Sir David Attenborough (92), de peetvader van de natuurdocumentaire: 'De gruwelijkste dingen heb ik nooit getoond, want dan had de kijker meteen weggezapt'

Sir David Attenborough is de peetvader van de natuurdocumentaire, hij is wereldberoemd, en in Engeland is hij bijna net zo populair als de Queen. Een gesprek met de 92-jarige over paradijsvogels, spartelende antilopes en het gevoel voor humor van chimpansees.

'Als we de natuur beter zouden begrijpen, dan zouden we ze niet zo toe takelen. Maar ja, kinderen groeien op zonder ooit een koe gezien te hebben'

Wanneer we bij Sir David Attenborough aanbellen, doet Susan, de dochter van de documentairemaker, de voordeur open. Ze is twee jaar geleden bij haar vader ingetrokken. Sir David komt net de trap af. Hij woont al sinds 1952 in een prachtige villa met twee verdiepingen in Richmond, een groen stadsdeel in het zuidwesten van Londen. Hij gaat ons voor naar de woonkamer, waar overal kasten staan vol boeken, cd’s met klassieke muziek en fossielen. De vensters zien uit op een verzorgde tuin met een vijver.

– Sir David, vanwaar komt uw fascinatie voor de natuur?

David Attenborough «Zoals veel jongens verzamelde ik fossielen toen ik klein was. Die hebben iets romantisch.»

– Hoezo?

Attenborough «Als je een steen in twee stukken slaat en je de schoonheid vanbinnen ziet, besef je plots dat geen mens die ooit heeft gezien. Dat is toch fascinerend? Dat begreep ik al toen ik 8 jaar was.»

– Uw jongste project ‘Blue Planet II’ was wereldwijd een kijkcijferhit. Als iemand u als kind had gezegd hoe uw leven er zou uitzien, had u die dan geloofd?

Attenborough «Neen, we hadden thuis niet eens een televisie toen ik klein was. Ik ben bij de BBC beginnen te werken in 1952. Ik had toen nog nooit tv-gekeken (lacht).»

– Als jonge zoöloog had u gesolliciteerd voor een job bij de radio. Die kreeg u niet te pakken, maar korte tijd later mocht u wel bij de televisietak van de BBC gaan werken. Het waren de pioniersjaren: had u een idee van wat u te wachten stond?

Attenborough «Amper. We vormden een klein team van zes mensen en konden zelf beslissen wat we zouden uitzenden: programma’s over politiek, tuinieren, naaien, koken, natuurkunde, raadseltjes… We moesten twee à drie uitzendingen per week in elkaar steken.»

– ‘Zoo Quest’ was in 1954 het allereerste dierenprogramma op tv. U hebt het genre omzeggens uitgevonden.

Attenborough «Ik kon toen natuurlijk niet vermoeden dat ik mijn hele leven zou wijden aan het filmen van dieren. Het was gewoon erg leuk om ‘Zoo Quest’ te maken. We wilden werknemers van de Londense dierentuin volgen op hun zoektocht in de wildernis naar dieren voor de zoo. Maar toen beschikten we nog niet over groothoeklenzen waarmee we dieren van een afstand konden filmen en toch van dichtbij tonen. Daarom namen we de dieren mee naar de studio, waar we ze live filmden.»

– U bent toen naar Sierra Leone gereisd, één van de armste en gevaarlijkste landen ter wereld. U wilde daar zeldzame dieren filmen, zoals de witnekkaalkopkraai. Hoe hebt u die eerste reis ervaren?

Attenborough «De natuur was er van een overweldigende schoonheid, maar de lucht voelde er als soep aan door de hoge luchtvochtigheid in die regenwouden met 30 of 40 meter hoge bomen. Het was wel een prachtig avontuur.»

– De kijkers konden in de loop der jaren zien hoe u een pythonslang ving of een kleine beer de fles gaf. Waarom stond u voor de camera? U was toch de producer?

Attenborough «We waren niet met zoveel, dus iedereen deed ongeveer alles. ‘Zoo Quest’ moest ik eigenlijk regisseren, maar presentator Jack Lester, iemand van de Londense dierentuin, werd erg ziek nadat we uit Sierra Leone waren teruggekeerd. Van de deelnemers aan die expeditie kwam ik als enige in aanmerking om hem te vervangen, dus kreeg ik van de BBC-directie het bevel om de microfoon over te nemen. De tweede expeditie ging richting Zuid-Amerika, opnieuw met Jack als reisleider en presentator, maar hij werd opnieuw ziek en ik moest weer invallen. Uiteindelijk is hij zelfs overleden aan de tropenziekte.»

– Het liep weleens uit de hand in de studio, bijvoorbeeld toen u de gedragsbioloog en Nobelprijswinnaar Konrad Lorenz met een gans filmde.

Attenborough «Lorenz was een heel interessante wetenschapper die erg grappig uit de hoek kon komen. Hij had die gans in zijn armen, en plots deed die zijn gevoeg voor de camera. Waarop Konrad met zijn Duitse accent uitriep: ‘O, nu is mijn broek vuil!’»

– Hij veegde die proper met zijn zakdoek, maar even later snoot hij er zijn neus mee.

Attenborough «Toen zag zijn gezicht er wel erg groen uit (lacht).»

– In 1979 werd u wereldberoemd toen u in Rwanda werd overvallen door een groepje berggorilla’s. Hoe kwam dat?

Attenborough «De documentaire waar we toen aan werkten, heette ‘Life on Earth’ en ging over de evolutie van de mensapen. Ik had het script geschreven en wilde aantonen dat het tegen elkaar drukken van duim en wijsvinger een belangrijke stap in de evolutie is – zo eten gorilla’s, bijvoorbeeld. Zodra een dier daartoe in staat is, kan het ook werktuigen hanteren. Met dat draaiboek vlogen we naar Rwanda, en daar ontdekten we op een dag een familie berggorilla’s in het oerwoud. We installeerden ons op een paar meter afstand en ik wilde mijn tekst opzeggen voor de camera, toen één van de gorilla’s naar mij kwam en zijn hand op mijn schouder legde.»

– Er kwamen er nog meer, ze betastten u langs alle kanten en gingen aan uw voeten liggen. Wist u meteen dat u een historische scène aan het opnemen was?

Attenborough «Nee, daar dacht ik toen niet aan. Het scheelde niet veel of de scène was zelfs nooit gefilmd: de regisseur stond de hele tijd te wachten tot ik mijn tekst over duimen en wijsvingers zou debiteren (lacht).»

– De gorilla’s hadden duidelijk het script niet gelezen.

Attenborough «Als zo’n gorilla op jou gaat zitten, staat die er niet bij stil dat het in het script over de evolutie en werktuigen gaat. De regisseur opperde nog het bezwaar dat het wel leek alsof het getemde gorilla’s uit een dierentuin waren. Pas toen de cameraman zei dat het er allemaal wel erg grappig uitzag, zijn we beginnen te draaien. Maar terug thuis vroegen we ons af wat we met dat materiaal moesten aanvangen. Het paste niet echt bij het thema. Maar ik was me er wel van bewust dat het publiek nog nooit een familie gorilla’s met een mens had zien spelen. Dat zou wel een grote verrassing zijn, dacht ik.»

'Het scheelde niet veel of de historische scène met die berggorilla's was nooit gefilmd. De regisseur stond te wachten tot ik mijn tekst zou debiteren (lacht)'


Vrijen voor de tv

– Uw documentaires zijn populairder dan ooit tevoren. Hoe verklaart u dat succes?

Attenborough «Aan mij ligt het in ieder geval niet. Tegenwoordig kan iedereen films en tv-uitzendingen maken, en de techniek is ook sterk geëvolueerd. Natuurdocumentaires zijn wel een uitzondering: niet iedereen kan op de bodem van de oceaan gaan filmen. Daarvoor heb je aangepast materiaal nodig, kennis en tijd. Ik ga tegenwoordig trouwens niet meer zelf op expeditie, ik spreek alleen nog de commentaar in. Maar ‘Blue Planet II’ is een ongelofelijk sterke reeks, omdat we dingen tonen die niemand ooit heeft gezien. Daarom is ze zo succesrijk: niet iedereen kan zoiets maken.»

– Op de Facebookpagina van ‘Planet Earth’ heeft een jonge vrouw een bericht achtergelaten: ‘Ik vrij graag met ‘Planet Earth’ op de achtergrond, dat voelt erg natuurlijk aan.’

Attenborough «Echt waar? We proberen de afleveringen zo te monteren dat je er op verschillende manieren van kunt genieten. Natuurlijk moet je de meest veeleisende kijkers tevredenstellen, maar wanneer iemand zijn gedachten afdwalen, vind ik dat ook prima.»

– U bent opgegroeid in Leicester, een oude industriestad. Niet bepaald midden in de natuur.

Attenborough «Als je op de fiets sprong, stond je een halfuur later wel op het platteland. Niet meteen de wildernis, maar toch rustige landweggetjes en weiden waar koeien stonden te grazen. Ik leef nu ook in de stad, graag zelfs, want je hebt hier prachtige musea, theaters, muziekvoorstellingen en lezingen. Ik ben dol op cultuur. Maar dat betekent niet dat ik niet van de natuur zou kunnen genieten.»

– Uw oudere broer, de acteur en regisseur Richard Attenborough, is in 2014 overleden. Hebben jullie elkaar beïnvloed als kind en tiener?

Attenborough «Niet zoveel, denk ik. Hij interesseerde zich al vroeg voor de acteerstiel. Hij pakte alles ook anders aan. Als regisseur wilde hij alles controleren en anderen bevelen wat ze moesten doen. Hij was een echte leider, terwijl ik meer een toeschouwer was. Maar we konden heel goed met elkaar opschieten, en ik heb hem altijd bewonderd.»

– Even zag het ernaar uit dat u bij de BBC manager zou worden. In 1965 werd u programmadirecteur van BBC Two en maakte u de introductie van de kleurentelevisie mee.

Attenborough «Ik wilde absoluut dat BBC Two de eerste zender in Europa zou zijn die in kleur uitzond. Maar onze kleurencamera’s hadden erg veel licht nodig. Om in de studio te kunnen draaien, had het dak er eigenlijk af gemoeten, zodat we in het zonlicht konden filmen. Ik vroeg onze technici hoeveel tijd ze nodig hadden om die camera’s beter te maken, en het antwoord luidde: negen maanden. Ik heb hen meteen aan het werk gezet.»

– En u bent in uw opzet geslaagd: in 1967 won u de wedren met de Duitsers.

Attenborough «Het scheelde maar een paar weken. Wimbledon kwam eraan, en om het tennistoernooi uit te zenden volstonden onze drie buitencamera’s, waarmee je prima in kleur kon uitzenden. Daarmee konden we de hele dag in de ether blijven.»

– U bracht ook Monty Python op de buis en klom steeds hoger in de hiërarchie van de BBC.

Attenborough «Mijn broer Richard dacht zelfs dat ik op een briljante carrière als directeur-generaal afstevende. Maar ik had daar helemaal geen zin in, en ik zou er ook niet goed in geweest zijn. Je moet je de hele tijd bezighouden met politiek, geld, verzekeringen, vakbonden en loonschalen. Ik wilde documentaires en uitzendingen maken. Hoe hoger je klimt op de carrièreladder, hoe minder je dat mag doen.»

– U keerde terug naar de dieren. Wat heeft u zo’n eerbied en respect voor de natuur doen krijgen?

Attenborough «Wie naar een vogel kijkt en niets voelt, zal mij nooit begrijpen. En wie dat gevoel wel kent, hoef ik niets uit te leggen.»

'Het is hard werken: je moet láng wachten voor je een leeuw voor de camera krijgt die een antilope oppeuzelt'

– Hebt u een lievelingsvogel?

Attenborough «De paradijsvogel van Nieuw-Guinea. Die ziet er enorm theatraal uit.»

– Toen u twaalf soorten paradijsvogels wilde filmen in Nieuw-Guinea, bleef u op elf steken, omdat u zich plots in een conflictgebied bevond.

Attenborough «We kregen het bericht dat milities ons konden aanvallen als we naar die twaalfde vogel bleven zoeken. Als je dat land een beetje kent en het wordt gevaarlijk, dan moet je wel een idioot zijn om nog verder te zoeken. Je hebt er geen politie die de orde kan handhaven. Het is een jong land zonder geld, en de veiligheid is er een gigantisch probleem. Waarom zouden ze ook geld investeren in patrouilles in afgelegen wouden, waar toch nooit een mens komt?»

– Behalve u dan. Bent u dikwijls in gevaar gekomen?

Attenborough «Er is nooit iets ergs voorgevallen. Onderweg naar het Indonesische eiland Komodo hebben we wel eens schipbreuk geleden, en we hebben ooit met wapensmokkelaars te maken gehad, maar we zijn nooit in de problemen geraakt.»

– Zijn er dieren waar u bang voor bent?

Attenborough «Ik heb een irrationele angst voor ratten. Nu ja, misschien is er wel een goede reden voor: ratten zijn niet bang van mensen en ze kunnen besmettelijke ziekten overdragen. ’s Nachts zijn er al vaak over mijn gezicht gekropen. Vreselijk!»

– Welke raad hebt u voor mensen die bang zijn van spinnen?

Attenborough «Ga eens naar de dierentuin en laat daar een harige spin over je hand lopen. Dat helpt. Arachnofobie is een erkende aandoening. Vooral in Australië kun je het dan lastig hebben, want daar heb je veel grote spinnen. Maar er bestaan cursussen die je van je schrik afhelpen.»

– Hoe hebt u uw kinderen leren kennismaken met de natuur?

Attenborough «Ik ken geen enkel kind dat niet enthousiast wordt van de natuur. Je moet ze er natuurlijk wel mee in contact brengen. We hadden bijvoorbeeld tropische vissen, apen, papegaaien, spinnen en kameleons.»

– Hier in huis?

Attenborough «Ja, op de tweede verdieping, maar nu hebben we niets meer.»

'Wie naar een vogel kijkt en niets voor de natuur voelt, zal mij nooit begrijpen. En wie dat gevoel wel kent, hoef ik niets uit te leggen'


Schubert in de jungle

– U hebt hier samen met uw vrouw Jane gewoond, die in 1997 gestorven is. Klopt het dat u als 18-jarige ook verliefd op haar werd omdat ze net als u van Duke Ellington, de Marx Brothers en de film ‘Casablanca’ hield?

Attenborough «O, maar van de Marx Brothers hield ze helemaal niet, hoor.»

– Hoe hebt u haar leren kennen?

Attenborough «Zoals dat meestal gaat bij tieners. We gingen naar dezelfde school.»

– Niet iedereen leert op zijn 18de iemand kennen met wie hij de rest van zijn leven deelt.

Attenborough «Voor onze generatie was dat normaal. De samenleving is erg veranderd op dat vlak. En toen wij jong waren, had je de pil nog niet (lacht).»

– Uw vrouw moest u vaak missen. U verbleef soms wekenlang met uw team in het oerwoud, afgesneden van de beschaving. Kunt u uitleggen hoe dat voelt?

Attenborough «Het is moeilijk om het in woorden te vatten, je moet het beleven. Ik mag niet zeggen dat ik ervan heb genoten, maar ik ben wel dankbaar dat ik het mocht meemaken. Op Borneo hadden we bijvoorbeeld drie maanden lang geen enkel contact met de buitenwereld. In het tijdperk van de smartphone kun je je dat niet meer voorstellen – wie zou überhaupt nog zonder zijn smartphone op reis gaan? Maar ik was toen een energieke twintiger en ik voelde me onkwetsbaar. Het kwam niet eens in me op om me af te vragen wat er zou gebeuren als ik zwaar ziek werd of een been brak – ik zou verloren geweest zijn.»

– Natuurdocumentaires draaien betekent ook: urenlang wachten tot er eindelijk iets gebeurt. Had u een manier om de verveling te verdrijven?

Attenborough «Ik had altijd muziekcassettes bij me, zeker 40 uur klassieke muziek, zodat ik genoeg afwisseling had. Ik hou erg van Schubert

– In uw woonkamer staat een vleugelpiano. Speelt u er nog op?

Attenborough «Ja, hoor, elke dag, en zo vaak als ik kan. Na dit interview komt de pianostemmer trouwens langs.»

– Waarom zijn veel diersoorten zo mooi, zoals vlinders, bijvoorbeeld?

Attenborough «Veel dieren, vooral vogels, lijken schoonheid wel te appreciëren. Mannetjes zien er knap uit om vrouwtjes te kunnen lokken. Nu moet ik aan de prieelvogel denken, die in Australië voorkomt. Die verzamelt mooie bloemen, schelpen en bessen en stelt daar een soort museum mee samen. De vrouwtjes bezoeken dan die musea en in het mooiste gaan ze zich nestelen: dan zijn ze klaar om te paren.»

– Hebben dieren en mensen eenzelfde smaak?

Attenborough « Dat heb ik toch gemerkt toen we prieelvogels aan het filmen waren. We stelden onze camera vaak op voor een museum dat wij erg mooi vonden, en waarvan we dachten dat de kans zeer groot was dat een vrouwtje er zou neerstrijken. En heel vaak hadden we het bij het rechte eind.»

– Hebben dieren eigenlijk gevoel voor humor?

Attenborough «Chimpansees wel, geloof ik. Het is hoe dan ook niet eenvoudig om vast te stellen of iemand gevoel voor humor heeft. Bij Duitsers kan ik dat bijvoorbeeld nooit met zekerheid zeggen.»

– Probeert u niet vooral de menselijke kantjes van dieren te tonen, om ze op die manier dichter bij ons te brengen?

Attenborough «Ik zou het jammer vinden als dat het geval was. Ik hou bijvoorbeeld van termieten en van spinnen, omdat ze juist helemaal niet zoals mensen zijn.»

– Gelooft u in een opperwezen dat alles geschapen heeft?

Attenborough «Ik ben geen praktiserend christen, wel agnosticus. Ik geloof in ieder geval niet dat God de eerste vrouw uit een rib van Adam heeft geschapen. Maar ik ga ook niet beweren dat er geen god bestaat. Misschien ontbeert de homo sapiens het denkvermogen om de samenhang van alles te kunnen begrijpen. Neem nu een complexe samenleving zoals die van de termieten: ze hebben een koningin, mannetjes en werkers. Als ik de top van een termietenheuvel eraf zou halen en naar binnen zou kijken, dan beseffen die termieten ook niet dat daar een mens staat die hen observeert.»

'Ik weet niet hoe de Queen over de brexit denkt, maar mij doet het wel pijn'


Levend verslonden

– Hoe schat u de toestand van de natuur in?

Attenborough «We zitten zwaar in de problemen. De temperatuur van het zeewater is aan het stijgen, de atmosfeer wordt vergiftigd, de oceanen zitten vol plastic afval en de regenwouden worden in een rotvaart vernietigd. De wereldbevolking is vandaag drie keer zo omvangrijk als ten tijde van mijn eerste televisie-uitzending. Dat komt natuurlijk ook omdat mensen zoals ik niet sterven als ze 70 zijn. Ik ben nu 92, en dan was je in mijn jeugd onvoorstelbaar oud.»

– U hebt uw politieke overtuiging lang voor uzelf gehouden. De laatste tijd neemt u duidelijker stelling in.

Attenborough «Kijk, de BBC is een openbare instelling. Vroeger was de zender in zekere zin het enige podium van het land. Dat brengt een enorme verantwoordelijkheid met zich mee: je moet er goed op toezien wie je aan het woord laat. En in geen geval kon je propaganda voeren, vond ik. Je moest zoveel mogelijk deskundige stemmen aan het woord laten, zodat de kijker zich daarna zelf een mening kon vormen.»

– U hebt met eigen ogen gezien wat de gevolgen van de milieuvervuiling zijn. Was dat voor u nooit een aanleiding om uw stem te verheffen?

Attenborough «Ik had in de jaren 60 wel kunnen zeggen dat we moesten ophouden met plastic te gebruiken, omdat je daarmee de wereldzeeën vervuilt, maar daar waren toen geen wetenschappelijke bewijzen voor. Ook vandaag zou ik anderen niet zeggen wat ze van de klimaatverandering moeten vinden, ik laat liever verschillende meningen aan bod komen. Je hebt vandaag nog altijd mensen in belangrijke functies, die denken dat het allemaal één grote leugen is, zoals de president van de VS, bijvoorbeeld.»

– U deinsde er nooit voor terug om de wreedheid van de natuur in beeld te brengen. Dan denk ik bijvoorbeeld aan die scène waarin tien slangen uit het oerwoud komen gekropen en een leguaan overvallen: ze kronkelen zich om hem heen en verstikken hem.

Attenborough «Ik heb de natuur minder wreed in beeld gebracht dan ze eigenlijk is. We hebben bijvoorbeeld nooit getoond hoe een leeuw een antilope levend opvreet, terwijl ze nog met haar poten trappelt. Maar u hebt gelijk: veel mensen vragen me waarom we die brutaliteit tonen. Telkens geef ik als antwoord dat we de gruwelijkste dingen niet laten zien, want dan zou de kijker meteen wegzappen. Wie in de stad leeft, is het niet gewend om een levend wezen te zien sterven.»

– Hoe hebt u decennialang kunnen kijken naar taferelen die anderen niet zouden kunnen verdragen?

Attenborough «We zagen niet de hele tijd horrorscènes, hoor. Dat kwam maar zelden voor. Het is zelfs hard werken om die beestachtigheid in beeld te kunnen krijgen. Je moet héél lang wachten voor je een leeuw voor de camera krijgt die een antilope oppeuzelt.»

– Wat doen de mensen verkeerd in hun omgang met de natuur?

Attenborough «Sinds de industriële revolutie raken we steeds meer vervreemd van de natuur. Als we die beter zouden begrijpen, dan zouden we ze niet zo toetakelen. Kinderen groeien op zonder ooit een koe gezien te hebben. Ze weten niet waar de melk vandaan komt. Als iemand dan probeert de belastingen te verhogen om de milieuvervuiling te bestrijden, vindt hij nergens steun. ‘Wat kunnen mij de zeeën schelen?’ zeggen de mensen dan.»

– Wat vindt u van het concept van dierentuinen?

Attenborough «Die zijn zeer belangrijk. Vroeger wilde de Londense zoo zoveel mogelijk verschillende dieren kunnen tonen. Die gedachte stamt nog uit de 19de eeuw, toen men de dierenwereld wilde catalogiseren. Vandaag hebben dierentuinen een ander doel: ze moeten mensen doen inzien hoe belangrijk het is om dieren te beschermen. Maar daarvoor moet je ze wel eerst laten weten dat ze bestaan.»

'Ik ga niet beweren dat er geen god bestaat. Misschien ontbeert de homo sapiens het denk­vermogen om de samenhang van alles te kunnen begrijpen'


Kilo’s chocolade

– Maakt u zich zorgen over de toekomst? En dan niet alleen door de milieuvervuiling, maar ook door het oprukkende nationalisme?

Attenborough «De wereld zit flink in nesten, maar dat is volgens mij altijd al zo geweest.»

– Toen u tiener was, woedde de Tweede Wereldoorlog.

Attenborough «Ik had het geluk dat ik te jong was om opgeroepen te worden. Ik heb nooit iemand moeten doden. Tijdens de oorlogsjaren woonden er twee Joodse meisjes uit Duitsland bij ons, Irene en Helga. Mijn ouders hadden zich als vrijwilliger opgegeven om kinderen op te vangen die met kindertransporten naar Groot-Brittannië werden gebracht. Die meisjes wilden eigenlijk naar New York, waar een oom van hen woonde. Maar toen een schip met honderden kinderen door de Duitsers werd getorpedeerd en verging, werd die overtocht geannuleerd en zeiden mijn ouders ons: ‘Nu hebben jullie er twee zusjes bij.’»

– Hoe hebt u toen gereageerd?

Attenborough «Ik vroeg alleen: ‘Waarom? Jullie zijn toch mijn ouders en niet die van hen?’ Ze antwoordden me: ‘Die meisjes hebben moeilijkheden en we willen hen zo goed mogelijk helpen, want hun problemen zijn groter dan de jouwe.’»

– Hoelang zijn ze gebleven?

Attenborough «Tot het einde van de oorlog. Daarna zijn ze alsnog naar New York gegaan en daar zijn ze ook getrouwd. Ze leven niet meer, maar ik heb nog contact met hun kleinkinderen.»

– Uw moeder was een feministe en uw vader rector aan het University College in Leicester. Hoe zou u ze omschrijven?

Attenborough «Ze hadden een zeer sterk ontwikkeld sociaal gevoel. Twee jaar voor Irene en Helga bij ons introkken, hadden we al onderdak geboden aan Baskische kinderen die op de vlucht waren voor de Spaanse burgeroorlog. Mijn moeder heeft veel van die kinderen naar Engeland laten overbrengen. Ze vond ook een groot landhuis niet ver van Leicester, waar vijftig Baskische kinderen konden blijven logeren.»

'Het is niet eenvoudig om vast te stellen of iemand gevoel voor humor heeft. Chimpansees hebben het wel, geloof ik. Maar bij Duitsers kan ik dat nooit met zekerheid zeggen'


– Wat denkt u dan van de vluchtelingencrisis in Europa?

Attenborough «Toen was het niet zo moeilijk om vluchtelingen binnen te laten. Vandaag gaat het niet om honderd of duizend mensen, maar om een veelvoud daarvan. Dan ga je mij niet hautain horen zeggen dat de oplossing eenvoudig is.»

– Hebt u gestemd in het referendum over de brexit?

Attenborough «Ja.»

– En hoe hebt u gestemd?

Attenborough «Dat ga ik u niet vertellen, omdat mijn politieke overtuiging een privéaangelegenheid is. Ik heb van mijn tijd als programmadirecteur van BBC Two geleerd dat ik die beter voor mezelf houd. Maar goed, persoonlijk doet de brexit me natuurlijk pijn. Ik ben er wel zeker van dat de uitslag in andere landen dezelfde geweest zou zijn.»

– Ook de Queen zou tegen de brexit geweest zijn.

Attenborough «Dat weet ik niet.»

– U werkt geregeld samen met haar. Zo is onlangs een film over de koninklijke tuinen uitgebracht. En u zou zelfs de draaiboeken voor haar kersttoespraken geschreven hebben.

Attenborough «Dat doet niemand. Ik heb alleen de uitzending van enkele toespraken gecoördineerd.»

– Hoe is het om met haar samen te werken?

Attenborough «De meeste communicatie verloopt via haar privésecretaris. Ik hou me alleen bezig met stijlkwesties.»

– Zoals?

Attenborough «Ze wilde eens een groene jurk aandoen, maar dat zou er vreselijk hebben uitgezien tegen de groene achtergrond van de studio. Toen iemand me om mijn mening vroeg, zei ik gewoon: ‘Liever geen groene jurk.’»

– In Engeland bent u bijna even geliefd als de Queen. Er circuleert een petitie om uw gezicht op het briefje van 20 pond af te beelden.

Attenborough «Ik denk niet dat ik echt zo populair ben. Ik weet trouwens uit ervaring dat dat weinig voorstelt. Het openbare leven heeft niets met het privéleven te maken.»

– Uw stem is uw handelsmerk geworden. In Amerika is eens geprobeerd om uw commentaarstem te vervangen door die van actrice Sigourney Weaver, maar de originele film verkocht veel beter. Wat is uw geheim?

Attenborough «Ik heb niet zo’n speciale stem, vind ik. Maar ik ben al in duizenden uitzendingen te horen geweest, en de mensen zijn me gewend. Ik ga ook niet zeggen dat ik een slechte stem heb, maar ze is bruikbaar, en ik spreek de woorden duidelijk uit.»

– Naar verluidt bent u dol op chocoladerepen van Kitkat. Eet u die nog altijd zo graag?

Attenborough «Ik eet al twee jaar geen chocolade meer.»

– Bent u er op uw 90ste mee opgehouden?

Attenborough «Ik heb er gewoon veel te veel van gegeten. Minstens 250 gram per dag, dat is toch dwaas.»

– U woont dicht bij de luchthaven van Heathrow. Is dat met opzet?

Attenborough «Dat was erg praktisch toen ik nog veel moest reizen, maar dat doe ik nu niet meer. Zo belangrijk was het ook niet: als ik aan de andere kant van Londen had gewoond, was ik misschien een halfuurtje langer onderweg geweest.»

– Mist u het reizen?

Attenborough «Nee, niet echt. Vliegen is niet leuk meer, met al die regels en procedures die je moet respecteren. Nu, tweehonderd jaar geleden was het wel lastiger (lacht).»

– Wanneer was vliegen wel leuk?

Attenborough «In de jaren 60 en 70. En dan denk ik aan mijn reizen naar en in Afrika. Toen heb ik vaak met tweemotorige Dakota’s gevlogen.»

– Kijkt u naar natuurdocumentaires van uw collega’s?

Attenborough «Ik kijk heel graag naar de uitzendingen van mijn collega’s bij de BBC, want dat zijn mijn vrienden.»

– Wellicht heeft niemand zoveel van de wereld gezien als u. Is er een plaats die u graag nog had bezocht?

Attenborough «Ik denk niet dat ik de meest bereisde man ter wereld ben. Als je de vliegmijlen zou tellen, heeft elke lijnpiloot meer gevlogen dan ik. Maar wat ik graag nog zou zien, is de Gobiwoestijn. Er zouden daar zeer mooie fossielen te vinden moeten zijn.»

– We wensen u alvast een prettige reis. Bedankt voor het gesprek.

© Die Zeit

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234