Ruslandkenner Pieter Waterdrinker op zoek naar de ziel van de beer: 'Goddank ben ik geen wodkadrinker'

Pieter Waterdrinker, die in oktober 57 wordt, heeft sinds 1998 een mooi oeuvre voortgebracht, waarvan ‘Poubelle’ en ‘Tsjaikovskistraat 40’ mogelijk de bekendste boeken zijn. Zopas deed hij ‘Een dame in Kislovodsk’ het licht zien, beeldend en zinnelijk geschreven vertellingen die zich in het hedendaagse Rusland afspelen, het onmetelijke land in het Wilde Oosten waar de schrijver nu al een kwarteeuw woont en werkt, ook als correspondent. ‘Goddank ben ik geen wodkadrinker.’

'Je overschat de Russen als je denkt dat ze het Westen uit elkaar kunnen spelen. Daar zijn ze te chaotisch voor'

Je zou denken dat het kijkcijfer van het in deze versnelde tijd volstrekt atypische tv-programma ‘Zomergasten’ bijzaak is, maar toch is het keurpersoneel van uitgeverij Nijgh & Van Ditmar in zijn nopjes met de 462.000 zielen die urenlang naar Pieter Waterdrinker en zijn vaak pakkende keuze van beeldfragmenten hebben gekeken. Dat waren ruim 200.000 kijkers meer dan de vorige aflevering, verneem ik op een maandag in augustus ter hoogte van de Weteringschans in het hart van Amsterdam. Met zijn Russische vrouw en personage Julia Klotchkova, die germanistiek heeft gestudeerd en kookboeken schrijft, is hij zowel in Sint-Petersburg als in Moskou thuis. Het echtpaar heeft geen kinderen, maar wel katten, die ook personages zijn in zijn werk. Ik vraag hem om te beginnen naar de start van zijn schrijverschap, naar die keer dat het hem daagde dat hij schrijver moest zijn en niets anders.

Pieter Waterdrinker «Ik ben lang niet klaar geweest voor het schrijven. De schrijver Isaac Babel vroeg aan Maxim Gorki: ‘Wat moet ik doen om schrijver te worden?’ Gorki antwoordde: ‘Leven!’ Er zijn schrijvers die een leven verzinnen dat zich desnoods op Mars afspeelt, zij scheppen personages waarmee ze niets te maken hebben. En dan zijn er schrijvers wier autobiografie de navelstreng van hun werk is: tot die soort behoor ik. Het heeft lang geduurd vooraleer ik ging denken dat ik genoeg had geleefd om te kunnen schrijven. Ik liep al tegen de 30 toen vrienden me zeiden: ‘Je strooit nu al sinds je 16de rond dat je schrijver wilt worden, maar je hebt nog niks gedaan. Het wordt nooit wat.’»

HUMO Ik weet dat je de literatuur haast per ongeluk hebt ontdekt toen je 14 was: je las ‘Eerste liefde’ van Toergenjev en er ging een onvermoede wereld voor je open. Dat was kennelijk een epifanie.

Waterdrinker «Zeker. Dat zoiets bestond! Vóór die tijd was ik geen lezer. Alle kinder- en jeugdboeken zijn me compleet ontgaan. Ik was veel meer bezig met het leven in het familiehotel in het badplaatsje Zandvoort, waar ik ben opgegroeid: mensen en menselijke verhoudingen gadeslaan. Maar toen de literatuur zich eenmaal aan mij had geopenbaard, ben ik verwoed oeuvres gaan lezen: alles van Elsschot, van Reve, van Hermans. Plus Flaubert, Maupassant, de grote Russen, de grote Duitsers... Met kunst moet je wel in aanraking komen. Mijn vader stond haast aan één stuk door in de keuken van het familiehotel, en mijn moeder was intussen aan het bedienen. Kunst was er niet bij, hoewel mijn vader, toen hij vóór de oorlog op Zuid-Amerika voer, een hele bibliotheek heeft uitgelezen.»

HUMO Je hebt je ouders een aantal keren ontroerend gememoreerd in je romans: mensen die zich kapot hebben gewerkt, zonder baten.

Waterdrinker «Heel warme mensen. Niet alleen mijn ouders werkten in hotel Zomerlust, maar ook mijn grootvader en drie ooms. Ik herinner me dat de Tweede Wereldoorlog nog lang niet voorbij was in mijn kindertijd en mijn jeugd in de jaren 60 en 70: veel Duitsers kwamen vakantie vieren in Zandvoort. Zij stonden in die tijd liever niet als Duitser bekend in Nederland en zeiden dan maar dat ze Oostenrijker waren. Maar goed, als kind zag ik mijn ouders voortdurend sloven, soms tot achttien uur per dag, en ik voelde aan dat ze nauwelijks winst maakten. Hadden ze al eens iets verdiend aan het einde van het seizoen, dan ging er een duur fornuis kapot, waardoor ze wéér niks overhielden. Ik lag daar wakker van als kind – ik probeerde met mijn ouders mee te denken. Ik leed meer onder hun gezwoeg dan zijzelf, want ze waren trots op hun werk en blij als ze zagen dat hun gasten het goed hadden. Ze dachten aldoor meer aan andere mensen dan aan zichzelf, en daar zag ik als kind de tragiek van in. Ik heb altijd gedacht: dat zal mijn leven niet worden. Ook al omdat ik zag dat het pension verouderd was en ten einde liep. Mijn broers en ik hebben alle drie gestudeerd.»

HUMO Je bent afgestudeerd als jurist, maar daarvóór heb je een tijdlang Russisch gestudeerd. In de ban van de Russische literatuur?

Waterdrinker «Ik was naïef: ik dacht dat ik het leven zoals het zich in die Russische meesterwerken aan me voordeed ook zelf kon beleven, en Russisch zou me daarbij van pas komen. Ik kwam op het Slavisch Seminarie in Amsterdam terecht: een rotgebouw vol nurksen die het nog het liefst over transformationeel-generatieve grammatica hadden. Ik dacht: mijn God, wat een kille wereld is dit! Er waren op het instituut ook wel enkele Russische dames die ons, zoals Nabokov het schrijft, de Russische taal ‘in een sfeer van wodka en thee inschonken’. Maar voor het overige had ik niets met die onpersoonlijke academische wereld, die haaks op de 19de-eeuwse Russische literatuur stond. Toen ik in 1981 voor het eerst in Rusland kwam, vond ik de sfeer van die romans en verhalen ook niet terug, want de Sovjet-Unie bestond toen nog, met Brezjnev als leider. Pas na de val van de Sovjet-Unie is die 19de eeuw als een duveltje-uit-een-doosje weer tevoorschijn gekomen. Met inbegrip van de elke dag nog dieper wordende kloof tussen arm en rijk.»

'Het zal, net als in Amerika destijds, generaties duren vooraleer het er wat eerlijker aan toegaat in de Russische samenleving'

HUMO Hangt er dan, iets meer dan een eeuw na de vorige, misschien een nieuwe Russische revolutie in de lucht?

Waterdrinker «Daar is mogelijk een voedingsbodem voor. In de 25 jaar dat ik in Rusland woon, heb ik het verschil tussen arm en rijk alleen maar zien toenemen. Nu, dat verschil wordt overal groter, ook in Duitsland, Nederland en België. En de kloof tussen Europa en Afrika wordt ook almaar dieper. Vroeger, toen het verheffingsideaal nog bestond, had je medelijden met mensen die het niet goed hadden, maar nu heb ik de indruk dat heel veel jonge mensen – niet allemaal – denken: jammer dan, pech gehad. Dat egoïsme is volgens mij een consequentie van het neoliberale gedoe in de wereld. Zowat alles is tegenwoordig een project dat zo goed mogelijk gemanaged moet worden: ouders zien zelfs hun kinderen als zo’n project. Zowel in Nederland als in België zijn er mensen die voor niks onbillijke hopen geld verdienen, zeker in vergelijking met mensen die amper rondkomen.»

HUMO Je hebt het wilde kapitalisme in Rusland, waarin sjacherende schurken nauwelijks nog van legitieme zakenlui te onderscheiden zijn, van meet af aan van dichtbij meegemaakt.

Waterdrinker «Je moet beseffen dat er nooit eerder een politiek systeem als dat van de Sovjet-Unie was uiteengevallen. Wij zijn ongeduldig: het zal, net als in Amerika destijds, generaties duren vooraleer het er wat eerlijker aan toegaat in de Russische samenleving. De moraliteit in westerse beschaafde landen laat overigens ook te wensen over. Wíllen westerlingen wel betalen, of inleveren, voor vluchtelingen? Een Engelse vriend van mij, wiens naam ik liever niet noem, is een topfotograaf die met het oog op het WK met zijn gezin een jaar lang in Moskou heeft gewoond. Zijn kinderen gingen naar een internationale school in Moskou en zijn vrouw is een Française die een kasteel in Normandië bezit: honderd kamers, tiptop in orde. Hij zei me dat hij op vakantie ging. ‘Het lijkt me geweldig,’ zei ik, ‘om op vakantie te gaan in je eigen kasteel.’ ‘Mijn kinderen willen naar Canada,’ zei hij, waarna we om de één of andere reden over de vluchtelingencrisis begonnen, en hoe schandalig het gebrek aan solidariteit wel was. En dan te bedenken dat hij honderd lege kamers had die hij ter beschikking zou kunnen stellen van vluchtelingen. Moraliteit laten we nog het liefst aan anderen over, en we willen er vooral geen prijs voor betalen.»


Homopiefen

HUMO Heeft die kwarteeuw in Rusland een ander mens van je gemaakt?

Waterdrinker «Ik denk het niet. Waar je ook heengaat, je neemt altijd jezelf mee. Ik denk dat ik meer beïnvloed ben door de 19de-eeuwse literatuur dan door de plaatsen waar ik woon of heb gewoond. Nu ja, door in Rusland te wonen zal ik wel een ander perspectief op de wereld hebben gekregen. Zit ik hier in Amsterdam in een café waar schrijvers komen, dan vraagt iemand me: ‘Hoe gaat het met je, daar in Rusland?’ Als ik aanstalten maak om dat nauwkeurig uit te leggen, gaat het al snel van: ‘Zo is het wel genoeg. Nu moet je weer naar óns luisteren.’ Ik heb het nog meegemaakt dat ik met de modder van de loopgraven van de oorlog in Oekraïne nog aan mijn schoenen op een Amsterdams caféterras neerstreek. De mensen die daar op het terras zaten, en die allemaal de juiste Nederlandse krant lazen, wisten beter wat er in Oekraïne gebeurde dan ik, terwijl ik er net vandaan kwam, snap je?»

HUMO Heb je je moeten inburgeren in Rusland?

Waterdrinker «Neen. Ik vind dat de Russen al bij al tolerant zijn. Ik behoor tot de wellicht laatste Nederlanders die nog Frans spreken. Als je in Frankrijk één taalfout maakt, wijzen Fransen je daar meteen op, bijna op verwijtende toon. Dat doen Russen niet. Als ze merken dat je, zoals ik in het begin, je best moet doen om Russisch te spreken, waarderen ze die inspanning. Ze zijn in het begin wel terughoudend, misschien zelfs xenofoob, maar als je eenmaal door die barrière heen bent, blijken ze open en gastvrij te zijn. Ik ben warm door die samenleving ontvangen, ook omdat de Russen wel merkten dat ik oprecht in hen geïnteresseerd was. Ik kwam er ook aan zonder vooroordelen: ik keek er rond en luisterde.»

'Jonge mensen dragen Poetin op handen: ze hebben een piepklein flatje, een nieuwe spijkerbroek en een mobieltje. Meer hebben ze niet nodig, want ze hebben hun jeugd'

HUMO Wat de tolerantie van de Russen betreft, denk ik nu aan twee BBC-reportages van Reggie Yates die op Netflix te zien zijn. De ene gaat over de schokkende, bijna geïnstitutionaliseerde homohaat in Rusland, en de andere over het naar fascisme overhellende nieuwe Russische patriottisme. Of is dat westerse propaganda?

Waterdrinker «Helemaal niet. Een Russische wet zegt dat het maken van homoseksuele propaganda in het bijzijn van kinderen verboden is. Hoe vaak krijg je überhaupt ‘homoseksuele propaganda’ te zien, laat staan in het bijzijn van kinderen? Alleen al daarom is die Russische wet gewoon onzinnig. Of hooguit symbolisch, omdat Vladimir Poetin er vooral de Russisch-orthodoxe kerk mee wil paaien. Die wet mag dan wel aangenomen zijn, intussen stikt het van de gayclubs in Moskou en Sint-Petersburg: mensen vliegen er speciaal heen vanuit Londen omdat de homoscene er zo geweldig blijkt te zijn. Ik weet toevallig dat behoorlijk veel leden van de Doema, het Russische parlement, homoseksueel zijn. Die mensen hebben dus gestemd voor die wet over homoseksuele propaganda. Kortom, de ethische spagaat in Rusland is enorm, en ongelofelijk hypocriet. Het Kremlin is bovendien niet monolithisch, niet iedereen schaart zich er achter Poetin. De Russische politieke elite is schizofreen: ze profiteert van de vriendjespolitiek en van het nepotisme, en ze profiteert van het Westen als vijand, terwijl hun kinderen allemaal in het Westen gaan studeren.

»Maar dat de homoclubs in Moskou en Sint-Petersburg bloeien, krijg je niet te zien in zo’n reportage van Reggie Yates. Waarmee ik niet wil zeggen dat gaybashing niet voorkomt in Rusland. Maar ondanks het feit dat het systeem in Rusland niet deugt – het ís een kleptocratie en geen democratie in westerse zin –, komt Poetin met alles weg: de levensstandaard van de gemiddelde Rus is erop vooruitgegaan. Hij reist meer dan vroeger, hij kan naar restaurants gaan en de winkels puilen uit.»

HUMO Je hebt het nu over de haves. De havenots zijn er ook nog.

Waterdrinker «Ik heb altijd de nadruk op beide kanten gelegd: mijn Russische schoonouders, die nu overleden zijn, waren in wezen havenots. Ze leefden van 220 euro per maand in Sint-Petersburg, een stad die duurder is dan Amsterdam. Er is armoede in Sint-Petersburg die ronduit 19de-eeuws lijkt: als arme mensen ziek worden, kunnen ze zich de juiste medicijnen niet veroorloven, en daarom zijn ze gedoemd. Intussen zie je ook al die nieuwe pracht en praal in Sint-Petersburg en Moskou, maar ook in Jekaterinenburg, in de Oeral of in Rostov aan de Don, in Sotsji… De terrassen zitten vol, er rijden overal Bentleys – het is één patserig, Saint-Tropez-achtig vertoon van weelde. En nauwelijks 40 kilometer buiten de stad loop je de armoede in zoals Tolstoj ze destijds heeft beschreven. Maar in de jaren 80 waren de winkels leeg. Je kunt wel begrijpen dat de bevolking Poetin heel veel vergeeft.»

HUMO Valt er dan ook iets goeds te zeggen over Poetin?

Waterdrinker «Kijk, hij wordt weleens met Jozef Stalin vergeleken: wie dat doet, schoffeert de slachtoffers van Stalin, 40 miljoen doden. Onder Boris Jeltsin, de voorganger van Poetin, was er een volledig vrije pers, maar de corruptie was enorm. De opkomst van de oligarchen heeft onder Jeltsin plaatsgevonden, met de steun van het Westen. Poetin heeft die corruptie teruggedrongen door de staat in alle omstandigheden voorrang te geven, en die staat is er niet voor de mensen, maar de mensen zijn er voor de staat. Voor de rest is hij ontegenzeglijk een autocraat.»

HUMO Je noemt hem in je werk een satraap.

Waterdrinker «Ja, een willekeurige heerser, maar ook weer niet van het type dat mensen bij bosjes naar kampen stuurt. Ik praat veel met jonge mensen en ik merk dat ze Poetin op handen dragen: ze hebben een piepklein flatje, een nieuwe spijkerbroek en een mobieltje. Meer hebben ze niet nodig, want ze hebben hun jeugd. Ze zijn natuurlijk wel beïnvloed door de propagandistische staatstelevisie, maar toch.»

HUMO Is er een vrije pers in Rusland?

Waterdrinker «Je hebt er de Novaja Gazeta, The Moscow Times en het tv-station Dozjd. Als je het maar niet te bont maakt, kun je alles zeggen en schrijven wat je wilt.»

HUMO Er zijn toch al journalisten van de Novaja Gazeta geliquideerd?

Waterdrinker «Je kunt doorgaans alles zeggen en schrijven wat je wilt, tenzij je raakt aan de belangen van Poetin en zijn coterie. Dan raak je in de gevarenzone. De politieke problemen waar Poetin voor staat, zijn wel iets groter dan de problemen van Charles Michel en Mark Rutte. Rusland, territoriaal gezien het grootste land van de wereld, bestaat uit 82 autonome republieken, waar dus niet alleen Russen wonen. Op het gemiddelde feestje ontmoet ik mensen met Tataars bloed, met Oezbeeks bloed, met Georgisch bloed… De Tsjetsjenen hebben zowel etnisch als qua taal evenveel met de Russen te maken als Vlamingen met de Inuit. Rusland is altijd al een multiculturele samenleving geweest, met alle problemen van dien. In de jaren 90 hebben de afschuwelijke Tsjetsjeense afscheidingsoorlogen tienduizenden levens gekost. Ik ben daar toen geweest. Nu heerst er rust. Wat heeft Poetin gedaan? Hij heeft Ramzan Kadyrov, de president van Tsjetsjenië, gewoon omgekocht. Er stroomt met een zekere regelmaat veel geld naar Grozny, waarmee Kadyrov dan protserige buitenpaleizen laat optrekken en zich als een onderkoning gaat gedragen. Hij is gepaaid en houdt zich gedeisd. Je zou kunnen zeggen dat Poetin een vredestichter is, maar dan op een manier die in het Westen volstrekt niet door de beugel zou kunnen. Maar wat voor keuze heeft hij? Als er een sociaaldemocraat naar westers model aan de top van het Kremlin zou staan, dan heb je binnen de week weer oorlog.»

HUMO In ‘Zomergasten’ had je het over de afluisterpraktijken waarmee je in Rusland al herhaaldelijk bent geconfronteerd. Je sprak er veeleer laconiek over, alsof afluisteren er nu eenmaal bij hoort.

Waterdrinker «Je mag er zeker van zijn dat het gebeurt. Vorige week sprak ik nog met de Nederlandse ambassadeur in Moskou. Ik zat met haar in een café en zei: ‘Zullen we buiten gaan zitten?’ ‘Binnen of buiten, maakt niet uit, ik word overal afgeluisterd,’ zei ze. Dat zal wel zo zijn, maar ik laat er in ieder geval mijn leven niet door bepalen. Ik spreek vrijuit, ook aan de telefoon.»


Plasseks in het Ritz

HUMO Heb je na een kwart-eeuw al een soort liefde voor Rusland ontwikkeld?

Waterdrinker «Ik houd in de eerste plaats van de literatuur van dat land, en ach, natuurlijk ook wel van het land zelf. Maar ik sta intussen erg wantrouwig tegenover welke nationalistische gevoelens dan ook. Ik voel me Europeaan, dat wel.»

HUMO Heeft je leven in Rusland je kijk op Nederland veranderd?

Waterdrinker «Jazeker. Net als W.F. Hermans destijds mag ik als expat graag de Nederlandse hypocrisie aanwijzen, en die van het Westen in het algemeen. Ik denk nu weer aan die avond in 2014, toen Guy Verhofstadt en Hans van Baalen, twee liberale Europarlementsleden, de menigte namens het vrije Westen toespraken tijdens de Maidan-opstand in Kiev: ‘Oekraïners, kom maar bij ons.’ Terwijl ze dat niet eens konden waarmaken, en nog steeds niet. Verhofstadt en Van Baalen stonden daar dus alleen maar voor zichzelf. Dat noem ik liefde die niets kost. En blabla, die ook niets kost. In mijn roman ‘Poubelle’ beschrijf ik de oorlog in Oekraïne en het neerhalen van vlucht MH17, maar zonder commentaar en zonder politieke agenda – ik registreer alleen maar in die roman, als een camera.»

'Het stikt van de gayclubs in Moskou en Sint-Petersburg: mensen vliegen er speciaal heen vanuit Londen omdat de homoscene er zo geweldig blijkt te zijn'

HUMO Hoe zie jij de verhouding tussen Vladimir Poetin en Donald Trump?

Waterdrinker «Het zijn twee alfamannetjes, het product van populisme, die een middelvinger opsteken naar de wereld.»

HUMO En dat schept een band?

Waterdrinker «Je kunt onderlinge sympathie vermoeden, maar die kan heel snel in haar tegendeel omslaan, aangezien we hier met twee buitenmaatse ego’s te maken hebben. Er gaan al geruime tijd stemmen op dat Trump een project van Poetin zou zijn. Ik sluit niet uit dat hij gechanteerd kan worden – ik houd die plasseks in het Ritz voor mogelijk – maar je overschat de Russen als je denkt dat ze vanuit het Kremlin het Westen uit elkaar kunnen spelen. Daar zijn ze te chaotisch voor. Ze lachen zich kapot als ze horen dat ze wegens digitale beïnvloeding en cyberdreiging gevreesd worden in het Westen. Nu ja, ze houden zich natuurlijk wel met beïnvloeding bezig – ze hebben hun geopolitieke belangen – maar reken maar dat de Amerikanen dat ook doen. Lang vóór het internettijdperk, in de jaren 70, beïnvloedden die al de politiek in Chili. Het Westen heeft sancties ingesteld omdat Rusland illegaal, tegen alle internationale rechtsregels in, Oekraïne heeft geannexeerd. Dat moet gestraft worden. Maar tegelijk worden er dubbele maatstaven gehanteerd. Toen de Amerikanen en de Engelsen Irak binnenvielen omdat de Irakezen massavernietigingswapens aan het aanmaken waren, was er achteraf geen sprake van sancties, ook al was er in Irak geen spoor van massavernietigingswapens. En herinner je ook de particuliere militaire organisatie Blackwater, een club die was ingehuurd door de CIA, en die in Irak buitengerechtelijk mensen heeft geëxecuteerd: massamoord, vergelijkbaar met het neerhalen van vlucht MH17. Hebben we Amerika toen geboycot? Neen, want dat zijn onze vrienden, onze bondgenoten zelfs. Ziedaar de hypocrisie.»

HUMO Ik citeer je even: ‘De grootste demografische vijand is niet de wodkafles, maar een in het volk ingebakken roekeloosheid. Een Rus lééft, hij grijnst daarbij uitdagend naar de immer teruggrijnzende dood.’

Waterdrinker «In Nederland moeten kinderen van een jaar of 4 al aan hun pensioen gaan denken. Alsof het leven te regisseren valt. Ik geloof dat de geschiedenis ook genetisch wordt overgeleverd, en wat dat betreft hebben de Russen in de loop der tijden zóveel ellende meegemaakt. De meeste Russen zijn er dan ook van doordrongen dat een mensenleven kortstondig is, en niks waard. In het Westen maakt men kinderen langzamerhand wijs dat ze nooit doodgaan. De volgende stap is dat ze nooit doodgaan als een recht gaan zien. De roekeloosheid van de Russen is ook verbonden met hun overtuiging dat je ten volle van het leven moet genieten. Een Nederlander die een speedboot heeft, vaart er bedaard mee rond, maar een Rus die net een speedboot heeft bemachtigd, gaat er meteen als een gek mee scheuren.»

HUMO Je schrijft dat je ooit in een helikopter zat waar een deur uit knalde tijdens de vlucht.

Waterdrinker «En daar keek de piloot niet eens van op (lacht). Ze benaderen het bestaan zo anders.»

HUMO Jij onderhand ook?

Waterdrinker «In een bepaald opzicht ben ik helemaal geen Nederlander. Al ben ik niet zo roekeloos als de gemiddelde Rus, tenzij misschien zo nu en dan met drank. Laat ik zeggen dat ik me al veel meer Vlaming dan Nederlander voel. Toen ik hier in Amsterdam rechten studeerde, ging ik geregeld naar Gent. Ik zag er overal die oranje-zwarte bordjes met ‘Kamer te huur’, en aangezien ik in Amsterdam toch nooit naar het college ging, dacht ik: ik kan evengoed in Gent wonen en één keer in de drie maanden examen doen in Amsterdam. Je kon er nog filterkoffie bestellen en de vrouwen vond ik er mooier. In de nazomer keerde ik naar Gent terug en ik vond er een kot in de Metdepenningenstraat. Ik moest vijf maanden huur vooruitbetalen, maar dat geld had ik niet. Ik was zo teleurgesteld dat ik met het geld dat ik wél had, twee nachten in een hotel in Brussel heb gezeten. Daar heb ik, in bad, de minibar leeggedronken. De volgende dag ben ik met een kater teruggekeerd naar Amsterdam. Toen wist ik al dat ik weg wilde uit Nederland. Na mijn studie heb ik eerst in Spanje gewoond, en daarna in Rusland. Ik ben niet graag in Nederland – ik heb er niets met het landschap, al vind ik de steden prachtig. In Rusland heb ik nog nooit heimwee naar Nederland gehad. Amsterdam is prachtig, maar Brussel is een metropool, Amsterdam niet. Mijn angst was altijd hier in Amsterdam op een kantoor terecht te komen. ’t Is niet zo dat mijn schrijversleven aldoor makkelijk is: ik heb er veel voor moeten opofferen. En het blijft zwoegen. Je laat je tot op zekere hoogte leven door dat schrijverschap.»

HUMO Heb je veel discipline als schrijver?

Waterdrinker «Ja. Dat wil zeggen dat ik, ook in de kroeg, in gedachten toch aan het werk ben. Het wordt steeds moeilijker om de rust te vinden om te kunnen schrijven. Maar ‘Poubelle’ heb ik in oorlogsgebied geschreven. Dat kan dus ook. Elke schrijver zal er wel van dromen om in Toscane te kunnen werken: ’s ochtends schrijven, ’s middags hou je je met je maîtresse onledig, en tegen vijf uur gaat de eerste fles wijn open (lacht). En na verloop van tijd ga je denken: zat ik maar op een zolderkamer, ergens in een regenland.

»Isaac Singer zei: ‘Om een boek te schrijven moet je er vooral zín in hebben.’ Mijn zin om te schrijven is nog niet afgenomen, maar mijn energie enigszins wel, door al mijn andere bezigheden. ’s Ochtends ben ik het productiefst, maar dan niet in alle vroegte: vanaf halftien tot een uur of twee. Na die tijd kan ik nog wel iets doen, maar geen scheppende arbeid. ’s Nachts kan ik helemaal niet werken, want dan heb ik al wat wijn op.»

HUMO Rusland staat in het Westen ook om zijn nationale drankprobleem bekend.

Waterdrinker «Aan de jonge generatie smartphonegebruikers in Sint-Petersburg of Moskou kun je dat niet merken. Die kiest voor een gezonde levensstijl: water, groene thee en yoga. Hooguit een glaasje wijn. Wodka is er niet meer bij. In het begin dronk ik alles in Rusland, zolang het maar te zuipen was (lacht), maar nu drink ik uitsluitend wijn. Ik ben goddank geen wodkadrinker, want dan zou ik de volgende dag niet meer kunnen werken. De hippe jonge generatie mag dan wel de wodka hebben afgezworen, maar tientallen miljoenen mensen op het platteland zuipen natuurlijk nog wel. In sommige dorpen in de Oeral of in Siberië, waar volstrekt niets te doen is, is de dronkenschap collectief. Tegen de middag zie je die mensen al laveloos rondzwalken. Ze drinken niet om er vrolijk van te worden. Al bij de eerste slok wodka trekken ze een vies gezicht, zo van: ‘Smerig spul.’ Waarna ze aan hun oksel ruiken, of een stuk augurk eten, om vooral die smerige smaak te verdrijven. Dan volgt de tweede slok. Ze drinken om zo snel mogelijk van de wereld te zijn. Iedereen ziet eruit als een personage van Dostojevski. Wie in die dorpen blijft hangen, is er op z’n 14de, 15de al hopeloos aan de drank. Totale uitzichtloosheid. Kom je in een stad, dan zie je de jongste jaren vooral gezonde hipsters op weg naar de sportschool. Maar drinken zit Russen toch wel in de genen. Ook welgestelde Russen zetten het soms op een gruwelijk zuipen. Ik haat de jacht, maar om erover te kunnen schrijven ben ik weleens met een jachtgezelschap meegegaan. Mijn verhaal ‘Op jacht’ in ‘Een dame in Kislovodsk’ gaat daarover. Soms zetten die mannen het dagenlang op een zuipen: zapoi heet dat. En daarna in de sneeuw duiken en de banja, de Russische sauna, in. Als je daar niet aan meedoet, ben je een mietje in die kringen.»

'Als er een sociaaldemocraat naar westers model aan de top van het Kremlin zou staan, dan heb je binnen de week weer oorlog'

HUMO Terug naar de letteren. Zijn er schrijvers die je vaak herleest?

Waterdrinker «Altijd weer Willem Elsschot.»

HUMO Terwijl je stilistisch niets met zijn efficiënte karigheid gemeen hebt. Er zit juist veel vlees aan je proza.

Waterdrinker «In dat opzicht ben ik meer een Vlaamse dan een Nederlandse schrijver. De karigheid van Elsschot is meesterlijk, maar het kale proza van veel Nederlandse schrijvers zegt mij weinig.»

HUMO Je nauwgezette kleuraanduidingen vallen me op: pelikaanroze, mierikswortelwit…

Waterdrinker «Het gekke is dat je in Rusland kleuren ziet die hier niet voorkomen. In Moskou komt er ’s winters, bij min 30 graden, uit sommige fabriekspijpen waterdamp die bevriest. Daardoor wordt de lucht, bij een bepaalde lichtval, jadegroen. In ‘Tsjaikovski-straat 40’ heb ik het over een spinaziegroene gevel. ‘Kleuren beschrijven kan hij ook al niet,’ las ik in de NRC. Zowel in Sint-Petersburg als in Kazan staan huizen die de donkergroene, ietwat blikkerende tint van spinazie hebben. Ik heb later een paar Nederlandse journalisten zulke huizen in Sint-Petersburg aangewezen: ‘Kijk, hier heb je er één.’»


400 euro per maand

HUMO Ben je een optimist?

Waterdrinker «Neen, een vrolijke realist. Nu ja, misschien ben ik ook wel een pessimist. Als je de tragedie van het menselijk bestaan doorhebt, en je weet dat het voor ieder van ons slecht afloopt – lang niet iedereen beseft dat – waarom zou je dan géén pessimist zijn? Ik ben meer geïnteresseerd in de vraag ‘Hoe houdt iemand het vol?’. Misschien door volop te genieten. Had ik een vermogen, dan zou ik het ongetwijfeld opmaken aan etentjes met vrienden.»

HUMO Vind je dat je genoeg verdient?

Waterdrinker «Ja, maar lange tijd niet met de literatuur. Die heeft me de afgelopen twintig jaar per maand gemiddeld 300 à 400 euro opgebracht. Maar ik ben een harde werker. Ik heb een dubbele baan. En ineens verdien ik nu ook met mijn boeken behoorlijk wat geld.»

HUMO Zit je correspondentschap in Rusland, je journalistieke werk, het literaire schrijven soms in de weg?

Waterdrinker «Ik ben literair productiever dan menige schrijver die alleen maar boeken schrijft. Mijn werkzaamheden als correspondent bevruchten mijn literaire werk, hoewel het twee totaal verschillende disciplines zijn. Joseph Roth, Isaac Babel, Ernest Hemingway, Stefan Zweig: allemaal hebben ze journalistiek bedreven.»

HUMO Acht je het mogelijk dat je de rest van je leven in Rusland zult blijven wonen en werken?

Waterdrinker «Mijn vrouw en veel vrienden zijn Russisch, zodat ik altijd met dat land verbonden zal blijven. Maar mijn wens is vaker in het Westen te zijn: in Frankrijk, in Italië of in België, niet zozeer in Nederland. Ik wil al lang een boek schrijven over mijn vader, die nog gevaren heeft, en daarvoor zou ik een aantal maanden in Buenos Aires willen zitten. En het liefst zou ik met een boot naar Zuid-Amerika reizen. Maar als ik dat doe, is de infrastructuur van mijn freelancebedrijfje in Rusland gegarandeerd weg. Missschien moet ik dat langzamerhand eens opgeven. Ik had er overigens nooit op gerekend dat ik geld met mijn boeken zou verdienen.»

HUMO Voorlaatste vraag: wat mag er nooit veranderen aan Rusland?

Waterdrinker «De intense liefde voor het bestaan, in een land waar zoveel doden zijn gevallen, waar elke vierkante meter grond met bloed doordrenkt is, en waar nog altijd heel veel leed is.»

HUMO Wat mag er niet aan het Westen veranderen?

Waterdrinker «Het Westen moet over de rechtsstaat waken en vasthouden aan de verworvenheden die uit de verlichting zijn voortgekomen, maar die moeten wel nieuw leven worden ingeblazen door de daad weer eens bij het woord te voegen. Westerlingen zullen daar uiteindelijk een prijs voor moeten betalen: als we vluchtelingen willen opvangen, zal dat elke westerling iets kosten. We zullen keuzes moeten maken en tegen onze zoon zeggen: ‘Neen, jij gaat niet naar die exclusieve universiteit in Canada.’ En tegen onze dochter: ‘Neen, jij gaat geen jaartje backpacken in Australië.’ We kunnen niet langer liefde betrachten die niets kost.»

Pieter Waterdrinker, ‘Een dame in Kislovodsk’, Nijgh & Van Ditmar

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234