The Residents (Botanique)

Op de In Between Dreams Tour willen The Residents het publiek meenemen naar een plaats vol dromen: vrijdagavond bleken dat geen nachtmerries, maar echt inspirerend waren ze ook niet, want in Brussel speelde het vijftigjarige Amerikaanse prankster-collectief een wat routineus aandoend concert.

Kregen wij waanbeelden? Fantaseerden wij in onze slaap dat die vier niet zo in hun hum waren? Of hadden wij gewoon een droom in een droom in een droom, en waren The Residents tóch briljant? En kan die kritiek hen eigenlijk wel iets schelen? Enkele jaren terug verkondigden bandleden dat ze zich alleen maar verbéélden dat ze een rockgroep zijn, en nog langer geleden vergeleken zij de muziekindustrie met Hitlers Derde Rijk: iets zegt ons dat die kerels niks met dat popgedoe willen te maken hebben. Of ze nemen de business daarrond én zichzelf niet zo serieus, want toen ze met ‘Eskimo’ ooit een Grammy- nominatie riskeerden, maakten ze snel snel een disco versie van die lp. Dikke fun! ‘Residents Unincorporated’ was ook hun eerste naam, weet u nog? Maar wachtwachtwacht: tegenwoordig kun je op de officiële website wél knikkende poppetjes kopen die de oogbal en kostuum-outfit dragen!

Het enige zekere bij dit kunstenaarscollectief is dus dat niets zeker is. Zo stak er in de hoes van de tweede plaat ‘The Third Reich ‘N’ Roll’ een brochure met als titel ‘Why Do The Residents Hate The Beatles?’, terwijl de bende in het echt naar ‘t schijnt grote fans zijn: lachen! Trouwens: was het een ondode George Harrison, die daar in de kruidtuin op een gitaar plingelde? Zorgde Primus-frontman Les Claypool voor die diepe bastonen? Frunnikte Devo’s Mark Mothersbaugh daar wirklich aan een synth? Wie zijn die gasten nu? Ooit heetten ze Randy, Chuck en Bob, daarna werden ze Randy, Rico and Bob, en tegenwoordig noemen ze zichzelf Tyrone, Eekie, Erkie, en Cha Cha: Kwik, Kwek, Kwak en Kwok waren niet meer beschikbaar. Whatever! Feit is dat The Residents nog altijd grappenmakers en kwajongens zijn, en daarom liever anoniem blijven. En wel waar is dat Homer Flynn tot nu de visuals voor zijn rekening neemt, en Hardy Fox de belangrijkste songschrijver was. Wás, want die man slaapt sinds vorig jaar helaas voor altijd en eeuwig.

Toch slaagde de band er in om het volstrekt unieke audio-universum dat (vooral) die twee bedachten weer tot leven te brengen. Althans, gedeeltelijk konden ze dat: het mag dan wel nooit de bedoeling geweest zijn om zich in oogballen en smokings te blijven verkleden, maar die vermomming wérkte, en werd iconisch. Vrijdagavond droegen drie bewoners een snavelmasker, witte bolhoed en blauw-wit geblokt pak. Frontman Tyrone leek op een gezonnebrilde os met bierbuik, en zo huppelde en wiebelde hij daar in het rond. Dat deed lichtjes surrealistisch en dreigend aan - we moesten wel eens denken aan de konijnen uit ‘Inland Empire’ van David Lynch - maar echt bedwelmend, overweldigend was de show niet. En dat is jammer, want de beelden stonden bij The Residents altijd op gelijke voet met de muziek. Ooit brachten ze op dezelfde plek wél een fantastisch totaalspektakel, maar toen waren ze nog in tuxedo’s rondwandelende pupillen. En toen spraken de dieren ook nog wel, want dat concert dateert van vijftien jaar geleden. Over beesten gesproken: symboliseert een os niet het slechte in de mens?

We hoorden horror, soms log, meestal donker en onwerelds. ‘Jelly Jack ( The Boneless Boy)’ klonk met die weeë synths eerst nogal gewoontjes, maar werd daarna warriger en griezeliger. ‘Ho ho ho I’m Jello Jack/ the jolly boneless boy/ I live inside a jar beside the rooster boy named Roy/ They pour me out upon a platform and the people stare/ At eyeballs in a pool of flesh surrounded by some hair’: wat een verhalenvertellers blijven Tyrone en co. toch!

Een geprojecteerde Moeder Theresa vertrouwde ons haar nachtmerrie over een treinramp toe, John Wayne wilde blijkbaar een ballerina zijn, Richard Nixon een blueszanger, en iets tussen IT en Pinhead droomde over een leven als cowboy. Griezelig! En grappig! Toch konden al die filmpjes niet verhinderen dat wij met de muziek niet helemaal mee waren. Wij willen niet mopperen hoor! Een band evolueert natuurlijk, maar Fox en- mogelijk-andere componisten, vezen en wrongen populaire Westerse muziek uit elkaar, en met wat ervan overbleef knutselden ze altijd zo lang totdat ze vreemde, maar boeiende, avontuurlijke artrock verkregen. Tijdens deze passage hoorden we die, jammer genoeg, te weinig. ‘It’s A Man’s World’ van James Brown en vooral Elvis Presley’s ‘Teddy Bear’ konden er op die eerste februaridag prima mee door, maar andere oude, en nieuwere nummers als ‘Baby Sister’, ‘Africa Tree’, ‘From The Plains to Mexico’, en ‘Train vs Elephant’ voelden zich minder comfortabel in hun kale, van nuances beroofde, en wat tragere versies. Deden De Bewoners het er om? A friendly neighbor is net het hoekje om, remember. Wat er ook van zij: in onze oren waren ze minder dynamisch, minder prikkelend dan op plaat. Pas op: niet alle songs waren zo! Toen Tyrone ons rapporteerde over de avonturen van een dwerg en Lassie, groovede ‘Micky- The Mumbling Midget’ wel, en het doomy en gloomy ‘The Black Behind’ joeg ons de stuipen op het lijf.

Voorman Tyrone verkocht ons ook een hele hoop - zonder twijfel intelligent bedachte - nonsens, en grauwde en grolde. De rest klopte en rikketikte de hele tijd op de trommels, trok zowel creepy als ijle en lagoureuze melodieën uit een keyboard, en deed een gitaar gillen en krijsen. Niksen deden ze dus zeker niet, maar het kwam allemaal wat onbezield over. Resultaat: negentig minuten redelijk doordeweekse experimentele rock, waar af en toe de gekte van Frank Zappa en Captain Beefheart in doorschermerde. Op het einde kregen we nog even Fox’ hoofd te zien: het ga je goed, en hopelijk raken je vrienden nog uit dit winterslaapje.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234