Prince en zijn erfenis: 'Een uitverkoop waarover hij furieus zou zijn geweest'

In april 2016 stierf in Chanhassen een kinderloze vereenzaamde vrijgezel en controlefreak zonder testament. Ruim een jaar later is er over wie verantwoordelijk is voor de dood van Prince en over wat er moet gebeuren met zijn erfenis nog altijd weinig duidelijkheid.

(Verschenen in Humo op 3 juli 2017)

Ik geloof dat iémand (dokter, assistent of koerier) verantwoordelijk gesteld zal worden voor het aanleveren of toedienen van illegale namaakmedicijnen waarvan Prince dàcht dat het onschuldige pijnstillers waren terwijl het in werkelijkheid om fentanyl - een illegale drug, honderd maal sterker dan opium - ging. Het meest onthutsende is dat zoiets stoms kan gebeuren bij iemand die slim, rijk en beroemd is en zo gezond leeft.

De laatste jaren was Prince vaak te zien terwijl hij op een lolly zoog, en nu insinueren betweters dat daarin morfine of een andere pijnstiller verwerkt was. Eén opmerking uit mijn laatste interview met hem, in Paisley Park, vier maanden voor zijn dood, is daarbij veelzeggend: hij liet me verstaan dat hij indertijd goed gek was om zoveel stunts (flips, grand écarts, salto’s en trampoline jumps – alles op hoge hakken) te hebben gedaan. Die vage uitlating suggereerde ernstige schade, vroegtijdig versleten knieën, gewrichten en heupen, en dat veroorzaakt serieuze en constante pijn. Het is niet ondenkbaar dat Prince stierf aan trots en eigenwijsheid – te trots om hulp te zoeken en af te kicken. In één van zijn gitaarkoffers vond de politie een brochure van een rehabcentrum.

Het politieonderzoek heeft in verschillende kamers van Paisley Park zware pijnstillers gevonden ‘vaak verstopt in onschuldiger ogende buisjes aspirine’. Die medicijnen (of drugs – de grens is dun) werden aangekocht door ‘vertrouwelingen’ waaronder drummer Kirk Johnson, op hun naam, en op naam van ‘Peter Bravestrong’, een schuilnaam die Prince gebruikte als hij incognito reisde.

De cruciale vraag is: wié heeft hem die nepmedicijnen bezorgd? Op die vraag heeft nog niemand geantwoord. Er is ook nog niéts gezegd over het simpele feit dat over op Paisley Park veiligheidscamera’s hangen, en wat op de beelden van de dagen/uren voor Prince’s dood te zien is.

Paisley Park wordt sinds kort officieel uitgebaat door Graceland Holdings, jawel: hetzelfde concern dat de woonst van Elvis Presley beheert. Is het redelijk dat Tyka Nelson en haar inderhaast aangestelde financiële adviseurs voor een tour/memorial day in Paisley Park tot 1000 dollar vragen? Duizend dollar om een leeg park zonder Prince te zien! Zo wordt Paisley Park in één klap het duurste museum op deze planeet. Ook de even overhaast afgescheiden merchandising zou niet aan Prince’s hoge quality control hebben beantwoord.

Prince was een controlefreak die de hele wereld naar zijn hand wilde zetten. Hij dwong zijn medewerkers een clausule te tekenen die hen verbood om interviews te geven, om te voorkomen dat ze zijn zorgvuldig geweven mystiek zouden ondermijnen. Hij verbleef nooit langer dan enkele minuten in een ruimte die niét geparfumeerd was. Een handvol van die parfums had hij zelf ontworpen zonder ze te commercialiseren – dat kost een fortuin. Alles droeg zijn logo, tot voetmatten, lepeltjes en kaarsen toe (op mijn bureau staat een uit Paisley Park, eh, geleende gouden kaars in pyramidevorm met Prince’s love symbol). Instrumenten waren custom made. Hij droeg bijna uitsluitend exclusief voor hem ontworpen gewaden. Nog één voorbeeldje. ‘3121’, het nummer van de gelijknamige song en cd, slaat op een bestaand huis, een riante villa op Mulholland Drive die Prince huurde van basketballer Carlos Boozer. Prince verbouwde het pand meteen: hij liet een hek met z’n logo installeren, schilderde alle pilaren purper, bouwde één kamer om tot haar- en nailstudio en een andere tot discotheekje compleet met spiegelballen. Nota bene: hij huurde dat huis voor enkele maanden, hij had het niet gekocht!

Als Prince in Paisly Park was gloeide er een flauw purper licht in de glazen pyramide op het dak, een beetje zoals de vlag gehesen wordt op Buckingham Palace als de Queen aanwezig is. Het hele opzet van Paisley Park was trouwens: de wereld naar hém halen, zodat hij onnodige verplaatsingen vermeed en niet langer verplicht was om naar andermans pijpen te dansen in opnamestudios in Los Angeles of New York. Hij kon opnemen wanneer hij wilde – de klok rond, vaak. Onder intimi circuleerde het grapje ‘We’ll start at noon Paisley Park time – that’s 2 a.m. to outsiders’. In het begin mochten andere sterren zoals Madonna en Celine Dion nog een studio afhuren, maar de laatste jaren werden ook zij geweerd.

Ondertussen regent het soundboard bootlegs, opgenomen via de mixtafel, dus iémand in Paisley Park laat die lekken. En geluidstechnicus Ian Boxhill dreigt een handvol half afgewerkte tracks uit te brengen die Prince met zijn hulp opnam. En op het internet circuleren foto’s uit 1977 waarop Prince in bed is te zien met een gitaar en buiten bed met een opblaaspop. En ook de indertijd nooit uitgebrachte, door Prince geschreven en geproducete solo-cd van actrice Kim Basinger is nu verkrijgbaar op bootleg. En studio-opnamen van John L Nelson, Prince’s vader. Hoe komen die lui daaraan?

Plots duiken er ‘vertrouwenspersonen’ en ‘intimi’ op die vanalles te zeggen hebben, nu Prince het niet meer kan tegenspreken. Een secretaresse, Thérèse Stoulil, laat zaken veilen die ze heeft gestolen of waarvan Prince nooit gewild zou hebben dat zij ze publiek maakte: testpersingen van songs als ‘Get off’, tamboerines van de Parade toernee, handgeschreven memo’s van Prince (‘Although it took me a day, I had a lot of fun shooting and I’m sure we did good work. Thank U’ – aan Herb Ritts; ‘Tell the band 2 rehearse ‘Diamonds and Pearls’ and the dancers 2 rehearse ‘Willing and Able’, tell them I’ll B in at 4.30’, ‘Tell Clare Fisher I’d like a full orchestra. There are twelve open tracks. Tell him to go for broke and play me something throughout the whole song. I’ll edit what I can’t use’ ; ‘Send good luck flowers 2 Lenny (Kravitz) the night of his show in Chicago’ ; ‘Do shopping in Munich and Paris and bring back any cool everything: dresses, tops, shoes, hats… I will choose when U show me. Also new floral outfit needs wire in collar so it doesn’t fold over!’ (met een tekeningetje erbij hoe die staaldraad moet zitten – hij liet echt geen enkel detail aan het toeval over).

Ook nog te koop via Thérèse: platinum sales awards van ‘Sign of the Times’, backstage pasjes van de Lovesexy tour, setlists met handgeschreven commentaar van Prince (‘Dirty Mind: lose T-shirt on stage’ – dus hij besliste vooraf al wanneer hij z’n hemd ‘spontaan’ zou uittrekken), een briefje van Miles Davis aan Prince (‘Sorry I missed the concert. Kiss! When do we record? Call me!’), handgeschreven songteksten van onder meer ‘The screams of passion’, een door Prince gemaakte mixtape voor een modeshow van Versace, servietten van zijn huwelijksfeest met Mayte, de plexiglazen wandelstok met glittertjes die hij droeg toen ik ‘m in New York interviewde en een door Prince in grote hanepoten geschreven pancarte met opschrift ‘Do not enter by penalty of death!’… Een uitverkoop waarover Prince furieus geweest zou zijn.

Ook z’n voormalige public relations dame Karen Krattinger verkoopt nu testpersingen van onder andere ‘Camille’ en andere items ‘stuff I took home from work’ – gestolen, dus. Zijn laatste vertrouwensman Trevor Guy vertelde me dat Prince vaak als test handgeschreven memo’s of plectrums liet rondslingeren om te zien of iemand ze meenam.

Zelfs The Revolution zijn weer bij elkaar - hun hashtag luidt typerend ‘stillaband’, vrij vertaald ‘ja, we bestaan nog’. Waarom waren ze dan géén band meer de twintig jaar nà ‘Purple Rain’ en de split met Prince? Omdat hij, en dat is de harde waarheid, een conflict had met zijn muzikanten van het eerste uur. Prince zei, onder invloed van de oudtestamentische Getuigen van Jehovah, zelfs kwetsende zaken over de lesbische geaardheid van Wendy Melvoin en Lisa Coleman, die hun ‘tegennatuurlijke praktijken’ moesten opgeven. The Revolution komt na een reeks Amerikaanse concerten waarschijnlijk ook naar Europa, maar goed: als iémand het recht heeft om Prince’s muziek levend te houden, dan zij wel.

Zopas heeft zelfs Mayte Garcia, zijn voormalige echtgenote en moeder van hun twee doodgeboren kinderen, het nodig gevonden om haar memoires te publiceren. Bij een uitgever die er natuurlijk op aandrong dat ze in ruil voor een riant voorschot zoveel mogelijk gore details over haar leven met Prince zou prijsgeven. Zij maakt gewag van momenten waarop Prince ‘foggy’ en ‘out of it’ was – verward, verdoofd, niet aanspreekbaar. Hoe Prince vaak ‘enorme sommen baar geld’ op zich droeg. En hoe hij het clubhuis en de speelplaats bedoeld voor zijn eerste kind liet platgooien en de inhoud verbranden toen hij hoorde dat het kind niet levensvatbaar was.

Maar laat ons de kern van zijn zaak niet vergeten: muziek. De man ademde muziek. Er is een polaroid opgedoken van die keer toen Stevie Wonder bij Prince thuis kwam jammen. Typerend is de blik van Prince, die blij grijnst maar vooral over Stevie’s schouder probeert te zien welke akkoorden die speelt en hoe. (Grappig een veelbetekenend: er is een identieke foto twintig jaar eerder genomen waarop we Michael Jackson zien die over Stevie’s schouder meekijkt hoe het moet). Dat was Prince: geen uur zonder muziek, geen dag zonder bijleren. En die duizenden uren repeteren, ‘the groundwork’ zoals Eric Leeds het noemt, dat deed hij achter gesloten deuren, want Prince deed graag uitschijnen dat hij moéiteloos zo geweldig was.

Tijdens de VIP-tour door Paisley Park kan de fan in studio B een flard van een hit naar keuze inzingen en de opname op memostick mee naar huis nemen. In het atrium kan je nu ook de as van de gecremeerde Prince bekijken, in een urn in de vorm van…Paisley Park. Ik hoef dat niet te zien, maar ik hou u niet tegen: www.officialpaisleypark.com

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234