null Beeld

U draait, wij vragen: Lemmy van Motörhead

LEMMY VAN MOTÖRHEAD!!! Met excuses voor ons tomeloze enthousiasme, beste lezer, maar wij krijgen nu eenmaal niet iedere dag de kans om een levende legende te interviewen – één van de weinigen dan nog op wie die al te licht gebruikte term daadwerkelijk van toepassing is. En dat het wel degelijk dé Lemmy van Motörhead is, die we in z’n hoogstpersoonlijke kleedkamer de hand mogen schudden – niet een roadie die ze een hoed hebben opgezet en een valse snor en bakkenbaarden hebben opgeplakt, bijvoorbeeld – weten we zeker wanneer hij ons met zijn uit duizenden herkenbare, licht doorzopen stem welkom heet: ‘Go on son, sit yourself down.

Nadat hij ons eerst de page three girl uit een openliggend exemplaar van The Sun onder de neus heeft geduwd (‘Is ze niet schattig?’) en ons heeft uitgenodigd om onszelf aan een drankje te helpen (‘Er staat Jack Daniel’s op tafel, en in de ijskast vind je cola en ijsblokjes’) begint hij ongevraagd een lofzang op België af te steken.

Lemmy van Motörhead «Man, België... Het regent er al bijna net zo vaak als in Engeland, maar verder vind ik het helemaal geweldig. Ik kan me herinneren dat we lang geleden eens met Motörhead in Brugge zijn gaan optreden, en dat ik daar twee ellenlange zwarte grieten uit Belgisch Congo tegen het lijf ben gelopen. Zussen, als ik me niet vergis. Twee weken heeft het geduurd voor ik weer uit Brugge weg was, en ik kan je verzekeren: dat lag níét aan al die prachtige historische gebouwen. Maar weet je wat ik altijd het meest fantastische aan België heb gevonden? Hoe heten ze ook weer, zo van die gefrituurde vleesstaven in een krokant jasje.»

HUMO Kroketten?

Lemmy «Croquettes! Niet te geloven hoe lekker die dingen zijn. De eerste keer dat ik in België op tournee was, heb ik twee weken lang niks anders gegeten. En als ik tegenwoordig nog eens in jullie land kom, laat ik er mijn tourmanager Steve altijd om gaan. Als je het mij vraagt, zouden jullie ze moeten exporteren: dan is België in één klap uit de crisis. Serieus, ’t is toch te gek voor woorden dat ik bij mij thuis in Californië geen croquettes kan kopen? (Neemt een forse teug van zijn whisky-cola, legt zijn hoed op tafel en steekt een Marlboro op) Maar jij wilde me ongetwijfeld iets vragen?»

HUMO Ja: met uw welnemen zou ik het in dit interview willen hebben over uw favoriete muziek.

Lemmy «Dat is een heel goed idee van je, son. Ik hou van praten over muziek. Vraag maar op, ik heb alle tijd.»

HUMO Om maar meteen met de deur in huis te vallen: wat vindt u de beste plaat aller tijden?

Lemmy
«Daar kan ik je onmogelijk een antwoord op geven: er zijn simpelweg té veel platen die ik de beste plaat aller tijden vind. Maar ik zal je zeggen wat mijn favoriete groep aller tijden is: The Beatles. Son, je kunt je niet inbeelden wat het voor mij betekende toen ik The Beatles voor het eerst op de radio hoorde. Jij bent een jonge gast, of toch relatief jong by the looks of you: jij hebt altijd rock-’n-roll gekend, of toch iets wat er op leek – jónge muziek. Maar in de tijd dat ik opgroeide, was er enkel oude muziek: jonge gasten wisten niks beters te verzinnen dan hun beste kostuum aan te trekken en Sinatra na te doen. En ineens, midden in al die ellende, waren daar The Beatles. Bloody opwindende muziek, en je kon er je ouders ook heerlijk de kast mee opjagen: ‘Zet dat lawaai zachter!’ Altijd een goed teken geweest, me dunkt: toen ik midden de jaren zeventig Motörhead oprichtte, was mijn eerste bedoeling dan ook ervoor te zorgen dat we zo veel mogelijk verontruste ouders zouden ontstemmen. Aanvankelijk wilde ik de band zelfs Bastard noemen – ik dacht: dan zullen ze ons zéker haten – maar gelukkig zag onze manager net op tijd in dat we met zo’n naam niet snel in ‘Top of the Pops’ zouden raken. Ik zei: ‘Daar heb je een punt’.»

HUMO Wat is uw favoriete zaterdagavondplaat?

Lemmy «‘It’s Alive’ van de Ramones (uit ’79, red.), de beste, meest energieke liveplaat die ik ooit gehoord heb. Ik heb sowieso altijd van de Ramones gehouden; ik vond ze net zo goed als de originele rock-’n-rollers. En ik hield vooral ook van Joey. Begin de jaren negentig heb ik een song over de Ramones geschreven, bij wijze van eerbetoon (‘R.A.M.O.N.E.S.’, red.): de eerste keer dat ik het voor Joey speelde, barstte hij in tranen uit. Hij zei: ‘Man, dit is het mooiste wat iemand ooit voor me gedaan heeft.’ Zo triest dat hij er niet meer is.»

HUMO Heeft u een favoriete zondagochtendplaat?

Lemmy «Op zondag speel ik nooit ofte nimmer muziek. Ik moet mijn oren af en toe ook wat rust gunnen, son

HUMO Kan ik me voorstellen, met die krankzinnig luide concerten die Motörhead altijd speelt.

Lemmy (stellig) «Ik hou van luid.»

HUMO Hoe komt het eigenlijk dat u nog niet doof bent?

Lemmy «Sorry, wat zei je?»

HUMO Ha ha, heel grappig.

Lemmy (grijnst) «Serieus: ik denk dat ik gewoon veel geluk heb met mijn oren. Goeie genen, veronderstel ik.»

HUMO Heeft u een guilty pleasure, op muziekvlak?

Lemmy «ABBA. Je hebt van die mensen die zeggen dat ze niet van ABBA houden, maar die mensen geloof ik niet: ik durf er mijn Johnson op te verwedden dat ook zij al eens met een liedje van ABBA meefluiten, als er niemand in de buurt is. Man, zoals die twee Zweedse kerels popnummers konden schrijven, Björn en Benny, zo kan niemand het nu toch nog? »Maar over guilty pleasures gesproken: ik heb ook altijd een zwakke plek gehad voor Janet Jackson. Vooral ‘Black Cat’ vind ik top: die song rockt de ballen uit je broek. In de tijd dat Janet dat nummer uitbracht heb ik haar voorgesteld om eens een duet te doen, maar ze wilde niet.»

HUMO Waarom niet?

Lemmy
«Omdat ik ben wie ik ben, en omdat Janet Jackson is wie haar management wil dat ze is. Behoorlijk zielig vind ik; ik heb veel meer respect voor artiesten die hun eigen zin doen. Neem nu... euh, wacht... (zet een kleine cd-speler op tafel, drukt op play en draait de volumeknop naar rechts). Ken je dit? Man, dit is Dave Edmunds! ‘Standing at the Crossroads’! Fucking hell man, Dave Edmunds is de béste. Luister, luister, nu gaat hij soleren (begint geestdriftig de luchtgitaar te hanteren).»

HUMO Het klinkt als Chuck Berry.

Lemmy «Man, je hebt gelijk! Dit is toch geweldig? Wacht, ik zal een ander nummer opzetten (jaagt ‘Born to Be with You’ op vol volume door zijn kleedkamer, en begint ons dan toe te roepen) YOU LIKE THIS?»

HUMO (roept terug) YEAH!

Lemmy (nu helemaal enthousiast) «FUCKING GREAT, YES? FUCKING FANTASTIC, MAN! YEAH!!»

De deur gaat open: drie grietjes in korte rokjes en metal-T-shirts komen op hoge hakken binnengetrippeld, en trekken zonder iets te vragen de ijskast open. Lemmy zet de muziek wat zachter, waarop één van de drie – Tanya, schatten we dat ze heet, en ze lijkt ons zeker niet ouder dan 23 – op zijn schoot gaat zitten en vraagt of ze mag roken (Lemmy: ‘Natuurlijk, schatje’). ‘Tanya’ steekt een sigaret op, geeft ons een knipoog en kust Lemmy op de wang, en vervolgens trippelt ze samen met de andere twee schminkdozen weer even gezwind naar buiten.

Lemmy (verlegen lachje) «Tja, wat kan ik zeggen? ’t Zijn Braziliaanse meisjes.»

HUMO Hoe kent u ze?

Lemmy «Van op tournee in Duitsland: ze wonen in Berlijn. De eerste keer dat ik uit Duitsland een ander souvenir heb meegenomen dan Tweede Wereldoorlog-parafernalia (Lemmy is een notoir verzamelaar, red.).»

HUMO U bent bijna 67; hebt u eigenlijk nooit overwogen om u te settelen met één vrouw? Huisje-boompje-beestje, dat idee?

Lemmy «Daar is het nu wat laat voor.»

HUMO Te laat?

Lemmy «Welja, ’t is inmiddels al zo lang een gewoonte om te leven zoals ik leef. En daarbij: ik word vrouwen veel te snel beu. Verliefd worden op een vrouw is pure magie, maar die magie gaat er snel vanaf wanneer je samenwoont. En ik ben iemand die die magie altijd wil blijven voelen, snap je? Ik hou van vrouwen, al heel mijn leven lang. Mind you, ik ben pas op mijn achttiende beginnen te vogelen.»

HUMO Hoe ging dat in zijn werk?

Lemmy «Ik woonde toen in Noord-Wales, en iedere zomer kwamen er gezinnen uit heel het land naar die regio afgezakt om er hun vakantie te spenderen. Soms telde zo’n gezin ook een knappe dochter, en heel soms was zo’n knappe dochter wel geïnteresseerd in een langharige rocker die sigaretten rookte en bier dronk. Dus zodoende.

»Voor de rest was het overigens één en al ellende in Noord-Wales: het regende en waaide er altijd, en qua entertainment was het al helemáál huilen met de pet op. Om de twee weken kwam er een uitgewoond Nissan-busje langs, met houten stoeltjes en een projector erin, en daar werd dan één of andere shitfilm in vertoond. Miserable times

HUMO Was het in die tijd dat u uw allereerste plaat kocht?

Lemmy (knikt) «Ik was een jaar of twaalf toen ik met mijn ouders mee naar de platenwinkel ben gereden, en ik herinner me nog goed dat m’n stiefvader onderweg de troep draaide die hij altijd draaide: slechte opera à la ‘Pirates of Penzance’ en Rodgers and Hammerstein en dat soort shit. Goed in zijn genre misschien, maar ik heb altijd gekotst van het genre. Afijn, die dag kocht ik dus mijn eerste 78 toerenplaatje: ‘Knee Deep in the Blues’ van Tommy Steele, de eerste Britse rock-’n-roll-ster. Dat plaatje heb ik sindsdien grijsgedraaid, tot mijn moeder het een keer op de keukentafel liet liggen, in de vlakke zon: sindsdien klonk poor old Tommy alsof hij aan de lsd gezeten had. Wat ook wel weer zijn charmes had.

»Tommy Steele, maar meer nog Elvis, Little Richard, Jerry Lee Lewis, Fats Domino en Chuck Berry beschouwde ik als supermensen, als wezens van een andere planeet. Zij zaten op een hoge troon, en wij, de leden van het plebs, waren niet waardig hun tenen te kussen. Tegenwoordig kan iedere oetlul een ster worden, maar in die dagen moest je zoiets echt nog verdienen. Little Richard bijvoorbeeld: fucking hell, wat een artiest! Toen ik voor het eerst ‘Good Golly Miss Molly’ hoorde, is mijn leven voorgoed veranderd: ik durf te stellen dat dat nummer direct verantwoordelijk was voor het ontstaan van Motörhead. Ik heb hem maar één keer zien optreden, maar toen was hij al oud, en hij was het helemaal kwijt: de hele avond was-ie over God en Jezus aan het zemelen. Maar ik vergeef het hem: hij heeft te veel voor me betekend.»

HUMO Little Richard leeft nog altijd, net als Chuck Berry, Fats Domino en Jerry Lee Lewis: een vreemd idee, vind ik.

Lemmy «Elvis leeft ook nog altijd: die werkt in een tankstation in Phoenix. Ik herkende hem eerst niet, want wie verwacht er nu dat Elvis in een tankstation in Phoenix werkt?»

HUMO Hoe komt het eigenlijk dat uzelf nog altijd in leven bent, als enthousiast drug- en drankgebruiker? Jogt u of zo?

Lemmy «Joggen? (lacht) Son, heb je al ooit eens goed naar een jogger gekéken? Zonder uitzondering zien joggers eruit alsof ze doodgemarteld worden. De dag dat ik er eentje zal zien glimlachen tijdens het joggen is de dag dat ik sportschoenen zal kopen.»

HUMO Hoe houdt u zichzelf dan fit?

Lemmy «Eén: ik woon in Californië, waar het klimaat goed is. En twee: ik raak geen Brits voedsel meer aan, not even with a ten foot pole. Die combinatie houdt me relatief fit.»

HUMO Relatief?

Lemmy «Welja, ik heb weleens last van wankele knieën. En ik zit met diabetes type 2, wat vervelend is.»

HUMO Mag u dan eigenlijk nog wel whisky drinken, als diabetespatiënt?

Lemmy
(haalt de schouders op) «Toen de diagnose gesteld werd, zei de dokter me dat ik beter zou stoppen met drinken. Ik zeg: ‘Doc, mijn excuses, maar ik ga drinken tot ik er bij neerval.’ Toen heeft hij me extra pillen voorgeschreven: die spoel ik nu iedere dag weg met Jack Daniel’s.»

HUMO Heeft u nooit last van katers?

Lemmy
«Nee, daarvoor stop ik nooit lang genoeg met drinken. Permanente gedrenktheid: zo zou je mijn fysieke staat kunnen omschrijven.»

HUMO God verhoede het, maar stel dat er binnenkort toch een einde aan uw leven komt: welk motto mag dan op uw grafsteen prijken? ‘Killed by Death’, zoals de Motörhead-song?

Lemmy
(lachje) «Nee, niet ‘Killed by Death’. Niet echt toepasselijk om op een grafsteen te zetten, vind ik. Hoewel het een goeie songtitel is.»

HUMO Eén van de beste songtitels aller tijden, heb ik altijd gevonden.

Lemmy
«Weet je waar ik ’m uit gepikt heb? ‘The Goon Show’, een comedyprogramma op de Britse radio met Spike Milligan (uit de jaren vijftig, red.). Daar zeiden ze zulke dingen: ‘Ik ben overvallen.’ – ‘Door wie?’ – ‘Door een dief’ (lacht). De beste songtitel aller tijden vind ik trouwens die van de Cycle Sluts From Hell: ‘I Wish You Were a Beer’. Says it all.»

HUMO Blijft de vraag wat er op uw grafsteen mag prijken.

Lemmy
«Weet ik niet. Al vind ik het motto op die van Spike Milligan wel een goeie: ‘I told you I was ill’ (lacht).

»Weet je, ik ben voorlopig nog niet van plan om dood te gaan, maar als het er van zou komen, dan ben ik er klaar voor. Ik heb een fantastisch leven gehad: ik heb de hele wereld afgereisd, ik heb altijd de muziek gespeeld die ik graag speelde, ik heb veel lekkere dingen gegeten en gedronken, ik heb het met meisjes gedaan van alle nationaliteiten, huidskleuren en geloofsovertuigingen. Zo veel mensen kunnen dat toch niet zeggen.»

HUMO Stel dat u wist dat u nog één dag te leven had: wat zou u op uw laatste dag dan nog zeker één keer gedaan willen hebben?

Lemmy «Croquettes eten (lacht). Geen twijfel mogelijk, son

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234