Stijn Meuris en Frank Vander linden: 'Mensen van onze leeftijd zouden minstens een groot mediabedrijf moeten runnen.'

Tijdens het voorgesprek met Stijn en Frank valt het woord ‘wabi-sabi’. Dat is, bij benadering, Japans voor: ‘Het is niet perfect, maar we nemen het zoals het is.’ Wabi-sabi is voor een muzikant bijvoorbeeld: een plaat uitbrengen omdat het nu eenmaal een manier van leven is, en om orde in de dagelijkse chaos te scheppen. De Mens – de groep van Frank – doet dat op 24 januari met ‘Nooit genoeg’.

Wabi-sabi zou evengoed kunnen zijn: een leesbaar interview puren uit wat in werkelijkheid een vrolijk enerzijds-anderzijdsende verzameling losse gedachten betreft.

Twee weken geleden werd Stijn kort geïnterviewd op Radio 1. De verder beleefde presentatrice wees hem erop, uit het niets, dat de naam ‘Meuris’ wel héél dicht bij het werkwoord ‘meuren’ ligt. En of hij wist dat dat een synoniem is voor ‘stinken’.

Stijn Meuris «Ik heb iets bijgeleerd; ik kende dat woord niet.»

Frank Vander linden «Het is nochtans gewoon Nederlands, hoor. ‘Meuren’ is verwant aan ‘modder’, denk ik. Misschien betekent ‘Meuris’ eigenlijk ‘mest’. Gefeliciteerd met uw familienaam.»

Meuris (lacht) «Bedankt.Ik vond die naam al een beetje verdacht. Nu weet ik waarom.»

HUMO Wat ik wou vragen: ondervind je dat mensen het gevoel hebben dat ze jou alles kunnen zeggen omdat je bekend bent en toegankelijk lijkt?

Meuris «Als ik afga op wat ik op wekelijkse basis naar mijn kop krijg: blijkbaar wel, ja.

»Iets anders: ik heb deze week twee mensen ontmoet die me, los van elkaar, allebei vroegen ‘hoe mijn project in Tongeren aan het vorderen is’. Een gekke vraag, aangezien ik geen project in Tongeren héb. Achteraf bleek dat ze Stijn Coninx bedoelden. Het vreemde is: uit het gesprek dat aan die vraag voorafging, bleek dat ze wel degelijk wisten dat ik de zanger Stijn Meuris ben.»

Vander linden «Dan heb ik nog een betere voor jou. Vier jaar geleden ging ik oesters kopen in mijn favoriete viswinkel in Brussel, Mer Du Nord. De gast achter de toonbank zei: ‘Ik heb u gisteren op Canvas gezien, meneer, en ik vond het fantastisch. Hoe u daar aan het vertellen was over sterren en kometen: ik heb drie kwartier geboeid geluisterd!’»

Meuris (lacht heel hard)

Vander linden «Paul, een vriend van mij die ook in de Mer du Nord werkt, kwam erbij en zei tegen zijn collega: ‘Valt jou dat nu niet op? Dat deze mens hier geen haar en geen bril heeft, en ook geen Limburgs accent?’ Waarop de eerste man weer: ‘Nu je het zegt. Dan moet het die ándere geweest zijn. Maar ik vond het toch goed!’ (lacht)

»Ik kan begrijpen dat mensen denken dat ‘Satelliet Suzy’ een liedje van Gorki is, of ‘En in Gent’ van Monza – maar Stijn ’s avonds op televisie drie kwartier lang bezig zien en hem de dag erna verwarren met een kale man met een compleet ander accent: dat gaat vrij ver.»

Meuris «Er bestaan mensen – en meer dan je denkt – voor wie iedereen die op een podium of in de boekskes staat of op televisie komt eigenlijk één grote, vage entiteit is geworden. Het gaat dan niet meer over mensen, maar over De Figuur.»

HUMO Overkomt het jullie ooit?

Meuris (denkt na) «Als ik eerlijk ben: ja. Toch in de Véronique De Kock-arena van deze wereld. Alle missen en babes maken voor mij ook één amorfe massa uit; ik kan ze evenmin uit elkaar houden. Ik veronderstel dat zij dat ook wel raar zullen vinden.»

Vander linden «Amorf betekent vormloos, en je kan van Véronique De Kock veel zeggen, maar niet dat ze vormloos is.»

Meuris «Juist. Sorry, Véronique.»

HUMO Wat doet het voor de wederzijdse verstandhouding wanneer je, zoals jullie, al dik twintig jaar op regelmatige basis in één adem vermeld wordt?

Vander linden «Weinig. Na al die jaren zie ik toch vooral de persoon, en minder wat eromheen hangt. De Grote Drie: zo hebben ze Noordkaap, Gorki en De Mens vaak genoemd. Maar het moment dat onze Wonderjaren zich voltrokken, heeft niemand van ons dat ooit zo aangevoeld, hoor.

»Goed, we moeten er ook niet flauw over doen: ik snap natuurlijk wel waarom we in dezelfde emmer gegooid werden. Ongeveer dezelfde leeftijd, muzikaal veel gemeenschappelijke liefdes – we zijn allemáál kinderen van T.C. Matic – en dan dat Nederlands. Uiteraard.»

HUMO Het lijkt me vermoeiend.

Vander linden «Nog elke week krijgen we de vraag: ‘Waarom zingen jullie in het Nederlands?’ Aan een Italiaan of een Portugees zou niemand dat ooit vragen. Als een Italiaan in het Engels zingt, dán mag hij het uitleggen.

»Die eigen taal bracht ons voordelen die veel Belgische, in het Engels zingende muzikanten nooit zullen hebben. Oké, Japanse en Australische tournees zijn iets minder succesvol. Maar je kan dieper gaan in je teksten. Er is een soort gevoelstoegang. Je kan je bindteksten in dezelfde taal uitspreken – écht een voordeel – en je kan ook gemakkelijker jongere mensen aanspreken met wat in se nogal rare muziek is. Zie: het zinnetje ‘Seks verandert alles’ horen meezingen door 6-jarigen... Of dat oké is, laat ik in het midden, maar het is niet niets.»

HUMO Zijn er ook voordelen waar ánderen jullie op hebben moeten wijzen?

Vander linden «Toen de eerste drummer van De Mens wegging, helemaal in het begin, hebben we een auditie georganiseerd, waar uiteindelijk Dirk Jans is uitgekomen. Er zijn 24 drummers gepasseerd, en ik heb hun ook naar hun motivering gevraagd: waarom wilden ze bij De Mens spelen? Zei één van die gasten: ‘Ja, euh, ik drum graag in het Nederlands.’ (lacht hard) Het klinkt belachelijk, maar ik vond het tegelijk ook schoon. Ik zag hem al zitten, achter zijn dubbel bekken en zijn snaartrommel, haha.»


Een gulp cynisme

HUMO Er zijn al bijna twee maanden gepasseerd sinds Luc De Vos overleden is. Jullie hebben de begrafenis bijgewoond?

Vander linden «Ja. Niet in de kerk, ik stond op het plein.»

Meuris «Ik ook.»

HUMO Hoe raar was het?

Vander linden «‘Raar’, dat is het woord. Iets anders kan ik niet bedenken. Raar.»

Meuris «Het was een staatsbegrafenis. Ik vond het heel stijlvol, hoe het was aangepakt. Wie buiten stond, kon meeluisteren naar wat er in de kerk gezegd werd, maar er hingen gelukkig geen grote schermen. Mijn meest aangrijpende moment was toen Luc buiten werd gedragen, en de politieagenten die naast de kerk stonden spontaan naar de kist salueerden. Een staatsbegrafenis, dus. Ik was – nee: bén – er zwaar door gepakt.»

HUMO Werden jullie sindsdien al bekropen door het gevoel: ‘Ik had hem nog dit of dat willen zeggen’?

Vander linden «Ik heb mezelf die vraag ook al gesteld, maar: nee. Ook al omdat ik met Luc heel goed kon communiceren zónder iets uit te spreken.

»Zijn dood was zo plotseling dat ik nog bijna elke dag denk: ‘Het is niet écht gebeurd.’ (Denkt na) Het zal nooit meer hetzelfde zijn: dat is wel zeker.»

HUMO Noem eens iets dat veranderd is.

Meuris «Je beseft dat pas achteraf, hè. Vorige week voelde ik op de MIA’s ineens een gulp cynisme opkomen. Ik wou het niet, maar het overkwam me. Toen Luc postuum een lifetime achievement award kreeg – zeer, zéér terecht, trouwens – kon ik niet anders dan denken: ‘Ha, nú ineens wel.’ Tien jaar lang in geen enkele categorie genomineerd, en nu... Ik heb het daar moeilijk mee. Ik weet wel: zo werken die dingen, en ik neem het niemand kwalijk. Maar ik blééf denken: ‘Hoeveel van de mensen hier hebben Luc straal genegeerd, de afgelopen jaren?’»

Vander linden «Zeer juist. En niet alleen op de MIA’s. Toen hij net was gestorven, deed Studio Brussel ineens alsof ze Luc hadden uitgevonden. Terwijl ze al vijftien jaar geen nieuwe single van Gorki meer hadden gedraaid. Maar: zo gaat dat. Misschien móét dat ook zo zijn. Het is niet erg, maar het valt op.»

HUMO Heeft zijn dood jullie over de eigen sterfelijkheid doen nadenken?

Meuris «Ik denk daar wel over na, maar ik had er de dood van Luc niet voor nodig. Toevallig heb ik een week of drie geleden ook de dood van mijn eigen vader moeten meemaken. Hij was kerngezond, tot bleek dat hij dat helaas níét was. Ik heb mezelf – uit schrik – daarna ook maar onderworpen aan een volledige check-up. Dat viel geweldig mee, maar je weet het nooit: het kan snel gaan.

»Zes weken geleden stierf ook één van de twee geluidsmannen van mijn groep, in een banaal verkeersongeval. En de moeder van een goeie vriend. Ik ben de afgelopen maanden iets te vaak op begrafenissen geweest.»

Vander linden «Je staat er even bij stil, maar verder: nadenken over je eigen sterfelijkheid, is dat niet jezelf veel te serieus nemen? Het ruikt naar: ‘Wat als ik de wereld niets meer kan aanbieden, redden ze het wel zonder mij?’ Ja, tien seconden denk je daar over na. En in mijn geval zijn in die tien seconden vooral domme dingen gepasseerd. Zoals: ik moet dringend mijn garage eens opruimen.

»We hadden het daarnet nog over de Grote Drie. Wel, zie ons hier nu zitten: de Grote Twee... (lachje) Dat is níéts, hè.»

HUMO ‘Nooit genoeg’ is de elfde plaat van De Mens. Opvallend: je hebt de neiging om de eigen beste truken te blijven herhalen, goed bedwongen. Het is een verzameling erg verschillende songs.

Vander linden «Daarmee hebben we het onszelf niet per se gemakkelijk gemaakt. Ik heb soms de indruk dat een goed verkopende plaat vaak is: één heel goed nummer, en dat twaalf keer herhaald. Zie: The War On Drugs. Zie: Oscar & The Wolf. Maar dan wel een kéígoed nummer (lacht).

»Ik bedoel dat niet als belediging. Op zich is één nummer hebben niet slecht: kijk naar AC/DC

Meuris «Hola! Wát?»

Vander linden «Het is goed om een eigen gezicht te hebben – zelfs al is het dan het mijne – maar het hangt altijd af van wie ernaar kijkt. Toen we de derde plaat van De Mens, ‘Wil je beroemd zijn?’, net opgenomen hadden, vonden we zelf dat het onze meest gevarieerde tot dan toe was. ‘Sheryl Crow I Need You So’ stond erop, en ‘Maandag’, en ‘En in Gent’ – toch heel verschillende dingen. Rond die tijd werden we geïnterviewd door een journalist van TV Brussel, en z’n eerste vraag was: ‘Waarom klinken al jullie liedjes hetzelfde?’ (lacht) Ik was even gechoqueerd, maar ik vond de vraag op zijn minst van guts getuigen. Waarop ik polste: ‘Wat hoor jij zélf graag, qua muziek?’ ‘Techno,’ zei hij. Ik onthoud: alles is relatief.»

HUMO Noem eens een goede raad die jullie altijd bijgebleven is.

Vander linden «Van de longdokter van mijn vrouw: ‘Je moet meer lachen als je op televisie komt, Frank.’ En daarna: ‘Voor Boudewijn de Groot werkte dat ook.’»

Meuris «Bij mij ging dat vroeger altijd over het volume van mijn stem. Zeker in de vroegste Noordkaap-nummers: ik kan daar niet meer naar luisteren, ik schaam me te hard. Ik was zó heftig. Alsof ik voor het eerst uit mijn kooi mocht. Alle energie die ik jarenlang in het repetitiekot had opgebouwd: ik vond dat dat ook verklankt moest worden in de studio. De eerste vier maanden dat ik met mijn groepje repeteerde, had ik trouwens nog geen versterker en geen microfoon: ik móést roepen om gehoord te worden.

»Die eerste keer in een studio bleef ik maar zeggen: ‘Zet dat spel hier eens luider, man!’ En daarom zijn de eerste platen van Noordkaap zo over the top. Het is roepen, niet zingen. Een oerschreeuw, en dan ook nog eens in een eigenaardig soort Hollands. ‘Roepen’: ik vind het woord zelf ook lelijk, het brengt het slechtste in een mens naar boven.

»Op het podium doe ik het nu nog steeds, maar: beheerster, krachtiger. Omdat ik het nu beter kan. Vroeger deed ik het verkeerd: live was ik toen ook al na drie nummers stikkapot. Nu kan ik blijven doorgaan zonder m’n stem te beschadigen.»

Vander linden «De microfoons leden er ook onder, als ik het me goed herinner.»

Meuris «Gênant: nadat ik een paar jaren met dezelfde PA-firma had samengewerkt, kwam de baas daarvan – Pierre, een stevige, stoere gast die alles al vijf keer had meegemaakt – heel voorzichtig aan mij vragen of ik voortaan mijn eigen micro’s zou willen kopen. ‘Het zit zo, Stijn: als jij in een microfoon gezongen hebt, kan ik die daarna eigenlijk niet meer gebruiken. Het is een beetje eh, vies voor de andere groepen.’»

Vander linden «Je had ze volgezabberd.»

Meuris «Er wordt weleens gezegd: ‘De griep wordt het vaakst doorgegeven bij het handen schudden’ – ik heb op festivals meermaals hele epidemieën gestart.

»Nee, jarenlang waren alle adviezen die ik kreeg van dezelfde aard: pogingen om het Beest terug in zijn kooi te krijgen.»

HUMO Ik heb me nooit aan dat vroege Noordkaap-roepen gestoord.

Meuris «Ik zat vorige week toevallig met Jo Francken, met wie ik in het begin veel gewerkt heb, in de studio. Hij zei: ‘Meuris, róép nog eens zo lekker. Ga nog eens heel diep.’ Ik: ‘Nee, jong, dat vind ik niet tof. Het was lelijk, ik schaam me er nu diep voor.’ Waarop hij: ‘Misschien. Maar waarom denk je dat je in het begin zo veel publiek getrokken hebt? Op de één of andere manier raakte dat de mensen.’ Samengevat: dezelfde mensen die me vroeger aanmaanden om ‘wat minder te roepen’, zeggen nu: ‘roep eens wat méér’. Ja, wat is het nu? Enfin, ik heb de oerschreeuw nog eens gedaan, en ik moest hem gelijk geven: het klonk erg lekker.

»Bij de vroege platen van De Mens had je dat helemaal niet. Daar zat het meteen goed.»

Vander linden (lacht) «Jij zegt dat nu, maar als ik nu nog eens naar onze eerste plaat luister, vind ik die vooral te onderkoeld. Ik klink als Louis Tobback: vlak en streng. Er was net te weinig oerschreeuw. Maar: je wil altijd wat je niet hebt.»

HUMO Ik merk: onzekerheden. Komt met de ervaring en de leeftijd niet ook het zelfvertrouwen?

Vander linden «Het lijkt mij een beetje walgelijk – en onartistiek – om als muzikant zeker van je stuk te zijn. Het is net de voortdurende zelfbevraging die ons onderscheidt van iemand die van het podium stapt en zegt: ‘Wat was ik weer goed!’ Fijn voor die mens, maar vorderingen maakt die niet meer.»


Geld & context

HUMO David Poltrock, de toetsenist die eerder bij onder meer Monza speelde, zit sinds twee jaar in De Mens. Stijn, voelt dat als een ex-lief dat nu door Frank bepoteld wordt?

Meuris «Ha! Nee.»

Vander linden «Daar prikt zijn baard een beetje te veel voor.»

Meuris «Het is natuurlijk een kleine wereld. En de Echte, Grote Talenten – zoals David er zonder twijfel één is – zijn heel dun gezaaid. Af en toe kom je iemand tegen bij wie je onmiddellijk voelt dat het bijzonder is. Ik had dat toen ik Mario Goossens voor het eerst zag spelen, en nu met onze nieuwe drummer: Antoni Foscez. Meer algemeen vind ik dat ik nu de strafste bezetting heb die ik ooit kon dromen. Topgasten.

»Als ik één ding goed kan, dan is het aanvoelen wie iets écht goed kan – of dat nu over drummen, schrijven of foto’s nemen gaat. En ik zit er niet vaak naast. Poltrock is ook zo iemand, maar aan niet-muzikanten uitleggen waarin het verschil zit, is heel moeilijk.»

Vander linden «Ik zal het u zeggen. David stelt, als we een nummer aan het repeteren zijn, weleens de vraag: ‘Móét ik daar wel iets spelen?’ Ik ken maar één toetsenist ter wereld die zelf vraagt om mínder te spelen. David kijkt naar het geheel; dat vind je bijna nergens.»

HUMO Frank, hoe hebben ze jou anderhalf jaar geleden verleid tot het warmhouden van een stoel in de jury van ‘De beste singer-songwriter van Vlaanderen’?

Vander linden «Met geld.»

HUMO Ik vraag het omdat je mij een jaar daarvóór nog gezegd had: ‘Muziek beoordelen is de minst exacte wetenschap ter wereld. Ik weiger al twintig jaar consequent alle aanbiedingen om in een jury te zetelen.’

Vander linden «Met geld, dus. Niet dat het zó spectaculair was; zelfs in tv circuleert er niet meer zo veel geld dat ze tonnen poen tegen half-BV’s als Frank Vander linden kunnen aan gooien.

»En ook met context: ik zat samen met mijn goede vriendin Sarah Bettens in de jury. Het programma heeft veel kritiek gekregen, en er is nogal wat om te doen geweest, maar er waren ook veel goede dingen aan. Het ging verder dan ‘een gefilmde auditie’. Ik denk dat iedereen die heeft meegedaan er op één of andere manier iets aan heeft gehad.»

HUMO Stijn, in maart breng jij een soort mooi vormgegeven jubileumbox uit met drie vinylplaten: ‘Gigant’ van Noordkaap, ‘Grand’ van Monza, en ‘Mirage’ van Meuris.

Meuris «Ik moest kiezen. Ik heb zestien platen gemaakt: allemaal samen had niet gekund, dan was de box te dik geworden. Er komt ook een 7 inch met wat apart werk, en een heel mooi fotoboek. Daar was ik het meest door verrast: het samenstellen gaf me een weirde inkijk in de evolutie die ik doorgemaakt heb. Van snotaap tot gentleman, zeg maar. Maar toch vooral snotaap.»

HUMO Hoe heb je dat boek samengesteld?

Meuris «Ik had een aantal fotografen aangeschreven van wie ik me herinnerde dat ze de voorbije vijfentwintig jaar vaak op onze concerten waren geweest, en backstage en zo. En daar zijn dus fantastische foto’s uit gekomen. Nu pas viel me de schraalheid op van de foto’s die doorgaans gepubliceerd worden. Ik heb een geweldige reeks gezien waarvan er destijds slechts één foto in Het Nieuwsblad is verschenen; de saaiste, en nog slecht afgedrukt ook.

»Ja, we zijn achter de schermen hard aan het werk. Vorig weekend hebben we het eerst na vele maanden nog eens opgetreden, en dat voelde aan als thuiskomen. Op acht april staan we in de AB, en daarna volgen er nog een hele hoop optredens.

»Je zou kunnen vragen: ‘Wat stelt het allemaal fucking voor, man?!’ (Houdt in en kijkt me aan)»

HUMO Eh, wat stelt het allemaal voor?

Meuris «In het licht van Charlie Hebdo: helemaal niets, dat weet ik. Maar voor mij is het véél. Het gekke is dat ik tegenwoordig het gevoel heb mij te moeten verdedigen voor mijn bezigheden. De indruk bestaat dat mensen van mijn leeftijd in principe minstens een groot mediabedrijf zouden moeten runnen. Ik worstel daar soms mee. Ik weet dat muziek maken en ermee optreden mijn ding is, maar in de ogen van anderen lijkt het soms maar schraal.»

HUMO Je bedoelt: er is een soort vervaldatum voor oude rockers?

Meuris «Er staan in dit land meer 50-plussers dan ooit op een podium. Kijk naar Arno. Twintig jaar geleden was dat nog zéér uitzonderlijk. Nee, ik bedoel: het lijkt alsof de mensen denken dat ik economisch stil ben blijven staan.»

Vander linden «Dat ís ook wel zo, natuurlijk (lacht).»

Meuris «Nou, ik heb wat dat betreft nooit te klagen gehad. Maar het heeft wel aan het denken gezet: ‘Heb ik onderweg iets laten liggen?’ Het antwoord is: ja, honderd dingen. Maar daar ben ik nu klaar mee.»

Vander linden «Onlangs was er een gast – een sympathieke cafébaas uit Leuven, een grote fan van De Mens – die me vroeg waar we tegenwoordig mee bezig zijn. Ik antwoordde dat we een nieuwe plaat aan het maken waren, en zijn eerste reactie was: ‘Maar... waaróm?’ (lacht hard) Ik was klaar om me beledigd te voelen toen hij verder ging: ‘Maar jullie hebben al zo véél mooie nummers?!’ Terwijl ik dacht dat hij bedoelde: ‘Wat hebben jullie nog te vertellen?’»

HUMO Maar had hij een punt?

Vander linden «Vorig jaar zette Raymond van het Groenewoud het volgende op zijn Facebookpagina: ‘Ik ga nieuwe songs schrijven op het moment dat jullie ophouden met om de oude te schreeuwen.’ (lacht) Maar dan liever geformuleerd, zoals hij dat kan.

»Hij en de Leuvense cafébaas hébben een punt, en je moet jezelf die vraag stellen: waarom nog nieuwe dingen maken? En het antwoord is: om levend te zijn, omdat het toch leuk is, en omdat je jezelf nog eens kan verbazen, zoals toen ‘Nooit genoeg’ er ineens was.

»Maar: je maakt het jezelf moeilijk. Wij zitten in de studio nog steeds uren te discussiëren of de bas in dat ene nummer nu al dan niet een halve dB luider moet – terwijl geen hond daar ooit iets van zal merken.»

Meuris «Het belang en de aantrekkingskracht van een plaat opnemen ligt ’m bij mij ook in de afzondering. De opnamestudio is mijn equivalent van bij de open haard zitten met sloefen aan en een pijp in de mond.»

HUMO Met schapenvel op de grond? Ik dacht dat de meeste muzikanten de druk van de snel wegtikkende, dure studiotijd net vervelend vonden?

Meuris «Ik worstel al een hele tijd met ‘overinfo’. Ik kan de datastroom niet meer aan, man. Mails, telefoon, noem maar, alles. De sociale verplichting altijd bereikbaar te zijn, over alles te kunnen meepraten: ik ben er vorig jaar bijna aan tenonder gegaan. Alleen in de studio voel ik me een tijdlang van die plicht ontheven. De mails blijven binnenkomen, natuurlijk, maar je hebt het geweldige excuus: ‘Sorry, ik kon niet antwoorden, want ik zat drie weken in de studio, en dat mag hier niet.’ Zever: het mag wél – maar mensen geloven me. Zelfs als de groep allang niet meer bestaat, of als we geen enkele artistieke relevantie meer hebben, dan nóg ga ik op tijd en stond wat studiotijd boeken: het is zo fijn.»

Vander linden «Beren beren, bijtjes bijen, en wij doen dit. Het is niet veel, het is allesbehalve belangrijk, maar het is íéts.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234