null Beeld

Review: Jakob Hein - Mijn eerste T-shirt

Rewind naar 1989. De muziekstroop van de lambada kleeft aan ons binnenoor terwijl Felly, het Congolese uithangbord van Technotronic, de dansvloerstamper 'Pump Up the Jam' de muziekgeschiedenis in lipt. In onze jongenskamer snijden de cirkelzagen van ...

Rewind naar 1989. De muziekstroop van de lambada kleeft aan ons binnenoor terwijl Felly, het Congolese uithangbord van Technotronic, de dansvloerstamper 'Pump Up the Jam' de muziekgeschiedenis in lipt. In onze jongenskamer snijden de cirkelzagen van Suicidal Tendencies en D.R.I. de navelstreng van onze puberteit door; 'Bleach' van Nirvana balsemt de etterende wonde. Zevenhonderd kilometer verderop, aan de Brandenburger Tor in Berlijn, wordt écht geschiedenis geschreven: de Muur valt, seismografen aller landen proberen de trillingen in kaart te brengen. Ook van de partij: de toen achttienjarige Jakob Hein, die in zijn debuut 'Mijn eerste T-shirt' (De Arbeiderspers) verslag doet van Leben und Wahnsinn voor en na de ineenstorting van de Mauer.

Wie een door Günter Grass geïnspireerde vogelvlucht door achttien jaar DDR verwacht, is eraan voor de moeite: de lofrede die de jonge Rus Wladimir Kaminer in de inleiding over zijn kameraad Hein afsteekt, torpedeert bij voorbaat alle sérieux. De schrijver zelf bezweert de lezer dat het leven achter een ijzeren gordijn amper verschilt van het leven achter Vlaams vensterglas: 'Het begon bij mij zoals bij de meesten, met een gitaar. Christian uit mijn klas had thuis in de kelder een elektrische gitaar gevonden en moest ons er allemaal over vertellen.' Wat volgt is een verhalenbundel in kipkap, een stortvloed van universeel herkenbare anekdotes over de ondraaglijke lichtheid van het jonge bestaan. Hein en zijn makkers kliederen elkaars poëzie-albums vol, zitten achter de meisjes aan, proberen zo vaak mogelijk naar de West-Duitse televisie te kijken - met het geeuwverwekkende 'Tatort' als ultieme anticlimax - en dromen hardop van een muziekcarrière in het zog van The Sex Pistols en Joy Division. Dankzij de heerlijk neuzelende en licht arrogante verteltoon waarmee Hein door zijn kinder- en puberjaren raast, kan de eerste helft van 'Mijn eerste T-shirt' wat ons betreft moeiteloos naast 'The Catcher in the Rye' liggen - toegegeven, 't is weinig origineel, maar de deadline dringt.

Maar hoe ouder Hein wordt, hoe minder hij ontkomt aan de absurditeit van het 'democratisch socialisme'. De onbezonnenheid van de verteller maakt plaats voor cynisme: 'In latere jaren lukte het ons niet alleen ons eigen kleine leventje in gevaar te brengen, maar vormden we voortdurend een gevaar voor het socialisme. Slecht meegewerkt, geen huiswerk gemaakt - dan waren alle arbeiders en boeren bedroefd.' Hein merkt dat het onderwijzend personeel zijn kwaliteiten als schlemiel en dromer niet op prijs stellen: 'Jakob, je mag dan goed kunnen rekenen, maar iemand die zo slecht in sport is als jij, daar zit onze staat niet op te wachten.'

De door Moskou gedicteerde volksstaat loopt echter op zijn laatste benen, net op het moment dat Hein een comfortabele Heimat heeft gevonden bij de ondergrondse punkbeweging in Berlijn: 'Toch zou alles nog een tijdje goed zijn gegaan met mij als die vervloekte omverwerping van het systeem niet had plaatsgevonden. Dat verstoorde elke gezelligheid. Sommigen gingen er meteen vandoor en begonnen vanuit het Westen een carrière als drugs- of computerhandelaar. De ideologen roken hun kans en wisten door eindeloos vergaderen de macht in handen te krijgen.' De revolutie blijkt van korte duur, en de Ossis schikken zich in het gezapige leven dat de nieuwbakken leiders hun voorspiegelden - en de verteller, hij registreert: 'Ze hebben al hun beloftes gehouden, met Nutella, hypothecaire leningen en ook het gratis bier. Toch best goed dat het allemaal zo is gegaan.'

Als Jakob Hein in New York was opgegroeid, was hij ongetwijfeld in de trekstraal van McSweeney's beland, het tijdschrift van Dave Eggers. Het daaraan verwante lachgas van 'Mijn eerste T-shirt' trekt het perfecte mistgordijn op voor een hilarische afrekening met het naïeve toekomstoptimisme van een generatie.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234