Tom Lanoye viert Walter van den Broeck: 'Broederschap der brieventikkers'

Op paasmaandag werd schrijver Walter van den Broeck 75, wat vorige donderdag uitgebreid gevierd werd in de Warande in Turnhout.

'Wij staan allemaal bij jou in het krijt'

Querido Walter,

Ik spreek je zo aan omdat ik me met veel plezier de openbare brieven herinner die jij in De Morgen schreef aan je broer. Querido hermano! ‘Beste broer’ in het Spaans, want hij woonde in Mexico. Toch? Je bent ook de auteur van het beroemdste briefboek uit de Vlaamse literatuur, ‘Brief aan Boudewijn’, gericht aan onze beminnelijk-trieste vorst van weleer. In dat lijvige meesterwerk drukte je monkelend de voetsporen van je vader, die zijn hele leven eindeloze epistels schreef naar allerlei hooggeplaatsten.



Vergeef me dus twee keer de beknoptheid van deze miniatuuréloge aan jouw adres, ter ere van je vijfenzeventigste verjaardag. Natuurlijk doet zo’n veredelde kattebel jou sowieso oneer aan. Jij was al een troonvolger en een stambewaarder van bij je debuut, jij werd de tuinier van oerklassieke groentes uit het Brechtiaanse Balen, jij hebt een oeuvre bijeengeschreven van heb ik jou daar, jij hebt zelfs nagenoeg in je eentje een socialistische partij en de voornoemde krant De Morgen behoed van de ondergang. De eerste met een petitie, de tweede met een spitsvondige inzamelingsactie: jij was al met crowdfunding bezig toen het woord nog niet bestond. Wie kan dat zeggen: ‘Ik heb een krant én een partij gered’?

Jij. Maar je zegt het zo weinig. Je hebt weinig kritiseerbare trekjes, maar je al te grote bescheidenheid is er één van. Laat het dan door mij geboekstaafd zijn, eens en voor altijd, luid en duidelijk, hier en nu: wij staan allemaal bij jou in het krijt.

Je brieven in De Morgen frappeerden me omdat ikzelf zo zelden naar mijn broers geschreven heb. Ze waren alle drie ouder dan ik. Tegenwoordig is er nog maar eentje in leven. Af en toe mailen of sms’en we elkaar. Maar na mijn tiende heb ik nooit meer echt geschreven naar een broer.

Toentertijd deed ik in hanenpoten en op anderhalf velletje hartstochtelijk verslag van mijn verblijf in de Ardennen, samen met een paar dozijn leeftijdgenoten, tijdens een groepsvakantie van de Christelijke Mutualiteiten, in het mythische plaatsje genaamd Amberloup. De bestemmeling was de broer naar wie ik het meest opkeek. ‘Onze lastigste, onze koppigste, onze sportiefste, onze populairste – buitenshuis dan toch.’ Ik citeer nu even, vergeef het me, uit een boek van mezelf.

Zijn naam was Guy, ik aanbad hem, maar hij schreef niet terug. Ik betwijfelde na mijn terugkeer zelfs of hij mijn brief wel gelezen had. Dat haalde mijn enthousiasme voor het genre zodanig onderuit dat ik het daarna nog amper heb beoefend. Jong verleerd is oud bestendigd.

De liefde voor mijn broer bleef langer overeind. Toen hij trouwde en naar Turnhout verhuisde, was ik één van de weinige familieleden die hem geregeld bezocht. Dat ik als prille tiener ook de rol van babysitter kon vervullen, was daar niet vreemd aan.

Al wandelend leerde ik jouw thuisstad kennen, terwijl ik een schommelende kinderwagen voor me uit duwde. Eerst met neef Ben, later met nichtje Eef erin. Mag ik eerlijk zijn? Veel opzienbarends bespeurde ik niet. Jouw thuishaven was een soort Sint-Niklaas met een veel kleinere markt en met een ander, nog lelijker dialect. Ik wist toen al dat mijn broer in zijn uitgebreide vriendenkring een beroemde schrijver telde – jij. Hij schreef zelfs, als ik me goed herinner, een paar keer sportverslagjes voor de lokale krant waarvoor jij werkte. Maar het was in zijn hoedanigheid als fuifbeest en sfeermaker dat je hem het vaakst zult hebben meegemaakt. Jullie noemden hem Chico, zo begreep ik na zijn plotse dood in december 1980. Vanwege zijn zwarte haardos, zijn borstelsnor en zijn Mexicaanse, gezette lichaamsbouw. ‘Chico.’ Was dat een vondst van jou, Walter? Jij met je kwartje Midden-Amerikaans bloed, en met een broer die ginds verblijft?

In mijn drie autobiografische boeken speelt Chico een grote rol. Weinigen weten echter dat hij ook in een vierde letterkundig werk een sleutelrol vervult. Jouw roman ‘De beiaard en de dove man’, gebaseerd op feiten uit je leven.

Jij zit daags vóór kerstdag met jouw nukkige vader te wachten in Café De Beiaard op de Grote Markt. Gezellig is de sfeer niet. Na veel gesmeek en gepalaver heeft je verwekker zich laten overtuigen om een test te doen met een gehoorapparaat – jij verdenkt hem al jaren van een Oost-Indische aandoening, hij bezweert jou al jaren het tegendeel. Vandaag is de dag des oordeels. Maar de gehoortechnicus, die vlak over de grens in een audiologisch centrum werkt, komt maar niet opdagen in De Beiaard.

Uren passeren. Jij krijgt steeds meer mot met je ouwe. Uit een serie flashbacks blijkt dat jullie verstandhouding altijd al onder druk stond. Ten slotte wordt duidelijk waarom de technicus niet opduikt. Hij is die nacht ‘aan het stuur van zijn Honda Civic in slaap gestommeld, van de weg af gesukkeld en tegen een boom geknald – nek gebroken, over en uit’. Dit is opnieuw een citaat uit een boek van mij. Want die technicus was mijn broer.

Uit jouw boek weet ik dat hij, notoir charmeur en rokkenjager, De Beiaard altijd binnenkwam met dezelfde kreet. ‘Looking good, man!’ Ik zie dat zo voor me. Helemaal Chico, helemaal Guy. Hoe verbaasd zou hij geweest zijn als hem verteld was dat hij ooit in vier romans een belangwekkend personage zou vormen?

Mijn ouders die een zoon verliezen, en jij die daardoor de band met jouw vader definitief niet kunt herstellen… Mijn moeder die haar taal verliest, jouw vader die beweert jouw taal niet meer te verstaan… En allebei, die vader en die moeder, waren ze bedeeld met een overmatig talent voor drama en een lastig karakter, die jou en mij gemaakt hebben tot wie en wat we zijn… Ik ken weinig schrijversduo’s die op zo’n bizarre wijze zijn verbonden. Hoe honoreren we dat, Walter?

Er is maar één mogelijkheid. We hadden er al veel eerder voor moeten kiezen. Mag ik jou adopteren als broer? En jij mij? En krijg ik dan, als zus, ook jouw eeuwige zon genaamd Eliane erbij? Ja? Merci dan, querido hermano! Stel het goed en blijf ons schrijven. Frankeren hoeft niet. De boodschap vindt zijn weg wel. Linea recta naar ons hart.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234