Tv-review: het vijfde seizoen van 'Prison Break' op Q2

Wie we daar hebben: Michael Scofield! De man met het getatoeëerde lijf duikt zeven jaar na het vorige ‘Prison Break’-seizoen weer op voor zijn comeback. Een echte – hi-hi-ha-hoe – breakout hit is dat jammer genoeg wel niet geworden.

Comebacks zijn het snoepje van de dag in het hedendaagse tv-landschap. Het mag nog zo obscuur zijn, als het tijdens een korte poos populair was tijdens de jaren 80, 90 of nul, dan vindt één of andere Netflix wel een excuus om er x jaar na datum een vervolg aan te breien. Zo kregen we de afgelopen jaren voorgeschoteld: ‘Fuller House’, ’24: Legacy’, ‘Girl Meets World’, ‘Gilmore Girls’, ‘Heroes Reborn’, ‘The X Files’, ‘Twin Peaks’ en zelfs ‘Dallas’. Maar of daar, met de uitzondering van het geflipte ‘Twin Peaks’, al daadwerkelijk iets is uitgekomen dat de moeite is? Not really. En ‘Prison Break’ zal die trend niet breken.

Het verhaal begint wanneer T-Bag (Robert Knepper), de zich in een vrolijke Texas drawl uitdrukkende sociopaat, bij zijn vrijlating uit de gevangenis een brief krijgt met daarin een foto van de al zeven jaar dood gewaande Michael Scofield (Wentworth Miller). T-Bag trekt ermee naar Michaels broer Lincoln (Dominic Purcell), die meteen Michaels doodskist opgraaft en ontdekt dat hij nog leeft. Straffer nog: Michael blijkt – het is sterker dan hemzelf – alweer in de gevangenis te zitten, in het Midden-Oosten nog wel. Lincoln speurt na wáár precies en trekt samen met oude kompaan C-Note (Rockmond Dunbar) naar Jemen om het boeltje te gaan uitpluizen.

Op het thuisfront gebeurt er ook wel wat: Michaels vrouw Sara (Sarah Wayne Callies) is intussen hertrouwd met een geschikte peer, en samen hebben ze Michaels zoon Mike opgevoed. Alleen: van zodra Lincoln de brief met Michaels foto onder ogen heeft gekregen, wordt iedereen het doelwit van een schimmige (en hilarisch incompetente) huurmoordenaarsorganisatie. Lincoln en Sara overleven allebei een aanslag, en intussen heeft een onbekende het om vooralsnog onduidelijke redenen geregeld dat T-Bag een hoogtechnologisch prothesehand krijgt aangemeten. Bekende koppen duiken op en warrige plotdraden worden her en der te grabbel gelegd.

Ik heb zelden een serie gezien die bij het hollen van plotpunt naar plotpunt harder over z’n eigen voeten struikelt dan ‘Prison Break’ in deze eerste twee afleveringen. Scènes die volgens alle reguliere tv-wetten vijf minuten in beslag zouden moeten nemen, worden hier afgehaspeld op dertig in MTV-videoclipstijl gemonteerde seconden. Dialogen zijn geen gesprekken maar plotsamenvattingen; de personages lijden allemaal aan het syndroom van Ik Zal Hier Eens Rap Een Monoloog Geven Over Waar Ik De Laatste Zeven Jaar Allemaal Mee Bezig Ben Geweest. En de beslissingen die worden genomen zijn nu eens totaal onlogisch (waarom mag Sucre niet mee naar Jemen, Lincoln?), en dan weer randje klootzakkerig. Waarom o waarom drukt Michael zich alleen in cryptische raadsels uit tegen de geliefden die hij in geen zeven jaar gezien heeft? ‘Vind de sjeik van het licht en ik zal vrij zijn.’ Begin toch eerst even met hallo, Michael!

De toon hobbelt net als de plot naar alle kanten tegelijk. Het was een grote vergissing om de actie te laten doorgaan in het Midden-Oosten, waar ISIS (hier aangeduid met de alternatieve benaming ISIL) op het punt staat om het boeltje over te nemen. Hier mikt ‘Prison Break’ op de politieke gravitas van ‘Homeland’. Alleen: ‘Prison Break’ hééft niet de politieke gravitas van ‘Homeland’ – het raast liever met de subtiliteit van ‘Rambo III’ door z’n agendapunten. Wanneer C-Note en Lincoln een legertje moslimextremisten in elkaar hebben gemept, vieren ze dat met de geweldige oneliner: ‘Groetjes van het Amerikaanse gevangenissysteem, bitches!’ Wat op zich natuurlijk óók wel iets heeft.

Nog meer topquotes, hoor. Wanneer Sara aan haar zoon (een horreur van een kindacteurtje) uitlegt wat voor iemand zijn vader was, legt ze dat zo uit: ‘Michael Scofield is als een storm. En stormen kunnen altijd terugkeren. Je weet alleen niet of het dezelfde storm zal zijn.’ Misschien heet Michael Scofield nu wel Irma! Of misschien is het voor Sarah toch beter om vóór vier uur van de rode wijn te blijven. Haar innerlijke conflict – wat doet ze als de man van haar dromen weer opduikt nu ze getrouwd is met een ander? – werd visueel gezien trouwens op prachtige wijze uitgebeeld: ze is een filmpje van Michael aan het bekijken terwijl haar man haar opbelt en de gezichten van haar twee beaus plotseling naast elkaar op haar iPhone-schermpje prijken. De poëzie! Nu ik toch bezig ben: één personage bediende zich van het onsterfelijke tv-seriezinnetje: ‘Misschien vertel ik het je ooit wel eens.’ Strontvervelend moet dat zijn, als iemand zoiets in je gezicht gooit tijdens een échte conversatie. ‘Ik was net bijna dood, jongen, spetterend verhaal! Misschien vertel ik het je ooit wel eens.’

Als ik mijn kleurrijkste positivohoedje opzet, dan zou het weleens kunnen dat het hierna beter wordt: alle stukjes zijn in positie gezet en het eigenlijke verhaal van seizoen vijf (de ontsnapping uit Jemen en het mysterie van Michaels verdwijning zeven jaar geleden) kan beginnen. Zo niet, dan valt hier nog altijd van te genieten als de clunky B-pulp die het is. Sáái is het in elk geval niet.


Quote

Michael schrijft voor het eerst naar zijn 7-jarige zoontje, dat hij nog nooit heeft ontmoet: 'Rep je naar veiligheid. Er komt een storm aan.' Wat een pappie! En ook wel: Michael is Irma, theorie 100% confirmed.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234