Opperbuffalo Hein Vanhaezebrouck: 'Ik geef niks uit handen, ik wil álles bewaken'

AA Gent is landskampioen. AA Gent heeft de Supercup gewonnen. En toch begint AA Gent gewoon van nul, ramt Hein Vanhaezebrouck er bij zijn spelers in. Aan de successen mogen ze enkel nog denken als het eens slecht gaat.

'Guardiola heeft bij Barcelona geleerd dat voeding het belangrijkste is voor het herstel. Wij hebben zelfs een nieuwe bus besteld waarin we de spelers na de wedstrijd een koude én een warme maaltijd kunnen voorschotelen'

Op de toog van de kantine van het oefencentrum van AA Gent staan drie kilogram spelt- en volkorenpasta en tien vlootjes sojaboter. Op een tafel verderop wel twintig paar leren schoenen, uitgestald door twee dames van sponsor Brantano. De voeding hoort bij het nieuwe dieet van de landskampioen, het schoeisel bij het nieuwe kostuum, en ze staan er omdat Hein Vanhaezebrouck dat wil. De schoenen laat hij kiezen door twee van zijn spelers, het eten door de diëtiste die hij pas heeft laten aanwerven.



Hein Vanhaezebrouck «De voorzitter beslist al welk kostuum het wordt, de spelers mogen ook inspraak hebben. Dus vroeg ik Mili (Danijel Milicevic, red.) – de modegoeroe van onze bende – of hij dat wilde doen samen met een Vlaamse speler, en hij heeft Sven Kums gekozen. De rest van de Vlamingen had er volgens hem geen verstand van (lacht).»



HUMO Zouden we schrikken van de tijd die je stopt in dingen die op het eerste gezicht niks met je job als voetbaltrainer te maken hebben?



Vanhaezebrouck «Ik denk dat ik er zelf van zou schrikken, want ik heb er nog nooit bij stilgestaan. Er is inderdaad altijd wel iets. Vandaag ben ik ook al met de dienstregeling van het onderhoudspersoneel van de oefenvelden bezig geweest. Er zouden er twee tegelijk met vakantie gaan, twee weken lang, en alles zou door één man gedaan moeten worden, een kerel van 70. Dat gaat niet, dus probeer ik dat te veranderen. Natuurlijk hebben die mensen recht op vakantie, maar wij moeten wel fatsoenlijk kunnen trainen.»

HUMO Zelf heb je negen dagen vakantie genomen. Op de vijfde dag was je naar het schijnt alweer aan het werk.



Vanhaezebrouck «De eerste dagen zat ik in Rome en toen hebben we veel bezocht, maar dan zijn we naar een huisje met zwembad in het binnenland getrokken – ik hou niet van de drukte op stranden en ook niet van hotels, ik ben liever op mezelf. En daar begon het inderdaad weer te kriebelen. Mijn vrouw draait er op vakantie het ene boek na het andere door, maar ik kan dat niet. Ik lees een beetje, ik zwem een beetje, maar dan grijp ik toch naar mijn computer en begin ik weekprogramma’s en trainingsschema’s op te stellen.»

HUMO Wat heb je gelezen?

Vanhaezebrouck «‘Pep Confidential’, een boek over Pep Guardiola (trainer van Bayern München, red.) dat ik van een vriend voor mijn verjaardag cadeau had gekregen. Ik zou het nooit gekocht hebben, ik lees dat soort boeken nooit, maar hij zei me dat er echt interessante dingen in stonden. Het gaat onder andere over de ‘31 minuten-regel’. De mannen rond Guardiola beweren dat hij nooit langer dan 31 minuten níét aan voetbal denkt.

»Ik vertelde het aan mijn vrouw en ze zei: ‘Dat is bij u niet anders.’ We gaan eten op restaurant, bij het aperitief en het voorgerecht zitten we gezellig te kletsen, tijdens het hoofdgerecht doet zij een lang verhaal en als ze daarmee klaar is, komt er van mij geen reactie. ‘Waaraan zijt ge nu weer aan het denken?’ ‘Nikske,’ probeer ik dan. ‘Zeg dan eens wat ik verteld heb?’ Meestal heb ik wel met een half oor meegeluisterd en kan ik íéts zeggen – waardoor ik denk dat ik mijn vel red – maar ze heeft gelijk: mijn gedachten dwalen héél vaak naar het voetbal af. Voor mijn vrouw is dat niet leuk, besef ik.»

HUMO Heb je als trainer iets opgestoken uit het boek over Guardiola?

Vanhaezebrouck «Ja. Het gaat vooral over zijn eerste jaar bij Bayern. Net zoals bij Barcelona (Guardiola’s vorige club, red.) volgen de wedstrijden elkaar heel snel op. Recupereren is met andere woorden héél belangrijk, maar bij Bayern pakken ze dat anders aan. Ze hechten veel belang aan de hotels, aan het uur waarop de spelers gaan slapen en opstaan, aan het soort training dat je in zo’n drukke periode geeft, maar veel minder aan voeding. Terwijl Guardiola bij Barcelona had geleerd dat voeding hét belangrijkste is voor het herstel. Alleen al door optimaal te eten en te drinken kun je in twee, drie dagen weer aan 80 procent van je mogelijkheden zitten. In vier dagen zelfs aan 100 procent.

»Na mijn vakantie heb ik meteen de clubdokter gebeld en er met hem over gepraat, want ik neem dat niet zomaar voor waar aan. Ik wil dat checken. Hij zei dat het klopte en dat hij wel een paar diëtisten kende die ons konden helpen. Eén van hen werkte al met Rami Gershon, die vorig seizoen met spijsverteringsproblemen kampte. Zij heeft die toen op een maand opgelost. Natuurlijk kost zo’n diëtiste voor de hele ploeg geld. Maar Michel Louwagie (manager van AA Gent, red.) had er meteen oren naar. Toen we vorig seizoen een psychologe wilden aannemen, was hij ook onmiddellijk mee. We hebben nu zelfs een nieuwe bus besteld, één waarin we de spelers meteen na een wedstrijd een koude én een warme maaltijd kunnen voorschotelen: opnieuw die voeding.»

'Laat renners tien minuten met ons meetrainen en ze zijn piepedood, daar ben ik zeker van'

HUMO Is het makkelijk om je spelers warm te maken voor de diëtist? Speltpasta, sojaboter… Niet iedereen staat ervoor te springen.

Vanhaezebrouck «Toch wel. De spelers zijn heel enthousiast. Die sojaproducten zijn in de koers trouwens al heel goed ingeburgerd, heb ik gehoord.»

HUMO Renners staan in meer dan één opzicht een stapje hoger dan voetballers, liet Sven Nys onlangs verstaan in ‘Vive le vélo’. Voetballers zijn jankers, daar kwam het op neer.

Vanhaezebrouck «Ridicuul, gewoon. ‘Zelfs met een gebroken rib rijden ze door!’ Maar wat zeggen die gasten na zo’n rit? ‘Ik heb een goed plaatsje gezocht op mijn zadel en op mijn tanden gebeten.’ Je mag eens een goed plaatsje proberen te zoeken op een voetbalveld! Lopen, springen, duwen, trekken… Je kan die twee sporten gewoon niet vergelijken. Laat renners tien minuten met ons meetrainen en ze zijn piepedood, daar ben ik zeker van. Die zijn die opeenvolging van korte, explosieve inspanningen niet gewoon.»

HUMO En als je voetballers zou laten fietsen?

Vanhaezebrouck (fijntjes) «Francky Vandendriessche, onze keeperstrainer, fietst met serieuze mannen mee en als hij in de buik van het pelotonnetje blijft, kan hij toch een uur of vier met 40 kilometer per uur mee, zegt hij. Ik heb veel respect voor coureurs, maar ze moeten niet doen alsof zij echte atleten zijn en voetballers niet. Vroeger ging dat nog een beetje op, maar nu totaal niet meer.»

HUMO Sven Nys – en met hem véél wielerliefhebbers – ergeren zich aan de komedie in het voetbal: spelers die kermen van de pijn en een seconde later niks meer voelen. Dat heet vals spelen. In de koers kennen ze daar toch ook iets van?

Vanhaezebrouck «En dan hebben we het nog niet eens over doping. Er worden nog altijd koersen verkocht, voortdurend. Dat heb ik uit goede bron. Maar ga ik daarom die renners als atleten afbreken? Nooit.»

HUMO Voetballers zijn echte atleten, zeg je. Die van AA Gent waren het volgens jou nog niet genoeg, want in de voorbereiding heb je dit seizoen veel op kracht gewerkt.

Vanhaezebrouck «Omdat we vorig seizoen nog veel te veel duels hebben verloren. En in Europese wedstrijden wordt het fysieke aspect nog belangrijker. Dat hebben we goed genoeg gezien in onze eerste helft tegen Bordeaux, toen lieten we ons gewoon doen. Nu: ook daar heb ik een les uit getrokken. Als we volgend seizoen opnieuw Europees spelen, wil ik tijdens de voorbereiding meer wedstrijden tegen buitenlandse ploegen van dat kaliber.»

HUMO Het idee dat Vanhaezebrouck denkt dat hij alles weet, klopt dus niet. Ook jij leert nog bij.

Vanhaezebrouck «Maar natuurlijk. Neem de psychologe die nu voor ons werkt: toen ik hier kwam, dácht ik er nog niet aan om met zo iemand te werken. Maar de voorzitter (Ivan De Witte, red.) begon er bijna elke week over. ‘Het mentale aspect wordt in het voetbal nog te veel over het hoofd gezien.’ En in mijn kleedkamer zaten er een paar jongens die echt niet met stress om konden, die daar zelfs ziek van werden, dus heb ik het eens geprobeerd. Ik denk niet dat ik ooit nog zonder psycholoog zal werken.»

HUMO Hoe ouder je wordt, hoe meer je uit handen leert geven.

Vanhaezebrouck «Ik geef niks uit handen. Ik laat me graag bijstaan door mensen die professioneel opgeleid zijn in een vak waar ik niet zo héél veel van ken, maar ik bewaak het nog altijd allemaal. Een voorbeeld: de psychologe wou tijdens de voorbereidingsstage spelers van eenzelfde psychologisch profiel in één kamer stoppen, om te zien hoe ze zich uit de slag zouden trekken zonder de impulsen van bijvoorbeeld een creatief type. Op zich interessant, maar ik zag het in die omstandigheden toch niet zitten.

»Tijdens die teambuilding doe ik niks anders dan spelers uit hun comfortzone trekken: ik laat ze dingen doen die ze niet durven, dingen die enorm lastig zijn, dingen waarvan ze niet eens weten of ze het kunnen, dingen waarvan ze misschien denken dat ze belachelijk zijn. Als ze dan ’s avonds op hun kamer komen, wil ik dat ze wél comfort hebben. Dan moeten ze tot rust komen, dus heb ik liever dat ze zelf kiezen met wie ze in één kamer slapen. Maar ik heb dat niet alleen beslist, ik heb er eerst met Ivan De Witte over gesproken, omdat hij ook een psycholoog is. Had hij het ook een goed idee gevonden, dan had ik het misschien wél gedaan. Maar hij volgde mij.»


Bootje varen

HUMO Waarom is AA Gent kampioen geworden?

Vanhaezebrouck «Omdat wij de beste ploeg hadden. In het begin misschien nog niet, maar dat zijn we wel geworden. En ook heel belangrijk: we wisten dat we de beste ploeg hadden toen we aan Play-off 1 begonnen. We hadden gewonnen van Club Brugge, we hadden gewonnen van Anderlecht, wij moesten voor niemand nog bang zijn. Misschien hadden hun ervaring of individuele talenten nog het verschil kunnen maken, maar wij wisten: als ploeg is niemand beter dan wij.»

HUMO Halverwege vorig seizoen zei je in Humo: ‘Wij schieten tekort om Anderlecht en Club Brugge dit seizoen al het vuur aan de schenen te leggen.’ Hebben die twee ploegen dan beneden hun niveau gespeeld?

Vanhaezebrouck «Dat weet ik niet. Maar wij hebben onszelf versterkt. Sven Kums keerde terug uit blessure en Moses Simon kwam erbij. Als Simon niet zelf scoorde of assists gaf, dan nog trok hij bijna voortdurend twee verdedigers naar zich toe, waardoor anderen meer ruimte kregen. En het belang van Kums voor de ploeg is enorm. Iedereen was vorig seizoen maar bezig over Tielemans, Defour en Vormer; maar bij Gent loopt er één rond die minstens even straf is.

»Maar goed: Kums zegt niet veel, hij draagt met opzet een blauwe kapiteinsband omdat die dan niet in het oog springt, hij doet op het veld zelden of nooit iets spectaculairs, maar hij is wel de man die de ploeg doet draaien en het ritme van de macht bepaalt. Onopvallend, misschien, maar zéér efficiënt.»

'Een jaar of tien geleden dacht ik al: 'Mocht Gent ooit kampioen worden, zouden ze dat net zoals Ajax op het water kunnen vieren.' Geen haar op mijn hoofd dat er toen aan dacht dat ik zelf ooit in zo'n bootje zou kunnen zitten.'

HUMO Michel Preud’homme offerde in de laatste wedstrijd tegen jullie Timmy Simons op om op Moses Simon te verdedigen, waardoor uitgerekend Sven Kums alle ruimte kreeg op het middenveld. Niemand begreep dat Preud’homme aan die keuze vasthield. Jij wel?

Vanhaezebrouck «Trainers verrassen soms, dit was een aangename verrassing. Ik ga daar verder niks over zeggen.»

HUMO Tijdens de kampioenenviering op het Emile Braunplein in Gent, meteen na jullie boottocht op de Gentse binnenwateren, had je wel nog zin om Preud’homme te jennen. ‘Sorry, Michel Preud’homme,’ zei je, ‘maar wíj hebben de beste staf.’

Vanhaezebrouck «Dat was een reactie op wat hij had gezegd nadat hij tot Proftrainer van het Jaar was verkozen. ‘Eigenlijk is deze trofee voor de beste staf van België.’ Als hij dat mag zeggen, dan ik ook. Wij waren wel kampioen, hè?»

HUMO Je was toen ook behoorlijk dronken, je raakte amper uit je woorden.

Vanhaezebrouck «Ziedewel! Ik heb het onlangs nog tegen mijn assistenten gezegd: ‘Wedden dat er toen mensen waren die dachten dat ik poepeloerezat was?’ Het lag aan die microfoon. Of die boxen. Ik hoorde mezelf alleszins voortdurend terug, dus ging ik alsmaar trager spreken. Woord voor woord bijna. Maar zat? Van een paar glazen champagne, zeker?»

HUMO Het had ook door die fabelachtige boottocht kunnen komen. Dat moet één lange roes zijn geweest. Zeker als die toch je eigen idee was.

Vanhaezebrouck «Een jaar of tien geleden liep ik in Gent eens over de Graslei en toen schoten die beelden van Ajax door mijn kop, vierend op de grachten. ‘Mocht Gent ooit kampioen worden, zouden ze dat hier ook kunnen doen.’ Geen haar op mijn hoofd dat er toen aan dacht dat ik zelf ooit in zo’n bootje zou kunnen zitten. Wél toen ik hier tekende. Toen heb ik toch efkes gedacht: ‘Stel je voor.’

»Daarom was ik zo verschrikkelijk ontgoocheld toen ik hoorde dat de club de kampioenenviering in de Ghelamco Arena wilde doen, voor dezelfde twintigduizend supporters, terwijl bijna heel de stad goesting had in een feest. Ik heb hemel en aarde verzet om dat tegen te gaan, iedereen gebeld, van de brandweer over de politie tot de burgemeester. Het moest supersnel gaan, het was enorm veel werk, maar ze zagen het allemaal zitten. Eigenlijk waren ze op dat telefoontje aan het wachten: zij voelden ook hoe dat leefde in de stad. En het resultaat was de grootste kampioenenviering in de geschiedenis van het Belgisch voetbal: 125.000 mensen op de been.»

HUMO Een nieuwkomer als jij voelt beter aan wat er leeft in Gent dan het bestuur dat deze club al ruim twintig jaar runt. Toont dat aan hoe groot de afstand tussen de clubleiding en haar publiek en haar stad nog altijd is?

Vanhaezebrouck «Hoe het hier in het verleden was, weet ik niet, maar ik stel vast dat de link met stad en supporters almaar steviger is geworden.»

'Wat hebben wij eraan om tegen Messi of Ronaldo te spelen? Ik zal het u zeggen: dat we het later aan onze kleinkinderen kunnen vertellen, meer niet'

HUMO Wat betekende die boottocht voor jou?

Vanhaezebrouck «De mooiste ervaring uit mijn professionele carrière. De max, gewoon. Eén mens blij maken vind ik al heel plezant, maar 125.000? Dat doet me veel meer dan alle waardering en aandacht die ik voor die titel heb gekregen. Het was echt overweldigend. Aan de Graslei stonden ze tien rijen dik. Alles blauw en wit, iedereen happy en maar zingen en roepen en doen. Prachtig.»

HUMO Dáár doe je het voor?

Vanhaezebrouck «Als wij ons werk goed doen, maken we de mensen content. Eigenlijk is dát het ultieme doel.»

HUMO Voetbal is entertainment.

Vanhaezebrouck «Absoluut. En dat moet het ook blijven, anders zal het rap gedaan zijn. Als je de Ghelamco Arena vol wil krijgen, moet je zorgen dat er iets te beleven valt. Dat was in Kortrijk niet anders. Toen ik daar in tweede klasse begon, vroegen ze mij wat mijn doelen waren. Ik heb toen gezegd dat ik toch één keer het stadion vol wilde krijgen. Toen al wilde ik een volle zaal. Da’s entertainment, hè? (lacht)»

HUMO En nu mag je naar het Hollywood van de voetballerij: de Champions League.

Vanhaezebrouck «Ik hoop maar dat het voor ons geen Bollywood wordt (lacht).»

HUMO Ben je daar bang voor?

Vanhaezebrouck «Als we alleen de beste ploegen uit elke bokaal loten, gaan wij gewoon patatten krijgen.»

HUMO Voor jou liever geen Barcelona of Real Madrid.

Vanhaezebrouck «Ik weet zeker dat sommigen van mijn gasten nu al onder elkaar bezig zijn wie de trui van Messi of Ronaldo zal mogen vragen, in het geval dat... Maar mij interesseert die trui geen fluit. Wat hebben wij eraan om tegen Messi of Ronaldo te spelen? Ik zal het u zeggen: dat we het later aan onze kleinkinderen kunnen vertellen, meer niet. En weet je wat die kleine dan gaat vragen? ‘En, opa, hoeveel was het?’ ‘Euh, 7-0’ (lacht). Daar leer je ook niks van.

»Ik hoop op zoveel mogelijk matige tegenstanders: dat zal al moeilijk genoeg zijn, maar dan hebben we tenminste een kans om iets te doen. Dan kunnen we onze kleinkinderen later misschien vertellen dat we ooit in de Champions League twee of drie matchen hebben gewonnen. En dat kán. Anderlecht heeft vorig seizoen – en ook al in seizoenen daarvoor – getoond dat Belgische ploegen zich niet hoeven te schamen in de Champions League.»

HUMO Anderlecht speelde in de Champions League zoals AA Gent in de competitie: als een hecht blok. Maar het verschil maakten ze met het individuele talent van spelers als Youri Tielemans en Dennis Praet. Heeft Gent dat talent?

Vanhaezebrouck «De vijf duurste spelers van België spelen bij Anderlecht. De volgende vijf zitten bij Club Brugge. Die cijfers liegen niet, hè. Ik heb een aantal jongens die zich op termijn in dat lijstje kunnen wringen, maar wij moeten het inderdaad hebben van ons sterke collectief. Maar ik ben ervan overtuigd dat je ook daarmee iets kunt doen in de Champions League.»


Trofee in de kast

HUMO ‘We beginnen weer vanaf nul,’ was je slagzin tijdens de voorbereiding. De spelers hebben goed geluisterd, want jullie verloren of speelden gelijk tegen ploegen uit lagere klassen. En Laurent Depoitre, één van de revelaties van vorig seizoen, was de beste leerling.

Vanhaezebrouck (blaast) «In Wetteren, Geel en De Pinte zitten nu verdedigers op café te stoefen dat ze Depoitre negentig minuten lang in hun zak hebben gestoken. ‘Geen bal heeft hij geraakt,’ zullen ze tegen hun maten zeggen en het ergste van al: er is geen woord van gelogen. Ik ben zeker dat sommige van die trainers nu denken dat het met hun verdediging wel goed zit voor volgend seizoen. Ah ja, want ze hebben één van de beste spitsen uit eerste klasse – misschien wel dé beste – kunnen afstoppen. Het was soms echt erg om naar te kijken. En weet je wat hij zei toen ik hem daarop aansprak? ‘Qu’est-ce que je peux faire de plus, coach?’ (lacht) ‘Wablief?!’ zei ik. ‘Ge zult rap genoeg weten wat ge meer kunt doen!’ (lacht) Hij heeft geluk gehad dat Kalifa Coulibaly gekwetst was – die heeft goesting en wil véél leren – anders had hij nooit zoveel minuten gespeeld.

»Maar hij is aan het terugkomen, dat zie ik. Tegen Bordeaux en Club Brugge leek hij alweer een beetje op de oude Depoitre. Ze moeten die knop omdraaien, en dat is niet makkelijk, maar ik help ze daarbij (lachje). Danijel Milicevic en ik waren tegen het einde van de play-offs de beste maten. Knipoog alhier, knipoog aldaar, een vader-zoonrelatie haast. Hij speelde toen fantastisch, dus kreeg hij geregeld een schouderklop. Ik heb hem gezegd: ‘Dat is allemaal passé. Vanaf nu maak ik u weer af.’ Hij moest eens lachen. ‘Lach maar,’ zei ik, ‘maar als we weer goeie maatjes gaan spelen, dan wordt het niks. Ik zit weer op uw kap zoals bij het begin van vorig seizoen. Het wordt push-push-push.’»

'Ik heb geen lijstje met clubs waar ik ooit trainer zou willen zijn. Bob Peeters is anders, die wil trainer van Barcelona worden. Ik vind dat fantastisch'

HUMO Je hebt tegen je spelers letterlijk gezegd dat ze hun computer volledig moeten rebooten. Aan de titel mogen ze enkel nog terugdenken als het eens wat minder gaat.

Vanhaezebrouck «Omdat je daar op zo’n moment zelfvertrouwen uit kunt putten. ‘Stop die trofee ergens in een kast,’ heb ik bij wijze van spreken ook gezegd, ‘en trek die open als je er nood aan hebt. Maar zet hem niet op je schouw, want als je er elke dag opnieuw naar kijkt, dan zul je op je bek gaan.’ Als je nog een keer een prijs wil halen, of meedoen voor een prijs, moet je leren om snel de knop om te draaien. De groten kunnen dat, maar wij hebben daar geen ervaring mee. Ook ik niet.»

HUMO Wil je een grote worden?

Vanhaezebrouck «Ik ben ambitieus, maar ik maak geen plannen. Ik heb geen lijstje met clubs waar ik ooit trainer zou willen zijn. Bob Peeters is helemaal anders. Die zegt: ‘Ik wil trainer van Barcelona worden.’ Ik vind dat fantastisch. Natuurlijk weet Bob beter dan wie ook dat die kans héél klein is, maar hij durft zijn dromen uit te spreken. Hij heeft dat nodig, zo’n doel.»

HUMO Terwijl jij zwijgt, maar in je binnenste denkt: ‘Zet mij morgen bij Barcelona en ik zal het daar ook goed doen.’

Vanhaezebrouck «Pff, dat weet ik niet.»

HUMO Je bent je zelfvertrouwen toch niet kwijt?

Vanhaezebrouck «Je móét zelfvertrouwen hebben in dit vak. Een trainer die twijfelt, doet ook zijn spelers twijfelen.»

HUMO Geef je daarom nooit openlijk fouten toe?

Vanhaezebrouck «Als ik er één maak, wat niet zo vaak gebeurt, dan doe ik dat alleen voor de spelersgroep. En soms doe ik het zelfs alleen maar omdat ik weet dat ik me op die manier menselijk toon tegenover de spelers (lachje).»

HUMO Toen je Kortrijk trainde, wist je: ‘Geef me betere spelers en met deze manier van werken kan ik kampioen worden.’ Ben je niet benieuwd of het ook een niveau hogerop lukt?

Vanhaezebrouck «Natuurlijk. Daarom kijk ik ook zo uit naar die Champions League.»

HUMO Dat spelers de Champions League als een springplank zien, wordt heel vaak geschreven. Dat ook trainers dat doen, lees je haast nooit.

Vanhaezebrouck «Het is een kans om je te tonen, dat kun je niet ontkennen. Ik ben daar niet mee bezig, maar ik weet natuurlijk ook wel dat het poorten kan openen. Tenzij we zes keer dik verliezen, natuurlijk (lacht).»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234