null Beeld

Review: The Libertines - The Libertines

We zijn niet eens driekwart ver in 2004, en we hebben al een overhellende toren aan kandidaten voor 'Plaat van het Jaar'. De luxe! En dan te weten dat de grote kanonnen (Tom Waits, Beck, U2 & co) hun geschut voor het najaarsoffensief nog in stelling ...

We zijn niet eens driekwart ver in 2004, en we hebben al een overhellende toren aan kandidaten voor 'Plaat van het Jaar'. De luxe! En dan te weten dat de grote kanonnen (Tom Waits, Beck, U2 & co) hun geschut voor het najaarsoffensief nog in stelling moeten brengen!

Leg bovenop die toren alvast ook maar 'The Libertines' van de gelijknamige Londense rebellenclub. Wat een godallemachtig fijne plaat hebben die op de mensheid losgelaten, na het toch ook al niet misse debuut 'Up the Bracket' uit 2002! En onder welk godsonmogelijk gesternte is die tweede cd tot stand moeten komen! Even recapituleren: de bittere haat-liefdeverhouding tussen het songschrijversduo Carl Barât/Pete Doherty (zonder schroom: de Lennon/McCartney dan wel Jagger/Richards dan wel Morrissey/Marr van hun generatie, al zullen ze ongetwijfeld veel kortademiger blijken te zijn) zat de opnames voortdurend in de weg, en dat was geheel & al te wijten aan de heroïne- en crackverslaving van de onhandelbare Doherty. Die na een nachtelijke inbraak in het huis van Barât zelfs ooit een tijdlang werd opgesloten! Nóg zo'n leuke: manager Alan McGhee moest lijfwachten inhuren om de beide gitaristen-zangers-kemphanen in de studio tegen elkaar te beschermen! Drie vergeefse ontwenningskuren van Doherty later - tijdens de laatste ontsnapte hij uit het Thaise Thamkrabok-klooster en werd hij een korte wijle als vermist opgegeven - raakte de plaat onder productionele leiding van Mick Jones (ex-The Clash) dan toch afgewerkt. Waarna het met Doherty van kwaad naar erger ging, en de groep belangrijke optredens (zoals die op het Glastonbury-zomerfestival) misliep omdat de man niet kwam opdagen. In de pers vlogen de verwijten tussen ontgoochelde fans en een verongelijkte Doherty nadien heen en weer. Of de groep (én Pete Doherty zelf) nog een lang leven beschoren is, valt te betwijfelen.

Maar intussen is er dus 'The Libertines', waarop Barât en Doherty zo openlijk over de spanningen tussen hen beiden vertellen dat het bijna ondraaglijke cinéma vérité is geworden. Men voélt de vertwijfeling uit de (fraaie) teksten opkringelen. Uitvoerig citeren zou ons te ver leiden, maar in het openingsnummer (tevens eerste single, tevens machtige popsong) 'Can't Stand Me Now' gaat het in woord & wederwoord onder andere zo: 'You twisted and tore our love apart/Your light fingers through the dark/Shattered the lamp into darkness, they cast us all/No, you've got it the wrong way round/You shut me up, and blamed it on the brown/Cornered the boy, kicked out at the world/The world kicked back a lot fucking harder now'. En in de afsluiter 'What Became of the Likely Lads' klinkt het: 'Oh what became of the likely lads?/What became of the dreams we had?'. Tussendoor worden ook nog andere thema's aangesneden - sociale commentaar in het korte, très Sex Pistols-achtige 'Arbeit Macht Frei' bijvoorbeeld, of het hekelen van verwaande followers of fashion in het Kinks-waardige 'Narcissist' - maar de rode draad is toch het wrange, door drugs getekende verhaal van de groep zelf, dat getoonzet wordt op uitbundige muziek die helemaal in de Britse traditie is ingebed. Want zoals platen van pakweg The White Stripes of Mark Lanegan alleen maar door Amerikanen gemaakt kunnen worden (dat herkneden en up-to-date houden van de blues-, country-, gospel- en rock-'n-roll-roots!), zo zijn The Libertines onomkeerbaar Brits. Je hoort onder andere de invloed van The Clash (in 'Tomblands', 'The Saga', 'Road to Ruin'), The Kinks (neen, het is niét de jonge Ray Davies die 'Don't Be Shy' zingt), The Jam, The Sex Pistols en Britpop, maar de groep draait de hand ook niet om voor een streepje bijna-vaudeville (het schattige, instant meezingbare 'What Katie Did') of de rammelrock van The Small Faces en de latere punk. Uitschieters? Een mooiere song dan 'The Man Who Would Be King' hebben wij dit jaar nog niet gehoord ('To the man who would be king, I would say only one thing: lalalalalalalala', schrijf dát op uw buik, Flup), en van het aangrijpende 'Music When the Lights Go Down' worden wij telkens weer geheel soft vanbinnen. Samen met het openings- en slotnummer en 'What Katie Did' is dat onze persoonlijke top-5, maar hey, de rest van deze haast live opgenomen plaat - geen gefriemel bij Jones - moet daar nauwelijks voor onderdoen. Ooit waren The Libertines het Britse antwoord op de Amerikaanse 'The'-groepjes (The White Stripes, The Strokes), vandaag staan ze minstens op dezelfde grote hoogte: Franz Ferdinand voor vergevorderden. Gaat dat zien, live op 16 september in de Botanique in Brussel - als 't Doherty tenminste belieft en nu het nog kan. 'The Libertines' intussen? Plaat van het jaar!

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234