null Beeld

InterviewPieter Aspe

Pieter Aspe na het overlijden van zijn vrouw Bernadette: ‘Het is snel gegaan: ziekenhuis, scan, vonnis’

Naar aanleiding van het overlijden van Pieter Aspe verzamelt Humo interviews uit het recente verleden met én over de misdaadauteur. Eind 2016 getuigde hij in Humo over de dood van zijn grote liefde Bernadette.

(Verschenen in Humo op 20 december 2016)

Voor het eerst in twintig jaar lag er dit najaar geen nieuwe Aspe in de winkel: sinds de dood van zijn vrouw Bernadette Vandenbroucke (53), die op 31 augustus stierf aan longkanker, krijgt Vlaanderens succesvolste misdaadauteur (63) geen letter meer op papier. ‘Het zal nog láng duren voor ik weer aan mijn schrijftafel zit.’

Op de bel lezen we ‘Aspeslag – Vandenbroucke’. Het appartement aan de Blankenbergse jachthaven was dertien jaar lang hun liefdesnest. Ook wanneer ze de boze buitenwereld tegemoet traden, deden ze dat samen. Op de Boekenbeurs, op feestjes, op café: zag je Aspe, dan zag je Bernadette. Hun levens waren vergroeid. Afscheid nemen kan de auteur nog niet: wanneer we plaatsnemen aan de langwerpige tafel, zien we, twee stoelen van ons, Bernadettes handtas staan. Alsof ze die daar even tevoren heeft neergezet, en momenteel in één van de andere kamers doet wat ze vroeger altijd deed.

Maar Bernadette is er niet meer, en met haar verdween ook de lichtheid uit Aspes bestaan: kort na haar dood postte de schrijver Facebook-updates als ‘Mijn lief is dood. Ik blijf verminkt achter’.

PIETER ASPE «Had je me twee maanden geleden gebeld voor een interview, dan had ik geweigerd. Tot eind oktober heb ik alles afgehouden. Begin november moest ik de Aspe Award (die een kort krimiverhaal bekroont, red.) gaan uitreiken op de Boekenbeurs – dat stond al vast voor Bernadettes dood. Mijn uitgever zei: ‘Als je het echt niet ziet zitten, schrappen we dat.’ Maar ik wilde m’n belofte nakomen. Dat is het enige waarvoor ik naar de Boekenbeurs gegaan ben.»

Hij schenkt zichzelf een Omer in en steekt een sigaret op.

HUMO Hoe gaat het met u?

ASPE «Niet zo schitterend, maar bon: er is geen andere keuze.»

HUMO Toch: uw appartement ligt er netjes bij en u blijft niet de hele dag in bed liggen – op zich al een overwinning.

ASPE «Ik ben geen groot huisman, maar ik zou het triest vinden mocht men mij aantreffen in een omgeving waar alles rondslingert. En ik heb een poetsvrouw, wat de zaken natuurlijk vergemakkelijkt. Ik heb dus niet speciaal opgeruimd voor jou: er stonden twee lege glazen en een volle asbak op tafel – dat was het.»

HUMO De kerstperiode is nooit merry wanneer je net iemand verloren hebt, maar u hebt Bernadette ook leren kennen op een kerstdag, in 2002.

ASPE «Mijn huwelijk was toen al járen dood. Mijn toenmalige vrouw en ik hadden twee appartementen, en ik spendeerde meer tijd in het appartement waar zij níét woonde. Op Kerstmis ging ik ’s avonds op café, en wat later kwam Bernadette binnen. Een man en een vrouw die op zo’n dag alleen op café zitten: dan weet je dat er met beiden wat scheelt.»

HUMO Het klinkt als het begin van een roman.

ASPE (lachje) «We zijn aan de praat geraakt, en bóém. Ook Bernadettes huwelijk was doodgebloed. We wilden elkaar terugzien, dus gaf ze me haar nummer. Maar mijn toenmalige vrouw was erg wantrouwig. Ik dacht: ‘Ik ga het niet opschrijven, want als ze dat papiertje vindt, ben ik nog niet jarig.’ Ik zei tegen Bernadette: ‘Ik zal het wel onthouden!’ Niet dus. Toen ik haar de dag erna belde, kwam ik ergens in Wallonië uit. Shit (lacht). Wat doe je dan? Zoals in de meeste misdaadromans ging ik terug naar de plaats van de misdaad: de dag erna ben ik op hetzelfde uur naar hetzelfde café teruggegaan: ‘Ik zal hier wat wachten, je weet maar nooit.’ En warempel: wie stapt er vijf minuten later door de deur? Ze had geredeneerd zoals ik.»

HUMO In een Humo-interview zei Bernadette daarover: ‘Het lot had ons samengebracht.’ Helaas heeft datzelfde lot jullie ook weer uit elkaar getrokken. Het nieuws van haar ziekte, net voor de zomervakantie, kwam compleet onverwacht.

ASPE «Ik heb familie in Frankrijk. De zoon van één van mijn nichten ging trouwen, en wij zouden naar dat feest gaan, om iedereen nog eens terug te zien. De dag voor ons vertrek lag Bernadette met rugpijn in de zetel: enkele uren daarvoor was ze door haar knieën gezakt. De huisarts kwam langs: ‘Waarschijnlijk heeft ze een verkeerde beweging gemaakt, en heeft ze een lumbago of een hernia.’ Ze kreeg een inspuiting tegen de pijn, en een paar uur later was ze weer op de been. Ik stelde voor om niet naar het trouwfeest te gaan: Bordeaux is toch een heel eind rijden. Maar daar wilde ze niets van weten: ‘We gáán.’ Ze sukkelde toen ook al even met een droge hoest, maar ze rookte, dus zo abnormaal leek dat niet. De dokter had voor de zekerheid ook antibiotica voorgeschreven, die ze innam toen we in Frankrijk zaten. Maar: die pillen werkten niet. Eind juni belde ik de huisarts opnieuw. Die zei: ‘We zouden beter op zoek gaan naar de oorzaak.’ Toen is het snel gegaan: ziekenhuis, scan, vonnis.»

HUMO Weet u nog wat er toen door uw hoofd ging?

ASPE «De huisarts belde met de resultaten: ‘Pierre, ik heb heel, heel, héél slecht nieuws.’ Ik ben beginnen te wenen. Omdat ik wist… We kennen hem al lang: het is geen mietjesdokter – als hij het over ‘heel slecht nieuws’ heeft, weet ik genoeg. En toen Bernadette me zag huilen, wist ook zij hoe laat het was.»

HUMO Hoe ging zij met het nieuws om?

ASPE «Heel moedig. (Vecht tegen de tranen) Je belandt in een andere wereld. Of de wereld staat stil, weet ik veel.

»Van alle specialisten kregen we te horen: ‘Mevrouw, genezing is uitgesloten. We kunnen alleen de pijn verzachten.’ Dus besloten we het haar zo comfortabel mogelijk te maken. Er zaten tumoren op haar ruggengraat die verschrikkelijk veel pijn deden. Ze werd één keer bestraald: niet om haar te proberen genezen – dat kon toch niet – maar om de pijn te verlichten. Ze heeft altijd gezegd: ‘Als er een therapie kán helpen, wil ik die ondergaan. Maar houd me niet aan het lijntje als het zeker is dat ik niet behandeld kan worden.’»

HUMO Was u op één of andere manier blij dat ze haar laatste maanden hier thuis kon spenderen, en dat u niet elke dag naar het ziekenhuis moest?

ASPE «Ja. Ik denk dat dat een ongelofelijk verschil maakt, voor iedereen. Mensen komen makkelijker over de vloer, Bernadette kon slapen wanneer ze wou en werd niet om de haverklap gestoord door een verpleegster. (Wijst naar de living) Haar bed stond daar, aan het raam, omdat ze van het uitzicht op de jachthaven hield. Televisie, dat uitzicht en ik: meer wilde ze niet.»

HUMO Ze berustte in haar lot?

ASPE «Ik denk dat ze… Dat ze…(begint te huilen) Dat ze mij wilde sparen. Misschien heeft ze dingen gevoeld waar ik geen weet van had.»

HUMO Tijdens die maanden?

ASPE «Misschien daarvoor ook al. Ze heeft me nooit willen verontrusten. Ik weet het niet zeker, maar achteraf gezien denk ik dat haar ziekte voor haar minder als een verrassing kwam dan voor mij. Dat hoor ik nu van anderen. Ze heeft iedereen instructies gegeven over hoe ze voor mij moeten zorgen.»

HUMO Stel dat uw vermoeden klopt, had u het dan liever eerder geweten?

ASPE (stilletjes) «Eigenlijk niet, neen. Je kunt de klok toch niet terugdraaien. En het resultaat blijft hetzelfde.

»Een paar keer hebben we samen gehuild, maar we hebben die laatste maanden nog veel meer samen gelachen. Zwarte humor: ‘Ik ben nog niet dood, hè!’ Of :‘Ik kom terug om hier te spoken, dus als je iets verkeerds doet, zal ik het wel weten!’ En: ‘Zorg dat je om de twee dagen een vers hemd aantrekt.’ (lachje)»

null Beeld

HUMO Een raad die u ter harte neemt?

ASPE (trekt aan z’n mouw) «Ziehier: een vers hemd. Het andere had ik twee dagen aan, en zit nu in de wasmachine.»

HUMO Wat dat spoken betreft: hebt u soms het gevoel dat ze hier nog is?

ASPE (knikt) «Ik voel toch een sterke aanwezigheid, ja.»

HUMO Vindt u het dan niet moeilijk om hier nog te wonen?

ASPE «Eerst dacht ik nog: ‘Het zal wel lukken hier te blijven.’ Gradueel is dat veranderd naar: ‘Zou ik wel blijven?’ Al die herinneringen… Vooral ’s avonds begint dat me zwaar te vallen. Ik weet niet wat het zal geven, maar een totaal andere omgeving met enkele nieuwe spullen zal me misschien goed doen. Ik speel met de gedachte terug naar m’n roots te gaan, in Brugge: dat is toch een beetje bekend terrein. Maar dan wel ver weg van de toeristen: Sint-Anna is een mooie wijk, of ergens aan de Reien. Ik kan sowieso pas verhuizen als het appartement verkocht is, maar intussen zal de huizenjacht misschien ook wat verstrooiing bieden.»

Als een zombie

HUMO Op de begrafenis was de kerk naar verluidt te klein voor alle aanwezigen: een lastige bijkomstigheid van uw bekendheid, of net een troost?

ASPE «Ik heb de begrafenis heel bewust beleefd. Iedereen dacht dat ik aan de pillen zat, maar dat was niet zo. Ik probeerde mezelf onder controle te houden, en dat lijkt misschien een beetje alsof je aan de pillen zit – zombieachtig.

»Bernadette en ik hebben niet vaak over de uitvaart gebabbeld. Ze wilde drie dingen: dat de dienst in de Sint-Antoniuskerk – een kleine kerk – zou plaatsvinden, dat er gregoriaanse muziek gespeeld zou worden, en dat iedereen zou blèten (lacht). O, en een mooie foto. Dat waren de enige instructies.

»Ik had geen zin om in een volle kerk binnen te gaan, dus zijn we met de dichte familie al een kwartier eerder gaan zitten. De hele tijd handjes schudden: dat zag ik niet zitten. Ik zat letterlijk met mijn rug naar het volk, waardoor ik toch het gevoel had wat privacy te hebben. Ik heb ook geen enkele keer rond me gekeken. Zelf heb ik niets gelezen: te moeilijk. Herbert (Flack, inspecteur Van In in de tv-reeks ‘Aspe’, red.) heeft dat allemaal geregeld.»

HUMO Hij heeft enkele jaren geleden zijn eerste vrouw verloren.

ASPE (knikt) «Hij begrijpt wat ik doormaak. Enkele weken geleden zijn we naar Brasschaat geweest, voor de première van het toneelstuk ‘Aspe 2 – Het dodelijk jubileum’. Toen hebben we de hele dag gepraat. Hij is me zelfs speciaal komen halen met de wagen – van Antwerpen naar Blankenberge en dan terug naar Brasschaat, om na de voorstelling nóg eens die hele rit te doen. ‘Anders kom je toch je kot niet uit,’ zei hij.»

HUMO Blijft u veelal binnen?

ASPE «Ik ga dagelijks om elf uur in de voormiddag naar mijn stamcafé om iets te drinken. En ’s avonds, rond een uur of vijf, zes, meestal nog eens. Afhankelijk van wie er zit, blijf ik dan plakken. Gisteren was het bingo: rond achten ben ik pas naar huis teruggegaan om iets te eten. En soms eet ik ook gewoon niets. Er zit geen patroon meer in. De rest van de avond kijk ik tv.

»Nu, ik heb het geluk dat veel mensen voor mij zorgen. Bernadettes zus heeft een restaurant: ik hoef maar te bellen, en ze staat met eten aan m’n deur. En een oude vriendin van Bernadette belt me meermaals per week: ‘Kan ik iets voor je doen?’ Dat apprecieer ik: helemaal alleen is ook maar helemaal alleen. Ik ken wel veel mensen, maar na een tijdje merk je wie er nog overblijft. Velen zeggen: ‘Je moet maar bellen als er iets is, hè!’ Maar als je je slecht voelt, ga je niet zélf bellen. Degenen die initiatief nemen: dát zijn de goeie.»

Doe maar op!

HUMO U was bezig aan uw 39ste boek toen Bernadette ziek werd. De publicatie ervan was oorspronkelijk voor oktober gepland.

ASPE «Het was bijna af, maar ik ben ermee gestopt. De brochures waren er al, en de cover en korte inhoud stonden al – en nog steeds – op de site van Manteau (Aspes uitgeverij, red.). Akelige titel, ook: ‘Exit’.»

HUMO Die had u al bedacht voor Bernadette ziek werd.

ASPE «Het zal er nooit komen. Ik ben jaren geleden al met de uitgeverij overeengekomen om na veertig boeken met Van In te stoppen: het is goed geweest. Daarna zou ik me op iets anders storten. Ik was dus sowieso aan m’n voorlaatste misdaadroman bezig. Het voorstel van de uitgeverij is nu om ‘Exit’ te laten bestaan als niet-verschenen boek, en dat ik me dan meteen aan een veertigste waag: dan is de cirkel rond. Maar ik weet niet of ik dat zie zitten. Je moet erg geconcentreerd zijn om te schrijven, en ik weet niet of ik dat nog kan opbrengen. Ik zal het wel proberen: twee keer, misschien drie keer, maar geen honderd keer.»

HUMO Was Bernadette belangrijk voor uw schrijverschap?

ASPE «Ze was een drijfveer. Op reis of aan tafel zijn er ideeën voor verhalen ontstaan. Dan vroeg ik haar: ‘Wat zou je denken van…’ Als ze het maar niets vond, hield ik daar rekening mee. Van een aantal boeken heeft ze ook de titels bedacht, maar vraag me niet meer welke (lacht). En ze zorgde voor structuur in ons leven: ik schreef in de voormiddag, zij bekommerde zich om mijn agenda en administratie, en na twaalven brachten we de rest van de dag samen door. We hebben het er in die dertien jaar dus goed van genomen. De ingesteldheid was: ‘Zolang er geld binnenkomt: doe maar op!’»

HUMO In een Humo-interview zei u eens: ‘De realiteit is zo grof en triest dat we maar beter een wereld creëren waarvan we wel weten dat hij niet bestaat, maar waarin we toch graag even geloven.’ Voelt u dan net niet de nood om te schrijven en zo de realiteit te ontvluchten?

ASPE «Ik ben al 22 jaar een eigen realiteit aan het creëren, ver van de boze buitenwereld. Ik weet dat het een illusie is, maar wel een gezellige (lacht). En met Bernadette heb ik hetzelfde gedaan. Ons leven was niet realistisch, en dat wisten we allebei. Wij hebben dertien sabbatsjaren gehad.»

HUMO Kristien Hemmerechts schreef na de dood van Herman de Coninck het essay ‘Taal zonder mij’, en Connie Palmen schreef met ‘I.M.’ en ‘Logboek van een onbarmhartig jaar’ de dood van twee partners, Ischa Meijer en Hans van Mierlo, van zich af.

ASPE «Maar ik ben niet literair, hé (lacht).»

HUMO Afgezien van wat de critici zeggen: denkt u in de toekomst ook over het afscheid van Bernadette te schrijven?

ASPE «Ja, maar dan zal ik het waarschijnlijk nooit uitgeven. Het nageslacht mag het in een lade vinden, maar verder heeft niemand er zaken mee: te intiem.»

null Beeld

HUMO Connie Palmen zei over haar relatie met Hans van Mierlo: ‘De verbintenis was zo symbiotisch dat ik na zijn dood in een identiteitscrisis belandde: als de ander de enige is die jou zo kent en die persoon gaat dood, dan besta je ook niet meer.’

ASPE «Ik zou het niet zo kunnen verwoorden, maar: dat is het helemaal.»

HUMO Na 49 dagen nam Palmen weer plaats aan haar schrijftafel, wat haar deed beseffen: ‘Dit is ook nog een aspect van wie ik ben, een andere poot van mijn bestaan.’

ASPE «Ik zit al over de 49 dagen, en het zal nog láng duren voor ik weer aan mijn schrijftafel zit.»

HUMO Vlaanderens’ succesvolste misdaadschrijver zou het niet jammer vinden nooit meer te schrijven?

ASPE «Het einde van het circus wás al in zicht: voor mij is het geen grote aanpassing. En financieel hoef ik me geen zorgen meer te maken. Het voordeel daarvan is dat schrijven niet meer per se hoeft, het nadeel dat je dan ook niets meer doet.»

HUMO Over de dood van Jef Geeraerts’ vrouw Eleonore, zei u: ‘Zijn vrouw was jonger dan hij, en hij ging ervan uit dat hij eerder zou sterven.’

ASPE «Voor zijn dood heb ik hem nog een keer gezien in het station van Berchem. Ik twijfelde eerst of hij het wel was: hij zag er een beetje uit als een clochard. Ongeschoren, met een gebreide muts op en een vuile pullover aan. Hij zwaaide, en we zijn samen in de trein gaan zitten. Toen hij uitstapte in Gent, zei hij tegen Bernadette: ‘U bent net als Eleonore.’»

HUMO Creepy.

ASPE «Maar het wás ook zo. Heel ons systeem was gebaseerd op de gedachte: ‘Ik sterf eerst.’ Want ik ben tien jaar ouder. Jef heeft dat ook altijd gedacht: in zijn ogen was Eleonore vitaal en jong. Zij ging eerst, en dat is hij nooit meer te boven gekomen. Oké, hij was al 85 en zou sowieso op een dag sterven, maar: het had met een andere mindset kunnen zijn. Hij was ook ongelofelijk bang om dood te gaan. Ik ben dat niet.»

HUMO Krijgt u steun van collega-auteurs?

ASPE (snuift) «Wat is steun? Een berichtje met ‘Innige deelneming’? Het ego van sommige schrijvers is groter dan hun lul. Bij mij niet (lacht).»

HUMO In ‘De oxymorontheorie’, het allereerste boek dat u ooit schreef en dat vorig jaar werd uitgegeven, wil het personage Piet De Clerck uitsluitsel brengen over het leven na de dood. Gelooft u erin?

ASPE «Weten wij genoeg om te zeggen dat er niets is? Het is misschien onnozel om Shakespeare te citeren, maar: ‘Er zijn meer dingen tussen hemel en aarde.’ En dat denk ik ook. Geen idee wat of hoe precies, maar ik voel wel íéts.

»Hoe dan ook ben ik blij dat Bernadette niet weet wat er nu aan het gebeuren is.»

HUMO Wat bedoelt u precies?

ASPE «Natrappen in het graf. We hadden een heleboel regelingen getroffen. Haar kinderen zijn mijn kinderen niet, maar ik heb altijd gezegd: ‘We hebben dit samen opgebouwd, voor mij maakt dat niks uit.’ Haar beide kinderen hebben dus heel veel geërfd, maar ze verbergen en ontkennen dat. En dat vind ik verschrikkelijk: het voelt aan als een ontkenning van hun moeder en haar verdiensten. Terwijl ze elk dik 300.000 euro gekregen hebben!»

HUMO Dat zit u hoog?

ASPE «Ze zouden tróts moeten zijn op hun mama. Dát stoort me. (Staat op) Ik ga er nog eentje drinken.»

Een tweede Omer wordt uitgeschonken.

HUMO U hebt zelf ook kinderen en kleinkinderen.

ASPE «Zij houden me op de been. M’n oudste kleindochter is 16: ik heb haar verwend met een Vespa. Dat vinden jonge meisjes de max, hè (glimlacht).»

De slimste mens

HUMO Uw Facebook-berichten lijken de laatste tijd weer iets vrolijker: ‘Liefde lijkt zo onbereikbaar, tot je beseft dat het zo dichtbij is.’

ASPE «Daar bedoelde ik eigenlijk mee… Af en toe heb ik het gevoel dat ze hier is (krijgt het moeilijk).»

null Beeld

HUMO Hebt u iets aan de reacties die daarop komen?

ASPE «De meeste mensen zijn heel vriendelijk, maar ze spreken natuurlijk in clichés: ‘De tijd heelt alle wonden’ en zo. Allemaal goedbedoeld, maar wat ben ik ermee? Nu, ik zou ook niet weten wat je in zo’n geval moet zeggen. De beste reactie die ik al gekregen heb, is: ‘Het is jammer dat ze er niet meer is, maar jullie hebben in die dertien jaar dingen gedaan waar de meeste mensen twéé levens voor nodig hebben.’ Dat is waar. Je kunt je niet voorstellen hoe blij ik ben dat ik niet gezegd heb: ‘We zullen eerst nog wat sparen en wachten om zot te doen tot ik met pensioen ben.’»

HUMO Wellicht hebt u nu minder zin om de dag te plukken?

ASPE «Ik maak niet zoveel plannen. Ik wist dat jij vandaag zou komen, en vanavond zie ik mijn dochter. Verder laat ik alles op me afkomen.»

HUMO Bernadette zei eens over u: ‘Hij denkt aan reisverhalen: ‘Laat ze mij de wereld rondsturen.’’ Misschien is het daar een goed moment voor?

ASPE «Misschien wel, maar om dat alleen te doen… Het was eigenlijk de bedoeling dat we dat na m’n veertigste boek zouden doen: samen reizen, en ik die daarover zou schrijven. Maar nu…»

HUMO U hebt vroeger al meermaals laten verstaan dat u nood hebt aan lichtheid, en dat Bernadette die in uw leven bracht. Waarin vindt u ze nu?

ASPE «In renaissancemuziek, films en gezelschap. En televisie: dat verstrooit. Maar niet alles: zo mijd ik ‘De slimste mens’. Vroeger keken we daar altijd naar, maar nu vind ik het flauw: het ergert me dat er om het minste gelachen wordt.

»Bernadette was veel positiever dan ik. In alles. Altijd welgezind. Als dat wegvalt: zwaar, hoor.»

HUMO U verkocht al meer dan 3 miljoen romans in Vlaanderen, en uw werk is in verschillende landen – waaronder zelfs Zuid-Afrika – vertaald. In hoeverre biedt uw succes troost?

ASPE «Het is natuurlijk heel relatief, maar dat mensen bereid zijn 22 euro te betalen voor een boek van mij – wat toch niet evident is – biedt troost. Op de vorige Boekenbeurs was er een jonge vrouw die wilde dat ik een boek signeerde voor haar vriend: ‘Je hebt hem een jaar langer laten leven.’ Het was een heel depressieve man: het jaar daarvoor was hij al bij me langsgekomen op de Boekenbeurs: ‘Ik ga dit nog lezen, en dan stap ik uit het leven.’ Waarop ik: ‘Dan zou je beter een jaar wachten, meneer: kun je er nóg twee extra lezen!’ En dat heeft hij dus blijkbaar gedaan. Raar verhaal, ik weet het: daarna was hij wel dood, hè.

»Soms is het ook wat luchtiger: zo kwam er eens een dertiger vijftien boeken in één keer kopen. Ik zei: ‘Meneer is zijn voorraad aan het inslaan?’ ‘Neenee, mijn vrouw en ik zijn uit elkaar: we hebben onze boeken verdeeld, en nu kom ik de helft opnieuw kopen.’ In één klap meer dan 300 euro kwijt – enkel en alleen omdat ze hem dat ‘afgepakt’ had. Er wordt gediscussieerd over mijn boeken tijdens een scheiding! Ik zou in zo’n geval zeggen: ‘Neem ze maar allemáál mee!’ (lacht)»

HUMO U bent melancholisch van aard. Is dat sinds Bernadettes dood nog verergerd?

ASPE «Met het verouderen wordt dat ietsje beter. Ik heb m’n ouders al verloren, m’n eerste vrouw, m’n zus, en nu Bernadette. Dat is erg, maar: er zijn mensen die hetzelfde – of nog ergere dingen – meemaken, en het niet zo goed hebben als ik. Ik kan in comfort huilen. Ik heb het nooit koud, ik lijd geen honger, en ik heb m’n sigaretten. Dat maakt het verdriet niet minder, maar het is nog altijd beter dan in de Brusselse metrostations te moeten slapen, en ook verdrietig te zijn.»

HUMO Wat betreft die sigaretten: denkt u eraan te stoppen nu u Bernadette aan longkanker verloren hebt?

ASPE «Nee. Toen ik aan de dokter vroeg of Bernadette nog zou leven als ze niet had gerookt, zei hij: ‘Dat kan, maar de oorzaak zou evengoed iets anders kunnen zijn.’ Je weet het toch nooit: er zijn er die nooit roken en toch aan longkanker sterven, en er zijn er die hun hele leven lang roken en nooit longkanker krijgen.

»Ik zal wel zien wat er gebeurt. Er staat toch niets meer op mijn bucketlist. Wat moet ik zeggen? Ik wil nog een knappe blondine van 32 met alles erop en eraan?»

HUMO Zou dat u gelukkig maken?

ASPE (lacht) «Ik had nooit verwacht dat het liefdesgeluk met Bernadette me nog te beurt zou vallen. Soms zeggen vrienden of kennissen me: ‘Nu is het verdriet nog te vers, maar je weet nooit!’ Dan antwoord ik altijd: ‘Opnieuw verliefd worden? Ik betwijfel het ten zeerste.’ Misschien verandert dat nog, maar nu heb ik er alleszins geen behoefte aan. En zoals veel weduwnaars gewoon met iemand iets beginnen ‘voor het gezelschap’, dat wil ik niet.»

HUMO Wat is uw mooiste herinnering aan Bernadette?

ASPE (glimlacht) «Onze eerste nacht. Haar knieën waren geschaafd.

»(Zucht) Het enige wat ik kan doen, is afwachten: misschien zal ik me mettertijd beter voelen, misschien ook niet. Ik verwacht alleszins niets meer van het leven.

»Zeg, ’t is bijna één uur. Ga je mee iets eten? Ik trakteer.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234