Philippe Noiret

Philippe Noiret (76), steracteur uit onder anderen 'Coup de torchon' en 'La grande bouffe', verwisselde onlangs het tijdelijke met het eeuwige. Herlees hier een Humo-interview uit 1988.

'Je moet Oedipus kunnen spelen zonder je echt de ogen uit te rukken'

De van nature al ietwat pruilende expressie van Philippe Noiret staat echt op bewolkt. Hij heeft net de eerste persknipsels onder ogen gekregen - nog voor de bioscooppremière - van Pierre Granier-Deferre's 'Noyade interdite', een policier waarin Noiret zijn onderzoek naar geheimzinnige moorden in een badplaats gebruikt om een vete met collega Guy Marchand te beslechten. De film wordt clichématig genoemd, en hij lijkt te veel op andere, schrijven de critici, maar er is veel lof voor de rol van Noiret. Kennelijk een schrale troost voor een acteur die het afgelopen jaar over succes en waardering toch niet had te klagen, met achter elkaar Claude Chabrols 'Masques', Ettore Scola's 'La famiglia', Giuliano Montaldo's 'Gli occhiali d'oro' (naar de roman van Giorgio Bassani). Inmiddels heeft hij ook de opnamen voltooid van de historische superproductie 'Les Chouans', waarmee tweehonderd jaar Franse Revolutie zal worden herdacht. De mollige bijrolspeler uit de jaren zestig die onverwachte internationale hoofdrolstatus verwierf in de jaren zeventig, van 'La grande bouffe' tot 'Le vieux fusil' en 'Tre fratelli' en vooral met vijf zeer verschillende films van Bertrand Tavernier, is op zijn zevenenvijftigste een van de weinige valeurs sures van de Europese cinema gebleven, zonder dat hij aan die waardevastheid zelf zekerheid lijkt te ontlenen.

PHILIPPE NOIRET « Het gaat slecht met de cinema, maar het lijkt wel of iedereen er alleen in geïnteresseerd is om het nóg slechter te doen gaan. Steeds vaker, tot zelfs in de gespecialiseerde bladen, tref je recensies waarin films worden afgedaan met een paar regels. Beledigend voor de filmmakers en voor de lezers en beangstigend van gemakzucht. En dat systeem van waardering in een tot vier kruisjes, alsof je de consumentengids onder ogen hebt. Vroeger dacht ik dat ik van kritieken kon leren. Niemand weet beter dan jijzelf wanneer je het slecht hebt gedaan, maar soms verkeer je in de waan dat iets je aardig is gelukt en blijk je je toch vergist te hebben. Het kost me nog steeds moeite om mezelf te zien - met de jaren leer je aanvaarden dat kwaliteiten - wat ze ook zijn - kennelijk onlosmakelijk zijn van slechte eigenschappen, maar mijn appreciatie van eigen prestaties blijft altijd bij een kleinere of grotere gêne.

» Ik heb nooit een recensie gelezen waarin de bijdrage van een acteur juist werd geanalyseerd: waarin onderscheid werd gemaakt tussen de kwaliteit van de rol zoals hij geschreven is, het aandeel van de regisseur en de inbreng van de acteur. Een matig acteur kan schitteren in een prachtig geschreven rol, een goed acteur kan met een geniaal regisseur een banaal scenario op een hoger niveau brengen. Daar lees je nooit iets over, ze schrijven alleen gemeenplaatsen op een neerbuigend toontje, waardoor complimenten nog een belediging lijken: 'geslaagd acteursnummer'. Persoonlijk trek ik me dat niet meer aan. Ik probeer te negeren wat ze over me schrijven, maar het kan funest zijn voor de film.

» Ik moet eerlijk zeggen dat Pierre Granier-Deferre rampzalig is in zijn contact met de media. Er zijn regisseurs die aanzienlijk meer talent hebben om hun films te verkopen dan om ze te maken, maar Pierre is een voorbeeld van het tegendeel. Een typische protestant, kun je zeggen, die zich liever voor zijn werk verontschuldigt dan het aanprijst. Zijn stijl lijkt simpel, maar ik weet uit ervaring dat bijvoorbeeld zijn cameraploeg vaak wanhopig wordt door de ingewikkeldheid en precisie van de mouvementen die hij wil. Daar zal hij eerder met zelfspot omheen praten dan dat hij er zich op laat voorstaan. Daarmee lokt hij zélf uit dat er laatdunkend over zijn werk gesproken en geschreven kan worden, terwijl hij toch mooie films heeft gemaakt en vooral films met heel mooie momenten, ook al zijn ze in hun totaliteit niet zo gelukt. Misschien zijn het geen grote films, omdat diezelfde schroom hem ervan weerhoudt om echt diep in emoties te duiken en omdat hij bij spectaculaire scènes het liefst met de camera een stuk achteruit gaat om hun effect te minimiseren. Niet voor niets zijn zijn beste films Simenon-bewerkingen waarin schijnbaar niets gebeurt en weinig wordt gezegd en alles gesuggereerd.

» Ik voel me daar wel bij, omdat het past bij mijn eigen temperament. Ik wil op een aangename manier werken en me geen geweld aandoen of laten aandoen om maar een paar meesterwerken op mijn filmografie te krijgen. Er zijn regisseurs als Jean-Luc Godard of Maurice Pialat die kennelijk alleen kunnen creëren vanuit conflictsituaties met de acteurs, die al hun zekerheden onderuithalen om ze in hun kwetsbaarheid te kunnen vangen. Ik ben kwetsbaar genoeg van mezelf om me niet willens en wetens in intellectuele of morele verwarring te laten brengen. Ik wil het gevoel hebben dat een regisseur graag met me werkt en niet dat hij me ziet als vijand of als een obstakel dat hij plat moet walsen.»

HUMO De crisis in de film kan toch niet alleen aan de pers worden toegeschreven?


NOIRET « Het is typerend voor de pers dat ze met acteurs over alles willen praten behalve over acteren. Er is me ik weet niet hoe vaak gevraagd: zou u niet zelf willen regisseren? Alsof spelen iets van een lagere orde is. Niemand vraagt ooit een regisseur of hij soms wil acteren. Ik had hier laatst een landgenoot van u, nee, u bent geen Belg, die zei: 'U doet ook weinig om jonge regisseurs te helpen, he?' Ten eerste had die meneer zijn huiswerk niet gemaakt, want ik heb in zeker twintig debuutfilms gespeeld, en ten tweede leeft hij met zijn hoofd in de wolken, want de tijd dat acteurs films realiseerbaar konden maken door erin te spelen is voorgoed, voorbij.

» Wat die crisis betreft, ik denk niet dat jong talent te weinig kans krijgt, er worden in Frankrijk eerder te veel films gemaakt dan te weinig, maar ik vind dat jong talent slecht wordt begeleid. Op heel speciale uitzonderingen na komen regisseurs altijd op een punt dat ze hun scenario zelf niet meer kunnen beoordelen, dat ze afhankelijk zijn van een producent die hen op een ander spoor zet of juist verder stimuleert in hun ambitie. Dat soort producenten bestaat nauwelijks meer. Je hebt alleen nog mensen die een scenario bekijken op financiële haalbaarheid, of het mogelijk is een paar grote namen op de affiche te krijgen, maar die geen verantwoordelijkheid of medeverantwoordelijkheid nemen om het project zo goed mogelijk te maken. Treurig, want niet zij maar de regisseurs worden tot zondebok gemaakt.

» Jaren geleden speelde ik in 'Un nuage entre les dents', helemaal geen mislukte film, maar een die stoeide met de verwachtingen van het publiek op een manier die het niet pikte. Hij liep niet goed in de bioscopen en toevallig hadden Pierre Richard en ik vlak ervoor in films gespeeld die wel succes hadden, dus de blaam werd te makkelijk alleen bij de regisseur gelegd. Als een gevestigd cineast een flop maakt wordt juist weer gedacht dat zijn spelers kennelijk hun beste tijd gehad hebben, maar een debutant krijgt moeilijk nog een herkansing. Marco Pico heeft sindsdien geen nieuwe film gemaakt, verdient zijn brood bij de televisie, terwijl het een jongen is met veel talent. Onrechtvaardig en wreed, maar kenmerkend voor dit vak.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234