null Beeld Johan Jacobs
Beeld Johan Jacobs

de hoeder van zijn broeder

Peter Hintjens, de broer van Arno: ‘Zijn laatste optredens waren menselijk bijna niet mogelijk, zijn artsen begrepen er niets van’

In het zwart gekleed komt Peter Hintjens (68) Hotel Du Parc in Oostende binnen. Die voorkeur voor vestimentaire eenvoud deelde hij met zijn broer, net zoals hun liefde voor muziek. ‘Mijn broer is ook muzikant,’ vertelde Arno me eens, ‘en een hele goeie.’ En hij legde uit waarom Peter alleen nog saxofoon speelde voor de fun: ‘Hij is groter dan ik. Het zijn meestal dwergen, hè, die per se op een podium willen staan.’ Ik hoor ’m nog altijd onbedaarlijk in de lach schieten na die uitspraak – Arno kon goed lachen met zichzelf. Op ‘Opex’, de plaat die de zanger met zijn laatste krachten maakte, speelt hij samen met zijn broer. Voor het eerst. En het laatst.

Stefanie De Jonge

HUMO Het is een prachtige plaat geworden, en toch vond ik het een beetje moeilijk om ernaar te luisteren.

Peter Hintjens «Het is een schitterende plaat. Ik weet nog dat Arno me de eerste twee nummers liet horen: ‘La vérité’ en ‘Take Me Back’. Hij lag op de bank bij hem thuis, drukte op ‘play’ en keek met één oog naar mij – je weet wel: zo (doet een perfecte Arno-imitatie) – om te zien wat mijn reactie was.

»Ik vond de muziek zo mooi... ‘La vérité’ is ritmisch zo anders en nieuw, omdat zijn zoon Felix er de beats voor heeft gemaakt. Arno’s stem is wat ijl, en dat raakt je, maar door de beats van Felix klinkt het nummer tegelijk fris en positief. Echt, echt mooi.»

HUMO Arno hechtte veel belang aan jouw mening. Dat merkte ik na de release van ‘Santeboutique’ in 2019. ‘Mijn broer kan niet luisteren naar die plaat,’ vertelde hij me toen.

Hintjens «Heeft hij je dat verteld? Het is waar. Telkens als hij een plaat maakte, stuurde hij de demo’s naar mij en moest ik mijn mening geven. Blijkbaar luisterde hij daadwerkelijk als ik commentaar had. Dan zei hij tegen zijn muzikanten: ‘Mijn broer vindt het niet goed.’»

‘Een jaar geleden zei Arno tegen me: ‘De laatste plaat die ik maak, daar moet jij zeker op meespelen.’’ (Foto: producer Mirko Banovic en Arno tijdens de opnames van ‘Opex’.) Beeld Danny Willems
‘Een jaar geleden zei Arno tegen me: ‘De laatste plaat die ik maak, daar moet jij zeker op meespelen.’’ (Foto: producer Mirko Banovic en Arno tijdens de opnames van ‘Opex’.)Beeld Danny Willems

HUMO Ik vind ‘Santeboutique’ geweldig. Jij niet?

Hintjens «Nee. In elk nummer hoor ik dat Arno toen niet in orde was. Ik kan er écht niet naar luisteren, zeker niet naar het nummer ‘Oostende bonsoir’. Het pakt me te veel.

»Ten tijde van ‘Santeboutique’ ging mijn broer door een heel moeilijke periode. Ik ben toen vaak naar Brussel geweest om met hem te praten. Zijn relatie liep moeilijk, hij zat echt in de put.»

HUMO Misschien voelde hij toen al dat er iets onherroepelijk aan het mislopen was? Een paar maanden later, in november 2019, viel het verdict dat hij pancreaskanker had.

Hintjens «Dat is zo (zwijgt).»

HUMO Vóór ‘Opex’ hadden jullie, behalve op een gelegenheidsplaat van Frank ‘Dubbe’ Debaillie, nog nooit samengespeeld.

Hintjens «Dat klopt. ‘Maar,’ zei Arno een jaar geleden tegen me, ‘de laatste plaat die ik maak, daar moet jij zeker op meespelen.’»

HUMO ‘I’m Not Gonna Whistle’, waarvoor Felix de riff heeft geschreven, is heel intens en het samenspel tussen jouw sax en Arno’s mondharmonica heel bijzonder.

Hintjens «Het klopt écht, vind je niet? En het is ook niet dat de sax een soort tweede stem is: de klank van de sax en die van de mondharmonica zijn echt vervlochten. ‘I’m Not Gonna Whistle’ stond er in twee takes op. Het is heel vlug gegaan.»

Lees ook:

Jan Decorte, Dominique Deruddere, Josse De Pauw en Marc Didden over Arno: ‘Er was geen pompeuze drukte rond zijn sterfbed, het bleef klein en intiem. Wáárdig. Maar mooi was het niet, natuurlijk’

Arno door de ogen van de Humo-fotografen

HUMO Dat moet een dierbaar moment voor je geweest zijn.

Hintjens «Tuurlijk. Hij was een zieke man, daar in de studio. Mijn broer op het einde van zijn leven, die moeite heeft met alles, maar zijn mondharmonica pakt en tóch weer de kracht vindt om te doen wat hij absoluut wil doen.»

HUMO Onwaarschijnlijk, hè.

Hintjens «Onwaarschijnlijk. Ik ben heel trots dat ik op ‘Opex’ heb mogen meespelen, en dat het zo goed gelukt is. Arno was ook tevreden.

»Weet je wat ik ook zo mooi vind? Hij zingt maar één zin in die song: ‘I’m not gonna whistle’. En herinner je je nog wat er gebeurde als je Arno belde en hij niet opnam? Je werd doorgeschakeld naar zijn voicemail, en dan hoorde je hem...»

HUMO Fluiten! Dat is waar!

Hintjens «‘I’m Not Gonna Whistle’ is ook de afsluiter van de plaat, en wat hij zingt klopt nu: als ik hem bel, hoor ik hem niet meer fluiten. Ik denk dat hij het zo bedoeld heeft. Ik heb het hem niet gevraagd. We hebben niet veel over het einde gepraat... (Stilte) Hij heeft de plaat niet meer gehoord toen ze helemaal afgewerkt was. Jammer genoeg.»

‘Toen ik met mijn sax thuiskwam, zei mijn vader: ‘Wat is dat?! Kun jij daar wel op spelen?’ ‘Nee,’ zei ik. Ik had geen idee!’ Beeld Danny Willems
‘Toen ik met mijn sax thuiskwam, zei mijn vader: ‘Wat is dat?! Kun jij daar wel op spelen?’ ‘Nee,’ zei ik. Ik had geen idee!’Beeld Danny Willems

(niet) in een taxi

HUMO Waarom hebben jullie eigenlijk niet vaker samengespeeld?

Hintjens «Ja, waarom? Ik speelde natuurlijk een ander genre, meer pure rock. En nu Oostendse bluesrock, met Thin Line Men. Eerder deze maand hebben we gespeeld op Frietrock in Ieper en op de Oostendedagen. We hebben telkens onze versie van ‘Oh la la la’ gespeeld, als ode aan Arno.»

HUMO Je hebt ook meegedaan aan Humo’s Rock Rally.

Hintjens «Drie keer zelfs. In 1978 stond ik met Toxisch in de finale van de allereerste Rock Rally. Ik speelde toen al sax met een metalen mondstuk voor een rockgeluid. Ook met Static en Yasja heb ik de finale gehaald. Rudy Cloet, die met Arno zou spelen in Tjens Couter en TC Matic, speelde eerst in Toxisch. Arno heeft hem via mij leren kennen.»

HUMO Arno had me verteld dat je met de jazzrockformatie Moving Skull in de Rock Rally-finale had gestaan.

Hintjens «Nee, met die band heb ik in 1972 het Kick-festival en het YMCA-festival gewonnen. (Lacht) Bij Arno stak het allemaal niet zo nauw, hè.»

HUMO Dat is waar. Het schijnt dat hij, die 21ste mei 1949, ook helemaal niet in een taxi is geboren, zoals hij altijd heeft verteld.

Hintjens «Bah nee, joh. Ja, de weeën zijn wel begonnen in de taxi, en het heeft weinig gescheeld. Maar ter wéreld komen in een taxi, dat werkt natuurlijk beter als verhaal.

»Arno was een geboren entertainer, hè. De eerste keer dat ik hem zag optreden, wist ik al: die gaat er raken. Je vóélde dat gewoon. Hij kon mensen boeien met de stomste verhaaltjes, kon van iets nietszeggends iets hilarisch maken.»

HUMO Hij wílde er ook per se raken. In het begin zong hij op weg naar optredens kennelijk altijd ‘It’s a Long Way to the Top (If You Wanna Rock ‘N’ Roll)’ van AC/DC. Duizenden keren.

Hintjens «Ja, hij was van meet af aan heel ambitieus. Op een gegeven moment werkte hij als chef-kok. Hij verdiende meer geld dan onze vader, en toch zei hij: ‘Ik stop en ga helemaal voor de muziek.’ Als je dan niet ambitieus bent! Ik zou dat nooit gedaan hebben. Ik héb het ook niet gedaan. Die financiële onzekerheid durfde ik niet aan.»

HUMO Arno vond jou een heel goeie muzikant, zei hij. Jij bent in tegenstelling tot hem ook naar de muziekschool geweest.

Hintjens «Ik heb solfège of gehoortraining gevolgd, ja. En ik heb één saxofoonles gekregen op de muziekschool.»

HUMO Waarom heb je voor de saxofoon gekozen?

Hintjens «Dat is in een opwelling gebeurd. Op mijn 17de werkte ik als jobstudent op de ferry tussen Oostende en Dover: ik moest telkens 24 uur heen en weer varen, waarna ik 48 uur vrijaf had. Het was zwaar werk, maar het was werk. Van mijn eerste geld kocht ik een pick-up, een Dual. Mijn volgende aankoop was mijn sax.

»Ik weet nog dat ik voor de etalage stond, die sax zag en dacht: wat een mooi instrument. Thuis zei mijn vader: ‘Wat is dat?! Kun jij daar wel op spelen?’ ‘Nee,’ zei ik. Ik had geen idee!»

"In zijn kleerkast heb ik allemaal nagelnieuwe jasjes gevonden, terwijl hij rondliep in een exemplaar dat tot op de draad versleten was"Beeld Johan Jacobs

HUMO Arno was wel ambitieus, maar hij kon geen noot lezen.

Hintjens «Dat is ook niet nodig als je, zoals hij, mondharmonica speelt. Voor een nummer in mi neem je gewoon een harmonica die in mi gestemd is. Speel je daarna een nummer in een ander toonaard, dan neem je gewoon een andere. Je hoeft geen grepen of vingerzettingen te leren.»

HUMO Heeft hij ooit interesse getoond wanneer jij voor je notenbalken zat?

Hintjens «Nee, maar dat was ook niet nodig. Alles zat in zijn hoofd, hè. Dat was iets heel bizars. Arno kende zogezegd niks van muziek, maar dat klopte niet. Hij vóélde muziek, en hij wist precies wat hij wilde maken. Hij had alleen heel goeie muzikanten om zich heen nodig die hem begrepen. En die heeft hij altijd gevonden. De laatste jaren was zijn bassist/producer Mirko Banovic onmisbaar voor hem. Zijn muzikanten waren als familie voor hem, misschien nog meer dan ik. Na zijn dood waren zij ook helemaal van de kaart.»

Het haar van Mireille

HUMO Is het toevallig dat jullie je allebei op de muziek hebben gestort, of heeft Arno jou geïnspireerd?

Hintjens «Muziek was gewoon een deel van ons leven. We luisterden thuis naar Radio Caroline en al die andere piratenzenders. We konden ook de BBC ontvangen en keken altijd naar ‘The Old Grey Whistle Test’ (de voorloper van ‘Later... with Jools Holland’, red.), waarin serieuze bands optraden – niet die uit de hitlijsten. We praatten ook veel over muziek. Al hielden we wel van andere genres. Ik was ook vijf jaar jonger, natuurlijk.»

HUMO Arno vertelde me dat voor hem alles begon toen hij – op zijn 8ste – voor het eerst ‘One Night’ van Elvis Presley hoorde: ‘Dat was aarde! Power!’ zei hij. ‘Ik kwam klaar.’ Zijn versie van die song zingt hij nu op ‘Opex’.

Hintjens «Ik was niet bezig met Elvis. Eind jaren 60 was ik 15 en luisterde ik naar dingen als Jethro Tull. Daarna raakte ik geïnteresseerd in soul – James Brown en Wilson Pickett. Ik zat in een andere wereld.

»De eerste plaat die ik heb gekocht, was wel ‘Nashville Skyline’ van Bob Dylan uit ’69. En zoals je weet, hebben we bij het uitstrooien van Arno’s as in mei ‘Like a Rolling Stone’ moeten spelen.»

HUMO Arno wilde als niemand anders klinken. Het geluid van T.C. Matic is uniek, een bizar amalgaam van invloeden: Vera Lynn, bijvoorbeeld, de Britse zangeres waarnaar jullie vader luisterde, en zelfs tango en balmuziek. Arno hield ook van schlagers. Als-ie me zag, zong hij altijd ‘De meid van de straat’ van de Zangeres Zonder Naam. En hij had een geweldige fascinatie voor Mireille Mathieu.

Hintjens «Ja! Hij vond haar zo’n speciale madame. ‘Het is toch ongelooflijk,’ zei hij altijd, ‘dat mens dat verandert nooit!’ Dat vond hij zó speciaal. Dat kapsel, dat altijd maar hetzelfde bleef, fascineerde hem. En die doorgedreven Edith Piaf-r waarmee ze zong.

»Hij zei vaak: ‘Ooit zal ik een nummer maken voor Mireille Mathieu.’ Dan dacht ik: zeg je dat nu om te lachen, of meen je het? Blijkbaar meende hij het, want op een dag belde hij me en zei: ‘Peter, ik ga een nummer met Mireille Mathieu zingen!’ Opnieuw dacht ik: daar is hij weer. Maar het was waar. ‘Ik ben benieuwd,’ zei ik. Waarop hij: ‘Ik ook.’»

‘We belden elke dag. Meestal was het gewoon: ‘Hallo.’ – ‘Hallo’ – ‘Hoe is het in Oostende?’ – ‘Regenachtig.’ – ‘Ja, hier ook.’ – ‘En verder nog nieuws?’ – ‘Nee.’’ Beeld Danny Willems
‘We belden elke dag. Meestal was het gewoon: ‘Hallo.’ – ‘Hallo’ – ‘Hoe is het in Oostende?’ – ‘Regenachtig.’ – ‘Ja, hier ook.’ – ‘En verder nog nieuws?’ – ‘Nee.’’Beeld Danny Willems

HUMO Hun duet ‘La paloma adieu’ staat op ‘Opex’. Hebben ze elkaar ontmoet?

Hintjens «Ik denk het niet. Mireille Mathieu heeft haar deel van de song ingezongen op 23 april, de dag van Arno’s dood. Ik vind het jammer dat hij het resultaat niet meer heeft mogen horen. Heel jammer. Mais c’est la vie, hein.»

Machtige aria’s

HUMO Arno heeft de nieuwe plaat genoemd naar de arbeiderswijk in Oostende waar jullie ouders elkaar ontmoet hebben en waar jullie grootmoeder haar café had: Chez Lulu, genoemd naar jullie moeder, Lucrèce ‘Lulu’ van den Kieboom.

Hintjens «Mijn grootmoeder was een ongelooflijke vrouw. Ik zie haar nog altijd dronken klanten bij hun nekvel naar buiten smijten. Ze was maar tot haar 13de naar school geweest maar was een heel verstandige vrouw die vloeiend Frans sprak. Ze kon machtige aria’s zingen, wat ze ook van ’s morgen tot ’s avonds deed.

»Ook de speciale tantes over wie Arno vaak vertelde, woonden in Opex: Fabienne en Inès, die hem altijd opvingen omdat mama in de vismijn werkte. Vooral met Inès was hij close. Zij is getrouwd met de beeldhouwer Guy Maclot en is met hem naar Antwerpen verhuisd, waar ze zelf ook kunstenaar is geworden. Ik heb haar niet meer echt meegemaakt.»

HUMO Die kleurrijke familie van moederskant heeft Arno voor een groot stuk gevormd. Jullie moeder heeft hem ook altijd gesteund in zijn keuze voor muziek.

Hintjens «Ze was trots op hem. Op haar slaapkamer hing een foto van hem met zijn mondharmonica tijdens dat eerste concert. Dat was in 1970 in de velodroom van Oostende, samen met zijn jeugdvriend Roland Robaey. Het was toen dat ik voelde: shit, mijn broer hééft het.»

HUMO Arno zei over jou: ‘Mijn broer lijkt meer op mijn vader.’

Hintjens «Heeft hij dat gezegd? Ik weet het niet. Ik was wel iets handiger dan hij – en mijn vader kon inderdaad ook alles met zijn handen.»

HUMO Terwijl Arno zo onhandig was dat hij op afstand moest blijven wanneer jullie vader iets aan het maken was.

Hintjens «Haha, ja. Alles wat hij aanraakte, ging stuk. Ik was ook geboeid door hoe mijn vader auto’s en apparaten in elkaar kon steken en weer uit elkaar kon halen. Arno interesseerde dat geen fluit.»

HUMO Waarin verschilden jullie nog meer?

Hintjens «Arno had meer autistische trekjes dan ik (lacht).

»Omdat ik met hem ben opgegroeid, kende ik hem natuurlijk zó goed dat ik er niet meer bij stilstond. Ik was het gewend dat ik met hem over straat wandelde en praatte, plots een leegte naast me voelde en dacht: huh? Waar is hij nu?! Dan was-ie gewoon blijven staan, waarna hij terugkwam om samen verder te gaan. Dat was typisch mijn broer.

»Hij had enorm veel tics. We sliepen in dezelfde kamer, en hij kroop elke avond op een heel speciale manier in zijn bed. Eerst stond hij met zijn laken in zijn beide handen rechtop op dat bed, waarna hij het laken een paar keer op en neer liet, en dan opeens – zoef! – door zijn knieën ging en eronder schoof.

»Hij was zo’n fantastische gast. Ik mis hem elke dag.»

HUMO Jullie belden ook dagelijks.

Hintjens «Elke dag. Soms twee minuten, soms een uur. Meestal was het gewoon: ‘Hallo.’ – ‘Hallo’ – ‘Hoe is het in Oostende?’ – ‘Regenachtig.’ – ‘Ja, hier ook.’ – ‘En verder nog nieuws?’ – ‘Nee.’»

HUMO Een echte prater was hij niet.

Hintjens «Nee, en dat is nog een understatement (lacht).»

Nagelnieuwe jasjes

HUMO Hij was ook niet gemaakt voor de schoolbanken. Jij hebt voor laborant gestudeerd.

Hintjens «Ja, ik hield van schei- en natuurkunde. Proeven doen vond ik fantastisch.

»Pas op, Arno heeft de koksschool wel afgemaakt, en hij was een heel goeie kok. Op zijn 15de werkte hij al in hotels en restaurants. Dat moest in die tijd. Hij heeft ook doorgezet.»

HUMO Omdat hij een diploma moest behalen van zijn vader.

Hintjens «Ja, maar hij was daar zelf ook heel blij mee.»

HUMO Arno zat niet graag op school, en zeker niet op het atheneum in Oostende: hij voelde zich totaal niet thuis tussen de zoontjes van artsen en notarissen. En jij?

Hintjens «Ik zat gelukkig in een iets gewonere klas. In de jaren 60 ging het opeens hard, hè, de dingen veranderden echt. En mijn aanpassingsvermogen zal ook wel wat groter geweest zijn. Als Arno iets niet beviel, stond hij op en trapte het af. Ik blies in zo’n situatie op een andere manier de aftocht. Dan zei ik: ‘Ik ga naar het toilet’, en kwam niet meer terug.»

HUMO Op zijn 18de wilde Arno per se het huis uit. Jij was toen 13.

Hintjens «Hij kwam daarna nog heel veel thuis, hoor. Om te eten.»

HUMO Heb jij de briefjes nog in de ijskast zien liggen waarop je vader ‘Dit niet opeten, a.u.b.’ had geschreven?

Hintjens «Absoluut. Het was in de tijd dat Arno in dat kamertje zonder warm water woonde, niet ver hiervandaan. Hij had het niet gemakkelijk, toen. Mijn vaders standpunt was: ‘Je zult nooit honger hebben – je mag altijd komen eten – maar je moet wel zorgen dat je jezelf kunt onderhouden.’

»Mijn vader had de oorlog meegemaakt, hè. Toen ze trouwden, hadden hij en mijn moeder twee stoelen en een tafel – en die tafel was een sinaasappelkistje. Nadat ik thuis was weggegaan, heb ik ook nooit meer iets gevraagd aan mijn ouders. Nooit. Dat kwam niet in ons op.»

HUMO Arno kon moeilijk geld uitgeven.

Hintjens «Zelfs tegenover mij was hij soms echt gierig. Weet je dat ik in zijn kleerkast allemaal nagelnieuwe jasjes heb gevonden? Terwijl hij rondliep in een exemplaar dat tot op de draad versleten was. Dat komt, denk ik, omdat hij echt armoede heeft gekend. Hij is altijd bang gebleven om opnieuw zonder geld te vallen.»

HUMO ‘Een zoon als Arno hebben: het moet niet makkelijk geweest zijn voor mijn vader,’ heb je ooit gezegd.

Hintjens «Nee. Mijn vader ging ’s morgens vroeg naar zijn werk bij Wagon-Lits, kwam ’s avonds thuis en gaf het geld aan mijn moeder. Hij had zelf nooit geld op zak. Zijn leven was totaal anders dan dat van Arno, die gewoon zijn zin wilde doen.

»Maar hij spaarde alles van Arno. Alle krantenartikels knipte hij uit. Na zijn dood heb ik een schoenendoos gekregen met alle berichten over en interviews met Arno die hij had bewaard.»

HUMO Arno vertelde me eens dat hij zo weinig met zijn vader gepraat had.

Hintjens «De dag voor mijn vader gestorven is, belde ik naar Arno: ‘Je moet komen.’ En dat heeft hij gedaan. ‘Ik ben zo blij dat je me gebeld hebt,’ zei hij achteraf, ‘en dat we nog wat tegen elkaar hebben kunnen zeggen.’ Ze waren geen van beiden praters, maar mijn vader vond het jammer dat hij Arno zo weinig zag. Toen hij ziek was, heeft hij een paar keer gezegd: ‘Waar is Arno? Waar is Arno toch?!’»

Vol Adrenaline

HUMO Met de gedachte daaraan in zijn achterhoofd wilde Arno op zijn laatste plaat absoluut muziek maken met Felix.

Hintjens «Ja, hij wilde de band met zijn kinderen nog een beetje aanhalen. Ze zagen hem niet zo vaak, natuurlijk. Hij was 250 dagen per jaar op tournee of bezig in de studio. Voor zijn kinderen moet dat moeilijk geweest zijn. En op sommige momenten ook voor hemzelf.»

HUMO Maar optreden was voor hem levensnoodzakelijk.

Hintjens «Ik weet het. Als hij zijn muziek niet gehad had, weet ik niet wat er met hem gebeurd was.»

HUMO Felix was erg onder de indruk van de manier waarop zijn vader werkte.

Hintjens «Ja, van hoe hij zo precies wist wat hij wilde en hoe hard hij daarop was gefocust. Het wás ook indrukwekkend. Hij zat daar in die zetel en je zag die hersens werken, hoe zwak hij ook was. Na een paar uur was hij op van de concentratie, maar de volgende dag was hij er weer. En tussendoor moest hij nog naar het ziekenhuis om het vocht uit zijn buik te laten zuigen dat veroorzaakt was door alle ontstekingen.

»Die laatste maanden waren echt ellendig, maar van opgeven was geen sprake. Menselijk gezien waren zijn laatste optredens bijna niet mogelijk.»

HUMO In het begin van elk van die optredens, dit voorjaar, zat hij op een stoel. En zijn stem was zo zacht dat je hem bijna niet kon horen.

Hintjens «Maar hij bouwde op, hè. En op het einde stond hij op en was hij er weer helemaal. Ongelooflijk. Tijdens het eerste optreden – de Radio 1 Sessie op 12 januari – zat ik aan mijn stoel genageld. Ook zijn artsen begrepen er niets van.

»Nog bijna drie jaar heeft hij geleefd na zijn diagnose. Dat is uitzonderlijk bij pancreaskanker. ‘Mensen die optreden, kunnen zich volpompen met de power van adrenaline,’ zeiden de artsen. En dat zag je bij Arno gebeuren. Na zo’n optreden was er wel niks meer van hem over.»

Perte totale

HUMO Het deed me zo lachen dat hij ondanks zijn naderende einde in de nieuwe song ‘Boulettes’ nog één keer de kracht van zijn edele delen wilde bezingen.

Hintjens «Typisch Arno, hè. Dat is nog een verschil tussen ons: hij kon vrouwen versieren, ik kan dat niet (lacht).»

HUMO Het was jullie grootvader Charles Hintjens die hem destijds meenam naar volksbals en hem toonde hoe je vrouwen verleidt. ‘Hij was ook een womanizer,’ vertelde Arno me tijdens ons laatste interview: ‘Charles maakte een kind en wist dat niet.’ Over hem gaat het nummer ‘Mon grand-père’ op ‘Opex’.

Hintjens «Mijn grootvader was altijd piekfijn gekleed, met prachtige sjaaltjes en zo. Een heel speciale man. Ik was helaas te klein voor zijn lessen in verleiden. Volgens mij had Arno die ook niet nodig. Hij kon alle vrouwen gewoon om zijn vinger winden.

»Ik heb er wat zien passeren, hoor. Hij had dat ook echt nodig. Na de dood van mama heeft Sonja Vanhee zich over hem ontfermd. Ze gingen veel naar Londen. Sonia Dufour, die bij Warner Music werkte, nam hem mee naar Brussel en stelde T.C. Matic voor aan de platenfirma. Met Marie-Laure Béraud maakte hij samen een plaat, en zij zorgde voor hun kinderen.

»Arno zag zijn vrouwen echt graag, maar hij wilde niet gebonden zijn. Zodra ze een te grote impact op zijn leven hadden, verdween hij.»

HUMO Jullie moeder is ook jong gestorven, ze was pas 44. Arno was erg aan haar gehecht. Durfde hij zich daarom moeilijk te binden?

Hintjens «Misschien.

»Kort voor mijn moeders dood kreeg Arno geelzucht, waardoor hij haar niet meer mocht zien en geen afscheid van haar heeft kunnen nemen. Het was ingrijpend. We waren jong en hadden onze moeder nog echt nodig. Ze was een imponerende vrouw. Onze nichten en neven spreken nog altijd over ‘tante Lulu’. Zij was de baas van de familie.

»Arno en ik praatten nog vaak over haar. Ik weet niet of zijn hang naar vrijheid iets met haar dood te maken heeft. Hij wilde volgens mij vooral ruimte in zijn hoofd hebben om met zijn muziek bezig te kunnen zijn.

»Mijn moeder is ook aan kanker gestorven. Ze heeft vreselijk afgezien. In de jaren 70 waren er nog geen behandelingen zoals vandaag. Ik weet nog dat ze op een gegeven moment echt begon te ruiken, omdat haar lichaam gewoon aan het rotten was. Daar moest ik meteen aan denken toen Arno me belde en zei: ‘Ik heb pancreaskanker.’ Dat was echt: bááf! Een mokerslag. Ik verricht bloedonderzoeken en ik weet: pancreaskanker, dat is perte totale.»

HUMO En toch heeft hij nog opgetreden en twee platen gemaakt.

Hintjens «En heeft hij nooit geklaagd. ‘Ik heb een mooi leven gehad,’ zei hij altijd. Als ik merkte dat hij afzag, vroeg ik: ‘Als je pijn hebt, zeg je het dan?’ Maar dat deed hij niet.»

HUMO Tot voor de eindmix heeft Arno nog zijn zegen kunnen geven aan ‘Opex’. Ik heb het gevoel dat hij zelf zijn moment heeft gekozen: zijn laatste plaat was af, dus hij kon gaan.

Hintjens «Ik weet het niet. Hij had tegen me gezegd: ‘Peter, ik ga voor euthanasie kiezen, en ik wil uitgestrooid worden op zee.’ De euthanasieaanvraag was ingediend, alles was geregeld, maar op een gegeven moment zei de verpleegster: ‘Zijn lichaam is klaar, maar zijn geest wil die euthanasie nog niet.’ Ik denk dat hij de eindmix van de plaat nog zelf had willen doen. Zijn lichaam heeft er anders over beslist.

»(Kijkt naar buiten) Daar ligt hij. Niet zomaar ergens, hè. Tussen het Andromeda-hotel en het bloemenuurwerk, daar moest het zijn. Tegenover het stuk zeedijk waar hij altijd op een bankje zat.»

cover Opex Arno Beeld Danny Willems
cover Opex ArnoBeeld Danny Willems

‘Opex’ van Arno verschijnt op 30 september bij PIAS

Ook op Humo

De energiewoede laait op: ‘Ik zet de thermostaat op maximaal 13 graden en nóg kreeg ik een factuur van een maandloon’

Het losbandige leven van kunstenares Joëlle Dubois: ‘Dat je als vrouw graag genomen wordt, wil niet zeggen dat je geen feminist bent’

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234