Rachel Kushner - Club Mars

Het probleem met lezen was dat het zo onophoudelijk was. Dan wist je je aandacht zo lang vast te houden tot je een hele alinea gelezen had, en dan kwam er gewoon nog één en bleven ze maar komen.’ Het is één van Rachel Kushners eigen personages dat zich een weinig enthousiaste lezer toont, maar voor alle duidelijkheid: hij heeft het in bovenstaand citaat niet over de roman waarin hij figureert. Hoewel ‘Club Mars’ hier en daar werd weggezet als tranerige literatuur zonder plot maar mét een boodschap, is de opvolger van Kushners bejubelde roman ‘De vlammenwerpers’ een weergaloos werk waarin het blijven komen van de alinea’s alleen maar kan worden toegejuicht.

Dat Kushners derde geen plot zou hebben, zoals enkele Amerikaanse recensenten meenden vast te stellen, valt overigens nogal mee. Zijn de ideeën dan niet belangrijker dan het verhaal in dit boek over een vrouw die twee keer levenslang plus zes jaar vastzit in een Californische gevangenis? Natuurlijk wel, maar wie een eenvoudig verhaaltje wil, moet maar ergens een plekje aan een gezellig kampvuur zoeken. Wie zich liever warmt aan de wild flakkerende vurigheid waarmee Kushner de literatuur bedrijft, moet zich zo snel mogelijk laten opsluiten met ‘Club Mars’.

De titel verwijst naar de stripclub waarin hoofdpersonage Romy Leslie Hall haar boterham, en op goede avonden ook het beleg erop, verdiende als lapdanseres. Op het moment dat de lezer haar leert kennen, zit Romy echter op een transport naar de vrouwengevangenis van Stanville. Alleen al die veertig pagina’s lange busrit is een kortverhaal waar andere schrijvers een arm (of laten we zeggen een been, de stakkers moeten tenslotte nog schrijven) veil voor zouden hebben. Kushner gebruikt het gevangenenvervoer niet alleen om nevenpersonages als de zwarte transgender Conan en de christelijke kindermoordenares Laura Lipp te introduceren. Ze duikt ook in het verleden van haar hoofdfiguur, evoceert het San Francisco van de jaren 80 en introduceert Romy’s zoon Jackson, haar stalker Kurt Kennedy en haar minnaar Jimmy Darling. Andere personages, zoals de corrupte flik en parttimehuurmoordenaar Doc, krijgen hun eigen vertelperspectief en daar loopt het heel af en toe fout.

Hoe verder Kushner afdwaalt van het verhaal van haar antiheldin, hoe essayistischer en cultuurkritischer haar roman wordt. Daar is niks op tegen, maar technisch verloopt het niet altijd even vlekkeloos. Gevangenisleraar Gordon Hauser lijkt enkel te bestaan om gefilosofeer over essayist Henry David Thoreau en de terrorist Ted Kaczynski in de roman te smokkelen. En Romy lijkt bij momenten een stuk platvloerse white thrash, terwijl ze in andere passages de slimste en meest gecultiveerde lapdanseres uit de geschiedenis van het betaald billenschudden lijkt. Tegelijk is het net op de momenten dat de auteur de innerlijke logica van haar personages loslaat om uit te weiden over de ‘Solero-kleurige zonsondergangen’ van Los Angeles en aforistische stellingen te poneren als ‘Gekken verliezen hun doortraptheid pas op het allerlaatst’, dat je de literaire ambitie voelt waarmee Kushner het Amerikaanse gevangenissysteem onder de loep neemt.

Want dat is ‘Club Mars’ ook: een zich onbeschaamd in de traditie van schandaalwroeters als Upton Sinclair plaatsende aanklacht tegen een onmenselijk rechtsstelsel. Wat Sinclair aan het begin van de vorige eeuw met ‘The Jungle’ betekende voor de werkomstandigheden in de vleesindustrie van Chicago, zou Kushner met ‘Club Mars’ kunnen betekenen voor de al even lamentabele leefomstandigheden in de gevangenissen van the land of the free. Met haar beeldende taal en hartverscheurende frasen als ‘de elektrische treurigheid van felle plafondverlichting’ bewijst de Amerikaanse romancière in ieder geval dat sociale betrokkenheid geen synoniem voor fletse literatuur hoeft te zijn. Deze roman schrijnt als een verse schaafwond.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234