null Beeld

TV-review: Mijn Restaurant!

Dwarskijker bekijkt voor u het tv-seizoen, zo hoeft u dat niet meer te doen. Of misschien wél? Deze keer voor u besproken: 'Mijn Restaurant!' op vtm.

De zomer loopt op zijn eind want het middenstandsexamen 'Mijn restaurant!' is terug. Ik heb ooit ervaren dat dit programma verslavend is, maar vorig seizoen dacht ik toch dat het stilaan welletjes was geweest, en dat er vast wel interessantere verslavingen bestaan voor een nagenoeg lieve jongen als ik, die in zijn kindertijd al gefascineerd was door de opiumkit in 'De blauwe lotus' van Kuifje.

Ik baalde vorig jaar al flink van de doorgeschoten media-aandacht voor keukenpieten, gastronomie en sterrenrestaurants, een belangstellingsveld dat ik nog het liefst in z'n geheel aan het in eigen gelei achteroverleunende nieuwe burgerdom overlaat, aan de ietwat paffe vlagvoerders van de Nieuwe Gezapigheid, naar wier uitdijende kont de stoelzittingen van BMW gemodelleerd zijn.

Nu weet ik ook wel dat culinaria alleen maar een voorwendsel zijn in 'Mijn restaurant!'. Dit programma draait zoals alle reality om conflictstof en botsende, meestal diep in de provincie gevormde karakters. Het draait uiteindelijk meer om gegooi met potten en pannen dan om de eventuele inhoud van zulk keukengerei.

En het is ook een irritant lange promotiespot voor de uitgelezen connaisseurs die deel uitmaken van de jury. Daar zetelen wel eens lui in die zonder media-aandacht ook al onnatuurlijk veel van zichzelf lijken te houden. Peter Goossens, de Heerser van Kruishoutem en omliggende raapvelden, is er dit keer niet meer bij, en zijn echoput Dirk De Prins, de Laatste Staartdrager, ook niet.

Ook Christel Cabanier, een squaw genaamd Kriepende Staldeur, zal ik dit jaar moeten missen, wat mij niet belet om haar langs deze weg een goede stoelgang toe te wensen, levenslang. Mijn moeder zei het al: 'Je kúnt een groot humanist zijn als je maar wilt.' En ze mikte speels een brandende sigarettenpeuk (Gitanes sans filtre) naar mijn hoofd. Mama.

De nieuwe jury kreeg in de eerste twee afleveringen van 'Mijn restaurant!' haast meer aandacht dan de kandidaten.

Vittorio Simoni, een toparchitect, trok een krampachtige topvergelijking tussen topgastronomie en toparchitectuur, waarover topgeleerden zich nog lang zullen buigen. Waarna ze zich met een beetje geluk zullen afvragen of ze werkelijk niets anders te doen hebben aan de top.

Aline Julia - mag ik puur voor mijn plezier Julia zeggen? - is een topmarketingexperte, die ondanks haar topprofessie in de neoliberale samenleving net iets te nadrukkelijk naar wereldverbetering met een groene schijn neigde: ze is het type dat, ook al staat ze aan de top, vermoedelijk zelfs aan de toptop, met een vegetarische vouwfiets het gangpad van forensentreinen naar de hoofdstad belemmert. Eén van die forensen ben ik, maar ik wens liever anoniem te blijven.

Willem Asaert, die we ons heel misschien nog herinneren van de vorige topserie van 'Mijn restaurant!', is een culinair toprecensent, die het ter lering en vermaak onder andere over de nervositeit van de gerechten van de topchef Roger Souvereyns had: die krengen blijven verdomme niet stilliggen op je bord, ze zitten vol leven - akkoord, 't is aardig om te zien, maar je wordt er zelf ook wel een beetje nerveus van, terwijl je toch een rustige avond had voorzien.

Aan Amber en Elodie, twee piepjonge deelneemsters die nog veel slaap nodig hadden, vroeg Asaert of ze wisten dat sommige topchefs maar twaalf uur per week sliepen. 'Per week!' Wat een topberoep!

Yves Desmet, de tophoofdartikelschrijver van De Selectieheer, een krant die vroeger anders heette, onthulde dat hij een welhaast professioneel levensgenieter was - werkuren zijn daarbij geen bezwaar. 't Is gek, maar als ik de jongste tijd per ongeluk aan De Selectieheer denk, met zijn 'internationale reputatie', een renommee die ongetwijfeld aan grensoverschrijdende reclamekreten als 'Zweet aan onze inkt' te danken is, of toch aan het feit dat je die krant als abonnee kunt laten opsturen naar je vakantieadres aan de Costa Brava of erger.

Maar goed, als ik geheel per ongeluk, en wellicht zelfs bij vergissing, aan De Selectieheer denk, dan waait er mij spontaan een keukenterm tegemoet, altijd weer dezelfde: lawaaisoep. Ook toevallig dat Yves, in de beste tijd van mijn leven een gewaardeerd collega van mij bij Humo, uitgerekend nu voor jurylid in 'Mijn restaurant!' speelt.

Hij drong aan op passie in de keuken. Laat uitgerekend 'passie' nu een door marketeers, reclamejongens, koppenmaaksters bij Flair en ontwerpers van doorzichtige onderbroeken uitgekauwd begrip zijn, dat ongeveer dezelfde waarde heeft als 'sokophouder' of 'vulhaard' of 'antimakassar', behalve dan in de titel van dat werkje van Bach.

Vanzelfsprekend kon Yves weldra ongehinderd het voortouw nemen in de jury - 'passie' opent vele deuren in die kringen, en het duurde niet lang of hij schopte het tot woordvoerder, en eigenlijk ook tot feitelijk voorzitter. Hij was zo vaak mogelijk aan het woord, uiteraard op de steile kennerstoon die eigen is aan De Selectieheer, tenzij rode topwijn hem even soezerig maakte.

Zal ik het in de gauwigheid ook nog even over het deelnemersveld hebben? 't Was weer pure typecasting: er zat een opgewonden standje bij, Sofie uit Ninove, die, omdat haar schildklier iets te bedrijvig was, meteen van charisma en een sterke persoonlijkheid werd verdacht. En dan had je ook nog Eef en Michaël, een West-Vlaams stel dat, als we Turken en Marokkanen even buiten beschouwing laten, een populair vooroordeel moest verbeelden: dat West-Vlamingen uitslovers en geldwolven zijn.

Daar slaagden die twee overigens wonderwel in: ze hadden al een groente- en fruitzaak, en een indoorspeeltuin, en nu droomden ze ook nog van een restaurant: all in a day's work. Alleen onbevoegden uit andere provincies denken dat zoiets typisch West-Vlaams is. Ik ken overigens ook West-Vlamingen die veel luier zijn dan negers, ik ken godbetert zelfs West-Vlaamse negers. Zijn er dan helemaal geen waarden meer? In ieder geval heeft dit programma zondebokken als Eef en Michaël nodig. Ze staan, nog voor ze geselecteerd zijn, al in het scenario.

't Zou goed zijn mocht 'Telefacts' even natrekken wat er tot nog toe van de laureaten van 'Mijn restaurant!' is geworden. Ik hoor Elke Pattyn heel graag het adjectief 'schrijnend' gebruiken.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234