Tennisgod op rust: Pete Sampras

Pete Sampras slaat op de Optima Open in Knokke balletjes tegen medegepensioneerden als Yannick Noah, Xavier Malisse, Greg Rusedski en Henri Leconte.

HUMO Van een man met een palmares als het jouwe, denk je al gauw: ‘Een geboren winnaar.’ Maar dat was niet zo. Als jonge speler had je talent op overschot, je won ook ontzettend veel, maar als het even niet goed ging, gaf je ook snel op. Hoe ben je een winnaar geworden?

Pete Sampras «De klik is er pas gekomen op mijn 22ste, na de finale van de US Open in 1993, die ik verloor van Stefan Edberg. Tot voor die dag was ik al lang blij als ik de finale – of zelfs de halve finale – van een groot toernooi had gehaald, maar de nederlaag tegen Edberg kon ik plots niet meer verteren. De uitleg die ik meteen na de wedstrijd klaar had – ‘Ik was moe, ik vond mijn ritme niet, Edberg was beter’ – vond ik ineens flauw. Wat ik zei, klopte wel, maar de bottomline was dat ik niet eens gevochten had. Het ging niet, dus had ik me laten gaan. En dat vond ik een vreselijke vaststelling. Ik vond het niet meer genoeg om af en toe een grote titel te winnen, ik wilde er véél. Ik wilde de nummer één zijn en blijven. En ik besefte dat ik die ambitie in de vuilnisbak zou kunnen gooien als ik niet een andere tennisser werd. Tot dan had ik altijd op mijn talent geteerd, maar daar moest iets bij komen. Wilskracht en vechtlust, maar ook een slimmere manier van spelen. Ik moest oplossingen zoeken voor die dagen waarop ik mijn beste tennis niet vond. Ik moest tactischer gaan spelen, beter de zwakheden van mijn tegenstanders uitbuiten, mij leren aanpassen aan de omstandigheden. Ik heb daar een jaar keihard aan gewerkt en toen viel alles op zijn plaats. Ik won mijn eerste Wimbledon en was vertrokken.»

'Ik heb er geen seconde spijt van dat ik zo vroeg gestopt ben'

HUMO Uiteindelijk won je Wimbledon zeven keer, maar als jonge gast had je de pest aan gras.

Sampras «Eigenlijk was dat exact hetzelfde proces dat ik hierboven heb beschreven. Gras bracht me uit mijn comfortzone: de ballen botsten anders, je moest je meer bukken, de opslag was belangrijker, de return op de opslag ook, je moest kortere ballen slaan. Een pak aanpassingen, en daar zag ik als jonge tennisser tegen op. Tot ik mezelf ervan wist te overtuigen dat ik eigenlijk alles in huis had om wél goed te zijn op gras, als ik er maar aan wilde werken. Het was gewoon een horde die ik moest nemen. Eens over die horde, voelde ik me weer als een vis in het water.

»Het had ook allemaal met de leeftijd te maken, natuurlijk. Ik was prof geworden op mijn 16de en nummer 1 op mijn 21ste, maar al die tijd had ik het gevoel dat het me overkwam. Pas toen ik die top ging zien als de plek waar ik echt thuishoorde, begon het vlot te gaan. Je moet ook wennen aan de druk en de verantwoordelijkheid. Media, sponsors, supporters, allemaal verwachten ze iets van je. In het begin voel je je een beetje een speelbal, je zit zelf niet meer aan het stuur. Maar geleidelijk aan leer je daarmee om te gaan. In mijn beste jaren had ik echt het gevoel dat ik alles onder controle had, ik deed alleen nog wat ik zelf wilde.»

HUMO Je hekel aan gras heb je in liefde kunnen ombuigen, maar dat is met gravel niet gelukt. Roland Garros heb je geen enkele keer gewonnen. Hoe verklaar je dat?

Sampras «Op gravel ben ik mezelf wél te veel onder druk blijven zetten. Na een tijdje kon ik aardig uit de voeten, maar het gevoel alles onder controle te hebben heb ik op clay nooit gehad. Ik was altijd trager dan ik wilde. Ik ben blijven proberen – er zijn seizoenen geweest dat ik echt veel op gravel trainde – maar het lukte gewoon niet. Toen was dat een gigantische teleurstelling, vond ik het echt een leemte in mijn palmares, maar nu heb ik er al lang vrede mee.»

HUMO Welke rivaal bracht het beste in jou naar boven?

Sampras «Ik heb bijna altijd heel goeie matchen gespeeld tegen Boris Becker, Stefan Edberg en Jim Courier, maar mijn allerbeste waren die tegen Andre Agassi (foto). Omdat hij op zijn top zo verschrikkelijk goed was, maar ook omdat het altijd méér was dan alleen maar een tennismatch. Er stonden twee totaal verschillende persoonlijkheden tegenover elkaar. Wij hadden ook een lange geschiedenis: we speelden al tegen elkaar toen we nog tiener waren. Dan wordt het altijd iets persoonlijks.»

HUMO Het fenomeen Clijsters en Henin.

Sampras «Exactly. Ik ken hen niet persoonlijk, maar dat hoeft ook niet. Ik ben er zeker van dat die jarenlange rivaliteit, die al begonnen was lang voor ze bekend werden – hen de hoogte heeft ingestuwd. Dat was bij ons ook zo. Andre, ikzelf, Michael Chang en Jim Courier waren van dezelfde generatie. Wij kenden elkaar door en door en niks was belangrijker dan elkaar verslaan. Winnen van een Europeaan was wel leuk, maar dat was puur sportieve voldoening. Het heeft me redelijk lang – toch tot mijn 22ste schat ik – niet zoveel kunnen schelen welke plaats ik op de ranking had, zolang ik maar boven die drie geklasseerd stond. De top tien was geen doel op zich, beter doen dan zij wél.»


Een saaie Pete

HUMO Agassi was de rock-’n-rollkid, jij werd heel vaak saai genoemd. John McEnroe sprak je er zelfs persoonlijk over aan: ‘Je moet meer persoonlijkheid ontwikkelen.’ Deed dat pijn, of motiveerde het je net?

Sampras «Geen van beide. Ik vond het natuurlijk niet leuk om saai genoemd te worden, maar ik kon het makkelijk van me afzetten. Ik ben nogal gesloten en wantrouwig van aard en ik had echt geen zin om meer van mezelf prijs te geven. Ik ben wie ik ben.

»McEnroe wou gewoon dat ik mijn eigen persoonlijkheid opgaf om meer op hem te lijken, maar daar voelde ik helemaal niks voor. Ook al omdat ik dat soort impulsieve, extraverte spelers altijd heel makkelijk te lezen vond. Je wist perfect hoe ze zich voelden en daar kon je je spel op afstellen. Terwijl ik er bij Stefan Edberg altijd het raden naar had hoe die op het court stond. Zulke gasten die altijd een pokerface opzetten en nooit hun cool verliezen, type Björn Borg, die zijn echt tricky om tegen te spelen. Ik heb me nooit met opzet zo gedragen – het was geen acteren – maar ik was me wel bewust van het voordeel dat het me opleverde. Waarom zou ik me dan als een McEnroe of een Jimmy Connors gaan gedragen?»

HUMO Jouw tennis was alleszins een pak minder saai dan dat van Jimmy Connors.

Sampras (lacht) «I fully agree. Het ging ook niet om tennis, en dat is wat me het meeste stak. Ik heb Wimbledon drie keer gewonnen en elke keer werd ik boring genoemd. Dat is vooral erg verwarrend: je doet iets waar je zelf trots op bent, en toch worden er allerlei kanttekeningen bij geplaatst. Maar toen ik het toernooi voor de vierde keer won, was ik plots the best thing ever. ‘Zo zit het dus,’ dacht ik, ‘als je maar voldoende wint, ben je niet saai meer.’ Belachelijk, eigenlijk.»

HUMO Eén keer, in 1995, heb je je emoties wel getoond: op Wimbledon, tijdens de kwartfinale tegen Jim Courier. Tim Gullikson, de coach met wie je toen al drie jaar werkte, was na een paar beroertes overgevlogen naar de States voor verder onderzoek en jij maakte je vreselijk zorgen. Plots begon je te huilen, tijdens de wedstrijd. Je leek er helemaal onderdoor te gaan, tot Courier je vroeg: ‘Als je wil, doen we morgen gewoon verder.’ Zijn opmerking irriteerde je, je herpakte jezelf en je won de wedstrijd en ook het toernooi.

Sampras «Het was vooral de reactie van het publiek die me boos had gemaakt. De mensen lachten om zijn opmerking. Ik heb ook altijd gedacht dat die sarcastisch bedoeld was, want ik kende Jim goed.»

HUMO Courier zelf heeft altijd gezegd dat zijn voorstel gemeend was, dat hij met je te doen had. Jullie hadden de avond voordien nog samen gegeten, hij wist goed hoe je eraan toe was. In je autobiografie schrijf je: ‘We hebben het er later nooit meer over gehad.’ Waarom niet?

Sampras «Weet ik niet, eigenlijk. It’s water under the bridge. Misschien had ik wel ongelijk en meende hij het echt, maar had ik dat tóén zo begrepen, dan had ik die wedstrijd wellicht verloren. Dus is het beter dat we elk bij onze versie van de feiten blijven (lacht).»

HUMO Als je één wedstrijd uit je carrière opnieuw zou mogen spelen, zou dat er één zijn die je hebt gewonnen, of één die je hebt verloren?

Sampras «De behoefte om iets recht te zetten heb ik niet, maar ik zou wel héél graag nog eens die wedstrijd tegen Andre Agassi op Wimbledon opnieuw spelen. De finale van 1999 was dat, mijn zesde titel daar. Toen zat ik echt compleet in the zone. De eerste twee sets won ik met 6-3 en 6-4. Dichter bij de perfectie ben ik nooit geraakt. Dat was een heerlijk gevoel en dat zou ik nog eens willen beleven.»

'Ik heb nooit voor het geld of de bekendheid gespeeld, alleen maar om de beste te zijn. En plots vond ik dat die beloning niet meer opwoog tegen het harde werk'

HUMO Mis je dat gevoel?

Sampras «Ik mis het wel om op Wimbledon te zijn. Ik volg het nu op tv en dat doet toch een beetje pijn. Dat ik er niet meer kan spelen, daar heb ik me al meteen na mijn pensioen bij neergelegd, maar die hele ambiance missen, dat steekt wel.»

HUMO Jij bent gestopt op je 31ste. Niet omdat je fysiek op was – na twee jaar blessureleed was je eindelijk weer helemaal in vorm – maar omdat de passie weg was. Heb je achteraf nooit gedacht: ik heb twee of drie goede jaren weggegooid? Wie weet had je even goed kunnen doen als je goeie vriend Roger Federer en zeventien grandslamtitels winnen?

Sampras «Geen seconde. Het was gewoon op. Ik had de US Open gewonnen en toen de Australian Open eraan kwam, had ik gewoon geen zin en zegde ik dat af. Vervolgens liet ik ook Roland Garros links liggen. Ik maakte mezelf wijs dat ik me helemaal op Wimbledon wilde focussen. Maar toen Wimbledon naderde, had ik ook dáár geen zin meer in. Toen wist ik: het is over. Als je zelfs Wimbledon laat schieten... De passie om te winnen was helemaal weg en dus ook elke motivatie. Ik heb nooit voor het geld of de bekendheid gespeeld, alleen maar om de beste te zijn. En plots vond ik dat die beloning niet meer opwoog tegen het harde werk.»

'Als ik Wimbledon had gewonnen, leefde ik twee weken op een wolk, maar daarna haalde het leven me weer in'

HUMO Je had je doel bereikt: je was één van de allerbeste tennissers aller tijden geworden. Heeft dat jou uiteindelijk evenveel voldoening bezorgd als je ervan had verwacht?

Sampras «Ik ben heel trots op wat ik heb bereikt en blij als ik daarop terugblik, maar het leven gaat gewoon door, hè. Ik verkeer niet in een permanente staat van geluk omdat ik ooit zo goed heb getennist. Eigenlijk verandert er bitter weinig. Maar daar was ik op voorbereid. Als ik Wimbledon had gewonnen, leefde ik ook altijd op een wolk, maar langer dan een week of twee duurde dat nooit. Daarna haalt het leven je weer in.»


Wilson & Wilson

HUMO Hoe ziet het leven van een tennisgod op rust er eigenlijk uit?

Sampras «Ik mag zeker niet klagen. Ik probeer elke dag wat tijd in de gym door te brengen, ik speel golf, poker en basketbal, een keer of acht per jaar doe ik mee aan een toernooi voor veteranen en voor het overige ben ik vooral een familieman die veel met zijn vrouw en kinderen en het huishouden bezig is. En ik maak werk van date nights: een avondje cinema, een etentje...»

HUMO Is dat het geheim van 25 jaar huwelijk?

Sampras «Dat zou best kunnen, ja. De romantiek moet blijven.»

HUMO Je bent al die tijd bij dezelfde vrouw gebleven, maar het racket dat van kinds af aan je trouwste partner was, de Wilson Pro Staff, heb je wél bedrogen. Een jaar of vijf geleden heb je haar ingeruild voor één of ander jong ding.

Sampras (lacht) «Als ik nu nog met een Wilson Pro Staff zou spelen, breek ik mijn arm. Dat racket is echt hard voor het lichaam. En als je de energie niet meer uit je eigen lijf kunt halen, dan zoek je een racket dat vanzelf wat meer energie heeft. Maar je hebt wel gelijk: vanaf mijn 10de tot mijn 40ste heb ik alleen maar met de Pro Wilson Staff gespeeld. Die wegleggen was toch raar. Toen ik dat deed, besefte ik echt dat ik oud geworden was.»

HUMO Je vrouw, Bridgette Wilson, is actrice, bekend van de film ‘The Wedding Planner’. Mocht Hollywood wat normaler omgaan met vrouwen ouder dan 40, dan zou zij haar talent kunnen ontwikkelen tot haar 70ste.

Sampras «En hetzelfde geldt voor golfers en zangers, maar helaas niet voor tennissers en andere atleten. Dat is frustrerend, maar je leert ermee leven. Toen ik weer wedstrijden begon te spelen, was het wel aanpassen. Nu heb ik geleerd tevreden te zijn als ik kan aanklampen, of als ik toch een béétje vlot over het terrein beweeg.»

HUMO Waarom doe je nog mee aan die Champions Tour voor veteranen?

Sampras «In de eerste plaats omdat het leuk is, en omdat het me toch telkens weer een doel geeft. Ik train niet zoals vroeger, maar ik werk wel nog altijd naar die toernooien toe. Dat houdt me fit. En wat ik misschien nog het leukste van alles vind: mijn twee kinderen – die geboren zijn nadat ik was gestopt – zien mij nu spelen. De verhalen kenden ze natuurlijk al een beetje, maar daar konden ze zich niks bij voorstellen. Mijn zoontje van 9 heeft me twee weken geleden in Virginia voor het eerst bewust gevolgd tijdens zo’n wedstrijd. Hij kon er niet over zwijgen, hij was helemaal gefascineerd door die pa van hem die daar toch niet zo heel slecht stond te tennissen. En daar was ik helemaal van in de wolken. Ook zij zien me nu eindelijk als een tennisser.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234