Paul Weller, met hopelijk nog veel jaren op de teller: 'Ik heb er vrede mee dat dit leven eindig is en dat sterven er deel van uitmaakt'

Als iemand niet op z’n lauweren rust, dan is het wel modfather Paul Weller, die alweer een nieuwe, zeer mooie plaat uit heeft: ‘True Meanings’, de perfecte soundtrack bij de voorbije en alle volgende zomers.

'Als een artiest met hart en ziel aan een passionele song heeft gewerkt, is het beledigend om die te stil af te spelen'

HUMO Ik vind je nieuwe plaat heel mooi, maar naar mijn gevoel is het een zomerplaat, dus ik snap niet waarom ze pas in de herfst uitkomt.

Paul Weller «Het was de bedoeling dat ‘True Meanings’ zou uitkomen op 25 mei, mijn verjaardag. En als de plaat een concept had, dan was het inderdaad: zomer! Maar ik kreeg ze niet op tijd af, zo simpel is het. En ik werk alweer aan een volgend project, dus uitstellen was ook geen optie.»

HUMO Je hebt het voorbije decennium de platen ‘22 Dreams’, ‘Wake Up the Nation’, ‘Sonik Kicks’, ‘More Modern Classics’, ‘Saturns Pattern’, ‘A Kind Revolution’ en nu ‘True Meanings’ uitgebracht. Wie zit er je op de hielen?

Weller «De aftakeling en de dood, I guess. Of nee, het is gewoon mijn natuurlijke drive. Ik kan niet stilzitten, ik verveel me gauw en ik ben dol op muziek. De combinatie van die drie veroorzaakt een grote productie. Die dinosaurussen uit de jaren 70 die bij wijze van spreken zes eeuwen aan een plaat werkten, dat heb ik nooit begrepen.»

HUMO Popmuziek is heel vaak de soundtrack bij de grootstad. Maar in veel van jouw songs hoor je de natuur. Ook deze plaat is van a tot z idyllisch, pastoraal, landelijk.

Weller «Ik draag allebei in me, in gelijke mate. Hiervan (maakt een brede armzwaai, waarmee hij Londen bedoelt) kan ik maar niet genoeg krijgen, ondanks de drukte. Maar ik woon het grootste deel van m’n tijd nog steeds in de buurt van mijn geboortestadje Woking. Mijn domeintje daar vloeit over in de natuur. Op mijn plaat ‘Wild Wood’ kun je de weiden en de bossen effectief horen, omdat we die plaat in Oxfordshire opnamen, in de Manor House Studio. Daar nam Mike Oldfield indertijd zijn ‘Tubular Bells’ op, en ook Van Morrison en Radiohead passeerden er. Van Morrison zei me trouwens dat hij mijn song ‘The Cranes Are Back’ heel goed vond. Van dat compliment geniet ik twee jaar later nog steeds na.

»De bossen, de rivier, de kanaaltjes en de heuvels die ik op ‘Wild Wood’ bezong, liggen vlakbij waar ik woon. Eén song héét zelfs ‘Country’. Die kinderlijke verwondering over de magie van de natuur voel ik nog steeds. Veel rock-’n-rollers smalen om hoe de natuur uitbarst in de lente. Of ze denken niets bij het vallen van de bladeren. Ik wel. Iedereen heeft z’n eigen godsbeeld, en ik zie God in de natuur. Pantheïsme noemen ze dat, toch – dat alles goddelijk is, en dat de natuur en God niet van elkaar te onderscheiden zijn?»

HUMO Eén van de nieuwe songs heet ‘Books’. Het heeft me altijd gestoord dat veel rockers boeken lezen verdacht lijken te vinden, alsof elke vorm van verfijning en intellectuele ambitie een vorm van verraad aan de arbeidersklasse is.

Weller «Ik vind dat in elk geval niet. Wat is een bibliotheek anders dan een schatkamer van wijsheid? Wat voor mij wel geldt, is dat ik geen boeken las toen het móést, toen het me werd opgelegd. Bijvoorbeeld door de school, die mij op basis van het oordeel van een incestueus kliekje kenners opdrong wat dan ‘de klassiekers’ heetten. Bollocks. Ik vond die klassiekers overwegend fuckin’ shit, Victoriaanse rommel uit een tijdperk waarmee ik geen enkele voeling had. Misschien had ik gewoon een probleem met autoriteit, maar ik ben pas boeken gaan verslinden toen het níét meer moest. Al mijn vrienden verslinden boeken, en ze zijn stuk voor stuk working-class geezers who’ve done alright.»

HUMO Je hebt een experimentele fase achter de rug. Heb je ooit iets gemaakt dat op field recordings leek?

Weller «Ja, ik neem vaak rare geluiden op met m’n iPhone. Onlangs gingen we met de kinderen naar het Science Museum in Londen en daar heb ik met m’n gsm opnames gemaakt van gekke sciencefictionachtige geluidjes. Ik heb ook al zelfgemaakte, ingezongen drumpatroontjes later in de studio versneld of vertraagd afgespeeld. Soms levert zo’n gekkigheidje iets op. Maar Pink Floyd zal ik nooit worden.»

HUMO Noem eens iets dat je vaak ’s avonds laat speelt dat mensen nooit met jou zouden associëren?

Weller «Klassieke muziek uit de 19de eeuw: Debussy, Satie… En oude jazz, John Coltrane of zo. Oude muziek met een ziel.»

HUMO Je draagt vandaag een pin met een zwarte ster en ik zag je al eerder in een trui met een zwarte ster erop. Zijn dat verwijzingen naar ‘Black Star’ van David Bowie?

Weller «Yep. (Maakt de pin los en geeft ze me) Hier, cadeautje. Ik heb er nog een dozijn thuis.»

HUMO Heel lief, dank je. Je bent een grote Bowie-fan, niet? Eén van je nieuwe songs draagt de titel ‘Bowie’ én één van je zoons heet Bowie. Dat gaat ver.

Weller «Ik was een fan, ja. Je kunt het niet noodzakelijk uit mijn muziek opmaken, maar Bowie’s ‘Low’ had een enorme invloed op mij als puber. Die plaat is mindblowing, ik heb ze echt grijs gespeeld. Net zoals ‘Hunky Dory’. En ‘Heroes’ en ‘Scary Monsters’. En ik waardeer zowat alles aan hem: zijn talent, zijn stem, zijn intellect, zijn waardigheid, zijn lange carrière, zijn moed om regelmatig alle bruggen op te blazen en iets nieuws te proberen... Mijn vrouw is een nog grotere fan dan ik, zij heeft ons zoontje Bowie genoemd. Ik wist al dat een bowiemes een heel scherp jachtmes is. Onlangs zei iemand me dat bowie ook een oud Keltisch woord voor ‘blond’ is, maar ik heb geen idee of dat klopt, en het klinkt me ook wat te arisch (Bowie is inderdaad een Schotse familienaam, afgeleid van het Gaelic woord ‘buidheach’, dat ‘blond’ maar ook ‘overwinnaar’ betekent, red.).»

HUMO Heb je David Bowie ooit ontmoet?

Weller «Nee. Merkwaardig, nu ik erbij stilsta, want onze wegen hebben elkaar vaak gekruist. Toen onze tweeling werd geboren en iemand hem had verteld dat we een kind naar hem hadden vernoemd, heeft hij ons wél een gigantisch boeket bloemen gestuurd, met een simpel kaartje erbij: ‘Gefeliciteerd, alle geluk, DB’. Good enough for me, man.

»Toen ik eens in New York optrad, hebben mijn vrouw en ik een pelgrimstocht gemaakt naar Bowies woonst. We hebben er een paar uur rondgehangen, in de hoop dat hij naar buiten zou komen en dat we elkaar ‘spontaan’ zouden ontmoeten.»

HUMO Loitering with intent, zoals de Engelsen dat zo mooi noemen – ogenschijnlijk rondlummelen met een precies doel voor ogen...

Weller «Min of meer (grinnikt).»

HUMO Al kunnen we het ook stalking noemen…

Weller «Jaja, stop al maar (lacht).»

HUMO Ik vind het schattig dat een ster als jij zoiets toegeeft.

Weller (haalt de schouders op) «Het is de waarheid. Maar de tekst van dat nieuwe nummer ‘Bowie’ heb ik niet zelf geschreven. Ik ben bevriend geraakt met Erland Cooper van de groep Erland & The Carnival – ook Simon Tong van The Verve speelt nu in die band. Erland heeft het grootste deel van die tekst geschreven. Het is een hommage geworden, maar het is ook een song over vaders en zonen, over vergankelijkheid, over rouw...»

HUMO Wie had je zo nog willen ontmoeten?

Weller «Misschien een voorspelbaar antwoord, maar: John Lennon. Al bij al heb ik geluk gehad, want de meeste van mijn jeugdhelden zijn nu mijn vrienden: Pete Townshend en Roger Daltrey, Ray Davies, Paul McCartney... Macca, de man voor wiens ‘Sgt. Pepper’s’-elpee ik indertijd een jaar moest sparen voor ik ’m kon kopen!»


Heerlijk luid

HUMO Jij trad al een dozijn keer op in de Royal Albert Hall in Londen. Wist je dat Arthur Conan Doyle, de auteur van ‘Sherlock Holmes’, daar ooit een seance hield, waarbij hij contact zocht met de geest van zijn zoon die was gestorven in WO I?

Weller «Op het podium waar ik stond?! Wow. Ik denk soms aan wat er ooit gebeurde in een zaal waar ik optreed, zeker als het een 19de-eeuws gebouw met een rijke geschiedenis is. Ik trad een tijdje geleden op in de opera van Wenen. Op dat podium heeft fuckin’ Mozart nog gestaan, man! Toen ik dat vernam, duizelde ik toch even. Mozart! Fuckin’ amazing! En onlangs speelde ik drie avonden op rij in de iconische opera van Sydney. Na het concert genoten we van een drankje op het dakterras van de kleedkamer, met uitzicht over de haven en die gigantische brug. Toen dacht ik: ik ben een sul uit het onnozele provinciestadje Woking, how the fuck did I ever get here?!»

HUMO Talent is het antwoord, denk ik. Da’s het mooie aan talent: ooit maakte enkel de adel zulke dingen mee, tot entertainment de wereld veroverde en de status, vrijheid en levenskwaliteit van artiesten groter werd dan die van de adel.

Weller «Yeah, man. Fuck, ik ben pas wakker en jij begint al over zulke gewichtige dingen. Maar het is waar. Ik heb altijd sterk het gevoel gehad dat ik, naarmate ik bekender, rijker en onafhankelijker werd, dat ook deed namens mijn soort, mijn familie, mijn club; namens gewone arbeiders. Dat mijn succes een soort gerechtigheid belichaamde, dat ook mensen van eenvoudige komaf, zoals ik, iets kunnen verwezenlijken in deze maatschappij. Ik ben nu 60, en toen ik klein was, heb ik nog de onderdanigheid van de gewone man gezien tegenover de adel, die grootgrondbezitters waren en de levens van duizenden mensen beheersten. Achter de schermen proberen die lui via het old boys network nog steeds aan de touwtjes te trekken.»

HUMO Nog een nieuwe song heet ‘Old Castles’. Prachtige architectuur lijkt me de enige positieve bijdrage van de adel aan deze planeet. Al die kastelen, landhuizen, kathedralen en monumenten werden met hun geld gebouwd, door de arbeiders die zij onderdrukten.

Weller (aarzelend) «Ja... Maar het volk had ook z’n eigen kastelen kunnen bouwen, om er dan zelf in te gaan wonen. Zou dat niet veel rechtvaardiger zijn geweest? Eén familie die in een kasteel van tienduizend vierkante meter woont op een domein van achthonderd hectaren, da’s voor mij de definitie van decadentie. De adel is een bende uitbuiters zonder ook maar één positief aspect.

'Mijn succes bewijst dat ook gewone arbeiders, mensen van eenvoudige komaf, iets kunnen verwezenlijken in deze maatschappij'

»‘Old Castles’ is mijn verhaaltje over een bijziende koning, die niet in de gaten heeft dat z’n koninkrijk ten onder gaat en z’n macht afbrokkelt. Het staat symbool voor machthebbers die weigeren mee te gaan met de tijd. Dat kan zowel op de huidige koninklijke familie slaan, als op politici en dictators. Voor alle duidelijkheid: ik ben niet één van die schapen die dwepen met fuckin’ prinsen en prinsessen. Het kan me geen lor schelen met wie William en Harry trouwen. Ik vind de monarchie een anachronistisch, middeleeuws en contraproductief gegeven. Elk jaar kosten die lui de gemeenschap miljarden en niemand die bereid is om de boel af te schaffen.»

HUMO Je hebt acht kinderen. Wanneer riep je voor het laatst woedend ‘Zet die herrie af!’?

Weller «Dat heb ik nog nooit gezegd. Meestal is het omgekeerd: mijn kinderen roepen of ík die kloteherrie wat stiller kan zetten. En dan heb ik het niet over repeteren en opnemen, want dat doe ik in de schuur (Black Barn, zijn thuisstudio, red.), maar over muziek die ik graag hoor en die ik meestal zeer luid afspeel in de woonkamer. Ik vind muziek luid zetten héérlijk, en bovendien is dat een kwestie van respect: als een artiest met hart en ziel aan een passionele song heeft gewerkt, is het beledigend en oneerlijk om die te stil af te spelen. Dat ik alles zo luid zet, stoort mijn kinderen vooral als ze meerijden in de auto. Dan staat alles op fuckin’ number eleven, à la Spinal Tap.

»Indertijd heb ik het wel moeilijk gehad toen Leah, mijn oudste dochter, een fase had waarin ze naar verschrikkelijk slechte Amerikaanse rock luisterde, generic shit. Toen heb ik haar wel eens gezegd: ‘Zet die rommel af, want ik ervaar zulke rotzooi als een belediging voor mijn oren en mijn ziel.’ Waarop zij: ‘Grow up’ (lacht). Anderzijds heb ik via haar rijkelijk laat The Velvet Underground leren kennen. Mijn jongere kinderen spelen vaak iets dat ik niet ken, zij verruimen mijn muzikale horizon.»

HUMO Hoe hebben je kinderen je leven veranderd?

Weller «Als je acht kinderen verwekt, heb je niet langer het recht om een sombere, pessimistische cynicus te zijn.»

HUMO Wanneer was je het laatst ontroerd door iets wat een fan je zei?

Weller «Een paar maanden geleden klampte iemand me aan om te zeggen dat mijn muziek hem van de drank had afgeholpen. Hij was niet de eerste die me dat zei. Wat verbazend is, in acht genomen hoe vaak ik zelf dronken ben geweest (grinnikt). Maar ik heb tientallen verhalen gehoord over hoe mijn muziek een grote steun bleek als iemand van de drank of de drugs probeerde af te komen. Gisteren hier in Soho zei een vent me nog: ‘Ik wilde afkicken en ik heb ‘The Changing Man’ op repeat gezet en dat heeft me erdoor geholpen.’ Ook ironisch, want uitgerekend in die periode begon ik drugs te nemen (lacht). En nu, terugkijkend, besef ik dat ‘Porcelain Gods’ en ‘The Woodcutter’s Son’ doordrenkt zijn van de paranoia van overmatig cocaïnegebruik. Maar: blij dat ik kon helpen.»


Sterrenstof

HUMO Wie is de ‘he’ in ‘What Would He Say’?

Weller «Mijn vader (zwijgt lang).»

HUMO Wil je dat ik een ander onderwerp aansnijd? Ik heb hem een paar keer ontmoet, een markant figuur, ik zal hem nooit vergeten.

Weller «He’d be hard to forget, yeah – in de goeie én in de slechte zin. Ik heb lang ontweken om over hem te schrijven of te zingen. Ik heb het kort na zijn dood een paar keer geprobeerd maar alles wat ik verzon leek onvolkomen, hem onwaardig. Misschien was het verdriet nog te vers. ‘What Would He Say’ gaat over hoe fuckin’ nasty het er in families soms kan toegaan. Vetes, familieleden die elkaar kwetsen, stille verwijten. Leed dat nooit wordt uitgesproken, laat staan verwerkt. Mijn vader was a lovely man, maar gehard door het leven. En van een generatie en uit een milieu waar gevoelens uiten werd gezien als een zwakte. De tekst verwijst indirect ook naar hoe in onze familie niet iedereen wist hoe hij of zij het verdriet om zijn dood onder woorden moest brengen. Waardoor dat verdriet soms als nijd werd afgewenteld op anderen. Verdriet uit zich vaak als woede en zelfdestructie, heb ik gemerkt.

»Zelf heb ik de aftakeling en de dood van mijn vader aanvaard. Ik heb er vrede mee dat dit leven eindig is en dat sterven er deel van uitmaakt. Mijn vader was 77 toen hij stierf. Hij heeft een hard maar ook een vol leven geleid, met veel van alles: vechten – hij was lang bokser – maar ook drinken, eten, neuken, reizen...»

HUMO Het is mooi dat hij, als jouw manager, dankzij zijn zoon de wereld kon zien.

Weller «Ja, maar ook dat lag niet altijd makkelijk (grinnikt). Ik ben koppig. En dat heb ik van hém. Mijn vader was een manager die ik totaal kon vertrouwen, dat was het grote voordeel. Maar hij velde soms een artistiek of zakelijk oordeel over dingen die hij niet ten volle begreep. En al hield hij van muziek, toch begreep hij maar niet dat zijn zoon met wat blèren en op een gitaar rammen al die aandacht kreeg en al dat geld vergaarde. Zelf was hij het gewend dat je je een halve eeuw lang letterlijk krom moest werken voor een fractie van mijn inkomen. (Grinnikt) Ons eerste geld ten tijde van The Jam kreeg mijn vader in cash uitbetaald, want we hadden niet eens een bankrekening. Mijn vader gaf ons 40 pond zakgeld per week.»

HUMO Heb je de kans gekregen om die laatste cruciale gesprekken met hem te voeren waarin alles werd uitgesproken dat al lang sudderde?

Weller «Ja en nee. Zijn aftakeling heeft bijna vier jaar aangesleept, maar al drie jaar voor zijn dood leed hij ook al aan dementie en was hij niet altijd helder.»

HUMO (maakt een boksend gebaar)

Weller «Nee, hij was niet gewelddadig. Toch thuis niet, mij heeft hij nooit geslagen…»

HUMO Nee, ik bedoel: misschien was zijn verwardheid het gevolg van al die klappen die hij in twintig jaar boksen had geïncasseerd.

Weller «Dat kan. Een bokser incasseert niet alleen massa’s uppercuts tijdens kampen, maar ook tijdens de training. En mijn vader heeft ook veel gedronken en gerookt.»

HUMO Eén van je songs heet ‘There’s No Drinking After You’re Dead’. Wat is er dan wel?

Weller «Dat is maar een metafoor, ik zing ook ‘there’s no lovemaking when you’re dead’. Die song gaat over spijt hebben dat je niet genoeg hebt genoten, niet vaak genoeg in het moment leefde.

»Maar om op je vraag te antwoorden: ik heb geen idee want ik ben nog niet dood. Ik denk dat we terugkeren naar de ether, de atmosfeer. Dat onze energie blijft ronddolen. Als een soort mest, in de lucht, als... (Lacht) Dit slaat nergens op. Wat ik bedoel, is: ik geloof niet in een hemel, maar wel in een groter geheel waar alles wat ooit is geweest nooit helemaal voorbij of afgesloten is. Zoals mest, ja: een bloem verwelkt, gaat dood en verrot en in de mest ervan ontkiemt de volgende bloem. We zijn allemaal sterrenstof en na onze dood maken we opnieuw deel uit van het universum.»

HUMO En dan reïncarneer je als Tory, als lid van de conservatieve partij.

Weller «Nee, dát is de hel (lacht). Maar als alles na mijn dood volledig stopt, is het ook goed. I’ll let you know when I get there.»

‘True Meanings’ van Paul Weller is uit bij Parlophone.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234