null Beeld

Tv-review: 'Belpop: Hooverphonic' op Canvas

Er viel, ook voor de eerder koele minnaar van de Belgische poparcheologie, weinig nieuws te leren tijdens de Hooverphonic-aflevering van ‘Belpop’. Alles wat erin gezegd werd, had ik al meermaals gelezen, zodat alleen de bijhorende beelden mijn nieuwsgierigheid konden bevredigen.

Die beelden stelden evenwel niet teleur: zeker tijdens de eerste helft van de aflevering kwam er een warme gloed van afgestraald. Die van de ambitie der jonge mannen, die opborrelend talent koppelden aan perfectionisme (‘Dat was mijn doel, en ik ging er récht op af’), de verbeten weigering om voor amateurs versleten te worden, en een gedeelde fascinatie voor Pierre Henry, de Franse componist van concrete muziek.

De weg naar de top ging bij Hooverphonic gepaard met een soort joligheid die we tot voor kort eerder zelden met Alex Callier in verband hadden gebracht. Met een gewiekste montage kan naar verluidt alles bewezen worden, maar toch: ik heb tijdens het kijken meermaals gedacht: ‘Daar had ik precies bij willen zijn.’ Uit de beelden bleek af en toe dat Callier zich zélf niet meer zo goed herinnerde hoe één en ander exact in zijn werk was gegaan. ‘Ik zal nooit vergeten hoe Geike daar stond, op haar allereerste auditie, in haar salopette.’ Dat de krakende VHS-beelden daarop een Geike in soepjurk toonden, nam ons in voor de programmamakers, en vooral ook vanwege de beslissing om daarover geen extra grap in de voiceover te stoppen.

‘Ik ken geen enkele band die zo veel zangeressen heeft gehad,’ lachte de zijdelings betrokken Luc Van Acker ergens. Dat is bekende stof, maar mooi was de vergelijkende studie die je in ‘Belpop’ kreeg van de karakters van de verschillende frontvrouwen. Vooral van de eerste drie, wier ervaringen in de loop der jaren minder goed gedocumenteerd werd dan die van Geike Arnaert en, recenter, Noémie Wolfs.

Esther Lybeert, Liesje Sadonius en Kyoko Baertsoen: je zag ze – ouder en wijzer – drie maal vrolijk hun best doen het achterste van hun tong bedekt te laten. Er kon wél iets af over de hoge verwachtingen die destijds hun richting uit waren gekomen. Lybeert: ‘Ik herinner mij vooral dat men mij heel vaak zei: ‘Niet te veel bewegen op het podium, Esther. Níét te veel bewegen!’ Sadonius: 'Ik had het gevoel dat ik mijn autonomie verloor.’ En Baertsoen: ‘Al heel snel had ik door dat ze mij wilden modelleren naar Lies, de vorige. Hadden ze gekund, ze hadden mij geboetseerd. En achteraf bekeken was het mogelijk ook geen goed idee om een koppeltje te vormen met Alex.’ Volgens Callier viel dat laatste gemakkelijk samen te vatten als: ‘Don’t shit on your doorstep.’

Mede-oprichter en eertijds toetsenist Frank Duchêne zegt ergens dat hij de aanstelling van Geike Arnaert, nummer vier, destijds als een lakmoesproef ervoer: ‘Als deze het ook al na een halfjaar was afgetrapt, konden we stilaan besluiten dat het klopte wat iedereen vermoedde: dan waren we inderdaad onuitstaanbaar arrogant.’ Geike bleef meer dan tien jaar, dus dat viel mee. Wie goed oplette, kreeg doorheen de aflevering bovendien mee hoe de haardracht van Callier net zo wisselend van aard was als de groepsbezetting. Aan de details herkent men een bovengemiddeld te genieten ‘Belpop’-aflevering.

De geschiedenis van Hooverphonic was er één van flexibiliteit. Was de groep bijvoorbeeld onderkoelde triphop blijven maken, dan was hij – ook al stipte Raymond Geerts ergens aan dat debuut ‘A New Stereophonic Sound Spectacular’ een fantastische plaat was, op een manier die deed vermoeden dat het ook voor hem een moeilijk te evenaren hoogtepunt was geweest – al tegen het jaar 2000 ontbonden. Flexibiliteit zat ook in de manier waarop, als de muziekindustrie niet in de groep geïnteresseerd was, ze die interesse zelf gingen oppoken. Zoals toen een tros Amerikaanse en Britse platenbazen naar, of all places, Willebroek gesommeerd werd – voor een soort auditie-de-luxe. ‘You know where Willebroek is? Pff, find it, man.’ En ze zat in de mentale weerbaarheid die getoond werd als er weer eens te veel geld buitenging en te weinig binnenkwam.

Hooverphonic is muzikaal niet noodzakelijk geëvolueerd in de richting waar wij mogelijk ooit op gehoopt hadden – zoals vader Callier kleuren we ‘Eden’ en de periode eromheen in als hoogtepunt. Maar de visie van Callier en Geerts, hun ondernemersschap, de behendigheid waarmee ze hun eigenzinnigheid hebben weten om te bouwen tot iets wat men doorheen de jaren als mainstream is gaan beschouwen, hun goede oren en hun scherpe blik: daarvoor mogen ze tot in lengte van dagen geprezen worden.

Het emotionele zwaartepunt van de aflevering bevond zich ergens op het einde, toen Alex op het podium, tijdens het allerlaatste concert van Hooverphonic-met-Geike, met mooie woorden en knarsende tegenzin afscheid nam van zijn geliefkoosde diva. Eén en ander speelde zich af in Siberië, maar dat was niet waar dat staalharde kippenvel vandaan kwam.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234