null Beeld

Review: Led Zeppelin - Led Zeppelin (verzamelbox)

Dertig jaar geleden steeg de machtige Led Zeppelin voor het eerst op, en om dat te herdenken werd (op Atlantic Records) de complete Led Zeppelin-catalogus op 10 cd's heruitgebracht. Aan de originele opnamen werd geen knip gewijzigd, maar Jimmy Page zorgde er persoonlijk voor dat ze volgens de regels van de kunst werden 'hermasterd'.

Niet alleen om alle baby-boomers die de Ip's destijds kapot hebben gedraaid een lol te doen, maar vooral ten behoeve, van al wie nog moest worden geboren toen drummer John Bonham op 25 september '80 in zijn eigen kots stikte. Met hem is ons de rock-'n-rollste groep uit de rock-'n-roll-geschiedenis ontvallen. Led Zeppelin kickte immers al ass toen het gros der muzikanten die nu de hitparade bezetten nog niet eens een ass hadden.

In '68 vielen The Yardbirds midden in een Amerikaanse tournee uit mekaar. Gitarist Jimmy Page nam zich voor om de allerlaatste Yardbirds-concerten in Scandinavië met een nieuw ensemble af te werken: The New Yardbirds. Page - een voodoo chile van wie werd gezegd dat hij, net als blueslegende Robert Johnson, ter hoogte van de crossroads zijn ziel aan de duivel had verkocht - sprak eerst zijn vriend John Paul Jones aan, een bassist-keyboardspeler-arrangeur die de stille architect van de Zep-sound zou worden. Jones wees hem op de blanke blueszanger Robert Plant, de vleesgeworden opengeritste gulp waar een oerschreeuw uit schalde die menige schaamlip tot geëmotioneerd trillen wist te bewegen. Plant bracht drummer John 'Bonzo' Bonham mee: maat 47 van schoen en meer beats per minuut dan eender welke scherts-dj kan bijhouden. Bonham bewerkte zijn drums als hadden ze zo-even zijn oude moesje op straat beroofd. Dit viertal begon al op de eerste repetitie rock-'n-roll te ejaculeren met de force van een Marseillaanse zeeman die na maanden op het zilte nat voet aan Amsterdamse wal zet. Who-drummer Keith Moon, een vriend van Page, kwam naar die eerste repetitie luisteren en sprak de legendarische woorden 'you'll go over like a led Zeppelin'.

De verovering van de wereld kon bijna een aanvang nemen. Het vijfde Led Zeppelin-lid dat hiervoor onontbeerlijk zou blijken werd gevonden in manager Peter Grant, een ex-worstelaar met de fysiek en het humeur van een Heli's Angel en het zakeninstinct van een witte haai die een diploma aan de Harvard Business School heeft behaald. Met Grant was het kwaad kersen eten. De vraag 'waar is jullie manager?' werd steevast beantwoord met 'at the beach, eating sharks'. Grant stond naar verluidt in zijn carrière maar één keer met zijn mond vol tanden: toen hij zich bij Dylan introduceerde met 'Ik ben Peter Grant en ik ben de manager van Led Zeppelin' en Bawb antwoordde: 'Ik val je toch ook niet lastig met mijn problemen?' Grant zou 12 jaar lang manager, bodyguard, persagent, regelneef en drugsdealer zijn voor de wildste bende sinds Attila zijn maats optrommelde met de woorden: 'Zullen we nog een allerlaatste pakken in Gallië?'

In nauwelijks dertig uur tijd werd het debuut 'Led Zeppelin I' opgenomen, vol agressieve rhythm & blues ('You Shook Me') en metalige, nerveuze rocksongs ('Communication Breakdown', 'Good Times, Bad Times'). Op 'Led Zeppelin I' werden de blues bij hun lurven gestekt en de jaren zeventig in gesleurd. Luister naar 'I Can't Quit You Baby' en vooral 'Dazed and Confused', veel meer dan het moeë 'Stairway to Heaven' hét quintessentiële Zeppelin-nummer. Page tovert een onweer uit zijn gitaar, Plant huilt naar de maan: the soul of a woman was created below (10/10).

'Led Zeppelin II' opent met de Moeder aller Riffs: 'Whole Lotta Love', de barenswee getoonzet. Psychedelica en snoeiharde rock doen the wild thing, terwijl een bloedgeile Robert Plant belooft: 'l'm gonna give you every inch of my lurrrve'. Een klassieker die wordt geflankeerd door nog meer boze rhythm ft blues ('Heartbreaker', 'Living Loving Maid'), maar helaas ook een drumsolo ('Moby Dick') (8).

Voor 'Led Zeppelin III' trokken ze zich terug op het platteland in Wales en dat is eraan te horen: de gespierde riff-o-rama moet het vaak afleggen tegen vurige folksongs ('Immigrant Song', 'Gallows Pole'), hier en daar hoor je de geesten van The Byrds en Buffalo Springfield met hun ketens rammelen. Maar er valt ook weer te genieten van een motherfucker van een blues: 'Since l've Been Loving You'. 'Led Zeppelin III' verkocht, geheel onterecht, een stuk minder dan zijn voorgangers (9).

De opvolger was daarentegen een commercieel monster. De titelloze vierde Zeppelin stormde uit de startblokken als een stier die zonet een castratie heeft ondergaan en de veearts in de smiezen heeft gekregen: de oerstomp 'Black Dog', gevolgd door het smerige 'Rock and Roll'. Voor we door de indrukwekkende finale 'When the Levee Breaks' - voortgejakkerd door de genadeloze TNT-drums van Bonham - van onze stoel worden gebliksemd, horen we de populairste, meest gezwollen rockballade aller tijden: 'Stairway to Heaven'. Zelfs Elvis hield van 'Stairway'. Zozeer zelfs, dat hij in 1972 Page en Plant in zijn hotelsuite in Las Vegas uitnodigde. De Kings eerste vraag aan hen was: 'Is het waar wat ze over jullie gedrag op tournee vertellen?' (8).

Led Zeppelin was immers een reizend seks, drugs & rock-'n-roll-circus geworden. In hun privé-vliegtuig gaf de groep zich over aan meer excessen dan Caligula op zijn verjaardag. De ambiance in hun privé-jet was een kruising tussen vrijdagavond in Le Dolo, en eender welke avond ten huize Keef.

Aan 'Houses of the Holy' is helaas goed te horen dat de groep iets te veel met Testosteron Air heeft gevlogen. Een verwarrende plaat met zowaar funkrock ('The Crunge'), een donker en bombastisch epos ('No Quarter') en hoekige reggae ('D'yer Mak'er') (6).

Maar met de dubbele 'Physical Grafitti' wordt indrukwekkend teruggeslagen: nijdige, hoekige songs die heen en weer leken te botsen tussen Pages spijkerharde riffs en Bonhams donderbeats, maar die moeiteloos aan het knaapje van ons geheugen bleven hangen ('The Wanton Song', 'Custard Pie', 'Trampled under Foot'). Psychedelische blues ('In My Time of Dying') en natuurlijk hun donkere, bevreemdende meesterstukje 'Kashmir'. Een hypnotische bastard van een song waarvan je bijna zeker weet: telkens als hij op de radio is masturbeert Charlie Manson in zijn cel (10).

Hier had het mogen ophouden en bijna was het ook zover. Plant reed in 1975 in Griekenland met zijn auto van een klip en belandde voor twee jaar in een rolstoel. Vanuit die rolstoel zong hij 'Presence' bij mekaar, op 'Achilles Last Stand' na een stinker van formaat (4). Om de groep tijd te gunnen zich te herbronnen werd een slappe, zich naar het gaatje slepende live-plaat uitgebracht 'The Song Remains the Same' (3). Het mocht niet baten: op 'In through the out Door', opgenomen in het vrij on-rock-'n-rolle Stockholm, is een compleet gedesoriënteerde en uitgebluste groep te horen, die krampachtig probeert de seventieste reanimeren (1).John Lydon stond echter al te springen.

John Bonhams timing was, zoals steeds, vlekkeloos: hij stapte kotsend uit het leven net op het moment.dat Led Zeppelin op het punt stond zijn eigen erfenis te besmeuren: met 'Coda', een cd vol out-takes en 'nooit gehoorde opnames' die na de split werd uitgebracht, was het bijna zover (0).

Het precieze gewicht dat Led Zeppelin in de grote schaal der rockgeschiedenis heeft geworpen is ni

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234