null Beeld

'Professor T.': Koen De Bouw verovert Amerika

Koen De Bouw is aan het uitzweren en toont me zijn koortsblazen – de opnamen van ‘Het tweede gelaat’, de laatste film rond het speurdersduo Vincke en Verstuyft, zitten er net op en die van de Amerikaanse serie ‘The Last Tycoon’ staan voor de deur. Maar hoe moe en gespannen hij ook is, hij mist geen enkele aflevering van ‘Professor T.’. Normaal doet hij dat nooit, kijken naar eigen werk. ‘Maar,’ zegt hij, ‘het personage T. verdient het om bewaakt te worden.’

'Ik kan opeens heel verdrietig zijn: dan ga ik voor een spiegel staan om naar mezelf te kijken terwijl ik huil'

‘Ik heb dat personage samen met Indra van nul opgebouwd.’ Indra is Indra Siera, regisseur van ‘Professor T.’, medeoprichter van productiehuis Het Digitaal Geweld en één brok onversneden overgave en gedrevenheid.

Koen de Bouw «Dat ik Indra ben tegengekomen, is een zegen voor mijn creatieve ziel geweest. Hij is ook echt een soort vriend. Ik zeg bewust ‘een soort’, want hij heeft niet graag dat ik hem vriend noem, haha.»

Indra Siera «Neen. Ik ben heel bang van vriendschappen. Ik kan niet streng zijn tegen mensen die ik graag zie, en dat moet wel als regisseur. Ik geloof niet in democratie op de set. Kunst vraagt om verlicht despotisme. Een set heeft visie nodig, een vlag waar mensen naartoe kunnen lopen. Maar in Vlaanderen wordt dat niet makkelijk getolereerd. Je hoort lief voor elkaar te zijn en iedereen inspraak te geven, maar dat werkt niet. Op den duur zit iedereen elkaar in de weg en dat is alleen maar contraproductief. Terwijl een acteur binnen duidelijke krijtlijnen juist heel creatief kan zijn. Werken met een meesteracteur als Koen is echt een droom. Koen pikt een idee in een oogwenk op en hij slaat altijd de spijker op de kop.»

HUMO Ik had van Koen al begrepen dat het volkomen klikt tussen jullie. Koen, vertoef je graag in de handen van een verlicht despoot?

De Bouw «Zo ervaar ik dat niet. Tussen Indra en mij is er iets magisch, iets onnoembaars dat soms ineens tussen mensen kan voorvallen. Het is die magie waaruit ‘Professor T.’ is voortgekomen. De muziek onder de droomscènes die de innerlijke wereld van de autistische T. verbeelden, komt bijvoorbeeld allemaal uit de collectie van Indra: elke keer kiest hij een fragment dat perfect de ziel van T. weergeeft.»

HUMO Het verbeelden van die innerlijke wereld stond niet in het scenario.

Siera «Neen. Ik neem scenario’s sowieso altijd flink onder handen. Als Koen op de set arriveert, zeg ik meestal: ‘Oké, je kent je tekst goed vanbuiten, maar ik zou toch graag hebben dat je dat-en-dat achterwege laat en door dit-en-dit vervangt. En kun je er ook nog even deze drie Latijnse zinnen tussen flansen?’»

undefined

null Beeld

HUMO En jij pikt dat, Koen?

Siera «Koen ademt dan drie keer en zegt: ‘Dit vind ik een goed idee, dat vind ik minder, dat neem ik mee, dat doe ik niet, en dit is tof. Oké, ik ga het proberen.’ En dan is hij vertrokken. Schitterend vind ik dat.»

De Bouw «Soms zie ik zijn ingrepen niet meteen in het grote geheel, maar ik vertrouw Indra.»

Siera «En dat vind ik zo ontroerend. Want ik besef dat het niet evident is. Voor de camera is een acteur heel kwetsbaar. Daarom eis ik ook dat de technische ploeg zich onderdanig aan hen opstelt. Op de set moeten ze stil zijn. Alles en iedereen staat ten dienste van de acteur. Zo is de hiërarchie. We staan daar niet om de showreel van de cameraman of de geluidsman te maken; we staan daar om ons verhaal te vertellen.»

HUMO Begrepen. De T. die we op tv zien, is al improviserend ontstaan, zo vertelde Koen me.

Siera «Toen we met ‘Professor T.’ begonnen, zei ik al heel snel tegen Koen: ‘Dit werkt niet. We zijn iets aan het maken dat vreselijk mainstream dreigt te worden.’»

De Bouw «Mij frustreerde het ook dat je in de rol van een autist met smetvrees al snel heel beperkt bent in je spelmogelijkheden. Je kunt geen emoties spelen, je kunt niemand in de ogen kijken, je kunt nauwelijks bewegen. We beseften allebei dat je geen 13-delige serie rond een bordkartonnen figuur kunt laten draaien en zaten met de vraag: ‘Hoe kunnen we de kijker toch in het brein van dat zieke personage binnenlaten? Hoe kunnen we tonen wat er in T. omgaat?»

Siera «Op een geven moment zei ik tegen Koen: ‘Vouw een vlieger.’ En Koen vouwt die vlieger en gooit die op mijn aanwijzing naar de moordenaar. Die vlieger scheert rakelings langs die jongen zijn hoofd, hij begrijpt het idee, kijkt de vlieger na en kijkt terug naar T. alsof hij een geest heeft gezien. We wisten allebei meteen: ‘Dit is het!’ We moesten consequent aantonen hoe T. als een kwajongen zijn eigen leven leidt in zijn verbeelding.»

De Bouw «Opeens konden we recht in zijn hart kijken. We moesten er alleen voor waken dat het geen gimmick zou worden, dat we T. niet te pas en te onpas lieten dansen, zingen en springen. Het moest steeds relevant zijn.»


Vredespijp

HUMO Was je geïnspireerd door ‘The Singing Detective’ van Dennis Potter?

Siera «Je sprokkelt natuurlijk altijd ideeën en invloeden, en Dennis Potters ‘The Singing Detective’ was fenomenaal. Ik ben sowieso zot van musicals, vooral ‘Singing in the Rain’, maar dat genre was helemaal dood tot Potter weer acteurs liet zingen op zijn bizarre, maar geniale manier – met zingende artsen die aan het opereren zijn, en zo. Schitterend.

»Ik pretendeer zeker niet zo geniaal te zijn als Potter, maar ik heb misschien wel evenveel lef: ik durf alles wat in mij opkomt te gebruiken om T.’s droomwereld zo aanschouwelijk en divers mogelijk te maken.»

De Bouw «We hebben wel moeten vechten voor die scènes: ze stonden niet in het scenario en binnen de planning was er geen tijd voor uitgetrokken. We hebben ze moeten draaien in settijd die we niet hadden, en ook nog met voorwerpen en prullen die niet voorzien waren. De droomscènes ontstonden altijd vanuit een spontane inval, en dan moesten we samen als overjarige scouts in de garage of de kelder op zoek gaan naar attributen die we konden gebruiken.»

Siera «De productie werd doodsbang van al die à l’improviste ingrepen en probeerde er steeds de rem op te zetten: ‘Dit is helemaal niet wat we aan de VRT hebben verkocht!’ Maar dat sterkte mij alleen maar in mijn overtuiging. Nu de derde reeks op stapel staat, denk ik dat iedereen mijn aanpak eindelijk volledig heeft omarmd.»

undefined

'In Amerika ben ik een acteur die helemaal uit Europa is overgevlogen: dan gaat iedereen wel even op het puntje van zijn stoel zitten'

HUMO Ze hebben jou toch gevraagd om ‘Professor T.’ te regisseren?

Siera «Ja, maar ik denk dat ze zich verschrikkelijk hadden vergist. Dat was met de serie ‘Oud België’ ook zo.»

HUMO Huh? Stany Crets kende je toch van de K3-film die je had geregisseerd? Hij wist wie je was. En ‘Oud België’ was prachtig.

Siera «Ja, maar het is geen geheim dat ik amper met Stany sprak na de helft van de draaidagen. Omdat ik van ‘Oud België’ niet dát aan het maken was, wat hij voor ogen had. Ik deed gekke dingen met close-ups en cadrages en vroeg acteurs om in de camera te kijken. Op een gegeven moment zat Stany mijn rushes te monteren in een kamertje en ik zat in het kamertje ernaast mijn versie te maken. We hebben elkaar anderhalve maand niet gesproken. Maar uiteindelijk heeft de producer gevraagd of hij mijn versie eens mocht zien. En toen iedereen die had bekeken, zeiden ze opeens: ‘O, maar nu begrijpen we het.’ En toen hebben ze de vredespijp aangeboden: ondertussen hebben Stany en ik niks dan het diepste respect voor elkaar.»

De Bouw «Wij kijken elke week uit naar de director’s cut van Indra, die we in het lokaal hiernaast met z’n allen bekijken. Daar krijgen we het onversneden Indra-universum op ons bord, en dat is altijd weer smullen!»

Siera «Dat zijn mijn kindjes. Die, voor ze naar de VRT gingen, vaak nog flink werden aangepast. Mijn man Nico bekijkt ‘Professor T.’ op de televisie, en soms roep ik: ‘Zet dat eens wat zachter.’ Omdat ik dan hoor hoe ze mijn muziekjes hebben veranderd. Dan doe ik de deur van de slaapkamer dicht en zet een koptelefoon op mijn hoofd.»

HUMO Koen, ben jij in het begin van jullie contact niet geschrokken van zijn orkaankracht?

De Bouw «O, maar je hebt nog niets gezien.»

Siera «Ik hak op alle mensen in, én ik noem altijd namen (lacht).»

HUMO Maar jij, Koen, ervaart hem dus niet als een despoot?

De Bouw «Ik zie hem alleen maar als iemand die heel erg hard werkt en dat ook verwacht van anderen. Daar gaat hij, dat weet ik wel, soms erg ver in.»

undefined

null Beeld

undefined

'We moeten consequent tonen hoe T. als een kwajongen zijn eigen leven leidt in zijn verbeelding.'

HUMO Jij werkt – en ik verwijs naar je koortsblazen – ook je hele leven al keihard. Dus wat dat betreft zitten jullie eveneens op dezelfde golflengte.

Siera «Absoluut. Weet je dat er regisseurs zijn die zeggen: ‘We hebben studiotijd tot zes uur, maar als we goed doorwerken staan we al om vijf uur buiten en kunnen we een glas gaan drinken.’ Dat begrijp ik dus helemaal niet. Ik wil al mijn studiotijd tot op de laatste minuut gebruiken om dingen te perfectioneren, en liefst nog tien minuten meer.»


De erfzonde

HUMO Je arbeidsethos en directheid zijn volgens mij terug te voeren op je calvinistische opvoeding en je Hollandse roots. Je bent de eerste Vlaamse protestant die ik ontmoet.

Siera «Ja. Mijn grootmoeder is een Zeeuwse en gereformeerd, gelukkig geen zwartekousenkerk. En mijn vader is een calvinist. Je leeft om te werken, ja. En ledigheid is des duivels oorkussen. Maar ik hou van hard werken. Ik heb geen kinderen. Ik heb een heerlijke man met wie ik al achttien jaar samen ben en mijn werk voelt niet aan als werk. Ik maak films, praat elke dag met mensen, mag elke dag met essentiële, ontroerende, móóie dingen bezig zijn. Echt, ik huil me te pletter achter de monitor als ik zie hoe mijn personages met de condition humaine worstelen. Daarom haal ik ook alle rechtlijnigheid uit de scenario’s. Initieel waren de cases van ‘Professor T.’ zo opgebouwd dat ‘de slechte’ het altijd gedaan had, maar ik heb de ‘slechteriken’ menselijk gemaakt.»

undefined

null Beeld

undefined

'In 'The Last Tycoon': 'Het is niet niks, hè. Plots in de Paramount-studio's staan en in een andere taal spelen.'

HUMO Dat is wel heel oncalvinistisch. Volgens die leer ben je bij de minste misstap gedoemd voor het leven.

Siera «Klopt. De erfzonde draag je je hele leven mee. Maar daar heb ik voor mezelf wel een draai aan moeten geven. Dat kon niet anders. Ik heb mij moeten outen tegenover mijn ouders, en dat heeft wel wat voeten in de aarde gehad. Ik denk ook dat ik me daarom zo vastklamp aan schoonheid, poëzie en ontroering.»

HUMO Is je protestantse vader nu trots, denk je?

Siera «Ik denk het wel, al zal hij toch altijd het nodige commentaar geven: ‘Dit geloof ik niet.’ Of: ‘Dat klopt niet.’ De perfectie bestaat gewoon niet voor een calvinist, denk ik.»

HUMO Koen, jij zei ooit: ‘De liefde van je moeder heb je, voor de erkenning van je vader moet je vechten.’ Met de stukken die je met Jan Decorte speelde, was jouw vader nooit helemaal mee. Wat vindt hij van ‘Professor T.’?

De Bouw «Hij geniet enorm van alles wat ik doe. Ik ben ondertussen ook echt wel klaar met dat vechten voor zijn appreciatie of die van anderen. Maar het is waar dat ik daar lang mee bezig ben geweest: begrepen en erkend worden door mijn ouders. Zoals zoveel zonen en dochters. In ‘Professor T.’ is dat ook een thema. Als je je iets afvraagt, dan is het: waarom is die man zo geworden? Die vraag zorgt voor de spanningsboog in het verhaal, die natuurlijk uitdraait op een afrekening van T. met zijn ouders.

»Maar over appreciatie gesproken: weet je wat ik fijn vind om te horen in pakweg de supermarkt? Dat iemand zegt: ‘In het begin vond ik het programma een beetje raar, maar nu wil ik geen aflevering meer missen.’ Het wás natuurlijk even wennen. Op alle niveaus. Beeldvoering, montage, vertelling. Indra gebruikt bijvoorbeeld muziek uit de jaren 40 en 50. En Bach natuurlijk. Hoe mooi is het niet dat je mensen in fictie laat kennismaken met Bach! Eigenlijk vind ik dat één van onze mooiste realisaties. Niet dat je mensen per se moet opvoeden, maar het is mooi dat we hun iets kunnen meegeven.»

Siera «Bach is altijd mijn god geweest. Ik wou zo graag dat T. dat ook ’ns hardop zei. Ik heb Koen gevraagd: ‘Wil je T. voor mij laten zeggen: ‘Bach is God.’’ Ik wist niet of hij het zou doen, maar ik begon te draaien en op een dag, op een onverwacht moment zei hij het. Dat was echt een cadeau.»


Nero en van zwam

HUMO Vorige keer zei ik al dat ik veel van T. in je herkende, Koen: je keert je geregeld van de wereld af en bent ook heel prikkelgevoelig. Als je op een set komt, voel je meteen tussen welke mensen er spanningen zijn.

De Bouw «Dat is waar. Maar ik heb dat wel proberen meesteren.»

HUMO Je vader zei dat je je beter sterk dan zwak kon tonen. Goedbedoeld advies dat een beetje te lang aan jou had gekleefd, zei je. Terwijl je fantasie je altijd richting angst voerde en je in je dromen de ergste rampen zag gebeuren. ‘Ik zou,’ zei je, ‘van mezelf een krijger willen maken, iemand die gewapend is met een ontwikkelde geest, een ontwikkeld lichaam en een ontwikkelde spirit. Ik wil kennis over mezelf, want daarin zit kennis over het leven.’

De Bouw «Ja. Ik ben op mijn 13de en dus veel te vroeg al een hoop ernstige literatuur gaan lezen, Goethe en de grote filosofen. Mijn moeder was altijd bang dat ik mezelf de put in zou denken. Maar ik vind het nog steeds heel belangrijk dat je jezelf observeert, zo bewust mogelijk in het leven staat. Ik kan opeens heel verdrietig zijn: dan zal ik soms voor een spiegel gaan staan en naar mezelf kijken terwijl ik huil. De observatie van ‘het zelf’. Maar hoe bewuster je wordt, hoe meer je beseft dat niets ooit zeker is. Niets is ooit gewonnen.»

HUMO Je gaf als metafoor daarvoor een keer het beeld van Nero die in het drijfzand wegzakt…

De Bouw (lacht) «En Van Zwam die roept: ‘Hou je vast aan je bretellen.’ Ja, de enige zekerheid die we hebben, is de onzekerheid. Maar naarmate ik ouder word, komt er meer en meer humor in mijn leven. Ook omdat dát eigenlijk het interessantste middel is om je mee te wapenen in het leven. Mijn vader heeft er nooit een probleem van gemaakt dat ik wilde gaan toneelspelen omdat ik als kind Gaston en Leo nadeed, en mijn vader altijd enorm om mij moest lachen.»

Siera «Waarom wou jij spelen? Voor het applaus?»

De Bouw «Nee, helemaal niet.»

Siera «Waarin zit voor jou dan het orgasme?»

De Bouw «In het spelen zelf. Nu, van ‘Professor T.’ heb ik naar bijna elke aflevering gekeken, terwijl ik van mijn eerdere werk nooit iets zag.»

HUMO Waarom kijk je wel naar ‘Professor T.’?

De Bouw «Omdat ik over hem wil waken.»

HUMO Wat vinden jullie ervan dat er een Franse en een Duitse ‘Professor T.’ komt? De Franse versie komt deze week al op antenne.

De Bouw «Ik zal wel ’ns kijken, maar ik denk niet dat het goed zal zijn. Ook al hebben ze naar verluidt veel meer middelen – twaalf draaidagen in plaats van acht.»

Siera «Ik ben er wel trots op, maar wat een ander ervan maakt, interesseert me niet.»

De Bouw «Nee, precies. Dat zijn ‘U.’ en ‘V.’ en dus geen ‘T.’, haha.»

HUMO Ik heb de indruk, Koen, dat je veel beter in je vel zit dan vroeger. Je lijkt wel die krijger te zijn die je wou worden.

De Bouw «Je leert jezelf kennen, hè. Je wordt beter in wat je doet.»

undefined

'Naarmate ik ouder word, komt er meer humor in mijn leven. Omdat dát het interessantste middel is om je mee te wapenen'

HUMO Je bedoelt dat het feit dat je zo goed bent in je vak je heeft gesterkt.

Siera (tegen Koen) «Ja, ik denk dat je inderdaad heel sterk bent geworden, dat je plotseling hebt beseft: ‘Ik doe dit wel goed. Ik merk dat ik met veel gemak allerlei schuifjes kan opentrekken en mensen kan blijven verbazen.’ Maar het duurt lang, hè, voordat je die gedachte bij jezelf toelaat en jezelf een compliment durft te geven. Ik herken dat.»

De Bouw «Ik denk dat je gelijk hebt.»

Humo Het compliment dat je van je vader verlangde, kun je nu aan jezelf geven?

De Bouw «Precies. Indra gebruikte net ook het woord gemak. Dat is belangrijk. Ik heb daar lang op gewacht, om met gemak te kunnen spelen – moeiteloos meesterschap. Dat ervaar ik nu af en toe en dat voelt goed. Hoewel ik er toch altijd weer op uit ben om mezelf in ongemakkelijke posities te manoeuvreren. Door nu in Amerika te gaan spelen, bijvoorbeeld. Dat is toch weer een opdracht waar ik sterker hoop uit te komen. Maar ik denk dat ik er nu veel minder angstig aan begin dan ik tien jaar geleden zou hebben gedaan.»

undefined

null Beeld

undefined

'Weet je wat ik fijn vind? Dat iemand zegt: 'In het begin vond ik het programma raar, maar nu wil ik geen aflevering meer missen.''

Humo Ja. Na je eerste bezoek aan LA samen met Erik Van Looy zei je: ‘Ik dacht daar alleen maar: dit is een universum dat ik niet de baas kan.’

De Bouw «Klopt.»

HUMO Nu kun je dat wel?

De Bouw «De opnamen van de pilootaflevering van ‘The Last Tycoon’ in februari vond ik heel heftig. De druk was enorm. Ik ben er teruggevallen op mijn ervaring. Voor spelplezier zal ik tijdens de komende opnamen nog ruimte moeten vinden. Het is niet niks, hè. Je staat er toch in de legendarische Paramount-studio’s, ik moest in een andere taal spelen, er is niemand die ik ken. Als ik hier op het einde van het seizoen eens zo moe ben dat ik me verspreek, dan reageert er niemand van: ‘O, wat gebeurt er nu?’ Iedereen weet: ‘Dat komt wel in orde.’ Maar daar ben ik iemand die helemaal uit Europa is overgevlogen: als ik aan mijn tekst begin, gaat iedereen wel even op het puntje van zijn stoel zitten – tenminste, zo ervaar ik dat. Ze denken: ‘Waarom is díé nu van zover moeten komen?’ Om zich drie keer te verspreken?’ Niet dat ik me heb versproken, hè, maar toch. Je moet jezelf daar helemaal opnieuw bewijzen. Ook tegenover een acteur als Kelsey Grammer (‘Frasier’, red.), die je al je hele leven op het scherm ziet.»

»Om maar te zeggen: dat moeiteloos meesterschap, daar heb ik naartoe gewerkt. Het is zalig daarin te vertoeven, ook al heb je iedere keer behoefte om weer een zwaardere strijd aan te gaan.»

HUMO En een nog betere krijger te worden.

De Bouw «Ja, en weer bescheidener te worden, uiteindelijk te kunnen denken: het is toch ook maar wat het is.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234