null Beeld

Review: Black Keys - thickfreakness

O ironie: Fat Possum - het geweldige label dat er een erezaak van maakt oude zwarte bluesknakkers als R.L. Burnside, Junior Kimbrough, Fred McDowell, T-Model Ford uit de vergetelheid te redden - brengt deze week de zwartste, smerigste en meest opwind...

Geert Op de Beeck

O ironie: Fat Possum - het geweldige label dat er een erezaak van maakt oude zwarte bluesknakkers als R.L. Burnside, Junior Kimbrough, Fred McDowell, T-Model Ford uit de vergetelheid te redden - brengt deze week de zwartste, smerigste en meest opwindende trashbluesplaat sinds jaren uit, and guess what: ze is gemaakt door The Black Keys, alias Dan Auerbach en Patrick Carney, twee piepjonge bleekscheten van amper twintig die niet eens in de buurt van de Mississippi-delta of Chicago wonen.

Al na dertig seconden 'thickfreakness' - het openingsnummer en de titeltrack van de plaat - weet je: hier gebeurt iets bijzonders, dit is het echte spul. Iemand plugt een elektrische gitaar in, zet een moddervette bluesgroove in en laat daar vervolgens een door merg en been gaande howl op los: 'Loooove me!' horen we Auerbach wanhopig en luidkeels jammeren, maar we veronderstellen dat de dame in kwestie niet op zijn verzoek ingegaan is, anders was daar niet zo verschrikkelijk de blues van gekomen.

En dat is nog maar het begin: Auerbach blijft de hele tijd zingen als een oude nikker die nog door een gemene klootzak van een blanke slavendrijver met de zweep bewerkt en nadien door menige vrouw verlaten is. Zijn held Junior Kimbrough - van wie ze hier op bijzonder bezwerende wijze het machtige 'Everywhere I go' coveren - stierf voor hij hem kon ontmoeten, maar Auerbach sliep wel in T-Model Fords trailer op de vloer, alleen maar om samen met de man in juke joints te mogen spelen. Om maar te zeggen: dit zijn geen postmoderne ironische knipogen naar de blues, dit zijn twee jonge honden die het honderd procent ménen en er helemaal voor gaan.

The Black Keys kunnen overigens ook rocken alsof hun leven er vanaf hangt: luister naar 'Hard Row', 'Set you Free' of de raak gekozen Richard Berry-cover 'Have Love, Will Travel', drie geweldige lappen smerige bluesrock waarin Auerbach vakkundig een zieke hyena nabootst. De man klinkt nu eens als Jimi Hendrix die in zijn kelder een punkplaat heeft proberen op te nemen ('Set you Free', 'No Trust'), dan weer als het jonge broertje van Howlin' Wolf of John Lee Hooker, of gewoon als de eenzaamste mens ter wereld (in het intrieste 'I Cry Alone', een nummer over alleen in bed liggen en de hele nacht huilen van eenzaamheid).

Jazeker, aan de referenties hoort u dat alles wat The Black Keys zingen, spelen en doen ooit al eens eerder is gezongen, gespeeld en gedaan. Maar - en daar zit natuurlijk de clou - het is nog nooit door The Black Keys gedaan, en vooral: het is zelden zo goed gedaan. 'thickfreakness' is van voor tot achter fantastisch, en vanaf nu een nieuwe standaard in het genre.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234