TV-review: Superfans

Dwarskijker bekijkt voor u het tv-seizoen, zo hoeft u dat niet meer te doen. Of misschien wél? Deze keer voor u besproken: 'Superfans' op VT4.

Is de mens van nature meer tot het goede dan tot het kwade geneigd? Al sla je me dood. Ik zie 's mensen kuren en streken in het voorbijgaan aan, ik registreer ze en loop op een drafje door, en daarbij ben ik altijd mijn eigen beste proefpersoon.

En ik merk ondertussen dat schande spreken me niet goed afgaat. Ik zal dan ook niet zo gauw een ingezonden stuk aangaande 'Superfans' in een kwijnende krant laten afdrukken: zo’n j’accuse dat gillerig is van verontwaardiging.

Wie naar 'Superfans' begint te kijken, moet volgens mij al over bovenmenselijke karaktersterkte beschikken om weg te zappen, ook al floepen er in mijn moreel besef vrijwel meteen een stuk of wat waarschuwingslichtjes aan. Ik blijk ze evenwel te kunnen negeren.

Laatst werd ik in 'Superfans' heel hevig ene Frans gewaar, die zich in het West-Vlaams verstaanbaar maakte, weer of geen weer. Hij verkeerde met inzet van lijf en leden in de waan dat hij Eddy Merckx was, toevallig de laatste wielrenner die ik hartstochtelijk bewonderd heb.

Na zijn gloriejaren was mijn kindertijd voorbij, maar God nog aan toe, daar gáát het nu even niet om: ik moet het over Frans hebben en over Eddy Merckx die Frans in een droom was verschenen – dat zo’n internationale rijwielfabrikant daar nog de tijd voor neemt, kun je op z’n minst aardig noemen.

In die droom had Eddy Merckx Frans de niet mis te verstane opdracht gegeven voortaan ook Eddy Merckx te zijn, in goede en in slechte tijden: zijn plaatsvervanger op aarde, of hoe zal ik zo’n supplementaire Eddy noemen?

En reken maar, dat was niet aan dovemansoren gezegd: Frans werd in toenemende mate Eddy Merckx, en we zagen die mate tijdens deze aflevering van 'Superfans' nóg toenemen, alsof de duvel ermee gemoeid was, of toch een doortrapte cameraploeg van vergelijkbare signatuur.

'Eddy is voor mij God,' sprak Frans in volle ernst, en voor de volledigheid voegde hij daaraan toe: 'Hij is méér dan God.' Daar had God niet van terug. Tot zijn verbazing stelde Frans ook vast dat hij fysiek steeds meer op Eddy Merckx ging lijken.

Tot in zijn taalgebruik toe schemerde de grote kampioen door: 'Ik spreek nu... euh... met de euh,' luidde het. Frans voelde ook dat hij meer kracht had als hij - gekleed in het wielershirtje van Molteni - in Eddy veranderde, en zich op rollen de longen uit het lijf racete terwijl hij vanuit zijn ooghoek een dvd bekeek waarop de jonge Eddy Merckx in een wielershirtje van Molteni precies hetzelfde deed. 'Als Frans kan ik dat allemaal niet,' klonk het. Ik kon niet wegkijken. Superfrans is Eddy.

's Ochtends dronk Frans, naar het voorbeeld van Eddy Merckx, een glas Rodenbach met een rauw ei er doorheen geklutst: het ontbijt van de kampioenen. Zijn huisgenoten, zijn echtgenote en hun twee dochters, keken stilzwijgend toe. Een tikje mismoedig zei die vrouw dat ze destijds met Fráns was getrouwd, en niet met Eddy Merckx.

Ze leek heimwee naar die bewuste Frans te hebben, een verdwaalde reiziger. Zijn dochters, twee schoolmeisjes, namen het voor hem op: er was niets mis met hun vader. Dat hij in het dorp wel eens beschimpt werd, of nageroepen, vonden ze pijnlijk en onrechtvaardig. Zoiets verdiende hij niet.

't Was een pakkende scène, en niet alleen wegens de loyauteit van die meiden, maar wat jammer, en hoe wreed ook, dat dit tafereel geen fictie was. Ik had het anders wel willen verzinnen in de beste der werelden. Maar het was godverdomme geen fictie.

Ik was opgelucht dat ik even later iets meer vrijelijk kon lachen om Marie-Christine (57) die aan Gary Hagger verknocht was, en niet zou rusten vooraleer ze haar oude moeder (83) tot dat krachtig zingende embonpoint had bekeerd. De moeder noemde het idool van haar dochter systematisch Harry Gagger, wat zeer op de zenuwen van Marie-Christine werkte: ''t Is niet Harry Gagger, maar Gary Hagger,' snibde ze haar moesje toe, wellicht voor de zoveelste keer, en met de urgentie van iemand die op het punt stond haar geduld te verliezen en niet instond voor de gevolgen daarvan.

Maar nog meer ergerde ze zich aan mensen – non-valeurs, eigenlijk – die het onbeschaamd over Harry Hagger durven te hebben – je kunt ze zo gek niet bedenken, maar ze bestáán! 'Daar kan ik me zó over opwinden!' wond ze zich op. 'Harry Hagger. Hoor dat eens aan: zo boers!’ Het is me allang duidelijk dat gewilde humor niet tegen onvrijwillige humor op kan.

De commentaarstem van dit programma klinkt in alle omstandigheden monter: Frans/Eddy is zo te horen een al even lichtvoetig en onschuldig onderwerpje als Marie-Christine en de correcte uitspraak van Gary Hagger in crisistijd. Het is dan ook alsof die commentaarstem iets te verbergen heeft.

Om erachter te komen wát, zou het goed zijn mocht er een meedogenloze, alles onthullende documentaire gedraaid worden over de makers van 'Superfans', hun listen en lagen, en hun wellicht al even navrante normen en waarden.

Met zo’n documentaire zou je binnen afzienbare tijd het nieuwe, van zichzelf verloste VT4 feestelijk kunnen inluiden. Eventueel. Mocht er tegen die tijd nog iets te vieren vallen. Paul De Grauwe, die niet bekendstaat als gangmaker van feesten en partijen, vreest preventief van niet.

Bekijk een filmpje:

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234