Riguelle zingt Brel: de Zeven Hoofdzonden van Patrick Riguelle

Deze herfst zal diep Patrick Riguelle-gekleurd zijn. De komende maanden tourt hij met een nieuw Brel-programma door het land, en – zo weten we ondertussen allemaal – no one sings Brel like Riguelle. Om dat te bewijzen speelt hij mij, in zijn huiskamer, twee proevertjes voor. ‘Quand on n’a que l’amour’ klinkt zoals het hoort: hartverscheurend mooi, smachtend en hunkerend. Maar het is pas bij ‘Vesoul’ dat hij alle registers opentrekt: het lied scheurt voorbij met een duizelingwekkende vaart en schoonheid. Ja, het klopt: niemand zingt Jacques Brel zoals Riguelle.

Op de koop toe neemt le beau Patrick, samen met zijn De Laatste Show Band-kompaan Jan Hautekiet, ‘Les compagnons de la chanson’ van Kurt Van Eeghem over, onder de nieuwe titel ‘La vie est Riguelle’.

Patrick Riguelle (52) «Jan is de presentator van het programma en ik zorg voor anekdotes omheen de gekozen liedjes. Mijn parate kennis en mijn nieuwsgierigheid zullen wel voldoende stof opleveren. Ik wil voor een boeiende mengeling van populaire nummers en volkomen obscure parels zorgen. Jan en ik zullen in de radiostudio ook samen musiceren.»

HUMO Wat moet ik mij voorstellen bij je komende Brel-toer?

Riguelle «Ik zal voor het eerst zonder gitaar voor een publiek staan, met de microfoon in de hand, zoals ook Brel dat deed. Op YouTube heb ik zowat alle oude opnames van Brel weer bekeken: wat een présence! Die mimiek. Die stem! Dat spel met z’n handen. Het zou dom én onbegonnen werk zijn om Brels podiumact na te bootsen, maar zijn liedjes kan ik wél aan. En mijn vaste begeleiders van De Laatste Show Band ook. Ik ben van nature een virtuoze zanger, alleszins in de frasering. De razendsnelle passages in ‘La valse à mille temps’ of ‘Vesoul’ gaan moeiteloos, dat heb je daarnet kunnen horen.»


Gulzigheid

HUMO Je staat overal te boek als een gulzig levende feestmens.

Riguelle «Liedjes zingen op een podium, dat is een roes. En daar gaat het om: de roes. Ik zoek die in alles: in drank, in nicotine, in drugs, in lekker eten. Ik heb geen verleden: alles wat ik bezat – platen, boeken, kleren, gitaren – is ooit in de grote brand van het Continental Palace in Blankenberge gebleven, waar mijn vader conciërge was. 30 augustus 1981, ik zal die datum nooit vergeten.

»Rockmuzikant zijn is niet alleen optreden, maar ook fretten-poepen-chachacha. Hedonisme tot op het bot. Aan te moedigen, ook. Zéker geen zonde. Leve Beëlzebub! Mijn idool op dat vlak is Freddie Mercury: genieten totterdood. Ik blijf mijn pakje Richmond per dag roken, mijn zes Duvels drinken, mijn bergen spaghetti en mijn taartpunten eten, you name it. Ik heb ook alle denkbare drugs genomen, vooral uit nieuwsgierigheid. Nooit geslikt of gesnoven om mijn demonen uit te drijven; wél uitsluitend en alleen om het genot. Feesten, baby! Het leven dient één eeuwigdurende party te zijn.»

HUMO De kerkhoven liggen vol feestvarkens. Je goeie vrienden Patrick De Witte en Fons Sijmons: notoire hedonisten. Maar wel dood.

Riguelle «Yep. I’ll be glad to join the club. Maar dan liefst op mijn 95ste. Living dangerously! Gulzig leven, niet omwille van de vraatzucht, maar omwille van de fun, het plezier. Als je plezier maakt, ben je ook veel toegankelijker voor de anderen. Plezier maakt je open en communicatief. Het zorgt voor liefde en verbroedering. Bij dezen wil ik een petitie starten om gulzigheid uit de zeven hoofdzonden te laten schrappen.»

HUMO Indertijd ben je uit Gent weggevlucht omdat het daar net iets te hevig toeging.

Riguelle «Ik dreigde eronderdoor te gaan, man. Herman Brusselmans was mijn compagnon in het nachtbraken. Ik sliep tot een uur of twee na de middag, ontbeet vloeibaar en omstreeks een uur of zeven trok ik dan naar Herman, voor het aperitief: één fles porto elk. Ondertussen keken we samen naar ‘Het rad van fortuin’ – lol! Om middernacht spraken we opnieuw af in Café Caruso, waar we onze vaste plaats hadden. Daar dronken we tot een uur of zeven ’s ochtends: Herman één fles whisky, ik één fles gin. Twee jaar lang. Zo goed als iedere avond. Authentiek. Er bestaan meerdere getuigen van.»

HUMO Wat doet dat met een mens?

Riguelle «Dat maakt een mens kapot, natuurlijk. Maar wel véél gelachen. En gewéldige gesprekken gevoerd. Veel madams. Veel inspiratie. Je ziet geen daglicht meer. Er ontstaat een onwereldse vriendschap. Wij zijn nog altijd de beste maatjes. Ik zie Herman doodgraag. Hij is een snookerfan en ik ook. Dat zuipen kon niet blijven duren, natuurlijk. Herman is in één dag gestopt met drinken en ik ben naar Mechelen gevlucht, waar het net iets kalmer was.

»Ik ben in die dagen ook flink in het witte gerief gedoken. Je voelt je ongelooflijk scherp en lucide. Je bent veel meer zelfverzekerd, om niet te zeggen dat je een arrogante zak wordt. ’t Is vooral erg duur en zeer verslavend. Ik ben tot op het randje geweest. Het heeft een halfjaar geduurd vooraleer ik weer zonder angsten op straat durfde te komen. Het is een valse drug. Je belandt in een onrealistische wereld waar je rotsvast van je eigen grote gelijk overtuigd bent. En je gaat ervan uit dat je onderschat wordt als artiest. Wat onzin is, natuurlijk.»

HUMO Een mooi verhaal in dat verband is dat je op een blauwe maandag nog gevraagd bent als zanger van The Stranglers, toen een echte wereldgroep.

Riguelle «In die tijd had ik vooral naam als sessiemuzikant: steelgitaar en zang. Op een mooie dag kreeg ik telefoon; het was Stranglers-bassist Jean-Jacques Burnel, vanuit de Brusselse studio ICP. Hij vertelde mij dat hun zanger, Hugh Cornwell, de groep had verlaten. Ze zochten een vervanger. Of ik auditie wilde doen? Ik was zo verbouwereerd dat ik de telefoon uit m’n handen liet glijden. Uiteindelijk heb ik geweigerd, uit pure angst. En uit lafheid, natuurlijk. Ik had meteen begrepen dat het The Stranglers puur om het geld te doen was. En ik wist dat de groep met een zwaar heroïneprobleem kampte. Ik vreesde dat ik uiteindelijk als een junk zou eindigen. Broekschijter, hè.»

HUMO Nog even naar Brel. Was hij een gulzig mens?

Riguelle «Absoluut. Hij omarmde het leven als geen ander. Levensgenieter par excellence. Hij leefde snel en werkte als een paard: soms drie optredens op één dag. Gepatenteerde nachtraaf, ook. En een grote je-m’en-foutist. Hij had zeker een donkere kant, zoals iedere romanticus, denk ik.»


Hoogmoed

HUMO Doorgaans ben jij de vriendelijkheid zelve. Overal waar je verschijnt, ben je in een vloek en een zucht El Sympatico.

Riguelle «Dat zit gewoon in mijn natuur. Toch kon ik indertijd behoorlijk arrogant uit de hoek komen. Ik herinner mij – met één van mijn eerste groepen, K13, waar ook mijn betreurde vriend Fons Sijmons bij speelde – een vreselijk hovaardige scène. Op café kwam een fan ons na een optreden bedanken. Die jongen stond in volle bewondering voor mijn zangtalent. Ik heb die fan toen met het air van een popster, die ik toen niet eens was, behoorlijk de levieten gelezen: ‘Jij bent een plant. Jij moet zwijgen.’ Die jongen bleef maar glimlachend aan onze tafel zitten. En ik bleef hem maar uitschelden, om de rest van het gezelschap te amuseren. Totaal belachelijk en afkeurenswaardig. Mocht die jongen toevallig dit interview lezen: ‘Mijn excuses, broeder. Ik was jong, dom en ijdel, toen.’ Terwijl ik dit vertel, loopt er nog altijd een rilling van schaamte over mijn rug.

»Ik ben een mens met een groot schuldgevoel en tegelijk een zeer klein verantwoordelijkheidsbesef. Een explosieve combinatie, eigenlijk. Eerst misdraag ik me blind en uit volle borst, en vervolgens word ik voor de rest van mijn leven achtervolgd door schuld. Ruzies met exen, met vrienden, met lieven.»

HUMO Is iedereen die op een podium klimt niet per definitie ijdel?

Riguelle «Absoluut. Het is de muzikantenziekte. Ik sta graag op een podium en dé drijfveer daarbij is boven alles ijdelheid. Ik verkondig geen boodschap; ik wil applaus, ik wil dat ze van mij houden. Eerlijk gezegd: ik kan niet zonder het podium. En ik word er nog voor betaald ook!»

HUMO Heb je een verklaring voor die hang naar liefde?

Riguelle «Van mijn 4de tot mijn 6de ben ik wegens astma naar een zogeheten zeepreventorium gemoeten, weggerukt van mijn ouders. Zou het daaraan kunnen liggen? Kerst zonder je ouders: dat is pijnlijk. Toen ik nadien naar school moest, hebben ze mij wegens plaatsgebrek bij de meisjes gezet. Ik heb dat onmiddellijk als zeer aangenaam ervaren. Ik werd, als enige jongen, verwend en bemoederd. Die jaren bij de meisjes hebben er later voor gezorgd dat ik me meer op mijn gemak voel bij vrouwen dan bij mannen. Ik vind vrouwen emotioneel wijzer.»

HUMO Terug naar de zuivere hoogmoed.?

Riguelle «Ik maak een stevig onderscheid tussen arrogantie en pretentie. Arrogantie vind ik oké. Een zekere mate van arrogantie heb je zelfs nodig om je in de wereld van de rock staande te houden. Je hebt attitude nodig, je moet er stáán, je dient zelfvertrouwen uit te stralen. Maar pretentie vind ik verwerpelijk. Iemand met pretentie pretendeert iemand te zijn die hij in feite níét is. Als je denkt dat de nulmeridiaan door je eigen hol loopt, ben je verkeerd bezig.

»Op een podium ben ik veel minder bedeesd dan ernaast. Toch kijk ik nog altijd op naar de onwaarschijnlijke lefgozers in de rock: hoe zo’n Rick de Leeuw indertijd met z’n Tröckener Kecks op het podium stond. Dat lef! Of George Kooymans van Golden Earring! Paul Weller van The Jam! Dan stelt zich de vraag: is dat lef echt of gespeeld? Ik denk dat iedereen die op een podium klimt een zekere timiditeit wil overwinnen – zelfs Rick de Leeuw en George Kooymans. Ik was ontzettend, bijna ziekelijk timide, tot voorbij mijn 14 jaar. Maar de basis blijft. Ik heb nog altijd de trac. Voor ik op moet, sterf ik nog altijd duizend doden. Dat je denkt: was ik maar slager of postbode geworden. Ik ben altijd vriendelijk voor mijn publiek en zal het niet Johnny Rotten-gewijs beginnen uit te schelden. Wat me bij mijn legendarische lafheid brengt. Maar dat is geen hoofdzonde, blijkbaar?»

HUMO Vertel toch maar.

Riguelle «Ik heb een zeer aparte theorie omtrent de lafheid. Ik vind: lafheid is de ultieme voedingsbodem van het genie. Al mijn grote voorbeelden zijn notoire lafaards: Woody Allen, Bob Dylan, Jacques Brel. ‘Ne me quitte pas’: dat is niet het ultieme liefdeslied, dat is de klaagzang van de loser, de lafaard die net de bons heeft gekregen. Brel had in die tijd naast zijn vaste vrouw Miche, een minnares: Zizou. Als Brel een tijd bij Zizou had gezeten, moest hij met hangende pootjes terug naar Miche. Dát is ‘Ne me quitte pas’. Brel die zichzelf voorstelt als ‘l’ombre de ton ombre/ l’ombre de ton chien’ – een pijnlijke zelfvernedering, op de rand van het masochisme. En toch: in soortgelijke omstandigheden zou ik ook zo praten, denk ik. Omdat ik een lafaard ben. De laffe angst om iemand te verliezen van wie je echt houdt, is onverdraaglijk.»


Gramschap

Riguelle «Doorgaans ben ik een vriendelijk en aimabel mens. Maar als ik écht kwaad word, ga ik door het lint. Dan word ik onredelijk. De woede trekt door mijn hele lichaam: iedere vezel wordt dan boos. Ik ben een binnenvetter. Als iets mij niet zint, move ik niet, maar de druk binnenin wordt almaar groter. Dat proces kan dagen duren. Tot ik ontplof. Ik begin te beven, ik roep en ik tier, en – het ergste – ik gooi met wat ik toevallig in mijn handen heb: een bord, een glas, een frisco (lacht). Ooit heb ik een pot suiker tegen een brandende kachel gegooid. Gevolg: ik heb een maand karamel geroken in mijn kot. Let wel: ik sla nooit vrouwen, mannen of dieren. Maar ik heb wel al ’ns een gitaar kapotgeslagen – mijn enige akoestische, toen.

»Wraakzuchtig ben ik dan weer niet. Ik heb er zelfs een afkeer van. Wraak leidt de wereld naar nog grotere misère, vind ik. La haine! Mijn grote goeroe, Louis-Ferdinand Céline, heeft de wraakzucht meesterlijk geanalyseerd. Wraak leidt tot niets. En van de oudtestamentische God, Jahweh, de God van de wraak, moet ik helemáál niets hebben.»

HUMO Je bent een notoire Belgicist. De tricolore vlag hangt hier sedert het begin van het WK voetbal en ze hangt er nog altijd. Is ook dat een uiting van boosheid?

Riguelle «Die vlag hangt er grotendeels omdat ik te lui ben om ’m op te bergen. En een statement? Het is algemeen geweten dat ik de N-VA geen warm hart toedraag. Ik ben zeker geen royalist, maar ik vind het al te gemakkelijk om, als Vlaamse gemeenschap, de schuld op de Walen te steken. Ik ben in Brussel opgevoed. Mijn vader was van Waalse afkomst, mijn moeder was een Vlaamse. Thuis klutsten wij de twee talen door elkaar, zoals het een goeie Brusseleir betaamt. Tweetaligheid is voor mij de meest normale zaak van de wereld. Mijn tournee van vorig seizoen, met Franse chansons van anderen en van mezelf, en mijn nieuwe Brel-tournee zeggen genoeg, me dunkt. Voor mij zijn Walen en Vlamingen geen verschillende volkeren. Echte separatisten, zij die België zonder meer willen splitsen, maken mij ontzettend boos. Maar van Vlamingenhaters à la Olivier Maingain of Charles Picqué moet ik ook niets hebben. Dat is even ongepast. Ik hou van België, punt.»

HUMO In één van je vorige interviews verklaarde je: ‘Ik leef in onmin met zowat alles.’

Riguelle «Daarmee bedoel ik niet: in onmin met individuen. Wel in onmin met alles wat groepsdenken aangaat. Ik heb een afschuw van het grote gelijk. Mensen die anderen hun mening opdringen.»

HUMO Zit er een misantroop in jou?

Riguelle «Eigenlijk wel. En ik moet die misantroop dagelijks onderdrukken. C’est une émotion, ce n’est pas un fait. Ik ben wantrouwig tegenover de mens als kuddedier. De vriendelijkste gasten zijn in staat tot de grootste gruwel. Wat mij opvalt: mensen als Dylan, Lou Reed, Céline, et j’en passe, kunnen allemaal goed om met kinderen en bejaarden. Niet met volwassenen: die wantrouwen ze. Kinderen en bejaarden zijn zwak, zijn kwetsbaar. Het is de kwetsbaarheid die fascineert. Dat herken ik. Oudere mensen hebben het leven én zichzelf door. Hoe ouder je wordt, hoe beter je je van je eigen fouten bewust bent. Ik hou van de wijsheid van oude mensen.»

HUMO Dank je wel, copain. Om deze zonde af te sluiten: was Brel een man van de gram?

Riguelle «Best wel. Er waren de ruzies met zijn minnaressen, met zijn muzikanten. Brel was een provocateur. Ik vermoed dat hij graag vijanden maakte, graag mensen tegen de haren instreek.»

HUMO In zijn beruchte nummer ‘Les flamingants’ geeft Brel ruim uiting aan zijn toorn: ‘Nazis durant les guerres et catholiques entre elles/ (...) Messieurs les flamingants, je vous emmerde’.

Riguelle (lacht) «Hij gaat niet tekeer tegen de Vlamingen, maar tegen de flaminganten – kleine nuance. Maar in dat nummer gaat hij inderdaad zeer ver. Pas op: zijn vader was een Vlaming, afkomstig uit Zandvoorde. Die vader was, net als Jacques, een uitgesproken Belgicist en patriot. Toen Brel ‘Les flamingants’ schreef, was hij al doodziek.»


Jaloezie

Riguelle «Ik bezondig mij maar aan één soort jaloezie: de seksuele – voornamelijk in periodes van allesoverheersende verliefdheid. Bang dat een ander met mijn lief zou gaan lopen. Zo bang dat ik haar in mijn verbeelding soms met een ander kan zien liggen rampetampen. Vreselijk. Er niet van kunnen slapen, ook.»

HUMO En la jalousie de métier?

Riguelle «Heb ik hoegenaamd geen last van. Daar speelt mijn arrogantie: ik vind mezelf vaak beter dan mijn vakgenoten. Ik zing beter dan om het even wie hier te lande. Dat weet ik zeker. Dus: waarom zou ik jaloers zijn? Brel was ook niet jaloers, zelfs niet in zijn begindagen: ‘Je suis une star. Mais il n’y a que moi qui le sait. Les autres ne le savent pas encore.’ Dat zegt genoeg, me dunkt.»


Traagheid

Riguelle «Ik werk hard, keihard, vaak zeventig uur per week. En het stoort mij dat muzikanten door niet-kenners vaak als luieriken worden beschouwd.»

HUMO Toch heb je je twaalf jaar lang in de comfortzone van ‘De laatste show’ genesteld. Je deed enorm veel metier op en het schoof lekker, maar op creatief vlak was het een dode periode.

Riguelle «Qua creativiteit was dat inderdaad rien-de-knots. Dat ik het twaalf jaar heb volgehouden, was inderdaad uit pure luiheid. Wat wil je: je hebt vastigheid, je hebt een vast inkomen, je krijgt zelfs een bedrijfswagen: makkelijk! Pas als je honger hebt, word je creatief. Dat weet ik uit ervaring: ik héb ooit honger geleden.»

HUMO Je bent een trage groeier. De meeste rockers worden beroemd omtrent hun 20ste en bloeden dan langzaam dood. Bij jou is het omgekeerd.

Riguelle «Ik weet ook niet hoe dat komt. Er waren enkele zware drempels waar ik nu pas over kan. Die van de creatieve onzekerheid, bijvoorbeeld.»

HUMO Je hebt je wel nooit te goed geacht om de mindere goden als sessiemuzikant bij te staan: van Isabelle A tot Willy Sommers.

Riguelle «En voeg er Micha Marah en Margriet Hermans maar aan toe. I don’t fucking care. Want ik heb ook voor mensen als Hugues Aufray, Niagara, Kris De Bruyne, Jan De Wilde, Johnny Hallyday en vele, vele anderen gewerkt. Met Elliott Murphy heb ik vier platen gemaakt. Ik heb gewerkt met Chris Spedding. Ik heb complimenten gekregen van Emmylou Harris. En met De Laatste Show Band heb ik de allergrootsten mogen begeleiden. Behalve, jammer genoeg, Bob Dylan. Mijn ultieme droom is: ooit van de begeleidingsband van Bob Dylan deel te mogen uitmaken. Al was het maar voor één optreden. (In de recorder) Dit is een sollicitatie, Bob. Ik heb er zeker het talent voor. (Mijmerend) Dylan zingt graag over losers, mislukkelingen, misfits. Lou Reed: idem dito. Brel ook, trouwens: denk aan ‘Jef’, denk aan ‘Amsterdam’. Céline doet het in zijn romans. En ook W.F. Hermans zei het al: ‘De weerloze mens fascineert.’ Het grote medelijden. Het is hun manier om wat voor de wereld te doen, en daar neem ik graag een voorbeeld aan. Deze mensen bieden troost. Dat is ook voor mij essentieel: vanop het podium de mensen even de ellende van deze wereld te doen vergeten. En, belangrijk: ook ik heb troost nodig. Niets zo troostend als een warm applaus.»


Onkuisheid

Riguelle «Wat wij onkuisheid noemen, is in mijn ogen de meest humane bedrijvigheid van de mens. Een mens poept omdat hij zich moet voortplanten en omdat het plezant is. Punt.

»Je mag onkuisheid niet gelijkstellen met vreemdgaan, vind ik. Aan ontrouw heb ik een serieus schuldgevoel overgehouden. En ik ben vaak ontrouw geweest. Niets om trots over te zijn. Ontrouw is zwakheid. Als je oprecht van je vrouw houdt, maar je toch laat gaan in een onenightstand, dan bedrieg je eigenlijk jezelf.»

HUMO Eén van je exen vindt jou een uitermate lieve en vriendelijke man. Maar ook un petit menteur.

Riguelle «Bij die madam loog ik om mijn vel te redden (lacht). Maar: ik pleit schuldig. Ontrouw gaat gepaard met verzwijgen en liegen, en daar heb ik een hekel aan. Eigenlijk is het één grote ellende die je jezelf aandoet. Ik heb vaak moeten liegen, om bestwil. En achteraf heb ik er ook vaak van wakker gelegen. De ex over wie je het hebt, heeft overigens model gestaan voor twee tv-series: ‘Ab Fab’ (‘Absolutely Fabulous’) en ‘Keeping Up Appearances’ (ironisch lachje).»

HUMO Je hebt naar het schijnt een nogal aparte voorkeur qua vrouwen.

Riguelle «Ik val vaak op dames die wat ouder zijn. En op non-conformistische vrouwen. Missen of modellen spreken me hoegenaamd niet aan. Omdat ik er sowieso van uitga: ‘Die kan ik toch niet krijgen.’ Geef mij maar een mysterieuze of enigmatische madam. En: ze moet liefst van al een bril dragen. Een bril en dikke tetten, dat doet het ’m bij mij. En jaren 50-mode. Of het punktype, een vrouw die gevaar uitstraalt – une garçonette, quoi. Mijn huidige vriendin, la Piquante, voldoet aan al die criteria. Of de Franse chansonnière Barbara: wat een vrouw! Of Mia Farrow, zoals ze gekapt en gekleed liep in ‘Rosemary’s Baby’ – ik mag er niet aan denken.»

HUMO Aan één van je scheve schaatsen heb je een schitterende zoon overgehouden: Thomas.

Riguelle «Ik wilde geen kinderen. Maar de dag dat ik Thomas voor het eerst zag, was ik meteen verkocht. Ik ben gek van mijn zoon en ik vind het fantastisch dat hij er is. Hij leeft nog altijd bij z’n moeder in Nederland, maar komt steeds vaker bij mij op vakantie. Hij is ook een goed muzikant, speelt uitstekend gitaar. En met, vreemd genoeg, net dezelfde hakkende stijl als ik.

»(Mijmerend) Ik zal mij altijd schuldig voelen tegenover Thomas, omdat ik de eerste jaren niet voor hem heb kunnen zorgen. Maar dat probeer ik ruimschoots in te halen. Je kunt de klok niet terugdraaien. Ik wil hem nooit meer loslaten, nu. Hij zal nooit meer zonder vader zijn. Dat is de positieve kant van het schuldgevoel. Thomas is de max. Als hij hier in huis rondloopt, voel ik mij goed. Hij is ook een uitstekend tegengif tegen mijn aangeboren misantropie.

»Ik heb in het verleden vaak achter mijn fluit aangelopen. Dat is de laatste jaren verdwenen, ik ben niet langer ontrouw. En maar goed ook: het heeft vooral voor miserie gezorgd. Ik was, om puur romantische redenen, een tijd getrouwd met Corry, de zus van Jean Blaute. Ik krijg nóg koude rillingen als ik bedenk wat ik haar allemaal heb aangedaan. Mijn ontrouw moet vreselijk voor haar zijn geweest. Dat schuldgevoel zal wel eeuwig aan mij blijven kleven. Wel: goed zo! Da’s dan mijn welverdiende straf.»

HUMO Ben je ooit zelf in de steek gelaten?

Riguelle «Meermaals, toen ik jong was. Ik heb ongelooflijk afgezien van de liefde, tot op de rand van de zelfmoord. Niet meer eten, niet meer kunnen slapen. Ik vermagerde 10, 12 kilo. Eerlijk: ik wil niet meer opnieuw verliefd worden. Het is zoals Charles Bukowski schrijft: love is a dog from hell. Als je passie en tederheid tegenover elkaar zet, kies ik voor de tederheid.»

HUMO Brel zei dat ook: ‘Je préfère la tendresse à l’amour.’

Riguelle «Brel had een probleem met de vrouwen. Hij was duidelijk misogyn, wat ik, tussen twee haakjes, helemaal níét ben. Ik vermoed dat hij als collegejongen zwaar van les gamines moet hebben afgezien. Brel gaat er, zoals nogal wat oude filosofen met hem, van uit dat de vrouw de oorzaak is van alle ellende in de wereld. Hij geloofde ook erg in de mannelijke camaraderie, de broederschap tussen mannen. Hij kon niet teder zijn met vrouwen, wel met mannen. Tegelijk was Brel een notoire schuinsmarcheerder.»

HUMO Ben jij, net als zovelen, in de rock gestapt om gemakkelijker vrouwen te kunnen versieren?

Riguelle «Absoluut (lacht). ’t Is de ideale entree. Zodra je met een gitaar op een podium staat, heb je l’embarras du choix. Je geeft eraan toe, het wordt een gewoonte. Iets waar je verder niet bij stilstaat. Vrouwen zijn dan ‘gewoon beschikbaar’. Je hebt ze maar uit te kiezen.»

HUMO Je staat bekend als een volbloed romanticus.

Riguelle «En dat ben ik ook. Ik weet het: de romanticus maakt zichzelf een grote blaas wijs. Ik bén een dromer. Mijn leven als muzikant, en mijn vaste wil om uitsluitend van de muziek te leven en niet zoals zovelen een job te nemen, dat is toch... de romantiek ten top, nee? Mijn panische angst om mij te settelen, mijn afkeer van mediocriteit, conformisme en sleur: dat heeft allemaal met romantiek te maken. Ik spring nog liever van een brug dan een nine-to-fivejob te nemen. Ook al is armoede de consequentie van die keuze.»


Hebzucht

Riguelle «Hebzucht of gierigheid ken ik niet. Ik bezit helemaal niets, ik heb geen huis, ik heb geen auto, ik heb alleen maar schulden. Materiële dingen interesseren mij nauwelijks. Gierige mensen vind ik vreselijk. Als je wat hebt, moet je dat delen, vind ik.»

HUMO Vraag je je nooit af hoe je later zult eindigen? De rockmuzikant en de oude dag: een moeilijk huwelijk.

Riguelle «Daar trek ik mij geen bal van aan.»

HUMO Als je oud en ziek bent, wordt comfort zéér belangrijk.

Riguelle «Je m’en fous. Als ik dood ben, ben ik dood. En: ik ben niet alleen op de wereld. Er zal altijd iemand voor mij willen zorgen. Hoop ik toch. Mijn lief heeft me al vaker uit de nood geholpen. Anne-Lise blijkt uiteindelijk dan toch de liefde van mijn leven, een uitdrukking die ik vroeger verafschuwde. (Abrupt) En ik ga er nog altijd van uit dat ik op een mooie dag toch nog miljonair zal worden, door het schrijven van een wereldhit, bijvoorbeeld. Dan zal ik de eerste zijn om mijn schulden terug te betalen en mijn vrienden en geliefden ruim te trakteren. Ik ben genereus van natuur. Uit eigenbelang: omdat ik wil dat ze van mij houden.

»Mijn droom is nog altijd: Riguelle à l’Olympia. Ik heb er al gestaan, om een Franse zanger te begeleiden, maar ooit wil ik daar als frontman staan. En schitteren. En vervolgens wil ik een gigantisch feest geven voor mes copains et mes copines! Of die droom ooit uitkomt, maakt niet uit. Belangrijkste is dat je blijft dromen. Ik ben volop nieuwe nummers aan het schrijven. Mijn volgende cd wordt er één met uitsluitend eigen werk. Ik heb mijn taal ontdekt, mijn toon, mijn manier van zingen. Het moet en zal gebeuren, nu of nooit.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234