null Beeld

Tweedy - Sukierae

Wilco,’ zit ik de hele tijd te denken, maar het is Wilco niet, het is Tweedy. Vader en zoon, Jeff en Spencer. Dat was de spil, met wat vrienden erbij. De songs op ‘Sukierae’ klinken bijna stuk voor stuk alsof vader Jeff ze ter plekke verzint. In een handvol gevallen is daar niks mis mee.

De anderhalve minuut die opener ‘Don’t Let Me Be So Understood’ (leuke knipoog) duurt. Een elektrische gitaar die zonder veel opsmuk ritmisch tekeergaat, en Tweedy de oude die zingt dat hij niet wil opgroeien: ‘I don’t wanna grow up / I don’t wanna be so understood / Boring! / Boring!’ Terwijl ik het schrijf, is het al gedaan. Een lied dat minder lang is dan zijn recensie: 1-0 voor Tweedy.

In ‘Diamond Light Pt. 1’ (van Pt .2 of meer geen spoor) roffelt zoon Spencer de beste gejaagde beat van de plaat uit zijn stokken. Een struikelritme dat zich uitstekend leent tot stilvallen en herbeginnen, en over halfweg à la ‘Yankee Hotel Foxtrot’ ontsporen en soundscapen. ’t Is zo’n song waarmee Built To Spill live geweldige dingen zou kunnen doen, maar die hier een minuut of twee te lang duurt.

‘Wait for Love’ is wat er gebeurt als Jeff Tweedy zin heeft in een liefdesliedje. Basisakkoorden, akoestische gitaren, de efficiëntste woorden en een melodietje waar perfect een solo overheen kan gefloten worden. Check.

Mogen wij tussentijds een pluim steken op de man die de bas heeft ingespeeld (Tweedy zelf? Een gitarist aan de bas levert altijd aparte, vaak melodieuzere stuff op, zie McCartney, zie Richards Keith in ‘Sympathy for the Devil’, zie Lange Polle). In het wonderschone ‘Summer Noon’ gaat ze in duet met de stem, in ‘World Away’ lijkt ze het enige geïnspireerde instrument aanwezig. De song klinkt als een eerste take op een repetitie, en dat was het waarschijnlijk ook.

‘Low Key’ heeft een uitstekende poptekst in een arrangement dat nog niet op punt lijkt te staan. ‘No, I won’t jump for joy, I don’t / If I get exited, no one will know / I’ve always been low key / You know me’. ‘Pigeons’ klinkt dan weer als een demo die Jeff voor Wilco nooit uit de kast zou hebben gehaald. Een oefeningetje, meer bedoeld om de spieren van de songschrijver los te gooien dan om bij de luisteraar iets te veroorzaken.

Idem voor ‘High As Hello’. High klinkt hij, maar een goeie song levert het niet op. ‘Slow Love’ is zelfs zo doel- en futloos dat het enerverend wordt. En net als je blij bent dat het gedaan is, gooien ze er nog een minuut tegenaan. Ik weet het, we hebben het hier over Jeff fucking Tweedy! We gaan ’m hier niet helemaal met de grond gelijkmaken, daarvoor heeft hij ons in het verleden al veel te blij gemaakt, en ‘Sukierae’ is een plaat van meer dan een uur waarvan een kwartier best goed is. Maar in plaats van ook nog een tournee hiermee, hadden we toch liever een nieuwe Wilco gehad, Jeff.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234