null Beeld

Review: Future Islands (Botanique)

Samuel T. Herring – parttimegrunter en freelancefantoompaaldanser – lijdt aan het onvermogen om stil te blijven staan.

Frederick Vandromme

Future Islands is – in eerste instantie, maar niet alléén door die befaamde YouTube-clip van hun performance in de talkshow van David Letterman – één van de groepen die het muziekjaar 2014 uitgebreid kleur hebben gegeven. Zie ook: The War On Drugs. De recentste plaat van de groep uit Baltimore, ‘Singles’, is er ondanks haar onvolkomenheden één om van te houden – een soort update van het elektrofuturisme dat we ons van een paar eightiesfilms van Richard Gere menen te herinneren. En dat doorbraaksingle ‘Seasons (Waiting On You)’ opvallend snel een haast iconische song geworden is, werd in de Botanique bevestigd. Het kan verkeren; in 2009 stond Future Islands hier ook al, toen nog in alle anonimiteit.

'Ik ben, geloof ik, een beetje beginnen te zweten'

Hoe relatief het ook gisterenavond allemaal was, kunt u afleiden uit dit:

Man in het publiek «Ik vond de bewegingen van Samuel Herring een afknapper. Een zanger die er 40 uitziet, maar op het podium met zijn microfoonkabel een soort bondageritueel uitvoert: tja.»

Bijna al de rest «Frontman van het jaar!»

Dan dit: we zullen het in wat volgt één of twee keer over de danspassen, het charisma en de tot maximaal effect aangewende spasmen van Herring hebben, maar we benadrukken nu al dat de muziek eigenlijk zelden voor het uiterlijke vertoon hoefde onder te doen. ‘Sun in the Morning’? We kregen op precies hetzelfde moment kippenvel als wanneer we er thuis naar luisteren. Het zegt iets over de spanbetonnen routine en de ervaring van de drie andere groepsleden, die zich in de eerste plaats aldoor schuil leken te houden achter de linkerbiceps van Herring.

Het stórmde in ‘A Dream of You and Me’, ‘Sun in the Morning’, ‘Doves’ en ‘Spirit’, en er was moed voor nodig om tussen al dat geweld ook ‘The Great Fire’ te brengen, een relatief onbekende, maar bloedmooie slow uit de plaat ‘On the Water’. ‘Back in the Tall Grass’ was eerder al de perfecte opener geweest: afwisselend ingetogen en uitbundig, zinderend, tegelijk subtiel en dermate in uw en onze smoel dat we er een dag later nog steeds van in onze ogen wreven.

Hebt ú ooit eerder een publiek uitzinnig weten juichen bij het zien van de allereerste exotische danspasjes van een frontman? Gisteren was het van dat. Herring hoefde maar even door z'n knieën te zakken en zich vervolgens een kwartslag te draaien en er kwam al herkenningsgejoel van. Het gebeurde meteen daarna nog eens toen Herring zichzelf voor het eerst manisch op de borst klopte – misschien zat er die avond iets in het bier. We kennen mensen die de typerende Herring-moves 'pose' noemen, maar zij dwalen. De blik in de ogen van de frontman was er één van oprechtheid en verwondering, zijn lichaamstaal die van een mens die z'n eigen awkwardness tot een troef heeft weten om te buigen.

Het zweet liep al tijdens ‘A Dream of You and Me’, de tweede song van de avond, in beekjes van zijn slapen; tijdens ‘Before the Bridge’ en de bijhorende kungfutrap stond hij in een glinsterende plas; en nóg twee songs verder zag je zijn aan elkaar gekoekte haren klotsend op het ritme meedansen. Pas na het tiende nummer zou hij droogjes opmerken: ‘Eindelijk: ik ben, geloof ik, een beetje beginnen te zweten. Ik dacht al: waar blijft het?’ Tussendoor zorgde het geweldige ‘A Song for Our Grandfathers’ voor een wat vreemd, maar gewaardeerd rustpunt. De op plaat al onrustig slepende track werd nog iets langer uitgerekt, terwijl Herring de tekst net sneller dan gebruikelijk in de microfoon fezelde, wat een enigszins onwezenlijk effect meebracht. En één van de hoogtepunten.

Herring – parttimegrunter en freelancepaaldanser – heeft zo veel charisma dat er aan de uitgang zakjes van verkocht werden aan de merchandisingtafel. Hij lijdt aan het onvermogen om stil te blijven staan en heeft met ‘Seasons’ – het onvermijdelijke maar overtuigende hoogtepunt – een anthem te pakken. Er zouden daarna nog drie songs én drie bissen (drie oude sjarels: ‘Inch of Dust’, een prachtig ‘Vireo’s Eyes’ en slow jam ‘Little Dreamer’) volgen, maar het was al te laat. Future Islands heeft de uitverkochte Orangerie donderdagavond geen kans gegeven. Als het optreden al een soort examen was om u ervan te overtuigen dat ze méér voorstellen dan de hype du jour, dan zijn ze daar met glans in geslaagd.


Het moment

‘Seasons’, etc.


Het publiek

Quote

(Herring, terwijl hij eerst stiekem, daarna meer openlijk van een sigaret trok, en tussen twee vlagen slappe lach door) ‘Sorry, mannen van de Botanique. Ik móét roken. Ik heb het gevoel dat ik anders geen adem meer krijg. (Tot het publiek) Maar jullie mogen níét, horen jullie me?’


Tweet

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234