geworden: de Russische nederlaag had hem krijgslustig gemaakt. Vanaf 1990 begon hij zich meer met politiek in te laten. Hij wilde bijvoorbeeld de communisten en marxisten uit Jemen verdrijven. Ik heb hem toen uitgelegd dat hij zich daar beter niet in zou mengen. Maar de moskeeën in Jeddah gebruikten Afghanistan als lichtend voorbeeld. Hij stookte zijn Saudische volgelingen op, en toen heb ik hem gezegd dat hij daarmee moest stoppen.

»Osama bin Laden had een pokerface. Hij glimlachte nooit. In 1992 was er een grote bijeenkomst in Peshawar, in Pakistan, op initiatief van de regering van premier Nawaz Sharif. Bin Laden had ondertussen onderdak gekregen van de Afghaanse stamhoofden. Er werd toen opgeroepen tot solidariteit onder de moslims. De leiders van de moslimlanden moesten stoppen met elkaar naar het leven te staan. Ik heb Osama daar gezien. Onze blikken hebben elkaar gekruist, maar we hebben niet gepraat. Daarna is hij naar Soedan gegaan, waar hij een honingbedrijf heeft opgestart en de aanleg van wegen heeft gefinancierd.

»Zijn familie heeft geprobeerd hem terug te halen, maar zonder resultaat. Ondertussen stuurde hij verklaringen naar regeringen en politici.»

In 1996 zat Bin Laden opnieuw in Afghanistan. Bij de Saudische overheid groeide het bewustzijn dat ze een ernstig probleem hadden, en Turki al-Faisal werd eropuit gestuurd om hem te doen terugkeren.

Al-Faisal «Ik vloog naar Kandahar voor een ontmoeting met Mullah Omar, die toen de taliban leidde. Die leek Bin Laden wel te willen uitleveren, maar hij zei dat zijn beschermeling erg nuttig was voor het Afghaanse volk. Twee jaar later, in september 1998, ben ik nog eens teruggegaan, maar tegen dan was Omar erg veranderd. Hij was veel meer op zijn hoede, en hij zat de hele tijd te zweten. Hij voer tegen me uit: ‘Hoe kun je zo’n eerbiedwaardige man, die zijn leven ten dienste van de moslims heeft gesteld, achtervolgen?’ Ik heb hem toen gewaarschuwd dat hij het Afghaanse volk geen dienst bewees.»

De familie Bin Laden reisde het volgende jaar naar Kandahar. De Amerikanen hadden net één van zijn kampen met raketten bestookt als vergelding voor de aanslagen op de Amerikaanse ambassades in Tanzania en Kenia. De Saudische overheid en de westerse spionagediensten konden Osama bin Laden niet traceren, maar de familie slaagde daar wel zonder veel moeite in.

Hij was op dat moment de meest gezochte terrorist ter wereld. De regeringen in Riyad, Londen en Washington D.C. waren het erover eens dat Bin Laden Saudische burgers wilde gebruiken om het Oosten en het Westen uit elkaar te drijven. ‘Het lijdt geen twijfel dat hij doelbewust Saudi’s heeft geselecteerd voor de aanslagen van 11 september,’ zegt een agent van de Britse veiligheidsdienst. Hij was ervan overtuigd dat hij het Westen de wapens kon doen opnemen tegen Saudi-Arabië. Hij heeft inderdaad een oorlog ontketend, maar niet de oorlog die hij had verwacht.’

Al-Faisal «In de maanden vóór 9/11 kwam onze inlichtingendienst te weten dat er iets op til was, alleen wisten we niet waar het zou gebeuren.»


Zinnen op wraak

Osama bin Laden is nog altijd populair in sommige delen van het koninkrijk, omdat hij de wil van Allah zou hebben uitgevoerd. Hoe groot de steun voor zijn gedachtegoed is, valt moeilijk te meten. Zijn directe familie is inmiddels wel weer in Saudi-Arabië gaan wonen. Minstens twee van zijn echtgenotes, van wie er één bij hem in het Pakistaanse Abbottabad verbleef toen hij er door speciale strijdkrachten van het Amerikaanse leger werd gedood, leven met hun kinderen in Jeddah.

Ahmad Al-attas «We hadden een heel goede band met de vorige kroonprins, Mohammed bin Nayef. Hij liet Osama’s vrouwen en kinderen terugkeren. Ze mogen vrij bewegen in de stad, maar ze mogen het koninkrijk onder geen beding verlaten.»

Ghanem «Ze wonen in de buurt, ik maak geregeld een praatje met hen.»

Gevraagd naar Hamza bin Laden (29), de jongste zoon van Osama, schudt Hassan al-Attas het hoofd. Aangenomen wordt dat hij in Afghanistan zit, waar hij zijn vader heeft opgevolgd met de hulp van Ayman al-Zawahiri, de nieuwe leider van Al Qaeda en de vroegere rechterhand van Osama bin Laden. Inmiddels is hij ook getrouwd met de dochter van Mohammed Atta, één van de vliegtuigkapers van 9/11.

'We dachten dat de familie het had verwerkt. En plots zei Hamza: 'Ik ga mijn vader wreken''

Hassan al-Attas «We dachten dat de hele familie het had verwerkt. En plots zei Hamza: ‘Ik ga mijn vader wreken.’ Ik wil het niet nog eens moeten meemaken. Als hij hier nu voor mij stond, zou ik hem zeggen: ‘Denk twee keer na, treed niet in de voetsporen van je vader. Je zult de duistere kamers van je ziel ontdekken.’»

Hamza bin Ladens steile opgang doorkruist de pogingen van de familie om het verleden van zich af te schudden én de inspanningen van de kroonprins om een nieuw tijdperk vorm te geven, waarin Osama bin Laden kan worden afgedaan als een dwaling van het verleden. Een tijd waarin conservatieve geestelijken niet langer extremistische ideeën goedpraten. Er zijn al eerder pogingen geweest om Saudi-Arabië een meer gematigde richting uit te sturen, maar nooit zo grondig als de huidige hervormingen. De vraag blijft hoe kroonprins Mohammed bin Salman kan ingaan tegen een samenleving die zo is doordrongen van een compromisloze visie op de wereld. De bondgenoten van Saudi-Arabië zijn optimistisch, maar ze blijven op hun hoede. Of zoals de Britse inlichtingenofficier het verwoordt: ‘Als Bin Salman niet slaagt, zullen er nog veel meer Osama’s opstaan.’

© The Guardian / Vertaling en bewerking: Lieven Germonprez

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234