null Beeld

Rickie Lee Jones - The Sermon on Exposition Boulevard

'The Sermon on Exposition Boulevard' van Rickie Lee Jones heeft een merkwaardige ontstaansgeschiedenis.

Christophe Verbiest

Een jaar of tien geleden distilleerde de Amerikaanse fotograaf, grafisch ontwerper en schrijver Lee Cantelon uit het Nieuwe Testament het boekje 'The Words of Jesus': het moest een gids zijn voor wie in wankele tijden nood had een sneetje goedheid, maar tegelijk vond dat de Kerk Zijn spirituele boodschap versmacht had. Cantelon is een overtuigd christen die zich niet graag als dusdanig out omdat je in de VS dan al snel in het uiterst rechtse religieuze kamp wordt gesitueerd, een plek waar hij zich absoluut niet thuis voelt.

undefined

In 2005 besliste Cantelon om een handvol van die teksten op muziek te zetten en daarvoor riep hij de hulp in van gitarist en songschrijver Peter Atanasoff . De teksten zou hij laten lezen door vrienden en kennissen (Mike Watt , Rickie Lee Jones,…), maar ook door een bedelaar die hij elke dag op straat ontmoette. Maar Jones verblufte Cantalon en Atanasoff: toen ze naar de studio kwam om haar bijdrage in te lezen, wou ze liever zingen en ze besliste om te improviseren over een compositie waarvan ze alleen de eerste twintig seconden gehoord had. Drie minuten later was het nummer af ('Nobody Knows My Name') en zonder dat er één noot aan veranderd is, is het op 'The Sermon on Exposition Boulevard' beland. Vervolgens nam Jones, die beklemtoont dat ze geen christen is, maar wel geraakt wordt door de spirituele boodschap van Jezus, het heft in handen en maakte van dit project háár plaat. Jazeker, Atanasoff speelde nog een belangrijke rol (hij is coauteur van 10 van de 13 songs), maar het was Jones die coproducer Rob Schnapf (zie: Beck en Elliott Smith) inhuurde, en het gros van de teksten komt uit haar koker.


The Duchess of Coolsville - haar bijnaam is tevens de titel van een uitstekend, drie cd's tellend carrièreoverzicht uit 2005 - rockt steviger dan ooit, maar verwacht nu niet meteen wild overstuurde gitaren of smerige licks. Met haar less is more- benadering, belandt ze meer in de buurt van Tom Waits (het sublieme 'Tried to Be a Man', 'It Hurts') of Howe Gelb in een associatieve bui ('I Was There'). Maar ze schudt ook een paar popsongs uit haar mouw ('Falling up', de catchy meezinger 'Circle in the Sand'). Op andere momenten klinkt ze contemplatiever ('Lamp of the Body'), maar een keer verliest ze zich in haar mijmeringen (de desintegrerende folksong 'Where I Like It Best'). Jones gaat ook op zoek naar een eigentijdse Jezus en komt uit bij Elvis Presley, die in zijn geliefde voertuig door de hemel sjeest ('Elvis Cadillac') en er zowaar Janis Joplin ontmoet. Zo weten wij ook meteen waar we naartoe willen als we dood zijn!

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234