Black Eyed Peas in Vorst.Beeld Illias Teirlinck

The Black Eyed Peas in Vorst: naast het ritme, naast de toon

Een spetterend avondvullend programma voor jong en oud: zo had Katja Retsin het concert van The Black Eyed Peas kunnen aankondigen, alsof het nieuwjaarsavond was op de nationale televisie. Iedereen ging beleefd uit de bol, al was het de nostalgie die ons dwong - de herinnering aan de show zelf zal, net zoals menig wissel van oud naar nieuw, versmelten met alle middelmatigheid die we ooit zagen.

Het was 2003, en de Mediamarkt zag er exact uit zoals die er vandaag nog steeds uitziet. Ik was twaalf, en ik stond op het punt om met eigen zakgeld voor de eerste keer een cd te kopen. In mijn linkerhand hield ik In the Zone van Britney Spears, met daarop ‘Toxic’ - misschien wel het meest geniale popnummer dat de laatste kwarteeuw werd geschreven. In mijn rechter hield ik Elephunk van The Black Eyed Peas, hun doorbraakalbum met onder andere ‘Where Is the Love?’.

“Ik denk dat je van deze later minder spijt zal hebben”, zei mijn moeder, terwijl ze gedecideerd naar Elephunk wees. Als ik toen had geweten over popcultuur wat ik nu weet, dan was mijn repliek ‘Sorry, it’s Britney, bitch’ geweest. Maar Britney bleef in het rek, en die avond leerde ik elk nieuw nummer van Fergie, will.i.am, apl.de ap en Taboo uit het hoofd.

Black Eyed Peas in Vorst.Beeld Illias Teirlinck

Er blijft al lang niets meer over van die best wel funky, véél te lieve, maar veelbelovende The Black Eyed Peas van op de eerste drie albums. Tegen het einde van de nillies begon de pop-pap serieus te stinken, en vorig jaar werd één van de schuldigen met haar ‘humps’ bij het grof vuil gezet. De drie oorspronkelijke leden maakten dit jaar met Masters of the Sun Vol. 1 een plaat waar ze zich niet geheel voor hoeven dood te schamen - tenzij dan misschien voor wat plagiaat hier en daar. Hun terugkeer naar de ‘boom bap’-hiphop uit het pre-Fergie-tijdperk beloofde een concert vol maatschappijkritiek en snedige rhymes, maar we kregen een iets te taaie kerstkalkoen met prefabvulling.

De hippies van de hiphop mogen dan nooit echt de sharpest tools in the shed geweest zijn, beginnen met ‘Let’s Get It Started’ was even simpel als geniaal. Het zat in die eerste minuten muzikaal allemaal nog niet zo erg strak, maar hé: ‘geef die mannen wat tijd om op te warmen’, dachten we.

Black Eyed Peas in Vorst.Beeld Illias Teirlinck

De trashy pompende electronica van ‘Imma Be’ hakte er vervolgens meedogenloos in - no Fergie needed - en het beloofde nog leuk te worden. Zelfs al speelden ze vervolgens wat bagger van op het vreselijke The E.N.D, die ze eigenlijk niet nodig hebben om het geheel dansbaar te houden. Jammer genoeg gaat het iets later bij ‘Rock That Body’ al volledig mis, toen bleek dat de drie rappers niet de schoenen van een echte popster kunnen vullen (en ze naast het ritme rapten), en dit soort fletse soep als een tang op een varken op hun nieuwe imago paste. Ook bij ‘Boom Boom Pow’ misten we de frisheid van snedige pop, terwijl ook de gebetenheid en kwade grillen van een relevante rapper voor de rest van de show afwezig zullen blijven. Gelukkig verscheen daar een - Boom Shaka Laka Laka Boom Fucking Pow - verzachting van de pijn: zangeres Jessica Reynoso. Ze bleek geen slechte keus om de boel muzikaal ietwat op te trekken, want ja, je kan blijkbaar ook naast de toon rappen. 

Als dit concert niet de dance-kant op ging, dan leek het wel wat op een inleiding tot kritische hip-hop voor de allerkleinsten, met bijpassende Dora-achtige bindteksten: “Zwieber, niet stelen!” We verbroederen met de twaalfjarigen die uit hun ooghoek al lang hebben gezien dat onze kritische geest in gevecht is met onze wiegende heupen, bij onder andere nieuw werk als ‘CONSTANT pt. 1 & 2.’ en ‘Yes or No’ - beide prima nummers.

Black Eyed Peas in Vorst.Beeld Illias Teirlinck

Maar vanaf daar loopt alles zowel in onze bovenkamer als in ons onderstel spaak. Om de één of andere reden vond Jessica het nodig om, geheel in het kader van haar The Voice-verleden, een Beyoncé-cover ten berde brengen, en werd het solowerk van will.i.am ook tot het obligate repertoire gerekend. Taboo kaapte in het midden van alle gekheid de ether om een gevoelige speech over zijn afwezigheid door kanker te geven, waarna de micro in het publiek ging en een vrouw vertelde dat het nummer ‘Meet Me Halfway’ ooit haar leven heeft gered. Ieder zijn ding natuurlijk, maar als we ooit halverwege de Styx-rivier drijven en de vage echo herkennen van ook maar ìets dat lijkt op een nummer van op The E.N.D., vragen we aan de stuurman om vaart te zetten naar de poorten van de hel, waar we met dit soort taferelen smakelijk zullen lachen, terwijl Lucifer schuddebuikend onze oksels kietelt.

“Als mensen enkel over ‘big butts’ zouden zingen, zou de wereld toch geen goede plek zijn?” De vage maatschappelijke boodschappen worden ronduit lachwekkend, en dwarrelen overigens neer op onvruchtbare grond - wereldverbeteraars verwijlen niet in Vorst Nationaal op een zaterdagavond. Bijgevolg breekt ons hart wanneer het legendarische ‘Where Is the Love?’ als voorlaatste nummer wordt gespeeld, en ‘I Gotta Feeling’ - misschien wel hun allerleegste hitje - de uittocht mag begeleiden. Jammer genoeg luistert een pop-act zo groot als de The Black Eyed Peas naar hun management in plaats van naar hun gut-feeling, want dat had hen geheid ingefluisterd dat deze avond geweldig zou zijn verlopen als ze een deel van het verleden gewoon hadden gewist. 

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234