Sire, er zijn geen geheimen meer: de erfenis van koning Boudewijn, 25 jaar na zijn dood

Twee eminente kenners van de monarchie, historici Mark Van den Wijngaert en Emmanuel Gerard, legden hun kennis samen voor het boek ‘Boudewijn. Koning met een missie’, over familieruzies, extreme devotie, banden met Franco en problemen in Congo.

'Boudewijn zachtmoedig? Hij kon zich behoorlijk kwaad maken. Hij schreef eens dat een minister 'een echte jood' was'

HUMO In het boek duiken de namen op van de opvoeders van Boudewijn. Dat waren dus niet zijn ouders?

MARK VAN DEN WIJNGAERT «Nee, prins Leopold en prinses Astrid hadden geen tijd voor hun kinderen. Het ging eraan toe zoals in de 19de eeuw: er was personeel voor de kinderen. Boudewijn verloor zijn moeder al op zijn 5de, maar het beeld van Astrid als zorgzame moeder klopt niet. Zij was voortdurend mee op reis met Leopold, soms een half jaar lang.

»Boudewijn was altijd op zoek naar een ankerpunt. Eerst was er zijn maman, daarna een Nederlands kindermeisje, Margaretha de Jong. Zij was altijd in de buurt en had een belangrijke beschermende rol. In 1940 is ze weggestuurd, ze mocht niet eens afscheid nemen: dat paste niet in het schema. Het moet een enorme klap zijn geweest voor Boudewijn.»

EMMANUEL GERARD «Burggraaf Gatien du Parc Locmaria heeft haar rol als opvoeder overgenomen. ‘Het werd de hoogste tijd dat Boudewijn door een man wordt opgevoed,’ zei die eens. Hij stond voor een hele strenge opvoeding.»

VAN DEN WIJNGAERT «Harde aanpak, plichtsbewustzijn, lichaamsoefeningen.»

HUMO Bij het begin van de oorlog bleef Leopold III in België, op zoek naar een regeling met Hitler, terwijl de regering uitweek naar Londen – de kiem van de latere koningskwestie. Eind 1941 hertrouwde hij met burgermeisje Lilian Baels. Aanvaardde Boudewijn haar vlot als stiefmoeder?

VAN DEN WIJNGAERT «Hij heeft zich door Lilian op sleeptouw laten nemen, hij stond altijd open voor een leider, een voorbeeldfiguur.»

HUMO Als het gezin tussen ’45 en ’50 niet naar België kan terugkeren, hoort Boudewijn maar één klok luiden over de koningskwestie.

VAN DEN WIJNGAERT «‘Leopold heeft niks fouts gedaan, het is de regering die bij hem een knieval moet komen doen.’ Dat is de enige versie van de geschiedenis die de kinderen te horen kregen, en Boudewijn geloofde dat.»

HUMO In 1950 was het compromis dat de monarchie bleef bestaan, maar dat Leopold plaats moest maken voor Boudewijn. ‘De man die geen koning wilde zijn’ was de titel van een eerdere biografie over Boudewijn. Was dat echt zo?

VAN DEN WIJNGAERT «Hij deed het écht met tegenzin, hij vond dat hij onrechtmatig de troon overnam.»

GERARD «Leopold zal wel in het achterhoofd hebben gehouden dat zijn zoon, die nog geen 20 was, de spreekbuis van zijn vader zou zijn. En effectief: Leopold heeft nog lange tijd via zijn zoon voort geregeerd.»

VAN DEN WIJNGAERT «Boudewijn leefde in het paleis van Laken, samen met zijn ouders. Stel het je eens voor: een jongen van 20 jaar die daar bij zijn ouders zit, en als een kind wordt behandeld. Premier Joseph Pholien schreef in zijn dagboek dat hij veel gêne voelde toen hij op visite kwam en Lilian tegen Boudewijn zei: ‘Haal eens een asbak.’»

HUMO Lilian was maar wat graag koningin geweest?

VAN DEN WIJNGAERT «Ja, maar dat kon niet. Daarom heeft ze, vanaf het moment dat Leopold definitief troonsafstand had gedaan in 1951, geprobeerd om zo veel mogelijk in de schijnwerpers van Boudewijn te staan. Zolang Boudewijn niet was getrouwd, was zij de vrouw naast de koning. Die wel heel intieme relatie tussen Lilian en Boudewijn werd in sommige kringen met argusogen bekeken. Vooral de adel roddelde daarover, want die was tegen haar.»

HUMO Premier Van Acker heeft die roddels naar een hoger niveau getild door wat hij erover schreef in zijn dagboek. Hij overwoog zelfs wat de gevolgen hadden kunnen zijn van een huwelijk tussen die twee.

GERARD «Hij schreef dat ze in dezelfde treincoupé naar het zuiden reisden, en dat soort dingen. Maar, nam hij dat zelf wel au sérieux?»

VAN DEN WIJNGAERT «Boudewijn en Lilian maakten deel uit van hetzelfde gezin, waarom hadden ze afstand van elkaar moeten nemen? Franstaligen zijn hartelijker, kussen elkaar wel vaker: misschien heeft dat sommigen doen denken dat er meer achter zat.»

'Er zijn twee kanten aan Boudewijn. Hij zag geen graten in de eliminatie van Lumumba, maar tegelijk zat hij samen met Fabiola voor de grot van Maria te bidden.'

HUMO Boudewijn liep wel erg duidelijk in de voetsporen van zijn vader. Hij weigerde zelfs om de hand te schudden van Leopolds vijand, ex-premier Pierlot.

GERARD «Vandaag zou dat een groter probleem zijn, hè? Denk maar aan Trump die Merkel geen hand wilde geven. Boudewijn wou Pierlot ook niet ontvangen als minister van staat. Camille Gutt, een andere minister die deel had uitgemaakt van de Belgische regering in Londen, had de moed om hem daarop aan te spreken, maar Boudewijn maakte zich kwaad. ‘Ik zal hem niet ontvangen!’ zei hij, twee keer, zeer nadrukkelijk. Dat zegt veel over zijn koppigheid.»

VAN DEN WIJNGAERT «Al die ‘Londense ministers’ waren voor Boudewijn de zwarte beesten die mee de ondergang van zijn vader hebben bewerkstelligd. Hij dacht wel meer in zwart-wittermen. Na het bezoek van Gutt schreef hij in een brief naar zijn vader dat die man ‘een echte jood’ was – in hun milieu was er enig latent antisemitisme.»

HUMO In uw boek worden wel meer momenten beschreven waarin Boudewijn niet beantwoordt aan het beeld van de zachtmoedige vorst.

GERARD «Er zijn meerdere getuigenissen die aangeven dat Boudewijn zich behoorlijk kwaad kon maken. Ook Wilfried Martens beschreef in zijn memoires hoe woedend Boudewijn werd toen Martens een keer met Mobutu was gaan spreken zonder eerst te overleggen.»

HUMO Heeft Boudewijn zich ooit kunnen losmaken van de invloed van zijn vader?

VAN DEN WIJNGAERT «Absoluut, aan het eind van de jaren 50. Boudewijn was niet dom: na een tijd had hij begrepen, mede dankzij enkele politieke peetvaders als Pierre Harmel, Gaston Eyskens en Achiel Van Acker, dat zijn vader hem had gemanipuleerd. Er waren ook familiale redenen: Fabiola wilde niet dat hij nog contact had met Lilian.»

HUMO De breuk was wel heel radicaal. Tijdens de huwelijksreis van Boudewijn en Fabiola werd hun paleis zowat leeggeplunderd door zijn vader en stiefmoeder.

VAN DEN WIJNGAERT «Leopold vroeg op een bepaald moment aan Boudewijn: ‘Zullen we op z’n minst de schijn hooghouden?’ Maar zelfs dat wilde Boudewijn niet.»

GERARD «‘Kom terug naar uw moeder,’ zei Leopold tegen Boudewijn in november 1961. Waaruit je kan afleiden dat Lilian aan de oorzaak van de breuk lag, meer nog dan Leopold. Maar Boudewijn en Lilian hebben elkaar in de jaren erna nauwelijks nog gezien: twee keer, op een begrafenis. De foto van zijn vader is wel zijn hele leven op zijn bureau blijven staan.»

HUMO Fabiola wordt nogal eens voorgesteld als redster van de monarchie.

GERARD «Omdat Boudewijn zogezegd liever naar het klooster wou? Laat die wilde verhalen maar aan de roddelpers. Fabiola hééft de monarchie effectief gered, maar dan door ze weer populair te maken.»


De moord op Lumumba

HUMO Fabiola de Mora y Aragon was een meisje uit het Spanje van Franco. Was daar veel om te doen?

GERARD «De linkerzijde in Wallonië riep op tot manifestaties. Franco was een dictator, veel mensen zaten na de burgeroorlog nog steeds in de gevangenis.»

VAN DEN WIJNGAERT «En de familie van Fabiola had duidelijk banden met Franco.»

GERARD «Iets wat premier Gaston Eyskens op de ministerraad ontkende: ‘Géén relaties met Franco!’ zei hij uitdrukkelijk. Franco’s dochter woonde het huwelijk bij. Boudewijn droeg bij die gelegenheid maar één halsketting, die van de orde van Isabella de Katholieke, hem geschonken door Franco. Ook daarna was er een nauw contact. Boudewijn probeerde in het begin van de jaren 60 vergeefs de banden aan te halen met Spanje, toen nog een paria in de internationale gemeenschap. De regering moest Boudewijn ook thuishouden van de begrafenis van Franco.»

HUMO Wat de kolonie Congo betreft: stelde hij zich geen vragen bij het ‘beschavingswerk’ van zijn grootvader, Leopold II?

GERARD «Niet echt, hij zong nog mee de lof van ‘het genie van Leopold II’. Maar hij vond wel dat er andere verhoudingen moesten komen tussen de Belgen en de Congolezen, hij had problemen met de segregatie. Dat moest veranderen om een clash te vermijden. Aan Lilian schreef hij in 1957: ‘Congo zal langer aan de dynastie verbonden blijven dan aan België.’ Hij wilde Congo niet loslaten. Vroeg of laat zal het een vorm van autonomie krijgen, dacht hij, en ík zal daarin een rol in spelen.»

HUMO Het liep anders. In 1960 werd het land onafhankelijk. Boudewijn was er maar met grote moeite toe te bewegen om de viering mee te maken.

VAN DEN WIJNGAERT «Premier Lumumba hield een betoog tegen de Belgische kolonisatie. De vorst was beledigd en werd woest op de Belgische ministers die dat niet hadden kunnen verhinderen. Voor hem viel Lumumba toen definitief in ongenade – weer die radicale keuze die hij maakte tussen goed en kwaad.»

'Lumumba hield een betoog tegen de Belgische kolonisatie. Boudewijn was razend'' Boudewijn en Patrice Lumumba in Congo, aan de vooravond van de onafhanke­lijkheid in 1960

HUMO Wat later werd Lumumba vermoord. Meneer Gerard, u was lid van de commissie-Lumumba. Welke rol speelde Boudewijn in die kwestie?

GERARD «Boudewijn heeft samen met de Belgische regering een onrechtstreekse verantwoordelijkheid: ze hebben de afzetting van Lumumba ondersteund. Om Lumumba stokken in de wielen te steken, hebben ze de kant van Moïse Tshombe gekozen, die de onafhankelijkheid van Katanga had uitgeroepen. Lumumba werd afgezet, en Boudewijn bleef Tshombe en Katanga verder steunen – tegen de wil van de VN in.»

HUMO Ook wanneer een Belgisch officier hem heel precies inlichtte over wat de plannen waren – ‘On neutralise complètement (et si possible physiquement...) Lumumba’ – verpinkte hij niet.

GERARD «Nee, zijn reactie was behoorlijk vreemd: hij schreef een brief naar Tshombe om te zeggen dat die een groot staatsman was. Conclusie: Boudewijn vond de uitschakeling van Lumumba geen enkel probleem.»

HUMO Kun je dan zeggen dat er bloed aan zijn handen kleeft?

VAN DEN WIJNGAERT «Je zou van schuldig verzuim kunnen spreken.»

HUMO Weinig bekend is dat de Congo-crisis ook in België tot een ongewoon spektakel heeft geleid: Boudewijn probeerde zélf een regering te vormen, die hem zou steunen in zijn plannen met Katanga.

GERARD «Dat vind ik één van de strafste momenten in zijn carrière. Boudewijn had daarover een geheim akkoord met ex-premier Van Zeeland en Paul-Henri Spaak. Op 5 augustus 1960 sommeert hij premier Gaston Eyskens en zegt: ‘Uw regering heeft 48 uur de tijd om te verdwijnen.’ De ministers voelen de druk om toe te geven aan de koning, dus stellen ze één voorwaarde: Eyskens moet opnieuw formateur worden. Boudewijn is woedend: ‘Ze hebben helemaal geen voorwaarden te stellen!’»

HUMO En hoe liep het af?

GERARD «Ze werden ingehaald door de feiten: VN-secretaris-generaal Dag Hammarskjöld had een akkoord gesloten met Tshombe. Eyskens kreeg wat later het vertrouwen van de Kamer.»


Godsdienstwaanzin

HUMO Boudewijn erfde een uitgehold koningschap, schrijven jullie. Hoe heeft hij dat weer proberen in te vullen?

VAN DEN WIJNGAERT «De koning kan ontvangen wie hij wil om ‘zich te informeren’, en dat belang onderschat men weleens. Er zijn maar weinig mensen die zo’n koninklijke uitnodiging weigeren. Zo kan hij situaties aftasten en nu en dan een duwtje geven in een bepaalde richting.»

GERARD «Ook met zijn toespraken probeerde hij een rol te spelen. Hij was het die op 21 juli 1983 de toespraak op onze nationale feestdag invoerde, daarvoor bestond zoiets niet. Boudewijn heeft meer toespraken gehouden dan welke koning ook.»

VAN DEN WIJNGAERT «Hij waarschuwde voortdurend voor de erosie van het gezag. Het is één van de essentiële dingen die een koning kan doen, hè, waarschuwen.»

GERARD «En dan toonde hij zich overmatig bezorgd: er ging altijd wel iets bergaf.»

VAN DEN WIJNGAERT «Op den duur ging je denken dat hij ontgoocheld was in de Belgische politiek. ‘Waar zijn ze mee bezig?’ Hij kon zijn aversie tegen de politiek beter verbergen dan zijn vader, maar het kwam wel op hetzelfde neer: ‘De politiek ziet het verkeerd, ík heb gelijk.’

»In zijn kritiek was Boudewijn wel een beetje populistisch. Een aantal Belgen ging zeggen: ‘De koning heeft gelijk.’ Of: ‘De koning zou meer tussenbeide moeten komen.’»

'Hij was ontgoocheld in de politiek. In zijn kritiek was hij zelfs een beetje populistisch.'

HUMO Hij gaf soms duwtjes in een bepaalde richting, werd net gezegd. Maar in jullie boek lijsten jullie wel héél veel politieke interventies op.

GERARD «Je ziet dat hij regeringscrisissen aangreep om een rol te spelen, ook als dat niet per se moest.»

HUMO Had Boudewijn een zwarte lijst? In 1972 gunde hij de Brusselse politicus Guy Cudell geen portefeuille, een jaar later de Vlaamse liberaal Hilaire Lahaye.

VAN DEN WIJNGAERT «Een zwarte lijst zou ik het niet noemen, er zat een idee achter. Lahaye had banden met het apartheidsregime in Zuid-Afrika. Als minister van Buitenlandse Handel zou hij voor heel zwart Afrika een hinderpaal zijn geweest.»

GERARD «Zoals de Italiaanse president het onlangs géén goed idee vond om een tegenstander van de euro tot minister van Economische Zaken te benoemen.

»In het geval van Guy Cudell speelde dat Boudewijn geen socialist wou op defensie.»

HUMO In sommige omstandigheden kon Boudewijn ook mee bepalen wie premier werd. In 1979: niet Tindemans, wel Martens.

GERARD «Omdat de CVP toen zelf niet kon kiezen. De relatie Martens-Boudewijn was hoe dan ook sterk en langdurig: meer dan tien jaar lang zagen ze elkaar wekelijks.»

VAN DEN WIJNGAERT «Martens heeft de kritiek gekregen dat hij Boudewijn te slaafs volgde.»

GERARD «Hij gedroeg zich zeker anders dan illustere voorgangers als Charles Rogier of Frère-Orban, die – bij wijze van spreken – hun vorst durfden uit te schelden. Martens heeft zich achteraf weleens beklaagd dat hij Boudewijn had gevolgd. Tijdens de Voerencrisis in 1987 schreef Martens verkiezingen uit op aanbevelen van de vorst. De CVP leed een geweldige nederlaag.

»Aan Jean-Luc Dehaene vroeg Boudewijn in 1988: ‘Zou je geen CVP-voorzitter willen worden?’ Dehaene was minder geneigd dan Martens om op zulke suggesties in te gaan. Maar ook uit zijn memoires blijkt dat er tijdens de audiënties serieuze dingen werden besproken. Boudewijn luisterde niet alleen, hij stuurde ook. Dat valt allemaal niet onder de noemer ‘de koning informeren’.»

VAN DEN WIJNGAERT «Boudewijn was een speler op het terrein met wie politici stevig rekening moesten houden. Hij liet zich niet zomaar wegzetten.»

HUMO Boudewijn hield een spiritueel dagboek bij dat hij toevertrouwde aan Leo Suenens, de Belgische aartsbisschop in de jaren 60 en 70. Suenens publiceerde het echter: bij tijden is het gênant proza. ‘O Heer, vergeef aan het insect dat ik ben een mooi paard te willen zijn. Maak mij nederig, Heer, en blij dat ik zo klein geschapen ben.’

VAN DEN WIJNGAERT «Vandaag zou men het een schending van de privacy noemen. Maar blijkbaar wou Suenens zijn belangrijke rol in het koningschap van Boudewijn in de verf zetten. Die passages onthullen hoe devoot de koning wel was.»

GERARD «Ik zou niet graag hebben dat men zo diep in mijn geest zou kunnen kijken. Maar het is wel een verhelderend document voor wie Boudewijn wil begrijpen.»

HUMO Waar komt die vroomheid van Boudewijn vandaan?

VAN DEN WIJNGAERT «Alvast niet van zijn vader. Je kan van de Coburgs veel zeggen, maar niet dat ze erg katholiek waren. Boudewijn is de grote uitzondering op de regel.»

'Het beeld van prinses Astrid als liefdevolle moeder klopt niet. Ze had geen tijd om Boudewijn zelf op te voeden'

GERARD «Er zijn een aantal hiaten in de documentatie. Ik zou bijvoorbeeld meer willen weten over François-Marie Braun, een dominicaan die lesgaf in Zwitserland. Waren er hier dan niet genoeg priesters, dat Boudewijn die man naar Brussel haalde om hofaalmoezenier te worden?»

HUMO Kardinaal Suenens en zijn Ierse geestesvriendin Veronica O’Brien lijken de grote geestelijke leiders van Boudewijn te zijn geweest. Wie was die vrouw eigenlijk?

GERARD «Een gewezen kloosterzuster. Suenens heeft O’Brien in 1947 in Lourdes leren kennen. Hij schrijft uitgebreid over haar in zijn memoires. Zeer merkwaardig proza overigens, overal ziet hij de hand van God.»

HUMO Het was Suenens die uitgebreid schreef over de miraculeuze match tussen Boudewijn en Fabiola in 1960: Veronica O’Brien vond een bruid voor hem in Spanje. Opmerkelijk genoeg blijkt uit uw boek dat de kardinaal waarschijnlijk liegt.

GERARD «Zoals hij vertelt hoe O’Brien Fabiola vond – met alle innerlijke stemmen en visioenen erop en eraan: dat grenst toch aan het ongeloofwaardige? Zou het niet kunnen dat hij wóú dat het allemaal met een miraculeuze ontmoeting begint? Dat zette zijn bede kracht bij om Boudewijn heilig te verklaren.

»Er zijn duidelijke aanwijzingen voor een andere versie van het verhaal: waarschijnlijk hadden Boudewijn en Fabiola elkaar al vele malen ontmoet, vanaf 1957.»

HUMO Hoe zit het met die heiligverklaring van Boudewijn, waarop kardinaal Suenens aasde?

GERARD «Bij mijn weten is daar niets mee gebeurd.»

HUMO Is het niet vreemd dat er tijdens Boudewijns leven nooit iets bekend is geraakt over die zeer belangrijke invloed van kardinaal Suenens?

GERARD «Binnen de kerk had Suenens het imago van een vernieuwer, maar hij had ook een conservatieve kant. Weinigen weten iets af van de grote rol die hij in de VS speelde. Hij ging daar regelmatig naartoe vanaf het eind van de jaren 60, leerde er de charismatische beweging kennen en bracht die naar hier. In Amerika vond die beweging een machtig bondgenoot in Peter Grace, een zeer rijke katholieke Republikein, van wie Suenens af en toe zijn privé-vliegtuig mocht gebruiken. Suenens was geen man van de arbeidersbeweging, als ik het zo mag zeggen.»

HUMO Het leven aan het hof was soms bevreemdend devoot. Royaltywatcher Mario Danneels gebruikt weleens de term ‘godsdienstwaanzin’.

GERARD «Boudewijn besteedde vele uren er per dag aan het spirituele – ochtendgebed, aanbidding van het Heilig Sacrament, dagelijkse mis, rozenkrans… Terwijl hij toch nog wel wat andere taken had als vorst. Het was obsessioneel en excessief.

»Herman Liebaers, die een tijd hofmaarschalk was, beschreef in zijn memoires hoe Boudewijn in monnikspij tussen de paters van Maredsous stond te zingen: geen gewoon gezicht, laten we maar zeggen.»

VAN DEN WIJNGAERT «Zijn vroomheid heeft meer te maken met zijn vroege jaren dan met de grote ideeën van Suenens. Het kindermeisje Margaretha de Jong had hem de katholiciteit bijgebracht, ook de Mariadevotie. Zijn verlangen naar zijn mama en naar Maria, dat liep allemaal door elkaar.»

GERARD «In zijn geloofsbeleving nam hij later, onder de indruk als hij was van Suenens en O’Brien, elementen van de charismatische beweging over. Wat niet wil zeggen dat hij ook lid was. Hij was nergens lid van, hij was koning.»

''Om het huwelijk van z'n broer te redden, liet Boudewijn de telefoon van Paola controleren. Wat een vreselijke familie, hè?' (lacht)' Auteurs Mark Van den Wijngaert en Emmanuel Gerard

HUMO Ook niet van Opus Dei, zoals wel geschreven is?

VAN DEN WIJNGAERT «Nee.»

HUMO Zijn beroemdste daad, de weigering om de abortuswet te ondertekenen in 1990, heeft te maken met die diepgaande religiositeit.

GERARD «Je kan veel kritiek hebben op de regeling die men toen heeft bedacht – de koning even opzijzetten wegens zijn ‘onmogelijkheid om te regeren’ – maar de regering stond voor een geweldig dilemma. Wat als ze ontslag had genomen? Het had kunnen uitmonden in complete chaos.»

HUMO Die bovendien veroorzaakt was door een koning die een leven lang stabiliteit had gepredikt.

VAN DEN WIJNGAERT «Boudewijn stelde zijn katholiciteit boven zijn koningschap, de grondwet moest wijken voor de wetten van de kerk en zijn geweten. Hij was zelfs bereid daarvoor troonsafstand te doen, maar in dat geval zou het hek helemaal van de dam zijn geweest. Was Albert toen koning geworden, dan had hij precies hetzelfde gedaan: hij zou zijn broer nooit afgevallen hebben.

»Paradoxaal genoeg maakte de abortuskwestie Boudewijn populairder. Ook al deugde de constructie niet, een groot deel van de bevolking steunde hem wel: toch íémand die consequent was.»


De opvolging

HUMO Boudewijns dood op 31 juli 1993 veroorzaakte onverwacht veel emotie.

GERARD «Het was indrukwekkend, ja.»

HUMO De journalistiek had plaats gemaakt voor commercie. Le Monde schreef: ‘Hier is sprake van oplichting.’

VAN DEN WIJNGAERT «De media hebben het verdriet van de mensen uitvergroot, dat klopt. De emotie van het volk kreeg enorm veel ruimte. Als er al duiding was, bleef die heel voorzichtig. Men wou niet raken aan het beeld van Boudewijn.»

GERARD «De media waren een deel van het verdriet geworden, in plaats van erover te berichten. Vergelijk het met de dood van prinses Diana een paar jaar later. Ik kan wel begrijpen waarom het zoveel teweegbracht. Boudewijn was een figuur die veertig jaar lang op onze postzegels had gestaan.»

VAN DEN WIJNGAERT «Heel veel mensen hadden nooit een andere koning gekend. Boudewijn hoorde heel erg bij ons vertrouwde dagelijkse leven. En wat ook meespeelde: hij stierf onverwacht.»

HUMO Als Boudewijn niet zo plots was gestorven, stond in de sterren geschreven dat er – met zijn visie op het koningschap – nóg conflicten met de regering zouden volgen.

GERARD «Het was niet vol te houden. Onder de regering-Verhofstadt zou het een ongelooflijk probleem zijn geworden.»

HUMO De troonopvolging door Albert sloot aan bij eerder gemaakte afspraken, schrijven jullie. Ik dacht dat zowat iedereen Filip als opvolger verwachtte, omdat zijn broer Albert al was afgeschreven.

VAN DEN WIJNGAERT «Dat was ooit zo. Vanaf 1966 leefden Albert en Paola op aparte verdiepingen in kasteel Belvédère. Albert had een relatie met Sybille de Selys Longchamps, zo werd Delphine geboren. En ook Paola had haar escapades. Maar een gescheiden koning, dat zag Boudewijn niet zitten: hij maakte Albert duidelijk dat hij dan niet meer in aanmerking zou komen. Boudewijn heeft alles gedaan om dat huwelijk nog te redden, toonde daarbij begrip voor zijn broer, maar was bikkelhard voor Paola. Ook Fabiola was op haar gebeten. Paola werd zowat in quarantaine geplaatst, haar telefoonlijnen werden zelfs gecontroleerd.»

GERARD «Een vreselijke familie toch, hè? (lacht)»

VAN DEN WIJNGAERT «Toen Boudewijn zag dat zijn pogingen hopeloos waren, heeft hij zich bij een scheiding neergelegd. Maar daar waren zulke strenge voorwaarden mee gemoeid, dat Albert en Paola uiteindelijk toch niet gescheiden zijn: ze zouden te veel privileges verliezen. Daarna is er stilaan een verzoening gekomen. Toen Boudewijn in maart 1992 een delicate hartoperatie onderging, is er binnen de familie de vraag gesteld wat er zou gebeuren als hij die niet overleefde. Toen heeft hij uitdrukkelijk herhaald wat ook al in de jaren 80 was afgesproken: ‘Als ik nog lang regeer, moet Filip me opvolgen. Als ik in die operatie blijf, moet Albert het doen.’

»De dag na Boudewijns dood ging Albert pas akkoord om koning te worden nadat Fabiola had bevestigd dat dát de wil van Boudewijn was.»

''Er waren verschillende scenario's voor wie hem moest opvolgen in geval van overlijden'' Toenmalig prins Albert, koning Boudewijn en prins Filip

HUMO ‘Boudewijn. Koning met een missie’ is de titel van jullie boek. Over welke missie hebben we het dan?

VAN DEN WIJNGAERT «Je kunt Boudewijn alleen begrijpen als je weet wat zijn drijfveer was: zijn christelijke bezieling. Een koningschap in nederige dienstbaarheid was de missie die hij zichzelf gegeven had.»

HUMO Zijn kroon begint dan aardig op een doornenkroon te lijken.

GERARD «Hij aanvaardde het lijden als inherent aan zijn missie, ja. Hij vond dat hij voor zijn volk moest lijden. Kardinaal Danneels beschreef Boudewijn als een koning-herder, een wat vreemd begrip, maar zo zag hij zichzelf wel. Voor hem volstond het niet als vorst lintjes door te knippen. Hij wou zijn koningschap ook inhoud geven. Er hoorde een boodschap bij. Een toespraak! (lacht)»

VAN DEN WIJNGAERT «Ik denk dat hij zijn missie aan het eind van zijn leven als volbracht kon beschouwen. Terwijl je van zijn koningschap ook een negatievere balans kunt opmaken. Want waar staat hij aan het eind? Hij is Congo kwijt en de unitaire staat is weg.»

GERARD «Als ik aan Boudewijn denk, zie ik twee beelden voor me. Er is die vrome man, die in iedere medemens het gelaat van God wou zien. Maar tegelijk is er ook het beeld van die andere man, die oog in oog met zijn naasten zijn woede en koppigheid niet kon bedwingen. Hij leefde een kwarteeuw in onmin met zijn vader, en zijn stiefmoeder – wat ze ook gedaan moge hebben – verstootte hij definitief. Zijn leven speelde zich op twee plannen af: in hetzelfde tijdsgewricht waarin hij geen graten zag in de eliminatie van Lumumba, zat hij samen met Fabiola voor de grot van Maria te bidden. Intrigerend, toch?»

Mark Van den Wijngaert & Emmanuel Gerard, ‘Boudewijn. Koning met een missie’, Davidsfonds

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234