null Beeld

Riccardo Riccò geschorst

Het Italiaanse antidopingtribunaal heeft dopingzondaar Riccardo Riccò een schorsing van 12(!) jaar opgelegd omdat hij zichzelf een bloedtransfusie heeft toegediend. Daarmee komt een einde aan de wielercarrière van de 28-jarige renner.

Begin 2011 resulteerde een misgelopen bloedtransfusie bij Riccò in ernstig nierfalen en ontsnapte hij maar nipt aan de dood. Het inspireerde Humo-journalist Sven Spoormakers tot volgend fictief kortverhaal.

Schat!', roept Vania schril. 'De kleine heeft kaka gedaan in zijn pamper. Ik zit in bad. Kunt gij hem verschonen?'

- 'Nee, schat. Ik lig net aan het infuus. Nog snel 200cc aftappen.'

'Zèg, kunt ge voor één keer niet een klein beetje moeite doen? Ge kunt dat toch efkes uittrekken? Die kleine stinkt, en seffens hangt hij tot aan zijn rug vol kak.'

Riccardo zucht. Mompelt verwensingen aan het adres van zijn vrouw. Staat kreunend van ergernis op en trekt de naald uit zijn arm. In de plooi van zijn elleboog verschijnt een druppel helderrode vloeistof. Hij drukt een propje watten op het gaatje en loopt de trap op.

'Waar ben je, stinkmachien?', zegt hij, geforceerd lachend. Riccardo weet hoe belangrijk dat bloedzakje is. Hij wil namelijk de ronde van zijn land winnen, en het zou al te belachelijk zijn mocht dat mislukken omwille van een kakje van zijn zoon.

'Kaka', zegt het jongetje.

Riccardo tilt hem op, voorzichtig. Hij moet altijd kokhalzen van de geur van warme uitwerpselen. 'Straf', denkt hij. 'Kak is even warm als bloed, en van het ene wordt ik misselijk, van het andere lichtjes opgewonden.' Na elke afname legt hij het nog warme zakje stiekem tegen zijn wang, en voelt dan de lichte twinkeling in zijn aders en spieren: de prelude van het verboden genot van het levenselixir. Telkens wil hij het van de daken schreeuwen: 'Geef het op, jongens, ik ben onsterfelijk! Jullie zullen lijden, morgen, overmorgen en alle volgende dagen. Jullie zullen smeken om genade. Jullie zullen neerzijgen aan mijn voeten, en wanneer jullie de kracht vinden om omhoog te kijken, zullen jullie geen mens zien, maar een God. Een God met haren en ogen zo rood als bloed!'

'Kaka', zegt het jongetje opnieuw. Iets nadrukkelijker nu. Riccardo voelt zijn dagdromen wegvloeien, en legt zijn zoon snel neer op het verzorgingskussen. Het is al te laat, ziet hij: de bruine smurrie is al langs de randen van de luier geperst. Hij onderdrukt zijn walging en probeert zijn neus af te sluiten voor de warme geur die hem in het gezicht slaat. Snel maakt hij de billetjes schoon, wringt een schone luier onder de jongen, smeert zalf op de rode vlekken, trekt de kleefstrips strak aan. De jongen geeuwt. 'Gaan we slapen, kleine kampioen?', zegt Riccardo. Hij legt zijn zoon in bed, drukt hem een nachtzoen op de zachte haartjes en aait 'm over de wang. De peuter protesteert niet: hij houdt zijn knuffel stevig vast en valt meteen in slaap.

Het propje watten is Riccardo ergens onderweg kwijtgespeelt: op zijn blote onderarm kleeft een lang spoor van opgedroogd bloed. In de zetel voor de televisie ligt een halfvol bloedzakje.

'Wat moet ik daar nu mee?', denkt Riccardo. Hij legt het zakje achteloos aan de kant, neemt een nieuwe naald en een nieuw zakje. Hij veegt zijn arm schoon met een doekje gedrenkt in ontsmettingsmiddel, trekt de riem op zijn bovenarm strak aan en ziet de ader in zijn elleboog opzwellen. Hij tikt nog even met zijn wijsvinger op de kloppende, blauwe lijn en prikt de naald erin. Tien minuten later is het zakje helemaal vol.

Beneden in de kelder, bij het wc-papier, de keukenrollen, de blikken passata en de energierepen, staat een koelkast. Hij trekt de deur open en controleert de temperatuur: twee graden Celcius, perfect. Op de koelkast ligt een blad met zelfklevende etiketten en een balpen. Riccardo schrijft de datum op het etiket, plakt het op het bloedzakje, legt het een paar seconden tegen z'n wang, sluit de ogen en ziet zichzelf zegevierend in het roze op het podium. Daarna, als hij de opwinding over zijn ruggengraat voelt tintelen, legt hij snel het zakje in de koelkast en sluit de deur.

Het is al laat en morgen wacht alweer een zware training. Vers bloed of niet: de Giro win je op winterzweet. Riccardo gaat de trap op, met die typische, slepende wielrennerspas om zo weinig mogelijk energie te verspillen. Vania komt net de badkamer uit, met natte haren en een handdoek rond haar lichaam geplooid. Hij wordt net zo opgewonden van haar geur als van een zakje warm bloed tegen zijn wang. Ze begrijpt de blik in zijn ogen en laat de handdoek op de grond glijden.

De volgende ochtend worden ze laat wakker. Ze horen hun zoontje praten in zijn bed. 'Papa wint', zegt hij en klapt daarna in zijn handjes. Riccardo lacht: 'Hij zal nog veel in zijn handjes mogen klappen dit jaar. Gisteren heb ik de Giro weer voor een stukje gewonnen.'

Een uur later hebben ze met z'n drieën ontbeten. Riccardo maakt zich klaar voor de training van de dag. Op zijn fietsschoenen na is hij helemaal klaar. Maar hij is zijn portefeuille kwijt. 'Kijk eens in de zetel', zegt Vania. 'Misschien is hij uit de zak van je trainingsbroek gegleden toen je gisteren je bloed aftapte.'

Plots herinnert Riccardo zich het halfgevulde zakje. Hij raapt het op en weet niet nog steeds niet wat hij ermee moet. De bel gaat: zijn trainingsmakker is er. Hij gooit het zakje in de koelkast in de keuken, trekt z'n schoenen aan, geeft vrouw en zoon een zoen en stormt naar de garage.

Tijdens de training krijgt hij een idee: hij kan dat zakje gebruiken voor zijn eerste koers van het seizoen. Het zou tof zijn voor zijn nieuwe team als hij snel zou winnen. 'Goed plan', zegt zijn trainingsmakker. 'Je kan dan meteen in de kranten zeggen dat je ook clean nog altijd een van de beste coureurs van het peloton bent. Ze geloven toch dat je nu helemaal clean bent?'

- 'Ik gebruik geen cera meer. Zo dom ben ik niet. Dus ja, ik ben clean. Eigen bloed, dat kunnen ze toch niet opsporen, hé?'

Het is een flinke training geworden: vijf uur, met drie stevige cols erin. Vania is er niet wanneer Riccardo thuis komt. Hij herinnert zich dat ze vandaag naar haar moeder ging met de kleine. Hij drukt de cijfercode in op het display naast de garagepoort. Geen reactie. 'Shit', denkt Riccardo, 'de electriciteit is uitgevallen.' En meteen komt de volgende gedachte: 'Gelukkig is de koelkast in de kelder aangesloten op een noodgenerator. Stel je voor dat ik de Giro zou verliezen omdat de stroom uitvalt!'

Riccardo grijnst, en belt vervolgens zijn vrouw. Of ze snel de sleutel kan brengen: 'De Girowinnaar mag nu niet verkouden worden, schat!'

Noot van de auteur:

Dit is fictie. Elke gelijkenis met bestaande personen of stiuaties berust enkel op toeval.

undefined

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234