Supermarktkreeft & budgetkaviaar: betaalbare luxe of goedkoop bedrog?

Dra doen we weer onze aankopen voor de kerst- en oudejaarsdis. Ruim vóór de eerste kerstmarkten verschijnen de eerste advertenties van goedkope discounters, die in de eindejaarsperiode stunten met luxevoedsel – kreeft, foie gras, truffelolie – aan spotprijzen. Betaalden we vroeger te veel voor ons eindejaarsmenu in de reguliere supermarkten? Of zijn de goedkopere varianten waardeloos in plaats van luxe?

'Bah, kaviaar? Dit zijn gewoon bolletjes kleurstof en bewaarmiddel!'

Joanna Blythman is Groot-Brittanniës meest gerenommeerde voedingsjournalist. Ze schreef onder meer voor The Guardian, The Sunday Times en The Observer, en heeft net haar zevende boek uit: ‘Slik je dit? Wat je niet mag weten over je eten’. Daarin legt Blythman haarfijn uit welke onsmakelijke chemische en technologische trucs de voedingsindustrie met ons eten uithaalt. Zogeheten clouding agents (vezels die op sinaasappelpulp lijken) doen ons fruitsap ‘natuurlijker’ ogen, met transglutaminase of ‘vleeslijm’ worden hele nephammen geboetseerd uit brokken ‘separatorvlees’ (vleesresten die van uitgebeende karkassen worden geweekt met behulp van enzymen) en onder de beslaglaag van ‘gefrituurde scampi’ zitten fake garnalen uit gestolde pap van garnalenafval verstopt. Nee, geen betere remedie tegen trek in supermarktvoedsel dan ‘Slik je dit?’.

Na het lezen van Blythmans boek vraag je je ook af waarom je maar zelden de ingrediëntenlijsten van etenswaren bekijkt. Omdat we verblind worden door de grote letters bovenaan op de verpakkingen: ‘vers’, ‘ambachtelijk’ en ‘artisanaal’ – dé marketingtermen van nu. In de eindejaarsperiode komen daar nog een aantal toverwoorden bij: ‘luxe’, ‘delicatesse’ en ‘gourmand’. Maar wat zeggen de ingrediëntenlijsten over die zogenaamde luxewaren? En zeggen die etiketten wel alles?

Op een herfstavond sta ik, met mijn koffer vol eindejaarsboodschappen, voor het huis van Joanna Blythman in Edinburgh, om haar acht gangen luxevoedsel uit onze supermarkten te serveren.


'Sint-jakobsvruchten'

Raadsel. Van de kerstdiners uit mijn jeugd herinner ik me gegratineerde sint-jakobsschelpen: de sint-jakobsvruchten in het sausje waren eerder klein en er zat altijd een oranje koraal of kuit aan. Tegenwoordig vind je in de diepvriesafdeling zakken vol grote ‘noten’. Op de verpakking staat ‘Placopecten magellanicus’, terwijl dat eigenlijk de kleinere Canadese variant is van de vleziger, Europese Pecten maximus. De koraal is ook verdwenen.

HUMO Wat is er aan de hand?

Joanna Blythman «Diepgevroren sint-jakobsvruchten zijn vaak met fosfaten behandeld. Die zorgen ervoor dat de eiwitten in vlees en vis niet bederven en dat de kleur wit blijft. Met een beetje fosfaten blijven zeevruchten ook vochtig, met véél fosfaten zuigen ze zichzelf vol water en worden ze zwaarder. Met andere woorden: hoe goedkoper de sint-jakobsvruchten, hoe duurder het water dat je koopt.»

'Wie in budgetvriendelijk miljonairseten gelooft, is niet goed wijs' Voedseldeskundige Joanna Blythman

HUMO De oplossing: alle bevroren – goedkope én duurdere – sint-jakobsvruchten links laten liggen en alleen rauwe kopen?

Blythman «Je kunt het verschil echt ruiken en zien: een verse sint-jakobsvrucht is eerder klein, ruikt fris-zoet en is elastisch. Een met fosfaten behandelde vrucht is twee keer zo groot, smaakt naar niets en voelt geleiachtig aan. Maar let op: rauwe kunnen ontdooid zijn, en als er veel water uitdruipt, zijn ze met fosfaten behandeld. Het FSA (Food Standard Agency, red.) heeft ooit rauwe sint-jakobsschelpen getest: bijna de helft van de stalen bevatte meer dan 10 procent toegevoegd water, sommige monsters zelfs 54 procent. Een écht verse sint-jakobsvrucht kun je kort dichtschroeien in de pan, uit andere exemplaren kan tijdens het bakken zo veel water lopen dat ze eerder gestoomd worden.»

HUMO Waar is de oranje koraal van vroeger eigenlijk naartoe?

Blythman «De behandeling met fosfaten en water vindt plaats in een tumbler, een soort grote wasmachine. Mij lijkt het dat de koraal niet tegen die behandeling bestand is, en daarom verwijderd wordt. Om dan op te duiken in één of ander imitatiehapje. Denk aan surimi of imitatiekrab: afval van witte vis, aangelengd met fosfaten, zoetstoffen als sorbitol, oranje kleurstoffen en kunstmatige krabsmaak. En die surimi wordt dan weer in je sushi gesmokkeld.»


'Foie Gras'

Ganzenlever, foie gras d’oie, vind je niet in de budgetsupermarkt. Maar je kunt er wél eendenleverpaté of foie gras de canard kopen die tot vier keer goedkoper is dan de foie gras de canard die je in een duurdere supermarkt aantreft. De ingrediënten verschillen nauwelijks: eendenlever, water, Armagnac, kruiden en de bewaarmiddelen natriumnitriet en natriumascorbaat. Betaalden we dan al die jaren te veel voor eendenleverpastei in de traditionele supermarkt? Op het eerste gezicht wel.

HUMO Maar op de goedkope pakjes foie gras staat, behalve een dure Franse naam, in het klein: ‘Origine Bulgarie’.

Blythman «Hongarije en Bulgarije zijn booming op dat vlak. Hongarije is de laatste jaren zelfs opgeklommen tot zowat de grootste exporteur van eenden- en ganzenlever. In die landen is arbeid goedkoper dan in Frankrijk, de vroegere topleverancier, vandaar het prijsverschil.

»Maar ik vind eigenlijk dat je géén foie gras – duur of goedkoop – moet eten, vanwege het dierenwelzijn. Oost-Europa heeft een heel intensief productiesysteem: er is veel kans dat die eenden nooit de buitenlucht hebben gezien. In theorie is dat in Frankrijk anders, maar het is hoe dan ook een wreed product, door het gedwongen voeren, dat niet meer van deze tijd is. In 2004 kregen kwekers in Europa vijftien jaar de tijd om force feeding af te schaffen – we zullen zien in 2019.»

HUMO ‘Ambachtelijke Belgische bereiding’ staat er tot dan te lezen op dit vier keer zo dure pakje foie gras de canard. Wat betekent dat?

Blythman «Dat het product op Belgisch grondgebied gemaakt is. De gebruikte eendenlevers kunnen dus evengoed Hongaars of Bulgaars zijn, bevroren en ontdooid. Vanaf het moment dat je een product bewerkt – en ontdooien is al zo’n bewerking – op een bepaald grondgebied, kan dat op de verpakking doorgaan voor het nieuwe land van herkomst. Een klassieke truc.

»Deze verpakking leert me niks over de herkomst van de levers zelf. We moeten ook maar aannemen dat de bereiding ‘ambachtelijk’ is. Ik vind dat we hier een schimmig verhaal krijgen, de goedkopere variant was tenminste eerlijk over de herkomst.»

HUMO Ik vond ook deze ‘eendenpastei’ in een goedkope supermarkt, met als voornaamste ingrediënten... 41 procent varkensvlees en 18 procent varkenslever! En dan krijg je 18 procent eendenvlees en 9 procent eendenlever.

Blythman (bekijkt het etiket) «Klassiek. Je komt ook niet aan 100 procent vlees. Er zijn, zie ik, soja-eiwitten aan toegevoegd, een ‘vleesvermeerderaar’ die qua textuur op vlees lijkt en veel water en vet absorbeert. Soja-eiwitten kunnen tot meer dan 30 procent van het vlees in pasteien en worst vervangen, en zijn natuurlijk veel goedkoper dan vlees.»

HUMO Soja-eiwitten zijn niet alleen goedkoop, maar ook omstreden: ze zouden giftig zijn.

Blythman «Ze worden gewonnen door sojameel te wassen in aluminiumtanks. Tijdens dat proces kan aluminium, dat slecht is voor het zenuwstelsel en de hersenen, in het product terechtkomen. En ook het oplosmiddel hexaan, een component van lijm en cement, wordt bij de extractie van soja-eiwitten gebruikt. Hexaan is giftig voor het zenuwstelsel, maar de soja-industrie beweert dat er geen restanten in het eindproduct achterblijven.»

'Op een ingrediëntenlijst is 'antioxidant' gewoon een ander woord voor 'bewaarmiddel''

HUMO Een plakje ‘gerookte’ magret de canard anders, uit een dure supermarkt? Met ‘rookaroma’, volgens het etiket.

Blythman «Verder zie ik ‘glucosestroop’ staan – suiker. Dus: factory farmed duck, water, suiker, aroma... En ‘antioxidant’: dat is gewoon een ander woord voor ‘bewaarmiddel’. ‘Antioxidant’ klinkt sinds kort gezond, want gezondheidsbijbels hebben ons geleerd dat de antioxidanten in bosbessen goed zijn tegen huidveroudering. Maar op een ingrediëntenlijst als deze betekent het gewoon bewaarmiddel, in dit geval ‘natriumascorbaat’, wat dan weer een andere naam is voor E301. Slimme fabrikanten gebruiken geen E-nummers meer tegenwoordig: véél te afstotend.»

HUMO In je boek noem je dat de clean label-trend. Lag er een voedselschandaal aan de basis van die trend, waarbij fabrikanten de namen van de ingrediënten, maar daarom niet de ingrediënten zélf, opschonen?

Blythman «Ja, het zogeheten Southampton Six-schandaal. De universiteit van Southampton stelde in 2007 vast dat zes E-kleurstoffen in snoepgoed en frisdrank hyperactiviteit veroorzaakten bij kinderen. Meteen daarna stelde de Amerikaanse warenhuisketen Whole Foods Market een zwarte lijst samen van additieven: wie zich niet aanpaste, vloog uit de rekken. Producenten beseffen sindsdien dat de consument geen E-nummers meer wil zien.

»Maar dat wil dus niet zeggen dat de additieven anders zijn: ‘rozemarijnextracten’ klinkt natuurlijk, maar is gewoon een clean label-synoniem voor E392, een bewaarmiddel dat via allerlei chemische processen uit dat kruid gewonnen wordt. Het eindproduct is een reuk- en smaakloos poeder dat nog maar heel weinig met rozemarijn te maken heeft.»


'Kaviaar'

De échte pomme moscovite, een aardappel-in-de-pel met zure room en Russische kaviaar, is verleden tijd. De wilde steur in de Kaspische Zee is zo goed als uitgeroeid, en in Europa wordt geen legale Russische kaviaar meer aangeboden. De gekweekte kaviaar heeft daardoor aan aanzien gewonnen, maar die is ook niet goedkoop. Fantasierijke producenten hebben daarom betaalbare, zelfs ‘duurzame’ alternatieven voor de tsarendelicatesse verzonnen. Haring kun je zonder gewetensproblemen eten, dus creëerde men haringkaviaar: Arenkha of Avruga is te koop in de betere supermarkt. Maar wat zegt het ingrediëntenetiket?

HUMO Water, 40 procent gerookte haring, zout, maïszetmeel, citroensap, inktvisinkt, zuurteregelaar E330, kruiden en stabilisator E415.

Blythman «Een leep product: ik had al van die haringkaviaar gehoord, en dacht dat het kuit van haring was. Maar het zijn dus een soort geleibolletjes waarin haringvlees zit, en vooral water, want ingrediënten worden gerangschikt volgens afnemende hoeveelheid. En verder: bewaarmiddel en xanthaangom, een geleermiddel. Dit is echt oplichterij.»

'Haringkaviaar? Pure oplichterij: het zijn geleibolletjes met haringvlees en – vooral – water'

HUMO Dit lijkt me nog leper: zeewierkaviaar. ‘Geschikt voor vegetariërs’ staat ook op het potje. De ingrediëntenlijst op de onderkant: zeewierextract (83 procent), water, zout, specerijen, aroma, en maar liefst vijf E-nummers!

Blythman «Let ook op: zeewierextract is een synoniem voor carrageen of E407, een verdikkingsmiddel dat iets vloeibaars puddingachtiger maakt. Het is me niet duidelijk wat ‘zeewierextract’ hier is, maar het kan dus van alles betekenen. Terwijl het woord de klant een ‘schoon’ gevoel geeft, door de associatie met de macrobiotische keuken.»

HUMO Wat is eigenlijk het allerwalgelijkste wat je ooit in een voedselfabriek gezien hebt?

Blythman «In de meeste fabrieken worden geen pottenkijkers, laat staan journalisten, geduld, maar ik ben wel ooit in een lasagnefabriek geweest waar de geur van de bechamelsaus me aan de zure melklucht van babyboertjes deed denken. Er was bij de kant-en-klaarmaaltijden ook de ‘overwarmde’ geur – een term uit de industrie – te vergelijken met de geur van natte hond. Een arsenaal smaak- en geurstoffen moet die muffige fabriekstank dan verdoezelen.

»Maar het allerergste was het ‘verse’ fruitslaatje op de Food Ingredients Europe-beurs in Frankfurt, waar ik alleen binnen ben geraakt dankzij een vals identiteitsbewijs. Na een hele dag chemische toestanden, zag ik daar een fruitslaatje. Alleen stond er een datum bij van drie weken eerder: het fruit was gewassen met een product dat de houdbaarheid met drie weken verlengde. Het bijkomende ‘goeie’ nieuws was dat het product ‘niet op het ingrediëntenetiket hoefde’, want het was een hulpstof, geen ingrediënt.»

HUMO Ter verduidelijking: een hulpstof laat geen resten achter in het voedingsmiddel, het heeft alleen even geholpen met de bereiding.

Blythman «In theorie laten hulpstoffen geen sporen na. Enzymen zijn vaak gebruikte hulpstoffen, maar enzymen kunnen allergische reacties veroorzaken, en sommige soorten kunnen wel degelijk in het afgewerkte product blijven zitten. Het enzym alfa-amylase is al teruggevonden in broodkorst. Van dat product in Frankfurt mocht ik alleen weten dat er fruitzuren in zaten.

»Op die ingrediëntenbeurs besefte ik voor het eerst dat er gewoon niet valt te ontsnappen aan de manipulatie van de voedingsindustrie. En dat maakte me triest. Zelfs al kies je op het vliegtuig voor dat ‘gezonde’ fruitslaatje in plaats van die geprepareerde kip: je wordt hoe dan ook bedot.»


'Kreeft'

De voorbije jaren boden discounters bevroren kreeften aan die tot de helft goedkoper waren dan de bevroren kreeft in duurdere supermarkten.

HUMO Het heeft in The Wall Street Journal gestaan: de prijs van kreeft uit de Noord-Atlantische Oceaan is de voorbije jaren tot wel 70 procent gezakt.

Blythman «En dat allemaal door een overaanbod van Amerikaanse en Canadese kreeft. De opwarming van de oceaan zou ervoor gezorgd hebben dat kreeften sneller uitgebroed raken en groeien. Door de overbevissing zijn de kreeften ook een paar van hun natuurlijke vijanden kwijt: kabeljauw, bijvoorbeeld. Hoe dan ook: het overaanbod resulteerde in een prijsdaling en daardoor kunnen de discounters hier goedkope Canadese kreeft laten aanrukken. Want wie goedkoop verkoopt, heeft ook goedkoop ingekocht. Een Schotse kreeft uit Orkney kost nog altijd vier keer meer, hoor.»

HUMO Maar is de kans niet groot dat we in dure supermarkten te veel betalen voor een goedkoop ingekochte bevroren Canadese kreeft?

Blythman «Ik zeg: neem geen bevroren kreeft, spaar liever voor een verse grote kreeft. Want hoeveel tijd heeft het gekost om de kreeft uit de zee te halen, te blancheren en in te vriezen? Als dat allemaal te lang duurt, zijn er gevolgen voor de kwaliteit. De producten die men gebruikt om het vlees makkelijker van het pantser te halen, kunnen ook de smaak bederven, en bevroren kreeften zijn vaak aan de kleine kant, met weinig vlees in de scharen. We spreken hier hoe dan ook over een industrieel product.»

HUMO Is dat niet het probleem met dat democratiseren van luxevoedsel? Dat de luxe er net door verdwijnt? In Canada heeft McDonald’s zelfs al een kreeftburger op het menu staan: de McLobster.

Blythman «Je moet je afvragen: als het allemaal geïndustrialiseerd wordt en inferieure producten oplevert, wat heb je dan gewonnen? Kijk naar wat er met de wilde zalm is gebeurd. Volledig kapotgemaakt door de kweekzalm. Want het wildezalmbestand in Schotland heeft te lijden onder de gevolgen van fish farming. Kwekerijen trekken ziektes aan, ontsnapte zalmen besmetten wilde soortgenoten en verzwakken die ook nog eens door kruising. Verder zijn het broeihaarden van zeeluizen, en verontreinigen de chemische middelen waarmee die bestreden worden, het water. Het resultaat van het democratiseren van the king of fish is dus kwaliteitsverlies over de hele lijn.»


'Wild'

Le plat de résistance. Nooit eerder werd ons zoveel supermarktwild – everzwijn, hert, haas et les autres – naar het hoofd geslingerd. Zelfs de budgetsupermarkten verkopen nu wild, vaak ingevroren. En dat komt maar zelden uit de Ardennen. De herkomst achterhalen blijkt trouwens hét probleem van wild – in de goedkope én de dure supermarkt.

Blythman «Wild kan ‘wild’ zijn, of gekweekt – beide hebben hun voordelen. Het argument voor écht wild is dat het natuurlijk is. Neem hert: zo’n beest kan wilde planten gegeten hebben. Kán. Want herten kunnen ook een barre winter achter de rug hebben waarin ze te weinig gegeten hebben, en dan krijg je te magere dieren. Dat is meteen het nadeel: er is geen enkele kwaliteitscontrole mogelijk. De dieren kunnen zelfs ziek zijn. Of net niet, en dan krijg je inderdaad fabulous meat!

'Ik heb in slachthuizen gezien hoe men bevroren wild ontdooit met microgolfovens, versnijdt en vervolgens wéér invriest'

»Van gekweekt wild is de kwaliteit veel meer consistent. Dus waar je normaliter zegt: wild is beter dan gekweekt – in het geval van zalm, bijvoorbeeld – gaat dat bij wild niet per definitie op. We hebben hier intussen ook veel venison farms, hertenboerderijen, waar men aan ranching doet: de dieren hebben ruimte om te grazen, zijn in goede conditie en worden bijgevoerd indien nodig.

»De vraag is ook: hoe werd het karkas behandeld? Van het doden tot aan de haak van de slager: we weten bijzonder weinig van die keten bij wild, vooral bij ‘echt’ wild.»

HUMO In een discounter vond ik vers wild: ‘uit Polen’ volgens de verpakking. Ligt het aan mij, of is ‘uit Polen’ niet echt een vleeskeurmerk?

Blythman «Men is eerlijk over het land van herkomst, maar dit ‘verse’ wild kan niettemin ontdooid zijn. Er is namelijk geen verplichting om op de verpakking te zeggen ‘ontdooid’. Bij vis wel, bij vlees niet. Er moet ook wel wat aan de hand zijn met invriezen en ontdooien, want waar komt al dat wild ineens vandaan? Mij lijkt het dat wildhandelaars van overal wild inkopen, om het te versnijden, in te vriezen en dan geleidelijk los te laten: ontdooien en in kleine porties snijden voor supermarkten. Ik heb in slachthuizen zelfs gezien hoe men met microgolfovens ontdooit, versnijdt en wéér invriest. Terwijl de huisvrouw denkt dat je iets nooit twee keer mag invriezen!

»En wat Polen betreft: er zijn hertenkwekerijen in Oost-Europa, maar dit kan ook vrij wild zijn, daarover zegt deze verpakking me niks. Alweer die ondoorzichtigheid, dus. Wat zeker is: Polen heeft veel vlees, maar geen grote exportmarkt, in tegenstelling tot bijvoorbeeld ‘Schots rund’, dat wél op een premium market kan mikken. Pools wild is daarom goedkoper, maar dat wil niet per se zeggen dat het minderwaardig is. We weten gewoon te weinig over die Oost-Europese keten. Ik koop alleen wild bij een wildslager die me kan zeggen me of het red deer, roe deer of fallow deer is, en van welke schietpartij in Perthshire of van welke kwekerij het vlees afkomstig is. Ik wil: transparantie.»

HUMO ‘Europees vrij wild, nooit bevroren’ bloklettert een sticker op pakjes hert in de dure supermarkt.

Blythman «Vrij wild, dus geschoten, en niet ontdooid. Maar als er Europees staat, dan is dat wellicht Oost-Europees. ‘Europees’ lijkt me de klant te moeten geruststellen. Al kan het ook impliceren dat het vlees niet uit Nieuw-Zeeland komt, zoals veel hert in de goedkope discounters.»

HUMO ‘Verpakt in Nederland’, las ik op een ingevroren hindegebraad in de allergoedkoopste supermarkt.

Blythman «Dat zou bevroren Nieuw-Zeelands vlees kunnen zijn. ‘Verpakt in Nederland’ kan van alles zijn: alweer de truc met de bewerking op nieuw grondgebied. Dit is puur mystery meat. Als je niet beschaamd bent over waar je vlees vandaan komt, zeg het dan gewoon!

»Nu, gesteld dat het Nieuw-Zeelands wild is, dan zou dat best oké kunnen zijn. Maar het blijft absurd, natuurlijk: waarom wild van het zuidelijk halfrond gaan halen als je, zoals jullie, de Ardennen hebt?»


'Truffelolie'

HUMO De discounters zetten alles op alles in de eindejaarsperiode.

Blythman «Het is een pr-stunt. Aldi en Lidl zijn tien jaar geleden in Groot-Brittannië gearriveerd. Lidl wilde zijn brand upgraden en is zich op foodies gaan richten: hun eindejaarsacties zijn bijzonder clever. Het is best mogelijk dat ze weinig of geen winst maken met die eindejaarsproducten, maar één keer per jaar voeren ze zo wel een uitstekende pr-campagne. Als iedereen rond de kersttafel zit, zegt moeder: ‘Je hield van het wild? Je raadt nooit waar ik het heb gekocht!’ En dan gaat heel die tafel ook naar die discounter.»

HUMO Een discounter die pr-gewijs stunt met goedkope saffraan – de duurste specerij ter wereld. Verklaring?

Blythman «De beste en duurste saffraan ter wereld is de Spaanse uit La Mancha. Maar als er ‘product of Spain’ op je pakje staat, kan dat ook goedkopere en minderwaardige saffraan uit het Midden-Oosten zijn die in Spanje verpakt is. Wil je een foodie een mooi kerstcadeau geven? Koop dan echte saffraan van La Mancha met beschermde oorsprongsbenaming: zo klein dat het per post verstuurd kan worden.»

HUMO Het trendy roze Himalayazout is ook tot de discounters doorgedrongen. Maar sinds wanneer ligt de Himalaya ‘in Finland’, zoals er in kleine lettertjes op de molen staat?

Blythman «O, maar ook Pakistan ligt tegenwoordig in Finland, want ik heb ook al ‘Pakistanzout’ zien staan ‘uit Finland’ (lacht). Men bedoelt er een type zout mee, pink rock salt, eerder dan een geografische afkomst. Het is steenzout dat werd geboord, in tegenstelling tot zeezout. Dat roze Himalayazout is succesvol in de markt gezet, omdat het zo mooi is. Bretoens zeezout uit Guérande is onaantrekkelijk grijs, maar dat is net door de gezonde spoorelementen erin.»

HUMO Ik vond in de budgetsupermarkt ook truffelolie met stukjes truffel erin. Hoe kan dat?

Blythman «Op véél plekken vind je truffels, alleen komen die qua kwaliteit niet in de buurt van de witte Piemontese truffel of de zwarte truffel uit de Périgord. Chinese truffels lijken erg goed op de zwarte truffel en worden weleens onder die noemer verkocht. Ze kosten maar 10 pond per kilo, terwijl échte zwarte truffel 1.000 pond per kilo kost. Truffels zijn als saffraan – het is onmogelijk om ze én goed én goedkoop te krijgen. Wie die hele discountermythe van budgetvriendelijk miljonairseten gelooft, is niet goed wijs.»

'Zodra je een product bewerkt op een bepaald grondgebied, kan dat op de verpakking doorgaan voor het nieuwe land van herkomst'

HUMO Maar wie is nu de grootste vijand van de prijsbewuste consument die kwaliteit, maar ook eerlijkheid wil voor z’n geld? De discounters, of de dure supermarkten?

Blythman «Bij ons hebben winkels als Aldi en Lidl aangetoond hoe duur gevestigde supermarkten als Tesco en Sainsbury’s waren: ze deden die andere ketens op dieven lijken. En die reguliere supermarkten hébben ons ook opgelicht, met hun ongeoorloofde winstmarges op alles. Toen ik mijn boek ‘Shopped: The Shocking Power of British Supermarkets’ (uit 2004, red.) schreef, bedroegen die minimaal 32 procent. En zo hebben ze leveranciers onder druk gezet en de kwaliteits- en prijsstandaarden naar beneden gehaald – it’s a race to the bottom.»

HUMO Maar de discounters hebben die neerwaartse spiraal toch alleen maar versneld met hun nóg goedkopere prijzen?

Blythman «Ik zeg niet dat zij wél deugen, maar ze hebben een ander model. Ze stockeren niet zo veel producten – 1.000 tot 2.000, tien keer minder dan de traditionele supermarkten – en verkopen alleen wat goed verkoopt. Klinkt oké. Maar de discounters besparen ook op personeel, dat zich te pletter moet werken. Ik hou dus niet zo van supermarkten, ik ga liever naar kleine winkels. Maar dat had je vast al door.»


'Macarons'

Jazeker, en ik laat me ook niet meer vangen. Dus bracht ik macarons mee van een gereputeerde Gentse patissier. ‘Binnen de drie dagen consumeren,’ zegt het doosje. Mijn ‘verse macarons’ uit de budgetsupermarkt zijn een maand houdbaar en zitten dus vol bewaarmiddelen, wat de ingrediëntenlijst volop bewijst.

HUMO ‘Zonder kleurstoffen’ zegt de verpakking van mijn laatste item: rode macarons uit de dure supermarkt. Maar bij de ingrediënten staat – enigszins cryptisch – ‘natuurlijke rode kleurstof’.

Blythman «Een rekbaar begrip: een kleurstof is ‘natuurlijk’ als hij uit een natuurlijk pigment komt, maar de extractie mag via chemische processen gebeuren. Stel dat deze rode kleurstof paprika-extract was, E160c, dan is dat op chemische wijze gewonnen uit gedroogde paprika, met hulp van methanol, ethanol, aceton, hexaan, dichloormethaan, ethylacetaat of propaan-2-ol. Wettelijk mag de kleur dan ook sporen bevatten van die oplosmiddelen én van de zware metalen lood, kwik en cadmium. Natuurlijk moeten die hoeveelheden binnen bepaalde grenzen liggen, maar ik neem aan dat dit niet jouw idee van een ‘natuurlijke rode kleurstof’ is?»

HUMO Stop!

Blythman «Nog ééntje. In brochures van kleurstoffabrikanten heb ik letterlijk gelezen: ‘Felle kleuren kunnen lomp overkomen. Hou rekening met de doelgroep en de pysche van de klant bij het kiezen van een kleurstof.’ Het is dus niet omdat een zachtere tint er minder chemisch uitziet, dat hij dat ook ís, hè. Want waar denk je dat de patissier van onze mooie echte macarons z’n pastelkleurtjes vandaan heeft?»

HUMO Ik geef het op. En aan iedereen die straks aan tafel gaat: smakelijk.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234