null Beeld

Review: Sandy Dillon - Nobody's Sweetheart

In het najaar van 2000, kort nadat ze de laatste hand had gelegd aan haar cd 'East Overshoe', verloor Sandy Dillon haar man en muzikale toeverlaat Steve Bywater, met wie ze eerder ook 'Electric Chair' had opgenomen. Pareltjes van ongepolijste singer-...

Charlie Poel

In het najaar van 2000, kort nadat ze de laatste hand had gelegd aan haar cd 'East Overshoe', verloor Sandy Dillon haar man en muzikale toeverlaat Steve Bywater, met wie ze eerder ook 'Electric Chair' had opgenomen. Pareltjes van ongepolijste singer-songwriter-cd's zijn dat, uit de school van PJ Harvey en Patti Smith (de manier waarop ze zich als vrouw presenteren, hun stemmen, het korzelige van hun muziek), Tom Waits en Janis Joplin (het grofkluitige), Nick Cave (het donkere) en Captain Beefheart (het dwarse, het nukkige). Voorwaar, een fijn gezelschap!
De dood van Bywater kwam niet onverwacht - hij leed aan multiple sclerose, een lichte hartaanval werd hem fataal - maar Dillon had natuurlijk tijd nodig om het verlies te verwerken, en vooral: tijd om na te denken over hoe het nu met haar muziek verder moest, want als gitarist, producer en opnametechnicus had haar man tot dan toe een cruciale rol gespeeld. Zelf zegt ze over het moment waarop ze weer overeind krabbelde: 'The day the piano and my cat stopped staring at me like statues, was the day I stopped being a statue. I started to 'move' again and I tought, well, you're nobody's sweetheart now.'
Gezien de voorgeschiedenis en de niet zo vrolijke onderwerpen op haar twee vorige platen (incest, verlaten worden, goeie en slechte seks, kneuzingen, gekwelde gedachten, van die dingen) zou een sombere plaat geen verrassing zijn geweest, maar kijk: loutering mag dan wel een belangrijk thema zijn op 'Nobody's Sweetheart', tegelijk is de cd ook Dillons meest hippe werkstuk tot nu toe. Het begint magistraal: zoals ze het verlies in 'Feel the Way I Do' onder woorden brengt, daar moet een mens van rillen. 'I'd rather burn a thousand years/Than feel the way I do', meer dan een kille elektrische piano en haar als vanouds krassende eksterstem heeft Dillon niet nodig om diep te kerven. 'It Must Be Love' is een stuk opgewekter: dichter bij popmuziek zal ze nooit komen. 'Zing went the strings of my heart', zingt ze zowaar. Verderop bepaalt de samenwerking met Julius Waters van dance group Kinobie de klankkleur: geprogrammeerde drums, een laptop, elektrische piano en een spaarzame sample zorgen voor het electronica-gevoel op nummers als 'Shoreline' (de single, met backing vocals van Heather Nova) en het kartelige triphop-kwartet 'Let's Go for a Drive', 'The Silent You', 'Mamma's Backyard' en het titelnummer. Nu en dan laat Dillon die atmosferische muziek los - gelukkig maar, trop zou te veel zijn - en dat leidt dan zowel tot geraffineerde luisterliedjes ('A girl Like Me' bijvoorbeeld) als een heerlijke punkrocker ('Don't Blame You Now').
Het kan zijn dat Dillon zich 'Nobody's Sweetheart' voelt, maar die van ons blijft ze.

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234