null Beeld

Rupert Thomson - Katherine Carlyle

Wordt u ook soms het knagende gevoel gewaar – al dan niet na de zesde tequila – dat alles in uw leven op een onbestemde manier georkestreerd is? Dat toeval niet bestaat? Dat de wereld voortdurend naar u knipoogt en het onbeleefd zou zijn om niet terug te knipogen? Dat dat wulpse lingeriemodel op de metershoge straatreclame alleen maar ogen voor ú heeft? Katherine Carlyle begrijpt u, en bij haar overheerst die gewaarwording alles. Ze is de 19-jarige verdwaalde ziel waar Rupert Thomson zijn nieuwste roman vakkundig aan opgehangen heeft. Vader is een beroemde oorlogsjournalist, moeder overleed toen Katherine – we mogen Kit zeggen – 12 was, en zelf leeft ze bij aanvang van de gebeurtenissen als een ingeburgerde Britse in Rome.

Thomson grijpt je met ‘Katherine Carlyle’ (Xander Uitgevers) vanaf het eerste minihoofdstuk bij kraag, keel en lurven. Kit, een in-vitrokind, heeft mistige, maar niet te negeren herinneringen aan de tijd dat ze als ingevroren embryo – wachtend tot ze bij haar moeder ingebracht zou worden – doorbracht in een tussen-dood-en-leven-toestand. Wat anderen apekool noemen, is voor haar de motor en de verklaring van alles. Voor ze naar de universiteit trekt en volwassen dreigt te worden, wil ze eerst nog ja zeggen tegen het leven en laat ze zich dik 300 pagina’s lang meetronen door het lot. Elk dubieus boodschappenlijstje wordt geanalyseerd, elke flard terloops opgevangen gesprek kan een teken zijn, elke op straat gespuwde kauwgom een richtingaanwijzer. Ze dumpt haar gsm en haar comfortabele leven in Rome, en volgt haar neus richting Berlijn, en vervolgens van Rusland tot het volstrekte, ijskoude niets.

Er zijn genoeg romans over pubers die zichzelf trachten te vinden, maar hier wil er één zichzelf verliezen. Ze trekt de lezer bovendien steeds dieper mee in haar vraatzuchtige, maar aan de gewrichten rammelende verbeelding. Kit is geen betrouwbare verteller, en je weet nooit zeker of iets zich louter in haar hoofd afspeelt, of ook daarbuiten – maar dat draagt enkel bij tot de fun. Eén Brit vergeleek ‘Katherine Carlyle’ met ‘Mulholland Drive’ en ‘Lost Highway’, Lynch-films die dezelfde ijle lucht ademen. We snappen het: ook ‘Katherine Carlyle’ is een verhaal dat tegelijk intuïtief en compulsief wordt voortgestuwd en halverwege verdampt in een donkere droom met houvast noch doel. Eigenlijk weet je pas in het allerlaatste hoofdstuk wat er precies aan de hand is.

Van de bladspiegel wasemt een onbestemde, maar knagende paranoia, Kits zelfdestructieve levenslust is aanstekelijk, haar originele levensvisie verfrissend. Voeg daarbij een beheerste, maar bevlogen schrijfstijl en een auteur die weinig aandrang voelt om bij de lezer om begrip en sympathie voor Kit te bedelen, en je hebt iets unieks te pakken.

2015 was een literair jaar waarin talloze romans bevolkt werden door zeurderige mafkezen (zie: Amélie Nothombs ‘Petronilla’), bordkartonnen weirdo’s (‘Vijftig’ van Bavo Claes) en wandelende clichés (heeft Griet Op de Beeck dit jaar iets uitgebracht?) – en dan is het aangenaam nog eens een volstrekt oorspronkelijk personage te ontmoeten.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234