Revue Lanoye: 'Genadeloze genade'

Hij was nauwelijks president of hij kreeg al de Nobelprijs voor de Vrede. Om daarna toch oorlogen voort te zetten waarvan hij had gezworen ze te zullen stoppen.

'Mijn ontroering had alleen maar groter kunnen zijn indien de congregatie in Charleston, live op CNN, daarna was uitgebarsten in een klassieker van Thé Lau'

Ik ben geen man van de wapenen of de knuisten. Toch heb ik de afgelopen week een paar keer gevochten en verloren. Tegen tranen. Niet alleen vanwege het afscheid van zanger Thé Lau, wiens ‘Blauw’ of ‘Rigoureus’ ik niet kon horen zonder krop in de keel of van woede gebalde vuisten – ik kan er nog altijd niet tegen, tegen die langzame genocide van wegvallende helden en wegterende vrienden, die men zo gratuit omschrijft als ‘de naderende ouderdom’. Het is de dood die nadert, in ieder die je ziet.

Maar ik zat verdorie ook te janken om een politicus op een ander continent. Ietwat tegen mijn goesting, maar totaal ontwapend en bizar geschokt en vreemd verzaligd.


Grootse gratie

Het was toeval dat ik midscheeps werd getroffen. Dankzij livebeelden op CNN, waar we met zijn tweetjes – het licht van mijn leven en ik – op hadden afgestemd. Zappend uit verveling, en tegen beter weten in op zoek naar frisse Helleense berichten. Naar extra voedsel voor onze steeds weer oplaaiende verontwaardiging om de Griekse tragedie, waarin dubbelhartige politici, banken, rentmeesters, renteniers, sadisten, verraders en andere Hollandse sociaaldemocraten een ideologische veldslag uitvechten op de kap van een bevolking die ze met zijn allen de voorbije jaren reeds een keer of drie hébben opgelicht en afgeperst. En toen zong op CNN opeens die verdomde Barack Obama, omgeven door feestelijk uitgedoste geestelijken, het eerste couplet van ‘Amazing Grace’. Nog toonvast ook. Ik was blij dat ik neerzat.

In de aula in Charleston, South Carolina, ging iedereen juist staan. Meezingend, heen en weer wiegend, glimlachend, ritmisch knikkend, zichtbaar in vervoering, applaudisserend in de traag deinende maat. Alsof ze een optreden bijwoonden van de gospelzoon van James Brown en Martin Luther King. Het kerkorgeltje viel in, de yeahs en de Praise the Lords waren niet van de lucht – de hele sfeer werd die van een triomfantelijke fuif, een victorie vol trieste maar trotse jubel, uit honderden monden tegelijk... En dit was nota bene het slot van een uitvaart. Na een gruwelijk racistische, negenvoudige moord, gepleegd in een kerk vlakbij, die in haar bestaan al veelvuldig in brand is gestoken of anderszins geattaqueerd.

Zingen, bij God. Als president van het voorlopig nog machtigste land van de wereld, maar ook als een zwarte man die zijn klassiekers kent en zich de ketenen herinnert van wie voor hem kwam. Zingen met de kracht van weerbaarheid, medemenselijkheid, vergeving, mededogen – van allerléí begrippen die de moderne Europeaan nog amper in de mond durft te nemen, omdat ze niet passen bij zijn zelfgekozen rationele maatpak, waarvan de krijtstreep ‘cynisme’ heet.


Weinig nobels

Verdient president Obama onze bewondering wel? Eigenlijk niet. Vooral niet-landgenoten bejegenen hem bij voorbaat veel te vriendelijk. Het lijkt wel verliefdheid, gebaseerd op een latent schuldcomplex.

Hij was nauwelijks president of hij kreeg al de Nobelprijs voor de Vrede. Om daarna toch oorlogen voort te zetten waarvan hij gezworen had ze te zullen stoppen. Oké, qua misplaatstheid bestaan er concurrenten. In ’73 kreeg Henry Kissinger ook die vredesprijs, als ‘Veiligheidsadviseur’ en minister van Buitenlandse Zaken. Nog maar een paar jaar daarvoor had hij, alleen al in Cambodja, achthonderdduizend mensen naar de verdommenis laten bombarderen. Obama wachtte met dat soort dingen tenminste tot ná zijn bekroning.

Reeds tijdens zijn eerste verkiezingscampagne beloofde hij de sluiting van Guantánamo, de Amerikaanse militaire gevangeniskolonie op Cuba. Voor het eerst in gebruik genomen in 2002, werd ze berucht om haar foltermethodes, willekeur, drieste geheimhouding, wanhopige zelfmoordpogingen... Vandaag, in juli ’15, zitten er nog altijd meer dan honderd gedoodverfde terroristen vast. Michael Lehnert, een gepensioneerde generaal-majoor die de bouw van ‘Gitmo’ coördineerde, schreef eind 2013, in een artikel in The Detroit Free Press: ‘Van bij het begin besefte ik dat de meeste gevangenen er niet thuishoorden. Ze bezaten amper info en er was onvoldoende bewijs om hen te linken aan oorlogsmisdaden. Dat is voor het leeuwendeel van de gedetineerden nog altijd zo.’ Akkoord: Obama dééd een poging om de tent te sluiten. Zijn Congres stak er een juridische stok voor en het hooghartige Europa liet hem in de steek, qua opvang van gedetineerden – een paar stuks per land ging al te ver.

Maar noem je zoiets ook niet ‘berekening’? Wie president is kunnen worden van de VS, is per definitie geworteld in big business en machtsverhoudingen, gegoten in beton. Een diploma van naïviteit hoort daar niet bij. Gitmo wordt allicht pas gesloten als de laatste gevangene sterft van ouderdom.


Long Distance Logic

Op het palmares van the Prez prijken nog veel afknappers. Zoals de toxische oneliner waarmee hij in 2014 het Senaatsrapport wegwuifde over de folterpraktijken van de Amerikaanse geheime dienst: ‘Yeah sure – we tortured some folks.’ Hier sprak niet langer een charmante gospelprediker, de denkbeeldige zoon van Mahalia Jackson en Mahatma Gandhi, maar een weinig berouwvolle top dawg uit de getto’s van Miami-Dade County. ‘Hell, yeah! We waisted some niggas.’

'En toen zong die verdomde Barack Obama het eerste couplet van 'Amazing Grace'. Nog toonvast ook. Ik was blij dat ik zat'

Maar laat, als besluit, van alle ontnuchteringen dit de meest klinkende zijn. Zijn zogenaamd propere oorlog met precisiedrones. Begonnen onder zijn beleid en uitgevoerd door de nieuwerwetse soldaat. Een overjaarse puber die urenlang, in de schaduw van zijn ouderlijke huis, op een computerscherm naar exotische landschappen staart als naar porno, joystick in de hand, en die toeslaat op duizenden kilometers afstand, in Pakistan, Jemen, Mali. ‘Richten en klikken, dat is het enige dat we deden,’ getuigde private Brandon Bryant in de documentaire ‘Drone’ van Hessen Schei. Zijzelf wees ook op de doelbewuste terreur die alleen al het constante gezoem van de vliegtuigjes uitoefent, zelfs in uitgestrekte regio’s. En ze voerde een medewerker op van oud-minister van Buitenlandse Zaken Colin Powell: ‘We doden vier terroristen, maar we creëren er tien.’

Vorig jaar deze tijd werd het eerste lustrum gevierd van dit gloednieuwe krijgsbedrijf, waarmee gigantische fortuinen worden verdiend. Nieuwswebsite The Huffington Post citeerde niet de zakencijfers, maar het rapport van Amnesty International en Human Rights Watch, die de heimelijkheid van de aanvallen aanklaagden, en vooral de dood van de vele slachtoffers die geen moer met terrorisme te maken hebben. Grove schattingen, nergens officieel toegegeven: tweeduizend vierhonderd doden in vijf jaar tijd. Alleen al in Pakistan: om en bij de zeshonderdvijftig burgers, onder wie tweehonderd kinderen.

Wie ook maar iets te berde wil brengen over radicalisering, waar dan ook in het Westen, en toch zwijgt over deze laffe dodendans-op-afstand, is blind en doof. Jazeker, wij zijn tot over onze oren betrokken in een vuile oorlog. Dit is het beste bewijs: we brengen, gehoorzaam aan la logique de guerre, alleen de onschuldige slachtoffers aan onze kant in rekening.


Goddeloze afgunst

Toch zat ik dus volop en ietwat gegeneerd te janken, kijkend naar de gospel zingende Obama op CNN. Misschien zat ik daarom juist te snotteren: om de paradox van de macht, met zijn meedogenloze schaduwkanten en zijn momenten van mogelijke glorie.

Want de Prez beleefde een superweek. Al een jaar lang had iedereen hem afgeschreven. Een leider in zijn nadagen, een machteloze democraat tegenover een verenigd republikeins Congres. Opeens werden zowel het homohuwelijk als het nieuwe zorgstelsel door het Hooggerechtshof geen strobreed meer in de weg gelegd. Dankzij het fanatisme van hun tegenstanders zal minstens één van de twee verbonden blijven met zijn naam — Obamacare. Naar verluidt viseert hij nu ook juridisch de schandvlek van de doodstraf en wil hij binnenkort eigenhandig de Star-Spangled Banner gaan hijsen op de nieuwe Amerikaanse ambassade in Havanna, een einde makend aan een onzinnige blokkade van een halve eeuw. Maar het politieke koninginnenstuk blijft zijn optreden in Charleston. Een goed zingende president! Ik zie het Jeb Bush niet doen, of Charles Michel, of Mark Rutte. Al moeten we niet overdrijven. Ook Berlusconi kon zingen als de beste.

Maar Silvio zong op cruiseboten, zelden in een kerk. En de song die Obama koos – en die niet voor niets ook al een rol speelt in ‘De hut van oom Tom’ van Harriet Beecher Stowe – vormde maar het sluitstuk van een indrukwekkende speech. Andermaal een zeldzaam werkstuk van welbespraaktheid, politieke durf en de wil om een groot vraagstuk niet langer onder het tapijt te vegen. Je zult er, bijvoorbeeld, niet in terughoren dat racisme maar iets relatiefs is. Je hoort het getuigenis van iemand die doordesemd is van het tegendeel, die dat aan den lijve heeft ondervonden en die – al is hij kunnen opklimmen tot het hoogste ambt van de wereld – zijn erfenis en zijn inzet nooit zal vergeten. Maar die bereid is om ze, zelfs na negen moorden, in te zetten voor verzoening en een nieuwe start.

De retoriek als daadkrachtig activisme, het lied als droom en realpolitik ineen... God weet dat ik een ketter ben zo groot als een kathedraal – maar als zo’n kerkgemeenschap daar dan ook nog eens mee instemt? Vanuit zijn eigen methodistische traditie? Zingend en dansend en feestend? Dat levert zeldzame momenten op van seculiere jaloezie.


Besluit

Vergeef ik hier Obama, ‘op mijn manier’? Ik ben daar slecht in. Ik blijf de schaduwzijden zien. Maar ik weet één ding, sinds vorige week. Tussen Machiavelli en Messias pendelend zal Obama één van de meest legendarische presidenten van Amerika blijken te zijn. Niet omdat hij half zwart is, of omdat hij kan zingen, en kan speechen, en durft openbaar te analyseren, en toch jokes kan vertellen alsof hij een jobwissel ambieert... Maar omdat hij al het voorgaande op het juiste moment kan combineren en – ondanks alles, en allicht op veel te weinig terreinen – toch stappen vooruit weet te zetten, als leider van een mastodont. Soms door een schijnbaar doodsimpele hymne te zingen, met gevoel voor maat en toon, en met respect voor geschiedenis, en met de uitnodiging om minstens mee te zingen... ‘Ontzagwekkende genade, hoe zoet is uw klank / Die stakkers redt zoals ik / Ooit was ik verloren – nu ben ik terecht / Ooit blind – nu kan ik zien.’

Mijn ontroering had alleen maar groter kunnen zijn indien de congregatie in Charleston, live op CNN, daarna was uitgebarsten in een klassieker van Thé Lau. ‘Het is alsof je zegt / Doe iets, nu, hier, voor mij / Doe het rigoureus en onverwacht / Rigoureus en ondoordacht.’

Door dik en dun. Maar altijd uit het hart.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234