null Beeld

Ostyn - No South of the South Pole

Elf jaar lang heeft Bert Ostyn de groep Absynthe Minded door vruchtbare velden geleid, nu staat de gids alleen met zijn gedachten en ambities. En met zijn muziek, die hij heden als Ostyn op de wereld lost.

Volgens Urban Dictionary, online slangwoordenboek én beëdigd leverancier van lulkoek, zou het woord ‘ostyn’ in twee of drie kinderdagverblijven in Amerika iets betekenen als ‘fantastisch’ en ‘geweldig’. ‘Bitchin’, ook. Voorwaar: een goed gesternte. En hoge verwachtingen, omdat het over Bert Ostyn van Absynthe Minded gaat, en omdat er in de achterkeukens van de muziekindustrie al lange tijd een zekere buzz rond dit debuut hangt. Je hoorde er tussen pint en ademtest in elk geval vaker door insiders over lallen dan over de nieuwe Milow, zullen we zeggen.

Nu is ‘No South of the South Pole’ er en ze zijn bij de firma vergeten er een sticker op te plakken die u aanmaant alles te vergeten wat u over Bert of zijn vorige groep weet. Goed idee, nochtans: maak het leeg in het hoofd (moeilijk kan dat voor u niet zijn) en hoor dat enkel zijn kurkdroge stem en af en toe een Minded-achtige bridge je vertrouwd voorkomen. Er staat bijvoorbeeld zonevreemde new wave op ‘No South’. Dikke, met vakmanschap op elkaar gestapelde lagen elektronica. Af en toe duikt – in de frasering van een strofe – ineens een zweem E van Eels op. En als het klopt dat Ostyn de nieuwe songs in besloten kring weleens als ‘hipster psychedelica’ omschrijft, dan moet dat in de eerste plaats op ‘Crank’ slaan, de nieuwe single en van het beste op de plaat.

De soloplaten van Dave Gahan (waarop die een warmere, meer rootsy gedaante aannam dan bij Depeche Mode) dringen zich ook nog op als vergelijkingspunt. Om kort te gaan: er zit variatie in. Eigenlijk is dit straffe kost: popzanger wijzigt succesformule, en blijft dat doen tot het laatste nummer bereikt is.

Tien songs, en eerlijk: ‘No South’ verveelt niet. Maar: Ostyn is in de eerste plaats een ideeënman, en af en toe werkt hij z’n ideeën maar half uit. Te veel songs blijven te ongeïnspireerd op de vlakte hangen. ‘The Imposter’ heeft een heel mooie tekst, en dat maakt het des te jammer dat de bijhorende muziek een wat doelloze stijloefening is. ‘Secretary’ duurt geen drie minuten, maar je vraagt je onderweg twee keer af: ‘Is dit nog steeds bezig?’ De intro van ‘Masquerade’ doet aan drie grungeklassiekers tegelijk denken, de song die volgt is veeleer verdienstelijk dan bitchin’. Het wild echoënde ‘Toothache’, dat afsluit, is dan weer geweldig.

‘No South of the South Pole’ is een goede plaat – en die zijn schaars genoeg – maar we hadden een zeer goede verwacht. We zijn gewoon verwend.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234