Studeren in het digitale tijdperk

Ik ben een digital immigrant van de zuiverste soort, een man van vóór het digitale tijdperk die wel eens durft stuntelen met tablet en smartphone. Vandaag bezoek ik de campus van de KU Leuven om te achterhalen hoezeer de universitaire wereld overhoop is gehaald met de komst van de netgeneratie, de digital natives die met de schootcomputer op moeders schoot zaten.

Zelf noem ik het gebouw van de KU Leuven waar ik nu een kantoor probeer te vinden – benedenverdieping, links - nog altijd ‘de nieuwbouw’, al heet het een decennium of vier later Erasmusgebouw en wordt er mogelijk al naar scheurtjes in het beton gespeurd. Hier aan de Letterenfaculteit was het – Radio Nostalgie! - dat ik vrienden voor het leven zocht en vond: Louis Paul Boon, Hugo Claus, Bertolt Brecht. Ik weet nog precies, want daar gaat het nu even om, hoeveel computers ons bij dat vrolijke studiewerk ondersteunden: niet één. Want we hebben het hier over de dagen nog vóór die eerste mijlpaal in de doorbraak van de computer: de lancering van IBM’s Personal Computer, type 5150, op 12 augustus 1981. Ik ben benieuwd hoeveel computers hier vandaag staan. Fred Truyen (51), die het vak Online Publiceren doceert en verantwoordelijk is voor de dienst Informatieverwerking, zal het mij vertellen.

Fred Truyen «Mijn vader is overleden zonder ooit een computer te hebben gekend, mijn dochter heeft nooit een wereld zónder computers gekend: zo snel is het allemaal gegaan.

»Ik ben zelf van de Star Trek-generatie, een generatie die is opgegroeid met de eerste raket op de maan op het netvlies en die dacht dat technologie de toekomst vorm zou geven, niet religie of wat dan ook, en dat de computer elk probleem zou helpen op te lossen. Ik werk hier sinds 1983. Een jaar later kwamen de eerste computers hier binnen, en intussen staan er zo’n zevenhonderd. De eerste browser heb ik op mijn bureau bekeken in 1994. Wat we sindsdien met al die computers doen is zo rijk en divers, dat ik toch het gevoel heb dat de dromen van de Star Trek-generatie grotendeels in vervulling zijn gegaan.

»De impact van de computer op het wetenschappelijke bedrijf is fe-no-me-naal. Ik durf te stellen: wetenschap ís vandaag computing. Ook hier op de faculteit Letteren zijn we in die maalstroom terechtgekomen: elke wetenschappelijke vraag kun je vandaag zo formuleren dat je ze op computers kunt operationaliseren. Het gaat hier dan wel over literatuur en middeleeuwse miniaturen, maar evengoed doen we veel met de computer en hebben nagenoeg al onze projecten met digitale bestanden en technieken te maken. Als hier geen stroom is, valt het onderzoek stil.

»De wetenschappelijke en technologische faculteiten nemen nog altijd ongeveer tien keer meer stroom af dan de humane wetenschappen, en dat stroomverbruik heeft toch vooral met het computerpark te maken, maar de laatste jaren is het stroomverbruik het sterkst gestegen in de humane wetenschappen. De hoeveelheid digitale informatie is radicaal toegenomen voor de studenten.»

HUMO De hoeveelheid niet-digitale informatie volgt dat patroon niet, geloof ik: de bibliotheken hier lijken sinds mijn studentendagen maar mondjesmaat bevoorraad te zijn met nieuwe boeken.

Truyen «Dat zal in de toekomst niet beter worden. De fysieke bibliotheek krijgt een andere rol: ze legt zich toe op het bewaren van wat echt bewaard moet worden, de topstukken. Boeken met een tijdelijke waarde zul je alleen online kunnen raadplegen. De digitale bibliotheek is vandaag al ons centrale instrument, zowel voor onderzoek als voor het maken van papers, enzovoort.»

HUMO Zijn de digital natives die hier nu op de collegebanken arriveren, echt zoveel handiger met computers als je zou verwachten?

Truyen «Proffen zagen áltijd over studenten, hé (lacht),maar ik moet wel bekennen dat ik een beetje ontgoocheld ben. De computerhandigheid van de studenten is niet zo overtuigend als je zou hopen. De vrees dat ik na mijn vijftigste zelf niet meer mee zou kunnen, is onterecht gebleken. Ik geef al vijftien jaar les in Excel en ik moet de eerste student nog tegenkomen die daarin sneller is dan ik, en dat is niet normaal. Dat heeft deels ook met de rekrutering in onze faculteit te maken: in de Letteren belanden niet meteen de computergeeks.

»Maar ik had toch ingeschat dat het allemaal wat sneller zou gaan. Ik heb mijn cursus enkele jaren alleen online gepubliceerd, en daar ben ik van teruggekomen: studenten willen ook nog een klassieke ingebonden cursus. En ook over de videocolleges waren de docenten enthousiaster dan de studenten zelf: die kwamen ons vertellen dat ze zo’n ouderwetse les met een echte prof in een collegezaal toch wel een positieve sociale ervaring vinden.

»De laatste twee, drie jaar zie ik wel een shift: de computer is nu echt overal. De tijd dat ik moest tonen hoe je een computer aanzet ligt achter ons, maar die is er wel geweest.

»Misschien moet je in het lager onderwijs gaan kijken om iets te merken van een digitale voorsprong bij jongeren, eerder dan aan de universiteit. Hier merk je wel dat de studenten met een groot gemak in de digitale wereld optreden, maar dat betekent nog niet dat ze goed zijn in wat wij ze willen leren: statistische analyses maken met de computer, bijvoorbeeld. Aan de universiteit gaat het om kennisoverdracht, wij docenten bepalen de spelregels, en daardoor staan we altijd nog een stukje sterker. Maar bij kinderen in het lager onderwijs zul je sneller merken hoe ze intuïtief met een interface omgaan.

»Wim Veen van de Universiteit van Delft heeft het over de homo zappiens (http://www.slideshare.net/HansMestrum/homo-zappiens), om aan te duiden dat die digitale generatie een radicaal andere, veel lichamelijker interactie met de computer heeft dan de digital immigrants. Wij hebben een cognitieve kijk op een computer, we gebruiken het als een hulpinstrument om kennis te verwerven, maar jongeren hebben een veel spontanere relatie met de computer. Ik gebruik ook Facebook, maar dan als een informatie-instrument; voor mijn kinderen is het een deel van hun emotionele leefwereld.»

Experimenten rond 'self-teaching'

Studietips uit het digitale tijdperk

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234