null Beeld

Pacific Rim Uprising

Migraineverwekkende rimram.

Na de vertoning van ‘Pacific Rim Uprising’... Of neen, laten we het als volgt formuleren: na het zware bommentapijt dat ‘Pacific Rim Uprising’ bijna twee uur lang op onze zintuigen had gelegd, voelden wij ons zó platgemokerd, zó versuft, zóverdwaasd dat we – zonder zwanzen! - in Brussel Zuid per abuis op de trein naar Aat stapten in plaats van op onze vertrouwde intercity richting Oostende.

Het leek wel alsof één van die gigantische kaiju-monsters z’n poot op onze schedel had gedrukt; bij het draaien horen we trouwens nog steeds gekraak in ons hoofd. Maar laten we – voor we een dokterbriefje gaan halen - eerst even het geheugen opfrissen: in de eerste ‘Pacific Rim’ uit 2013 kwamen er uit de zogeheten ‘Breuk’ op de bodem van de Stille Oceaan gigantische monsters tevoorschijn, de kaiju, die waren gezonden door de Precursors, een ras van boosaardige buitenaardse wezens.

Maar de mensheid vocht terug en bouwde de Jaegers, reuzenrobots die zo groot zijn dat ze moeten worden bestuurd door twee piloten met een onderlinge neurale link. In de sequel, die overigens niet langer werd geregisseerd door Guillermo del Toro maar door ene Steven S. DeKnight, is de Breuk gedicht en is de oorlog al tien jaar afgelopen, maar liggen de meeste grootsteden er nog steeds bij als apocalyptische ruïnes waarin men hier en daar het skelet van een kaiju kan aantreffen.

Uiteraard duurt het niet lang voor de hel weer mag losbarsten, en geloof ons: vergeleken met de onophoudelijke en oorverdovende teringherrie die ‘Pacific Rim Uprising’ serveert, lijken de ‘Transformers’-films van Michael Bay wel op etherische bezinningsmomenten; bronnen van weldaad voor hart en ziel. Boosaardig geworden Jaegers en gigantische drones vechten tussen ineenstortende wolkenkrabbers migraineverwekkende duels uit; wolkenkrabbers spatten als vuurwerk uiteen; reuzenrobots bewegen zich door de straten terwijl ze met hun lasersabels de wolkenkrabbers beschadigen zoals kinderen met een sleutel het koetswerk van geparkeerde auto’s beschadigen; dino-achtige creaturen rijzen op uit de Breuk en walsen over de wolkenkrabbers van Tokio heen; wolkenkrabbers stuiken als blokkentorens in elkaar.

Werkelijk: als ze ons voor elke wolkenkrabber die in ‘Pacific Rim Uprising’ in gruzelementen wordt geknald/naar beneden sodemietert/in de fik vliegt een pintje hadden uitgeschonken, dan lagen wij momenteel op de intensive care met een acute levercirrose. Toch hebben we ons met sommige scènes nog een breuk kunnen lachen, ook al was die niet breed genoeg om een kaiju door te laten. ‘Kunnen jullie de breinen localiseren?!’ zo hoorden we één of andere Jaeger-piloot in de hitte van de strijd uitroepen.

Wel, euh, neen: in ‘Pacific Rim Uprising’ vallen nog minder hersencellen te lokaliseren dan in de doorsnee deelnemer aan ‘Temptation Island’. En ook op het moment dat we Scott Eastwood het zinnetje ‘We mogen de kaiju Mount Fuji niet laten bereiken!’ hoorden debiteren, en dit met dezelfde intensiteit waarmee we zijn vader Clint in ‘Dirty Harry’ het lijntje ‘Get out of the way, Hammerhead’ kunnen horen zeggen, konden we een schaterlach niet bedwingen.

Scott Eastwood: we wensen hem een classic van het formaat van ‘Dirty Harry’ toe, maar voorlopig dient hij zich tevreden te stellen met afstompende sciencefictionfilms waarin hij met een bewonderenswaardig sérieux zinnetjes staat op te dreunen als: ‘We mogen de kaiju Mount Fuji niet laten bereiken!’ In Aat valt trouwens nog minder interessants te beleven dan in ‘Pacific Rim Uprising’.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234