Slagen is goed, falen is beter (1): wat we kunnen leren uit onze mislukkingen

Bent u het nieuwe jaar ook zo moeizaam ingestruikeld? Geen nood: slecht begonnen is half gewonnen! De weg naar de top kent immers vaker een roemloze start, ook voor hen van wie het lijkt alsof ze zich al hun leven lang arm in arm met het succes voortbewegen. Van limousinechauffeur tot bekroonde reclamemaker of van magazijnier tot gelauwerd komiek: Humo verzamelde verhalen en tips van hen die uit hun misstappen hebben geleerd. ‘Er bestaat een essentieel verschil tussen de dingen goed doen en de goede dingen doen.’

'Je zult nooit succesvol zijn als je niet weet wat het is om glorieus op je bek te gaan'


Alex Agnew: ‘Zeven onafgemaakte studies’

HUMO Laten we beginnen bij het succes: als komiek verkocht u het Antwerpse Sportpaleis in 2011 en 2013 negen keer uit. Du jamais vu!

Alex Agnew «Het is een obsessie om dingen te doen die niemand anders mij heeft voorgedaan. Ik heb dan ook een waanzinnig groot ego (lacht). Toen ik het nieuws van die shows tijdens een persconferentie aankondigde, lachten de journalisten mij net niet uit. Ik wist dat ik het voor de rest van mijn leven zou mogen horen als het mislukte. Want zo gaat dat hier jammer genoeg: men benadrukt graag wat níét gelukt is. Dan denk ik: en wat deed jij ondertussen? In je zetel tv-kijken?»

HUMO U rijdt voor de helft op Engels bloed. Helpt dat tegen die Vlaamse kerktorenmentaliteit?

Agnew «Ik denk het wel. Ik ben opgegroeid met het idee dat ik afstam van een orde van wereldheersers – ‘Britannia, rule the waves!’ Die megalomanie zit nog altijd in mijn hoofd.

»Mijn vader was een Brit, mijn moeder komt uit Limburg en ik ben zelf geboren in Antwerpen: dat zijn heel wat tegenstrijdige mentaliteiten bij elkaar. Doorgaans bevind ik mij ergens tussen de Engelse arrogantie en die absurde Vlaamse bescheidenheid. Wij zijn zo goed in het onderschatten van ons eigen talent. Al heb ik de laatste jaren toch het gevoel dat we de goede kant opgaan. Vlaamse artiesten, koks, muzikanten en acteurs durven hun steeds grotere ambities ook uit te spreken. Matthias Schoenaerts in een film met Robert De Niro? Dat was jaren geleden ondenkbaar!»

HUMO Wie zijn ambities durft uit te spreken, geeft aan dat hij bereid is om te falen.

Agnew «Absoluut. Mislukken is een verschrikkelijk gevoel. Niemand faalt graag en dus ik ook niet. Maar ik geloof wel heilig dat je nooit succesvol zult zijn als je niet weet wat het is om glorieus op je bek te gaan. Ik test mijn nieuwe shows vooraf in een reeks try-outs. De slechtste try-out is ook de waardevolste. Die toont precies wat ik moet verbeteren om te slagen.»

HUMO Waarom nam u het risico om in 2013, op het toppunt van uw roem, comedy opzij te schuiven en alles in te zetten op uw relatief onbekende metalband Diablo Blvd?

Agnew «Ik had het even gehad met comedy. Met de band wilden we een internationale platendeal versieren, maar dan moet je wel voltijds kunnen touren. Ik hou ook van de uitdaging om helemaal opnieuw te beginnen en te zien of het lukt. En als het niet lukt, dan wil ik mij daar niet voor schamen. Intussen ben ik wel zo trots om te zeggen dat wij de eerste Belgische band zijn die heeft getekend bij Nuclear Blast, het grootste heavymetallabel ter wereld.

»Ik heb ooit een uitspraak van Jean-Luc Godard op één van mijn dvd-hoesjes geprint: ‘He who jumps into the void, owes no explanation to those who stand and watch.’ Zij die een stap in het onbekende zetten, moeten zich niet verantwoorden tegenover diegenen die aan de zijlijn staan toe te kijken.

»Succes hangt van zoveel factoren af: geluk, talent en doorzettingsvermogen. Steve Jobs liep van de ene nederlaag naar de andere. Toen kreeg hij een origineel designidee en plots was hij een wereldleider. Het hangt van zoveel rare dingen af. Denk aan die ouwe knarren van Buena Vista Social Club. Die gasten waren zeventigers toen Ry Cooder hen ontdekte en plots waren ze wereldsterren.»

HUMO U was ook een laatbloeier.

Agnew «Ik heb van alles gedaan voor ik aan comedy begon: ik heb jeansbroeken verkocht, met een vorkheftruck in het magazijn van Makro rondgereden en jaren als receptionist bij de Vlaamse Opera gewerkt. Ik ben zeven studies begonnen en geen enkele heb ik afgemaakt. Ik was die kerel in de familie van wie iedereen zich afvroeg: wat moet daar in godsnaam van worden?

»Het gekke is dat ik op mijn 11de al wist dat ik stand-upcomedy wilde doen, en op mijn 12de had besloten dat ik in een band zou zingen. Toch heeft het bijna tot mijn 30ste geduurd voor ik die dromen begon uit te werken. Ik was zó bang om te mislukken.»

HUMO Wat heeft u overtuigd?

Agnew «Ik wist dat ik de rest van mijn leven een ongelukkige en vervelende mens zou zijn, als ik het niet zou proberen. Ik schreef me in voor een vrij podium in café De Scène in Antwerpen en dat werd een waanzinnig succes. Toen wist ik: ik ben niet alleen grappig in mijn hoofd.»


Geert Noels: ‘Ik zie vooral mijn gebreken’

'Ondernemen is een uithoudingssport waarbij leeftijd geen handicap is, maar een voordeel' Geert Noels

Geert Noels «In 2008 heb ik mijn gouden kooi bij de financiële instelling Petercam verlaten om mijn eigen advieshuis Econopolis op te starten. Intussen tellen we dertig werknemers in drie landen en lopen de zaken goed, maar in die beginperiode werd ik hard op de proef gesteld. Ik moest weer van nul af aan beginnen. Gelukkig was ik toen al 42. Mocht ik op mijn 22ste of 32ste begonnen zijn, dan was het wellicht slechter afgelopen.»

HUMO Waarom?

Noels «Wie een bedrijf opricht, moet over veel capaciteiten beschikken: people management, technische en juridische bagage en een mentaliteit die je door de moeilijke periodes helpt. Als je ouder bent, kun je je zwaktes beter compenseren met ervaring. Ondernemen is een uithoudingssport waarbij leeftijd geen handicap is, maar een voordeel.»

HUMO Wordt ondernemen in Vlaanderen onderschat?

Noels «Nogal wat mensen denken dat ondernemen la vie en rose is. Dat klopt niet. Het is een voortdurende confrontatie met je eigen beperkingen. Uiteraard loop je daar niet mee te koop. Je moet zelf op zoek gaan naar positieve energie en beseffen dat je niet bovenmenselijk hoeft te zijn om initiatief te nemen. Enkele succesvolle mensen hebben mij ooit verteld over hun mislukkingen: zonder hen was ik er waarschijnlijk nooit aan begonnen. Plots kreeg ondernemen een menselijk gezicht. Dat gaf me de kracht om het zelf te proberen.»

HUMO Wie gaf u die raad?

Noels «Ik leerde van Studio 100-oprichter Hans Bourlon dat ik van elke nederlaag een opportuniteit kon maken. Reculer pour mieux sauter. En reclamemaker Guillaume Van der Stighelen leerde me dat je je moet omringen met mensen die positieve energie uitstralen. Je kunt vaak tegenslag hebben in het bedrijfsleven en positivo’s slagen er sneller in om die te overwinnen. Ze vertelden me ook dat ik vooral mijn tijd moest nemen, want het loopt nooit zoals je verwacht. Eddy Merckx, de beste renner aller tijden, heeft ook meer wedstrijden verloren dan gewonnen.

»Die eenvoudige regels hebben me geholpen om obstakels te overwinnen. Als bedrijfsleider, vader en mens heb je behoorlijk wat deuken op je conto, terwijl veel buitenstaanders denken dat je goed bezig bent. Dat is de paradox: mensen zien je successen, maar zelf zie je vooral je gebreken. Succes is héél relatief.»


Hans Bourlon: ‘De vele fouten van Studio 100’

HUMO Volgens Geert Noels hebt u de deur naar het ondernemerschap voor hem geopend. Wat hebt u hem gezegd?

Hans Bourlon «Ik heb hem destijds verteld dat ondernemen een voortdurend proces van vallen en opstaan is. Er is geen boek met succesformules. Je probeert iets en je kijkt hoe het uitdraait. Als het werkt, dan ga je op die weg verder. Als het niet werkt, dan keer je terug naar de basis. Wij planten steeds nieuwe vlaggen op onbekend terrein. Toen wij destijds het Meli-Park in De Panne hadden overgenomen om er Plopsaland te vestigen, wisten wij niets. Gaan de bezoekers voorbij de ingang vooral naar links of naar rechts? Eten ze steak, spaghetti of toch liever een broodje? Waar plaats je de toiletten? Zo leerden we beetje bij beetje hoe je een themapark moest runnen. En kijk, vandaag hebben we er al zes in binnen- en buitenland.»

'K3 heeft in Duitsland maar twee jaar geduurd' Hans Bourlon

HUMO Hoe schat u het ondernemersklimaat in België in?

Bourlon «Men is daar vaak negatief over, maar in andere landen is het niet altijd beter. De voorbije twintig jaar is er alleszins veel veranderd. Destijds was Balthazar Boma uit ‘F.C. De Kampioenen’ nog het archetype van de Vlaamse ondernemer, de worstenverkoper die het liefst in het zwart werkt. Vandaag is ondernemen een eervolle activiteit. Mensen lijken steeds meer te beseffen dat we dankzij ondernemers onze welvaart kunnen behouden en vooruitstuwen.

»Het is wel zo dat een faillissement of een mislukking in België nog altijd een stigma is. Eigenlijk moet je het zien als een litteken dat aantoont dat je een ervaring rijker bent.»

HUMO Wat zijn de littekens van Studio 100?

Bourlon «Och, ik kan je zoveel voorbeelden geven. Toen we met K3 naar Duitsland trokken, hielden we de boekingen, de distributie en de promotie halsstarrig in eigen handen. Maar Duitsland is een groot en duur land: we verkochten er wel tienduizenden cd’s, maar geen drie miljoen zoals in België en Nederland. Na twee jaar hebben we dat project stopgezet.

»Jaren geleden zijn we in zee gegaan met een Nederlander die ‘Breakies’ had uitgevonden, een spel waarbij je sleuteltjes moet verzamelen en breken. Via Het Laatste Nieuws hadden we een grootschalige campagne opgezet – we hadden in China honderdduizenden dozen besteld – maar het concept kwam niet van de grond. En dit jaar hebben we in Antwerpen de exploitatie van de Flandriaboten stopgezet. Die boten waren oud, traag, duur in onderhoud en ze zopen diesel. Om de haven van Antwerpen te bezoeken moest je tal van sluizen passeren, maar mensen zijn niet meer bereid om uren op een boot te zitten. Dat was een serieuze inschattingsfout. We hebben nog geprobeerd die tijd te overbruggen met Piet Piraat-concerten, maar dat bleek te duur. Na enkele verlieslatende jaren hebben we besloten om ermee te stoppen. Studio 100 bestaat bijna dertig jaar, maar toch maken we nog altijd fouten.»

HUMO Probeert Studio 100 die boodschap van vallen en opstaan ook in films of series mee te geven?


Bourlon (denkt na) «Eigenlijk wel. Zeker onze Vlaamse series verwijzen vaak naar de stripcultuur van Jef Nys en Studio Vandersteen, met figuren als Lambik uit Suske en Wiske. Dat is toch hét schoolvoorbeeld van de falende ondernemer (lacht).»



Sihame El Kaouakibi: ‘Ik ben níét de serveerster’

HUMO U bent jongerenactiviste, ondernemer én lid van de raad van bestuur van de VRT. Hoe combineert u al die functies?

Sihame El Kaouakibi «Dankzij timemanagement en focus. Als je tien projecten hebt, moet je leren je aandacht te verdelen. Ik hou ook te allen tijde mijn doelstellingen voor ogen: helpt mijn werk de mensen? Wat kunnen we nog meer doen om de achterblijvers in onze samenleving mee te krijgen?»

'Ik post op sociale media niet alleen mijn successen, maar ook mijn tegenslagen' Sihame El Kaouakibi

HUMO U wordt beschouwd als één van de invloedrijkste Belgen met een migratieachtergrond. Uw carrière is wellicht niet zonder slag of stoot gegroeid?

El Kaouakibi «Nog tijdens mijn master onderwijskunde begon ik met mijn jongerenplatform Let’s Go Urban. Ik was 21 jaar, naïef en idealistisch. Ik ging in heel België op zoek naar steun, maar de deuren bleven dicht. Dat was telkens opnieuw een deuk in mijn vertrouwen. Na elke neen keek ik naar mezelf. Wat deed ik verkeerd? Waren mijn ideeën verkeerd? Moest ik het anders doen?

»Maar mijn drive is ongelofelijk groot. Ik verkondigde ook geen loze theorieën, ik werkte in de praktijk en kon resultaten voorleggen. Maar als ik dan een luisterend oor vond, moest ik een businessplan voorleggen. Ik had geen idee wat dat was en ging meteen op zoek naar mensen die me konden helpen. Een paar weken later stond ik weer in dat kantoor mét een stevig businessplan. Zo ga je met obstakels om: je zoekt naar een oplossing en je komt er sterker uit.

»Ik vind het ook belangrijk om mensen te laten weten dat ik af en toe faal. Ik post op sociale media niet alleen mijn successen, maar ook mijn tegenslagen. Heel bewust. We moeten eerlijk zijn tegenover jongeren: het is fucking hard, maar niet onmogelijk.»

HUMO Heeft uw naam soms in de weg gestaan?

El Kaouakibi «Niet alleen mijn naam. Vrouwen hebben het sowieso moeilijk als ondernemer. De mensen aan de macht zijn bijna allemaal blanke mannen en in zowat alles het tegenovergestelde van wat ik ben. Intussen heb ik er wel al veel aan mijn kant gekregen (lacht).

»Als ik nu ergens ga spreken, dan sta ik vooraf graag tussen het publiek. Het gebeurt nog altijd dat ik word aangesproken door mensen die denken dat ik de serveerster ben. Ik neem ze dat niet kwalijk. In hun bubbel is dat nu eenmaal de realiteit. Maar even later zien ze me op het podium staan (lacht).»

HUMO Hoe kijkt men in de Marokkaanse gemeenschap tegen mislukken aan?

El Kaouakibi «Er zijn daar te weinig bekende succesverhalen om naar op te kijken. Dat probeer ik elke dag te veranderen. En daar hoort het omarmen van je mislukkingen bij.»


Jens Mortier: ‘12 stielen en 35 ongelukken’

Jens Mortier «Ons reclamebureau Mortierbrigade moedigt zijn medewerkers actief aan om te durven mislukken. Die instelling zorgt voor een bijzondere dynamiek: niemand is angstig om te experimenteren en risico’s te nemen. Wie tien keer na elkaar mislukt, moet zich natuurlijk wel eens afvragen hoe dat komt (lacht).»

HUMO Is het die attitude die jullie tot één van de succesvolste reclamebedrijven in België maakt?

Mortier «Dat geloof ik wel, ja. Onze klanten weten dat wij niet volgens de gangbare clichés denken. Dat we vernieuwende dingen proberen, trekt hen aan.»

'We hadden geen klanten, maar wel ongelofelijk veel goesting: dat was belangrijker' Jens Mortier

HUMO Als ik goed ben ingelicht, hebt u zelf een hobbelig parcours achter de rug.

Mortier «U bent goed ingelicht (lacht). Ik ben inderdaad een man van 12 stielen en 35 ongelukken. Ik heb rechten en communicatiewetenschappen gestudeerd, zonder een diploma te behalen. Ik heb in de horeca gewerkt en aan de kassa in de GB gezeten. Op mijn 25ste ben ik met enkele vrienden een limousineverhuurbedrijf begonnen, omdat zoiets niet bestond in België. Het gat in de markt! Alleen bleek het twintig jaar geleden moeilijker dan gedacht. De Belg is al beschaamd om een taxi te nemen, laat staan een patserige Cadillac. Bovendien was de gedrevenheid bij mijn partners niet altijd even groot. Fijne jongens, maar ze gingen liever zelf met de limo op stap (lacht). Zo heb ik geleerd dat het als ondernemer cruciaal is om je goed te omringen. De honger om er iets van te maken moet bij iedereen even groot zijn. Dat zit bij mijn huidige partners helemaal goed.

»Omdat ik wist dat ik ooit nog een bedrijf zou beginnen, zijn we bewust in vereffening gegaan. Want voor wie in België failliet gaat, is het jammer genoeg heel moeilijk om nog een zaak in eigen naam op te richten. Na een faillissement moet je de rest van je leven met dat stigma van mislukkeling rondlopen. Gelukkig kon ik in die periode rekenen op de steun van mijn ouders. Nu ik eraan denk: ik moet hen nog terugbetalen! Schrap dat laatste dus maar (lacht).»

HUMO Hoe bent u in de reclamesector terechtgekomen?

Mortier «Puur toeval. Ik huurde een appartement bij de broer van reclamemaker André Duval. Die vond me wel een grappige kerel en hij regelde een afspraak met André. Ik heb acht jaar voor hem gewerkt en vervolgens heb ik met enkele gelijkgestemden Mortierbrigade opgericht. Dat was een enorm risico. We gingen van een goedbetaalde job in een mooi bureau naar, euh, niks. We hadden geen klanten, laat staan een bureau. Maar we hadden ongelofelijk veel goesting en dat was belangrijker.»

HUMO Zorgt een bekende vader als Guy Mortier voor meer druk om te slagen in het leven?

Mortier «Toch wel. Je wilt tonen dat je ook iets waard bent. Toen ik in de reclame begon, vroeg men zich zelfs openlijk af of mijn vader die campagnes had bedacht.

»Mijn vader is een unieke persoon en met stip de beste tekstschrijver van het land. Wellicht daarom heb ik mijn uiterste best gedaan om ook iets van mijn leven te maken.»


Ianka Fleerackers: ‘Niet goed genoeg als acteur’

HUMO U bent het uithangbord van de Vlaamse overheidscampagne ‘Met falen en opstaan’, die ondernemers aanmoedigt om te praten over hun mislukkingen. Is daar nood aan?

Ianka Fleerackers «Absoluut. Falen is nog altijd een taboe. Al te vaak ervaart men een faillissement als een persoonlijke mislukking. Wie niet leert om die ervaring op een constructieve manier te verwerken, kan het moeilijk krijgen. Evenementen als ‘Failing Forward’ helpen ondernemers uit hun isolement. Ze horen soortgelijke verhalen van anderen, voelen meer begrip en bekijken hun situatie uiteindelijk op een andere manier.»

HUMO Welke verhalen krijgt u daar zoal te horen?


Fleerackers «Bij falen denkt men vooral aan faillissementen, maar het gaat evengoed over persoonlijk falen. Sommigen mensen lopen zichzelf voorbij en belanden in een burn-out. Het gaat ook niet over de omvang van het falen, maar over de impact van de gebeurtenis op de persoon zelf.»

'In Silicon Valley word je pas voor vol aanzien als je enkele mislukkingen op je cv hebt staan' Ianka Fleerackers

HUMO Speelt de persoonlijke omgeving een rol bij het verwerken van zo’n mislukking?

Fleerackers «Ja, maar ik zeg er meteen bij: die omgeving bestaat beter níét uit je naasten. De mensen die je het liefst zien, willen je vooral zo weinig mogelijk kwetsen. Terwijl je net de situatie onder ogen moet durven zien om er lessen uit te trekken.»

HUMO België heeft zich de voorbije jaren in de Europese top van het aantal start-ups genesteld. Heerst er bij die jonge, dynamische bedrijfjes een andere mentaliteit?

Fleerackers «Ja, zij koketteren met het grote voorbeeld Silicon Valley. Bij de start-ups in San Francisco heerst een totaal andere cultuur. Daar word je pas voor vol aanzien als je enkele mislukkingen op je cv hebt staan. Wie niet aan zijn derde of vierde bedrijf begint, is een groentje en mist doorzettingsvermogen. In de klassieke Belgische bedrijfswereld is het andersom: wie faalt, heeft afgedaan.»

HUMO U acteert sinds enkele jaren niet meer. Waarom?

Fleerackers «Dat was een bewuste keuze. Mijn familie en mijn vrienden durfden me daar zelfs niet over aan te spreken. Een acteur die stopt, is blijkbaar niet goed genoeg om werk te vinden. Ik bekeek dat anders. Ik had alles uit mijn acteercarrière gehaald en zag voor mezelf geen uitdagingen meer. Ik wilde meer doen met mijn andere talenten, zoals ondernemen.

»Als actrice heb ik mijn rollen vaak zelf geschreven, geregisseerd en geproduceerd. Daarna heb ik boeken uitgebracht bij een uitgever en via mijn eigen uitgeverij. Ik heb verschillende start-ups opgezet, onder andere om literatuur en de digitale wereld met elkaar te verzoenen. Ik ben dikwijls tegen een muur gebotst, maar dan liet ik het ene project varen en concentreerde ik mij op een nieuwe uitdaging. Die ervaringen geven me het vertrouwen om te zeggen dat ik nu wél op het juiste spoor zit. Met mijn opleidingsinstituut voor sprekers geef ik inspirerende mensen de kans om hun visie te verspreiden.»


Wouter Torfs: ‘België is een bediendeland’

Wouter Torfs «Ianka heeft gelijk: een faillissement is een stigma in België. Wie het overkomt, draagt het levenslang als een schandvlek met zich mee. De benadering van Silicon Valley – drie keer falen om een vierde keer te scoren – lijkt me beter. We moeten in België dringend op een andere manier naar falen leren kijken. Een misstap is geen mislukking, het leidt net tot veerkracht: je recht de rug en probeert het opnieuw. Nu raken jonge ondernemers verlamd door angst. Ze kiezen voor een veilige job op een kantoor of bij de overheid. Maar die jobs zijn ook niet altijd veilig, want men herstructureert daar evengoed.»

'Hadden we het geweer niet van schouder veranderd, dan was het afgelopen met ons bedrijf' Wouter Torfs

HUMO Hoe bent u zelf begonnen als ondernemer?

Torfs «Ik werkte als advocaat tot halverwege de jaren 80, toen ik werd gevraagd om in het familiebedrijf te stappen. Ik heb het gedaan omdat het mij en mijn vrouw zekerheid, een vast inkomen en vaste uren bood. Maar ik was nieuw in het vak: ik kende de verkoopsector niet en ik ging er nogal makkelijk van uit dat we het bedrijf nog honderd jaar op dezelfde manier konden leiden. Dat was een misvatting. De strategie om kleine schoenenwinkels te openen in centrumsteden, die voor mijn vader heel succesvol was gebleken, werkte niet meer in de jaren 90. Ons bedrijf sukkelde in een crisis. Hadden we toen het geweer niet van schouder veranderd, dan was het afgelopen.»

HUMO Wie zette u aan om de koers te wijzigen?

Torfs «Ik kwam eerder toevallig bij een consultant terecht. Hij maakte me duidelijk dat er een essentieel verschil bestaat tussen ‘de dingen goed doen’ en ‘de goede dingen doen’. Wij beheerden de winkels goed, we hadden een kraaknette winkelvloer en vriendelijk personeel. Maar we maakten niet de juiste keuzes. Onze locaties waren niet up-to-date, we hadden Wijnegem Shopping Center gemist en we waren niet aanwezig in de stadsrand, waar grote concurrent Brantano wel doorbrak. Pas toen we dat veranderden, kwamen we weer boven water.»

HUMO Is er binnen een familiebedrijf meer druk om te slagen? Je wordt er op de vingers gekeken door broers, zussen, tantes en nonkels.

Torfs «In een familiebedrijf word je minder snel op resultaten afgerekend: je bent in de eerste plaats familie, en dus wat geduldiger en toegeeflijker. Maar misschien is de angst om te mislukken er wel groter. Diep vanbinnen wil je toch aan je naasten bewijzen dat je uit het goede hout gesneden bent. In een puur commercieel bedrijf kun je sneller vertrekken wanneer je merkt dat het niet lukt, in een familiebedrijf niet.»

HUMO In 2015 werd bij u nierkanker vastgesteld. In hoeverre heeft dat u veranderd?

Torfs «Ik heb toen veel geluk gehad. Ik had last van een hoge bloeddruk, maar mijn cardioloog was zo slim om ook mijn nieren te laten onderzoeken. Daarbij ontdekten ze een tumor. Twee weken later werd ik al geopereerd. Ik had niet eens de tijd om te beseffen dat ik door het oog van de naald was gekropen.

»Mijn vrouw zal lachen als ze het leest, maar sindsdien probeer ik mijn prioriteiten te verleggen. Het klinkt cliché, maar ik geniet bewuster van de kleine dingen. Na die dramatische diagnose ging ik op een kille decemberavond wandelen in een bos. Ik rook al die geuren en vroeg me af of ik de lente nog zou meemaken. Dat is een moment dat ik nooit zal vergeten. Het heeft me nederig en dankbaar gemaakt.»



Volgende week: Meer mislukkingen, meer succes

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234