null Beeld

The Black Keys - El Camino

Euforie. Galmende, weidse euforie. De spits van je favoriete voetbalteam die in de allerlaatste minuut van de wedstrijd zijn geniale dribbel in de kruising besluit; de dagen van bloemige verliefdheid waarin alleen al hand in hand lopen met je meisje verrukkelijk is en formidabel en fantastisch; het oceanische geluk dat je toebrult als je favoriete band op je favoriete festival op het juiste moment de juiste song inzet.

Die euforie, dat blinkende joie de vivre, dat de hemel beklimmen en geen G-kracht die je tegenhouden kan: dát is het gevoel dat aangestormd komt uit 'El Camino', de zevende van Dan Auerbach en Patrick Carney, samen The Black Keys - en God, wat hou ik van dat groepje.

Niet dat de Keys plots sappige vrolijkerds zijn geworden - Auerbach stampt z'n teksten als vanouds vol met verlangen en hartenpijntjes en de suggestie van femme fatale-achtige vrouwen die niet rusten voor ze je pik afgebeten hebben.

Single 'Lonely Boy' - hij holt al weken door uw hoofd, en thuis speelt u voor het slapengaan de clip na - zit vol van die spuw-maar-op-mijn-jongensziel-romantiek ('You pull my heart out, and I don't mind bleeding'), maar hell, wat word ik gelukkig van dat nummer. Opgewekt ohohohohoënd naar het einde: zo wil ik wel voor eeuwig en één dag een lonely boy zijn.

Die single typeert de switch van rijvak van The Black Keys op 'El Camino'. De dampende rioolblues van 'Thickfreakness' en 'Rubber Factory' was op 'Brothers' al ingeruild voor een met poppy grooves en hapjes soul gepimpte variant, en deze keer is 't de rock-'n-roll die juicht - rechttoe-rechtaan, speeding, en door Danger Mouse stadionklaar geproducet.

'Dead and Gone' bijvoorbeeld: garage met haast. Of 'Gold on the Ceiling': sexy en glammy, en aanstekelijk als een sletterige griepbacil. Die catchiness zit ook in 'Stop Stop' en 'Sister' - spul waarop het aangenaam vrijen moet zijn. 'Money Maker' is roekeloos zaterdagavondlawaai, 'Hell of a Season' een energiereep tegen de honger onderweg.

En 'Little Black Submarines' begint als een ingetogen wandelliedje, maar wordt dan halverwege door een bruut van een gitaar opengescheurd - het twee-songs-in-één-trucje dat eerder (op 'Brothers') van 'Tighten Up' al de perfecte single maakte.

'El Camino' is niet meer de blues van mannen die hun suikeroom moeten bellen om de uitstaande poef in de stamkroeg te betalen. Wel: de swingende meesterproef van twee gasten die muziek bedenken voor jongenskamers en meisjesharten, weten dat aan rock-'n-roll een zweetluchtje hangt, en van pompen of verzuipen kunst maken.

Ik denk dat ik al weet waar het op gaat uitdraaien voor The Black Keys: ze zullen headliners worden en stadions vullen en in goeie restaurants kaviaar lepelen uit statig porselein. Ze zullen nooit meer klein zijn en in weggeroeste clubs het stof van het podium moeten keren voor een nukkig publiek. Maar ze zullen wel The Black Keys blijven, en rock-'n-roll hoesten en blues zweten.

'Don't let it be over'smeekt Auerbach in de langoureuze afsluiter 'Mind Eraser'. Heeft hij bonje met zijn vrouw, is hij Pat zat, of is het gewoon lust voor dit fabuleuzelife?

Niet belangrijk. Want het zal niet over zijn: dankzij The Black Keys is de euforie pas begonnen.

The Black Keys spelen op maandag 23 januari 2012 in de Lotto Arena.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234