Tom Lanoye: 'Wat is dat toch met ons, dat we die algehele besparingshypnose zomaar blijven accepteren?'

BRANDBRIEF AAN MIJN JONGERE ZELF (1)

Je bent 20 en veroordeeld om in dit Vlaanderen artiest te willen worden. Klein en driftig, bebrild en 20 kilo lichter dan ik. De kunstenaar als jonge hond: hij wil dat de hele wereld naar hem luistert, maar ook dat niemand zich met hem bemoeit.

Mag ik je niettemin een goede raad geven? De hele wereld zal zich binnenkort bemoeien met jou. Wees er klaar voor. Eis met alle middelen een minimum aan middelen op. Ze komen jou toe, zeker op jouw leeftijd. Het is een belegging in jou, geen gunst aan jou. Laat niemand je dat verschil ooit uit het hoofd praten. Ook al zijn de treitertrollen met velen, en ook al hullen ze zich in een kostuum van goed beheer en nog beter fatsoen. Ga tegen hen in of je wordt onder de voet gelopen.

De afgelopen week vormde daar weer een prangend voorbeeld van. De nieuwe Vlaamse regering stelde haar cultuurbeleid voor. De enige boodschap aan wat ooit jouw sector zal worden was: hakken maar. In plaats van eindelijk, na meer dan tien jaar afknijpen en wurgen, voluit te investeren.

Dat was mij en jouw andere voorgangers nochtans beloofd, ook al tien jaar lang. Als zoethoudertje, blijkt nu. En als tactiek. Want als er nu pas, rijkelijk laat, luidop wordt tegengesputterd, kan dat des te vlotter worden weggezet als lichtgeraakt, misplaatst, ondankbaar, zelfingenomen en wereldvreemd. Volksvreemd. Vreemd tout court.

Dat wordt ook jouw toekomst, vergis je niet. Je zal levenslang worden gebombardeerd tot een verdachte mentale vluchteling binnen het Eigen Volk, zeker door de zeloten van dat Eigen Volk. Je mag nog zoveel publieken opbouwen en lezingen geven en boeken en toegangstickets en verfilmingen aan de man brengen, je mag zelfs optreden met La Esterella op de Groenplaats en je mag al decennialang riant je eigen bonen kunnen doppen – het bruine deel van de buitenwacht zal jou blijvend opvoeren als een elitaire, roofzuchtige lul. Zo kan men jou het snelst castreren als je kritiek durft te leveren in plaats van zogenaamd onschuldig vertier. Zeker als het gaat over dat walmende Vlaanderen van ons. Ze geven jou twee opties. Zwijmelen of zwijgen. Zo luidt ook de nadrukkelijke aanbeveling van ons nieuwe bestuur. Met de onuitgesproken dreiging dat het negeren van de aanbeveling consequenties kan hebben op het hele veld. Een zoethoudertje is dat alweer niet. Het is afpersing. Maar heb niet het lef er ooit voor te capituleren. Blijf je mond opentrekken. Alleen een echt elitaire lul houdt en plein public zijn bek.

Deze keer wordt er procentueel het meest gesneden in kansen voor nieuwelingen, en dus in de beschamend schamele pot ‘projectsubsidies’. Zo heten de lapmiddelen die zijn overgebleven na alle vroegere belabberde beleidsplannen zonder visie of ballen. Elk beleid in onze contreien lijkt onvermijdelijk uit te lopen op een slepende ziekte. Zie: de betonstop, zie: de bedrijfswagens. Maar in die dossiers trokken de betrokken regeringen razendsnel hun kak weer in. Bij jou en het handvol beloftes om je heen doen ze dat niet. Integendeel. Jullie steken nog maar net je ambitieuze neus aan het venster en hij wordt er al afgehakt.

‘Sorry, maar deze bewering klopt niet,’ vatte minister van Cultuur Jan Jambon zijn verdediging samen in de bevoegde commissie. ‘Er wordt van niemand iets afgepakt dat hij al gekregen zou hebben en álle sectoren moeten nu eenmaal besparen.’ Kous af, leek hij te bedoelen.

Echt waar?

Wat is dat toch met ons – wij burgers altegader? Dat we die algehele besparingshypnose zomaar blijven accepteren? Als natuurwet, als oekaze, als colle-tout tegen iedere vorm van oppositie? ‘Er ís gewoon geen geld, mensen!’ Tja… Dat komt ervan als je nooit durft te praten over een vermogensbelasting, of over een faire taks voor de multinationale mastodonten op ons grondgebied. Maar zelfs voor de rest klopt het riedeltje niet. Niet alle sectoren moeten besparen en onze politieke klieken trekken daarbij zelf het voortouw.

Onze provincies zijn nog altijd niet volledig afgeschaft, zoals nochtans beloofd, en onze Senaat ook niet, zoals nochtans beloofd, en ministerieel personeel blijft nog altijd maandenlang te lang in dienst na het beëindigen van de ministeriële post – iets wat alle betrokkenen betreuren, zonder er iets aan te veranderen… Hoe noem je dat alles? Cliëntelisme binnenshuis? Dienstbetoon bínnen de politiek?

De gevolgen zijn navenant. De huidige Senaat dient alleen nog om gebuisde partijmongolen herop te vissen. Samen met hun afdrachten aan de spaarpot van de eigen partij. De afgelopen tien jaar is de kinderarmoede verdubbeld, hetzelfde geldt voor de oorlogskassen van alle politieke hoofdkwartieren. Op zich zegt dat al genoeg, over krachtsverhoudingen en schijnheiligheden.

Maar beloof me dat jij je nooit zult laten wijsmaken dat die armoede ook jóúw schuld zou zijn. Omdat je het aandurft een even gulle start-up te verwachten als je leeftijdgenoten die beginnen in de bouw of in een informaticabedrijf. Jullie zijn die steun alle drie evenveel waard. Maar alleen jegens jou, aspirant-artiest, zal men het meewarige toontje aanslaan dat men doorgaans reserveert voor kleuters en kinds geworden bejaarden. ‘Artiesten? Amateurs, nooit ondernemers!’ Men vindt jou bijna genetisch onbekwaam om professioneel te kúnnen handelen, omdat je de waarde van geld niet zou kennen.

Jij! Jij die dagelijks elke frank in tweeën bijt en die bij vrienden binnenvalt tegen etenstijd, om kosten te sparen! Jij die werkt als garçon en rekkenvuller om tijd te kunnen kopen om eindelijk die roman en dat toneelstuk te schrijven, vóór je 30ste… Uitgerekend jij zou de waarde van geld niet kennen?

Dat suggereren nochtans regeringen zoals deze, die de vorige coalitie naadloos voortzet. Een coalitie die vlak voor de verkiezingen pochte dat ze op haar begroting een miljard euro op overschot had. Na de verkiezingen kwam er een put van 600 miljoen aan het licht. In de kering is dat anderhalf miljard. Dat is – ga even zitten – meer dan drie keer ons godganse kunstenbudget. Daar hadden die knakkers zich domweg op verkeken, ten behoeve van hun rooskleurige verkiezingscampagnes.

Anderhalf miljard. Op een begroting van 46 à 47 miljard. Dat lijkt me geen peulschil. Eén maandbeurs voor auteurs bedraagt hoeveel ook alweer – 2.000, 3.000 euro? Ik zou het niet weten, ik vraag ze al een eeuwigheid niet meer aan. Maar ik weet wel dit: als een dansgezelschap vijf potloden en een riem papier niet kan verantwoorden in de balansen, krijgt het een negatieve beoordeling. Gebeurt dat drie keer, dan riskeert het te worden opgedoekt.

Voor regeringen liggen die zaken anders. Jan Jambon, minister van Cultuur en Facilitair Management – no kidding – besloot de woelige commissievergadering met een plots uitgestoken hand. De culturele sector, waarmee hij vooraf geen seconde had overlegd, werd uitgenodigd om zelf te bepalen waar de besparingen mochten toeslaan. Als ze maar gebeurden binnen de krijtlijnen die hij verder voor geen meter wilde onderhandelen.

Moeten wij ingaan op die vraag? Ze lijkt op de keuze tussen jezelf in het kruis mogen schieten of die klus overlaten aan iemand anders. En er zijn nog andere voetangels en schietgeweren in het spel. Welke precies, dat probeer ik je volgende week graag uit te leggen.

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle verhalen van de Humo rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234